ID.nl logo
Elektrische bakfiets kopen? Lees eerst deze tips!
© SYLVAIN ROBIN
Mobiliteit

Elektrische bakfiets kopen? Lees eerst deze tips!

Moet je dagelijks een stel kinderen naar school vervoeren en kun je daar wel wat (trap)ondersteuning bij gebruiken. Dan is een elektrische bakfiets natuurlijk ideaal. Bij de aanschaf van zo'n gevaarte zijn er wel een paar dingen om over na te denken. Je leest er alles over in dit artikel!

Na het lezen van dit artikel weet je:

Ze komen steeds vaker voorbij: bakfietsen vol kinderen en/of bagage. Ideaal om in een drukke stad snel van A naar B te komen of de kinderen af te zetten zonder de eindeloze zoektocht naar een parkeerplek. Ook als je geen auto rijdt of in een grote stad woont met weinig parkeerplaatsen is een bakfiets een goed alternatief.

Maar hoe voller de bakfietsen worden geladen, hoe lastiger het fietsen is. En dat is waarom elektrische bakfietsen uitkomst bieden: door jou net dat extra steuntje in de rug te geven.

Bakfiets proberen?

Hier zit er vast wel eentje voor je tussen!

©Lea Rae

Voordelen van een elektrische bakfiets

Een bakfiets weegt over het algemeen een stuk meer dan een gewone fiets. Tel daar het gewicht van de kinderen, boodschappen of andere bagage bij op en je begrijpt dat het al snel behoorlijk zwaar trappen is. Zeker als je regelmatig langere afstanden aflegt en af en toe bergopwaarts moet. Elektrische bakfietsen lossen dat op met trapondersteuning die het fietsen een stuk lichter maakt. Daarnaast zijn elektrische bakfietsen vaak voorzien van wandelondersteuning ('walk assist') waardoor ook het lopen met de fiets aan de hand een stuk makkelijker gaat.

💡LET OP HET GEWICHT Houd er rekening mee dat een elektrische bakfiets wel zwaarder is dan een gewone bakfiets. De zware motor maakt het mogelijk veel gewicht mee te nemen, maar dat maakt de bakfiets zelf soms moeilijker te hanteren. Ook kan de snelheid van de elektrische bakfiets meer vragen van je stuurmanskunsten.

Tweewieler versus driewieler

Voordat je een elektrische bakfiets aanschaft, is het goed om na te denken over een aantal zaken. Wil je bijvoorbeeld een elektrische bakfiets met twee of drie wielen? De tweewieler is vaak wat lichter en wendbaarder, maar een driewieler geeft weer meer stabiliteit. Een belangrijke vraag is natuurlijk ook wie of wat je er allemaal in wilt vervoeren. De flexibiliteit van een tweewieler kan voordelen bieden in bochten en bij oneffenheden, maar een bakfiets met twee wielen biedt maar ruimte voor drie kinderen: twee in de bak en een op een zitje achter op de fiets. Heb je meer ruimte nodig? Dan vervoer je met een driewieler vaak tot wel vijf kinderen: vier in de bak en eentje achterop.

Voordelen van tweewielers:

✅ Fietst lichter dan een driewieler en is wendbaarder in het verkeer.

✅ Compacter formaat.

✅ Sturen is vergelijkbaar met een gewone fiets.

Nadelen van tweewielers:

🔻 Minder stabiel en daardoor onder meer lastiger op de standaard te zetten.

🔻 Minder ruimte voor kinderen en bagage.

🔻 Vaak langer dan een driewieler; kan lastig zijn bij fietsen en/of stallen.

Voordelen van driewielers:

✅ Meer ruimte voor kinderen en bagage.

✅ Staat stabiel in stilstand bij bijvoorbeeld stoplichten.

✅ Eenvoudig te parkeren: geen standaard nodig.

Nadelen van driewielers:

🔻 Minder wendbaar in het verkeer.

🔻 Minder vering op slecht wegdek en daardoor minder comfortabel voor passagiers.

🔻 Breder dan een tweewieler; kan nadelig zijn bij fietsen en/of stallen.

De beste bak voor je elektrische bakfiets

Elektrische bakfietsen zijn er in talloze uitvoeringen, waarbij onder meer de bak kan verschillen wat betreft soort, kleur en maat. Dat alles kan invloed hebben op het gebruikscomfort van de bakfiets. Zo heeft alleen de materiaalkeuze, zoals hout, staal, aluminium of kunststof, al invloed op de levensduur, het gewicht en de stabiliteit van een elektrische bakfiets.

