ID.nl logo
Nio opent Europees centrum voor zelfrijdende auto's in Berlijn
Mobiliteit

Nio opent Europees centrum voor zelfrijdende auto's in Berlijn

Het Chinese automerk Nio zet met een nieuw onderzoekscentrum nabij Berlijn voet aan de grond in Europa. Hier werken 25 engineers aan geavanceerde rijhulpsystemen, specifiek voor Europese wegen. Met LiDAR-technologie en krachtige processors daagt Nio gevestigde merken uit in de race naar autonoom rijden. Wij gingen een kijkje nemen.

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

Achter de grote stalen roldeur van Nio's Smart Driving Technology Center schuilt een high-tech faciliteit waar dagelijks 25 engineers streven naar een absolute synergie tussen hard- en software. Irwin van InstaAutoVlog was eerder dit jaar bij de opening van Nio's R&D-center en vertelt je in dit artikel waarom Nio met dit initiatief zomaar eens goud in handen zou kunnen hebben.

Duitse technologiehub

Laten we even beginnen met de keuze voor Berlijn. Het is namelijk een voor het merk vertrouwde plek. De Duitse hoofdstad huisvest namelijk niet alleen een magnifieke Nio-hub, maar sinds begin 2023 ook een Innovation Center. Vijf teams van engineers werken daar dagelijks aan het verbeteren van producten, alsmede de aansturing van de Europese Power Swap Stations en hun functie om lokaal het stroomnetwerk te ontlasten. Het nieuwe Smart Driving Technology Center vind je in de gemeente Schönefeld, vrij letterlijk om de hoek bij de luchthaven. Volgens Nio begeeft het merk zich hiermee in het hart van de innovatie, aangezien de regio zich steeds meer als AI- en technologie-hub manifesteert.

Deze nieuwe locatie heeft – zoals de naam al doet vermoeden – een duidelijke doelstelling. De engineers moeten hier op een dagelijkse basis gaan bijdragen aan de samenwerking tussen hard- en software en diens eindgebruiker: de bestuurder. 'User Defined Vehicles' noemt Nio dat, en omdat de Europese bestuurder (of in Nio-taal 'user') nu eenmaal anders rijdt dan die in Azië, betekent dat lokaal en dus Europees maatwerk. Goed om te weten. Het merk profileert zich op deze manier steeds meer als Global Company. Zo bevindt Nio's designcenter zich in München én een van de belangrijkste R&D-centers zich in de ruggengraat van Amerikaanse innovatie: Silicon Valley. 

Veiligheid is prioriteit

De Schönefeld-locatie van Nio richt zich volledig op het afstellen en finetunen van alle ADAS-modules (Advanced Driving Assist Systems). Deze systemen zijn grotendeels verplicht en daarom in elke moderne auto aanwezig. Sinds de introductie van het NT 2.0 Platform – dat debuteerde in de ET7 – gaat Nio echter een stap verder door op grote schaal LiDAR (Light Detection And Ranging) en lasertechnologie toe te passen. In combinatie met in totaal 33 andere sensoren en camera's vormen deze het Nio Aquila Super Sensing-systeem. Hierbij staat veiligheid voorop, gevolgd door comfort in de vorm van deels autonoom rijden.

Deze Nio-modellen zijn herkenbaar aan de zogenaamde 'watchtower' aan de voorkant van het dak, pal boven de voorruit. In deze uitstulping bevindt zich een LiDAR-systeem van SEYOND. Vanuit deze positie kan de LiDAR het af te leggen traject tweedimensionaal scannen. Samen met de begeleidende camera's creëert elke Nio hiermee een nauwkeurig 3D-beeld van de omgeving, waardoor de auto kan bepalen hoe hierop te reageren. En dat is geen geringe taak: 33 sensoren en camera's, een LiDAR die elke seconde de data van maximaal 20 laserstralen moet interpreteren, plus alle gegenereerde data. Je begrijpt: dat vereist aanzienlijke rekenkracht.

Deze taak wordt uitgevoerd door de ADAM-supercomputer, uitgerust met vier NVIDIA Drive Orin-processors. Twee hiervan worden gebruikt voor het verwerken van alle data, een derde dient als back-up, en een vierde zorgt voor het continu verbeteren en trainen van de systemen. Deze configuratie is uniek; hoewel andere automerken ook gebruikmaken van NVIDIA Drive Orin-technologie, lijkt Nio de enige te zijn die er vier gebruikt.

