ID.nl logo
8 wintertips voor je elektrische fiets
© Martin Bergsma - stock.adobe.com
Mobiliteit

8 wintertips voor je elektrische fiets

Hoe houd je in de winter een elektrische fiets in goede conditie, hoe ga je veilig de weg op en hoe zorg je ervoor dat de accu het goed blijft doen? ID.nl geeft je acht tips waarmee je e-bike moeiteloos de winter doorkomt!

Wil je je e-bike ook in de winter in goede conditie houden? Dan moet je dít doen! (en wij leggen uit hóe je dat doet)

Frame regelmatig reinigen Banden controleren en aanpassen Ketting en tandwielen extra aandacht geven Remwerking controleren Zadelhoogte aanpassen Fietsverlichting controleren Accu extra aandacht geven Onderhoudsbeurt inplannen

Ook interessant voor jou: het artikel 8 slimme tips voor je fietsaccu.

Frame regelmatig reinigen

Wie in de wintermaanden regelmatig fietst, zal merken dat zijn e-bike snel vuil wordt. Naast alle onderdelen op een e-bike is het ook verstandig om het frame af en toe goed schoon te maken. Hierdoor blijft de lak in goede conditie en blijft je fiets mooi glimmen. Ook zal er op kritische punten geen roest ontstaan. Met een sopje van afwasmiddel of een speciale bike-cleaner oogt de e-bike snel weer als nieuw. Gebruik hiervoor een afwasborstel of een niet al te grote spons. Voor de hoekjes en moeilijk bereikbare plekken biedt een oude tandenborstel uitkomst. Verchroomde en andere glimmende onderdelen kun je behandelen met een speciale chroomreiniger.

Banden controleren en aanpassen

Veel profiel op een fietsband biedt extra grip tijdens de wintermaanden. Controleer voor de winter de band op onregelmatigheden, verwijder steentjes en kijk of er geen droogtescheuren in de zijkant van de band zijn ontstaan. Een goede fietsband vertaalt zich direct terug in een prima wegligging op een gladde ondergrond.

Wanneer de omstandigheden echt winters zijn, laat dan wat lucht uit de band ontsnappen. Zachtere banden zorgen voor meer contact met de weg en bieden tijdens sneeuw en ijs meer grip.

Wat je ook kunt doen, is je e-bike uitrusten met bredere banden. Kijk wel of dit qua frameruimte en spatborden mogelijk is.

©Angela Buzzi

Ketting en tandwielen extra aandacht geven

De fietsketting, maar ook de tandwielen krijgen het tijdens de wintermaanden zwaar te verduren. Wanneer je e-bike een kettingkast heeft zal de impact van vocht en pekel relatief klein zijn, maar e-bikes met een deels open aandrijfsysteem hebben in de winter echt te lijden. Reinig dan om de twee weken de ketting met een speciale kettingreiniger. Pak vervolgens een doek en veeg de ketting helemaal schoon. Spray of druppel de ketting vervolgens in met kettingolie. Leg onder de fiets een oude doek of stuk karton om de overtollige olie op te vangen. De olie even laten inwerken en daarna de ketting lichtjes schoonwrijven om eventuele oliespetters te voorkomen.

Remwerking controleren

In de winter is een goede remwerking een must. Controleer of de remhendel niet te veel speling heeft. Moet je de hendel tot aan het handvat inknijpen, dan moet de remkabel aangespannen worden. Controleer de remblokjes en vervang ze als dat nodig is. Schakel de fietsenmaker in wanneer je de klus zelf niet kan klaren.

Werkt de rem helemaal niet meer, dan kan dit op een vastgevroren remkabel duiden. Vocht in de kabel is de boosdoener. Om dit te verhelpen, zal de remkabel gesmeerd moeten worden. Echt een klusje voor de vakman!

Tip: Piep! Piepende remmen? Dat komt bijna altijd door vette velgen of remschijven. Gebruik een ontvetter om het piepen op te heffen.

Zadelhoogte aanpassen

Tijdens winterse omstandigheden is het verstandig om extra om je veiligheid te denken. Wat je zadel daarmee te maken heeft? Als je je zadel in de wintermaanden een tikje lager zet, wordt afstappen eenvoudiger. Mocht je onverhoopt wegslippen, dan kun je sneller met je voeten bij de grond en kun je een eventuele val ook makkelijker opvangen.

©Angela Buzzi

Fietsverlichting controleren

Controleer voordat de donkere dagen invallen de verlichting van je e-bike. Stel de koplamp schuin naar beneden af; zo voorkom je verblinding van tegemoetkomend verkeer en is de weg goed zichtbaar. Laat een defect lampje door een fietsenmaker vervangen. Werkt de verlichting op batterijen? Controleer dan of de opbrengst van de verlichting nog voldoende is. Bij twijfel de batterijen vervangen. Goede verlichting redt levens!

Accu extra aandacht geven

De accu van een elektrische fiets vergt geen onderhoud, maar extreme situaties moet je altijd zien te voorkomen. Eén verhaal kunnen we gelukkig direct naar het land der fabelen verwijzen: dat een lithium-ion accu na een paar nachten vorst al onbruikbaar zou zijn. Dat is niet zo: lithium-ion cellen kunnen nachtvorst makkelijk verdragen!

Wat je echter niet moet doen, is een accu weken of zelf maanden ongebruikt laten liggen in een extreem koude schuur of garage. Blijf dus ook in de winter af en toe fietsen en zorg er bij strenge vorst voor dat de accu op een plek ligt die niet kouder is dan 10 graden onder nul. De winter is overigens wel een goed moment om er achter te komen of de accu nog voldoende capaciteit heeft. Kou geeft al snel een antwoord op de vraag of er nog voldoende ‘rek’ in de accu zit. Zo niet dan is het voorjaar het goede moment om naar een andere accu uit te kijken.

Tip: Accu binnen bewaren Wil je in de winter je de accu binnenshuis opslaan, doe dat dan wel op een veilige plek. Een veiligheidskoffer kan uitkomst bieden.

Onderhoudsbeurt inplannen

Doen: direct na de winter je e-bike bij de fietsenmaker langsbrengen voor een jaarlijkse onderhoudsbeurt. Mankementen kunnen verholpen worden en wellicht zijn er onderdelen aan vervanging toe. Bij de fietsenmaker is je e-bike in goede handen en na een totale controle is de fiets weer helemaal klaar voor een nieuw fietsseizoen. Goed onderhoud zorgt voor jarenlang fietsplezier!

Tip: Op tijd Zorg ervoor dat je op tijd een afspraak maakt voor deze onderhoudsbeurt. Ervaring leert dat veel fietsenmakers erg druk zijn in het voorjaar.

Watch on YouTube

Vind je de video leuk? Abonneer je dan op het YouTube-kanaal van ID.nl.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.