Lees ook: Bakfiets of fietskar voor je kinderen: wat past het best bij jou?

©pikselstock

Daarnaast is er keuze uit hoge en lage bakken. Een hoge bak biedt vaak wat meer bescherming, maar dat betekent niet direct dat een lage bak onveilig is. Wel is het handig om qua hoogte rekening te houden met de instapmogelijkheden. Zo bestaan er elektrische bakfietsen met bijvoorbeeld een verlaging, deurtje of trapje aan de zijkant van de bak. Dat zijn allemaal opties die het makkelijker maken om in en uit te stappen. Twijfel je wat voor jouw kinderen de beste oplossing is? Probeer het dan vooral eens bij je lokale fietsenwinkel.

Het vermogen van een elektrische bakfiets

De motor is uiteraard het allergrootste voordeel van een elektrische bakfiets. Het helpt je lichter trappen en biedt bij bepaalde modellen ook ondersteuning tijdens het lopen met de bakfiets aan de hand. Dat laatste is zeker aan te raden, omdat een elektrische bakfiets flink zwaar kan zijn. Let daar dus op bij de aanschaf.

Meld je aan voor de E-bakfiets Duurtest-resultaten

Door het invullen van jouw naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van de Kieskeurig.nl E-bakfiets Duurtest resultaten. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl nieuwsbrief.

Maar ook de normale motor verdient wat aandacht. De meeste elektrische fietsen hebben een motor met een vermogen tussen de 180 en 250 watt. Uiteraard heeft dat vermogen invloed op de snelheid van de fiets, maar bijvoorbeeld ook op het gewicht van de motor en het fietscomfort. Het is daarom aan te raden je hier goed over te laten adviseren door een expert en vooral de verschillende opties eens uit te proberen.

💡OMBOUWEN? Er bestaan ook mogelijkheden om zelf een bestaande bakfiets om te bouwen naar een elektrische bakfiets met specifieke ombouwsets. Dit is echter zeer sterk af te raden gezien de risico's en het gebrek aan garantie wanneer de bakfiets iets mankeert.

Zo krijg je de ideale elektrische bakfiets

Om een elektrische bakfiets helemaal aan te passen aan jouw wensen, is er een ruime keuze aan accessoires. Denk daarbij aan mogelijkheden voor het verbeteren van de zichtbaarheid en veiligheid van een elektrische bakfiets, maar bijvoorbeeld ook de decoratie. We lichten een paar aan te raden accessoires voor je uit:

  • Een goed slot om te voorkomen dat je elektrische bakfiets wordt gestolen. Een slot met het ART-keurmerk en minimaal 2 sterren is aan te raden. Er zijn ook ART-3-sloten verkrijgbaar. Die zijn nog een stuk veiliger, maar deze wegen al snel meer dan 3 kilo en dat maakt ze niet voor iedereen de makkelijkste keuze.

  • Een fietspomp met drukmeter, geschikt voor alle ventielen, om de luchtdruk van de banden altijd op peil te houden en zo het fietscomfort en de veiligheid te vergroten.

  • Reflectiestrips om de zichtbaarheid en veiligheid te vergroten en de kans op ongelukken te verkleinen.

  • Fietsspiegels om je extra alert te maken op het verkeer dat achter je rijdt als je een bocht wilt maken of probeert over te steken.

  • Een waterdichte bakfietshoes om de elektrische bakfiets en met name de motor te beschermen tegen vuil en vocht.

  • Geschikte zitjes voor de kinderen, zoals kinderstoelen. Voor de allerkleinsten bestaan er babyschalen waarmee je zelfs kinderen vanaf een paar maanden veilig kunt vervoeren in je bakfiets.

  • Gordels en passende fietshelmen, zodat kinderen altijd extra veilig worden vervoerd.

  • Zonnedaken en/of regententen om de elektrische bakfiets en alle inzittenden te beschermen tegen alle weersomstandigheden.

  • Losse kussens of verbonden zit- en rugkussens om het zitcomfort van de passagiers te verhogen.

  • Opbergers, organizers, antislipmatten en bagagenetten om bagage veilig en stabiel te vervoeren.

Ook interessant: 10 accessoires om je (elektrische) bakfiets nóg veiliger te maken

Op zoek naar een bakfiets?
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.