De zogenoemde watchtower op het dak van de Nio: niets ontgaat hem.

Tot 500 meter bereik

Hoewel we de technologie later in de praktijk zullen ervaren, krijgen we eerst een demonstratie op een iets andere manier. Een ET5, aangesloten op beeldschermen, toont live zijn 'watchtower-visie'. Hierop is te zien hoe het Aquila-systeem onderscheid maakt tussen statische en dynamische objecten, inclusief levende wezens.

De nauwkeurigheid waarmee de combinatie van LiDAR en camera-input dat doet, is ronduit indrukwekkend. De LiDAR scant tot 500 meter vooruit en kan tot op 250 meter afstand zelfs een persoon herkennen. Ook de rijstrookmarkeringen worden nauwkeurig gedetecteerd. Een demonstratie door SEYOND toont bovendien aan dat zelfs een stuk rubber, zoals een kapotgereden band, tot op 110 meter afstand kan worden opgemerkt.

Deze combinatie van technologieën lijkt bijna onverslaanbaar in zijn vermogen om de omgeving waar te nemen en te interpreteren, wat uiteraard een vereiste is voor de veiligheid en effectiviteit van autonome rijsystemen.

Voetgangers kunnen op een afstand van 250 meter al worden opgemerkt.

Superieure prestaties bij lastige omstandigheden

Een nog interessanter aspect is de directe vergelijking met de door veel autofabrikanten gebruikte cameradetectie. Waar camera's soms moeite hebben met de overgang van licht naar donker, werkt een laser op basis van reflectie. Hierdoor is de werking niet afhankelijk van dag, nacht of weersinvloeden.

Een korte demonstratie toont de effectiviteit van het autonome noodremsysteem bij regenachtige omstandigheden. Een voertuig simuleert lichte regen vóór de rijdende Nio, die met een snelheid van 50 km/u beweegt. De ruitenwissers zijn geactiveerd, maar de LiDAR is niet afhankelijk van data afkomstig van camera's achter de voorruit. Het scanproces wordt ononderbroken voortgezet, zelfs in de regen. Bij een plotseling stilstaand object weet de ET5 bekwaam en veilig tot stilstand te komen.

Deze demonstratie onderstreept de robuustheid van Nio's Aquila-systeem. Traditionele camerasystemen kunnen nog weleens worstelen met wisselende lichtomstandigheden en weersinvloeden, maar de LiDAR-technologie blijft consistent presteren.

Autonoom rijden kent 5 verschillende niveaus

  • Niveau 1: Rijhulp De auto kan waar nodig versnellen, remmen of sturen. De bestuurder houdt zijn ogen op de weg en handen aan het stuur. 
  • Niveau 2: Gedeeltelijk autonoom De auto kan zelfstandig versnellen, remmen en sturen. De bestuurder kan tijdelijk zijn aandacht verliezen. Waarschuwing na 15 seconden.
  • Niveau 3: Semi-autonoom De auto kan zelfstandig versnellen, remmen, sturen en de omgeving controleren, maar vraagt waar nodig om een ingreep van de bestuurder. 
  • Niveau 4: Verregaand autonoom De auto kan zelfstandig versnellen, remmen, sturen, de omgeving controleren en richting bepalen. Kan dit zelfs voortzetten als om een ingreep van de bestuurder wordt gevraagd. 
  • Niveau 5: Volledig autonoom De auto rijdt onder alle omstandigheden volledig geautomatiseerd.

Bij 180 km/u handjes los

Niet veel later bevinden we ons op de Autobahn, waar de ET5 Touring indruk maakt met zijn Level 2 autonome technologie. Na het instellen van een snelheid positioneert de Nio zich vakkundig in het midden van de gekozen rijstrook en houdt hij een gepaste volgafstand tot de voorligger aan. Wat opvalt is de subtiliteit van dit alles: de vloeiende stuurbewegingen en het geleidelijk inlopen op een langzamer rijdende voorligger. Of het snelheidsverschil nu 20 of 100 km/u bedraagt, de systemen weten in beide gevallen te overtuigen.

Die 100 km/u snelheidsverschil is geen toevallig gekozen getal; het systeem functioneert namelijk tot een maximumsnelheid van 180 km/u. Hoewel het absoluut niet is aan te raden dit na te doen, bleek de ET5 zelfs bij deze Autobahn-waardige snelheid verbazingwekkend zelfstandig te kunnen rijden. Tot 140 km/u is het bovendien mogelijk om met een eenvoudige opdracht via de richtingaanwijzer de auto zelfstandig een voorligger te laten inhalen.

Continue verbeteringen

Wat wellicht het meest indruk maakt, is de enorme vooruitgang die Nio in korte tijd heeft geboekt. Onze eerste ervaringen met Nio's autonome technologie lieten hier en daar nog wat te wensen over. Nu, nog geen jaar later, behoort het systeem tot een van de beste op de markt. Deze snelle ontwikkeling is te danken aan de continue verbeteringen die het merk doorvoert.

Deze vooruitgang is mede het resultaat van Nio's 'in Europa voor Europa'-aanpak en de inzet van diverse R&D-centra, waaronder die in Berlijn. Maar ook de gebruikers spelen een belangrijke rol in dit proces. De integratie van ChatGPT via Nomi, Nio's AI-assistent, maakt het mogelijk om eenvoudig feedback te geven over de auto en zijn gedrag. Een simpel commando als 'Hi Nomi, I have feedback' is voldoende om specifieke observaties over het gedrag van de auto direct bij de ontwikkelaars te krijgen. Dat gebeurt uiteraard veilig en via een versleutelde verbinding. Vervolgens zorgt een over-the-air-update ervoor dat verbeteringen snel geïmplementeerd worden. 

Geen heritage is een zegen

Nio's beslissing om diverse R&D-centra in Europa te openen, waaronder het Smart Driving Technology Center in Berlijn, blijkt een strategische zet van formaat. Als jong en Chinees automerk staat Nio voor de uitdaging om zich staande te houden tegenover de gevestigde orde in de auto-industrie. Geen eenvoudige taak, maar Nio's aanpak biedt een paar opvallende voordelen.

Door het ontbreken van een langdurige erfenis en de focus op een jong, technologiebewust publiek, kan Nio mogelijk sneller schakelen en innoveren dan veel gevestigde fabrikanten. Deze flexibiliteit stelt het merk in staat om snel in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en veranderende consumentenbehoeften. Hierdoor kan Nio een eventuele achterstand in recordtempo omzetten in een voorsprong. We zijn benieuwd!

▼ Volgende artikel
Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten
Huis

Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten

De PlayStation 6 zou wel eens pas ergens na 2028 uit kunnen komen, zo claimde een analist onlangs. Dat betekent dat we minstens acht jaar met de PlayStation 5 opgescheept zitten. Maar niet getreurd: dat is juist goed nieuws voor de gemiddelde gameliefhebber.

Dat de PlayStation 6 in ontwikkeling is bij Sony, mag voor zich spreken. Nadat een nieuwe spelcomputer is uitgekomen, beginnen consolebedrijven vaak al snel met de research voor diens opvolger. Onderzoek naar de juiste specificaties en features van consoles beslaat vaak meerdere jaren, om nog maar te zwijgen over het maken van afspraken met bedrijven die de componenten daadwerkelijk leveren, en natuurlijk het produceren ervan.

Het is dan ook waarschijnlijk dat de specificaties van de PlayStation 6 al geruime tijd vastliggen, en dat Sony intern ook een schatting heeft gemaakt voor een releaseperiode voor de langverwachte console. Misschien was het bedrijf er zelfs van overtuigd dat het de console volgend jaar uit zou kunnen brengen.

Watch on YouTube

Verlengde levenscyclus

Onlangs meldde MST Financial-analist David Gibson dat Sony nu echter overweegt om de PS6 pas ergens na 2028 te leveren. “Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen.” Dat zou betekenen dat de PS6 misschien pas ergens in 2029 of zelfs later in de winkels ligt.

De eerdere voorspellingen van ingewijden mikten voorheen vooral op eind 2027 of in de loop van 2028, op basis van wanneer de productie oorspronkelijk zou beginnen. De PlayStation 5 kwam in het najaar van 2020 uit, dus dat zou de console al een levenscyclus van ruim zeven jaar geven voordat de opvolger op de markt komt. Dat is in principe een zeer ruime levensloop voor een spelcomputer, en een release in 2027 of 2028 zou dan ook volkomen logisch zijn.

©PXimport

Stijgende RAM-prijzen

Maar de wereld houdt geen rekening met consolereleases, en gezien de huidige ontwikkelingen is de komst van een PlayStation 6 in 2027 of 2028 helemaal niet zo logisch meer. Dat heeft voor een groot deel te maken met de prijzen van RAM (Random Access Memory), die steeds hoger oplopen. RAM is namelijk in grote getale nodig om de alsmaar populairder wordende AI-assistenten als ChatGPT en Gemini draaiende te houden.

Als gevolg daarvan wordt RAM steeds schaarser en dus duurder, en laten spelcomputers nu ook net RAM nodig hebben. In deze periode een nieuwe spelcomputer uitbrengen zou dan ook betekenen dat de prijs van de console mogelijk erg hoog komt te liggen, wat de verkoop niet bepaalt stimuleert. Een dergelijke ‘valse’ start van de levenscyclus van een spelcomputer is iets dat veel bedrijven willen vermijden.

Ook de importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump op producten die buiten de Verenigde Staten worden gemaakt doorvoert, zorgen voor veel onzekerheid. Eerder moesten de prijzen van diverse spelcomputers, waaronder de PlayStation 5, al stijgen om dit op te vangen. Trump is – unieke politieke ontwikkelingen buiten beschouwing gelaten – de komende jaren nog aan de macht, dus ook dat maakt het uitbrengen van een nieuwe console bepaald geen veilige onderneming. De komende jaren een console lanceren is kortom dus een gigantisch risico, dat Sony volgensgeruchten zo klein mogelijk wil houden.

Trage consolegeneratie

Sony hoopt wellicht dat de economie eind dit decennium kalmeert. Dat zou echter wel betekenen dat we nog meerdere jaren op de komst van de PlayStation 6 moeten wachten. Wat mij betreft is dat niet iets om over te treuren, maar juist goed nieuws. Het geeft ontwikkelaars namelijk de kans om echt alles uit de PlayStation 5 te halen. Een kans die ze hopelijk met beide handen aangrijpen.

Hoewel de PS5 in november van 2020 uitkwam – ruim vijf jaar geleden – heb ik nog altijd het gevoel dat deze consolegeneratie nog maar net is begonnen. De generatie kwam sowieso vrij traag op gang, omdat deze middenin de coronapandemie viel. Dat was ook voor spelontwikkelaars een ingewikkelde tijd waarin halsoverkop naar thuiswerkmogelijkheden gekeken moest worden, waardoor veel games die in ontwikkeling waren vertraging op liepen.

Sony’s eigen game-line-up is de afgelopen vijf jaar ook wat karig geweest. Dat heeft deels te maken met een focus op liveservicegames, waarbij diverse projecten die bij Sony’s meest prominente studio’s in ontwikkeling waren uiteindelijk werden geannuleerd. Denk bijvoorbeeld aan de The Last of Us-multiplayergame die na jaren productie in de prullenbak werd gegooid.

Daarbij is de ‘cross-generation’-periode van deze generatie uitzonderlijk lang. Nog altijd komen diverse games niet alleen op PlayStation 5, maar ook op PlayStation 4 uit. Nu is dat iets wat in de toekomst alleen maar vaker voor zal komen – de grenzen tussen consolegeneraties vervagen en daarmee is het ook makkelijker om de prestaties van games terug of juist op te schalen.

Toch zorgt het er ook voor dat er onder gamers een gevoel groeit dat nog lang niet het uiterste uit de PS5 is gehaald. Er is méér met dat apparaat mogelijk, vooral met de bestaande PS5 Pro in het achterhoofd. Een verlengde levenscyclus voor de console geeft ontwikkelaars de kans om een aantal schitterende spellen af te leveren in de laatste jaren van de spelcomputer – de ontwikkeltijd van games wordt immers ook steeds langer. Met toppers als Grand Theft Auto 6, The Witcher 4 en Intergalactic: The Heretic Prophet nog in het verschiet, is er meer dan genoeg potentie om het de komende jaren uit te zingen met de PS5.

Niet zonder risico’s

Natuurlijk brengt het uitstellen van een consolelancering ook risico’s met zich mee, zowel voor Sony als voor de consument. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de wereldeconomie er eind dit decennium beter voor staat. Daarnaast zet het Sony voor een moeilijke keuze: gooit het jaren aan research voor de PS6 weg om de console eind dit decennium met moderne specificaties uit te kunnen brengen, of behoudt het simpelweg de huidige specs zodat deze op release mogelijk al deels zijn verouderd?

De eventuele keuze om de PlayStation 6 uit te stellen zal dan ook niet over één nacht ijs gaan. Het is aan de goedbetaalde mensen in topposities binnen het bedrijf om die knoop door te hakken. Maar puur vanuit mijn eigen, egoïstische liefde voor games gezien, heb ik er totaal geen moeite mee om nog een jaar of drie, vier op de PlayStation 5 te spelen. Laat maar eens zien wat die console nog kan, en blaas ons in 2029 of 2030 weg met een nieuwe consolegeneratie die écht een flinke technologische stap zet!

▼ Volgende artikel
Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is
© Rijkswaterstaat
Huis

Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is

Het is weer #codegeel en #codeoranje wegens gladheid door ijzel. Moet je toch de weg nog op? Via een online kaart van Rijkswaterstaat zie je live waar strooiwagens rijden en op welke wegen net is gestrooid.

Ga je naar Rijkswaterstaatstrooit.nl, dan krijg je een interactieve kaart van Nederland te zien. Op die kaart bewegen kleine icoontjes die de actieve strooiwagens voorstellen. De gegevens worden voortdurend bijgewerkt, waardoor je vrijwel live ziet waar op dat moment wordt gestrooid.

Naast de voertuigen vallen de gekleurde lijnen op de wegen op. Een paarse lijn betekent dat er in de afgelopen zes uur zout is gestrooid. Zo kun je zelf een inschatting maken of jouw route redelijk begaanbaar zal zijn of dat je éxtra moet opletten.

©Rijkswaterstaat

Zo lees je de strooikaart

De kaart laat zien wat er nu en in de afgelopen zes uur op de weg is gebeurd, inclusief strooiacties, wegdektemperaturen en radarbeelden. Kijk je vooruit, dan toont de kaart een verwachting tot twee uur met de voorspelde verwachte radarbeelden en wegdektemperaturen. Goed om te weten: je kunt niet vooruitkijken om te zien waar de strooiwagens gaan rijden.

Wegtemperatuur

De kaart laat meer zien dan alleen strooiwagens. Op veel plekken vind je ook de actuele wegdektemperatuur. Die metingen komen van 330 meetpunten verspreid over het hele land. Dat is relevant, omdat het asfalt vaak al onder nul kan zijn terwijl de buitentemperatuur dat nog niet is. Gaat het sneeuwen of regenen op wegdek dat al beneden nul is, dan neemt de kans op gladheid toe. Is de temperatuur nu nog boven het vriespunt? Kijk dan zeker even vlak voordat je vertrekt. Vanaf een uur of drie 's middags daalt de temperatuur namelijk meestal. En een wegdek dat nu net boven nul is, kan dan ineens zomaar weer kouder zijn. Als het dan gaat regenen, moet je echt uitkijken.

©Rijkswaterstaat

Dinsdag 3 februari, 14:30 uur: in het noordoosten van Groningen duikt de temperatuur van het wegdek al onder het vriespunt.

Neerslag

Links op de kaart zie je ook nog een icoontje van een regenwolk met een zonnetje erachter. Klik je daar op, dan krijg je actuele beelden te zien van de neerslagradar van het KNMI. Je ziet niet alleen waar de neerslag valt, maar ook of er veel of weinig valt. Dit neerslagbeeld wordt elke vijf minuten opnieuw samengesteld.

De weg op? Doe het veilig!

Door voor vertrek de strooikaart te checken, vergroot je de veiligheid onderweg. Of, anders gezegd, je verkleint het risico. Wat je zelf nog kunt doen? Controleer de bandenspanning. Bij kou daalt de luchtdruk, niet alleen buiten maar ook in je banden, wat invloed heeft op de grip. Kijk daarnaast of je voldoende ruitensproeiervloeistof hebt en of die bestand is tegen vorst; daar bestaan verschillende gradaties in. Leg voor de zekerheid ook een zaklamp en een warme deken in de auto. Een powerbank is eveneens handig. Mocht je vast komen te staan, dan blijf je in ieder geval warm en heb je genoeg stroom om je smartphone een paar uur te gebruiken.