ID.nl logo
Xiaomi Mi 9T - Compleet én betaalbaar
© Reshift Digital
Huis

Xiaomi Mi 9T - Compleet én betaalbaar

Langzaam maar zeker wint het Chinese merk Xiaomi aan populariteit in Nederland. Dat is niet onterecht, want de Chinese fabrikant laat weten dat je voor een scherpe prijs nergens voor in hoeft te leveren. Met deze Xiaomi Mi 9T laat Xiaomi dat meer dan ooit weten.

De Xiaomi Mi 9T laat zich makkelijk verwarren met een andere smartphone: de Xiaomi Mi 9. Laatstgenoemde is al een tijdje verkrijgbaar en kreeg van ons een uitstekende beoordeling. Het toestel beschikt namelijk over de krachtigste specificaties in een luxe behuizing, terwijl de prijs vanaf 449 euro scherp is. Toch had de smartphone enkele nadelen. Allereerst de MIUI-software, die geen vooruitgang is ten opzichte van de gewone Android-basis. Ten tweede is er geen 3,5 mm aansluiting voor je headset. De Xiaomi Mi 9T is nog een slagje betaalbaarder: zo’n 350 euro. Bovendien beschikt dit toestel wél gewoon over een koptelefoonaansluiting en alle luxe die de reguliere 9 ook biedt. De kleine verschillen zitten in de iets minder krachtigere chipset en het feit dat de Mi 9T smartphone over een pop-upcamera frontcamera beschikt in plaats van een camera in een inkeping aan de voorzijde van de smartphone.

©PXimport

Opvallend is verder dat je voor die 350 euro een opvallend complete smartphone terugkrijgt, die van alle luxe onderdelen is voorzien die de duurste smartphones ook hebben: een driedubbele camera aan de achterzijde, pop-up frontcamera en zelfs een (redelijk presterende) vingerafdrukscanner onder het scherm. Deze vingerafdrukscanner is helaas nog niet zo accuraat en snel als een traditionele fysieke scanner.

Behuizing

De Xiaomi Mi 9T heeft een luxe uitstraling door zijn glazen behuizing. Dat maakt het toestel echter wel kwetsbaar en draadloos opladen (wat een glazen behuizing, in tegenstelling tot een metalen behuizing mogelijk maakt) is niet mogelijk. Gelukkig zorgt de zwarte kleur dat vingerafdrukken niet extreem opvallen en is er een plastic covertje in de doos aanwezig. De smartphone is niet bovengemiddeld groot, ondanks dat er een scherm geplaatst is dat 6,4 inch in diameter groot is. Dankzij dunne schermranden, de pop-upcamera en een schermverhouding van 19,5 bij 9 bestaat een groot deel van de voorzijde uit beeldscherm en is de smartphone niet té groot.

Het scherm is ook van uitstekende kwaliteit voor zijn prijsklasse. Het is helder, de kleuren zijn diep en met zijn full-HD resolutie oogt alles scherp genoeg.

Chipset

Intern is alles ook dik in orde: een accucapaciteit van 4.000 mAh is ruim voldoende. Genoeg voor zo’n anderhalve dag - hoewel dat natuurlijk afhankelijk is van je gebruik. Gelukkig heb je de smartphone dankzij de meegeleverde snellader vlot klaar voor gebruik. De smartphone reageert vlot, dankzij de Snapdragon 720-processor. Voor deze prijsklasse is dat een uitstekende chipset, maar voor wie krachtigere apps of games wilt draaien is de Xiaomi Mi 9T Pro wellicht een betere keuze. Dit is grofweg dezelfde smartphone, die een paar tientjes duurder en onder meer beschikt over een iets snellere Snapdragon 855-chipset.

©PXimport

Camera’s

Laat je niet afleiden door het aantal camera’s op een smartphone. Meer camera’s staat niet garant voor betere foto’s. Dat bewijst Google met zijn Pixel 3A-smartphone, die een vergelijkbare vraagprijs hanteert, maar met zijn enkele cameralens aan de achterzijde betere foto’s schiet dan deze Xiaomi Mi 9T.

De camera van de Xiaomi smartphone is echter wel veelzijdiger. Er zijn drie lenzen aan de achterzijde, bestaande uit een groothoeklens, zoomlens en een 48 megapixel hoofdlens. Vooral de hoofdlens schiet absoluut geen verkeerde plaatjes en kan redelijk overweg met moeilijke lichtomstandigheden. Switchen tussen de zoomlens en groothoeksensor is een welkome aanvulling, maar je merkt wel dat deze lenzen sneller ruis tonen bij moeilijke lichtomstandigheden.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Android 9 met MIUI 10

Software is bij de meeste Chinese smartphonemakers een zorgenkindje en helaas is Xiaomi hierop geen uitzondering. Waarom ook Xiaomi zoveel tijd en energie steekt in het afbreken van een prima Android-basis ontgaat me volkomen. Maar helaas is dat wel het geval. Zo is bijvoorbeeld de ‘Always On’-functionaliteit voor VPN-verbindingen uit het systeem gesloopt. Ook Huawei doet dit bijvoorbeeld, waarschijnlijk om de accuduur te verbeteren. Maar het gaat wel ten koste van de veiligheid voor wie graag zijn smartphone beschermt met een VPN-verbinding. Ironisch genoeg geeft de overbodige en onverwijderbare virusscanner je een vals gevoel van veiligheid. Ook zijn er veel overbodige apps aanwezig, zoals twee browsers, Xiaomi-apps en reclame-apps van Facebook en AliExpress. Ook moet je als gebruiker bij het installeren van de smartphone niet vergeten het vinkje uit te zetten om reclame op je smartphone te ontvangen. Wat dat betreft kan Xiaomi nog wat leren van de andere Chinese fabrikant OnePlus, dat zorgvuldig werkt om Android juist te verbeteren. Helaas liggen de dagen dat OnePlus ook vergelijkbare scherpe prijzen biedt achter ons.

De Xiaomi Mi 9T draait op Android 9, de meest recente versie van Android. Met op het moment van schrijven (eind augustus) de veiligheidspatch van juli. Dat is acceptabel. Hoe Xiaomi scoort op het gebied van update-ondersteuning, daar valt helaas nog weinig over te zeggen.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Alternatieven voor de Xiaomi Mi 9T

Voor 349 euro krijg je ongelofelijk veel terug met de Xiaomi Mi 9T. Er zijn slechts twee goede alternatieven voor te noemen in vergelijkbare prijsklasses. Allereerst de Xiaomi Mi 9T Pro, wat wellicht een betere keuze is dan de reguliere 9T. Voor een paar tientjes meer heb je een veel betere camera’s en krachtigere chipset. Wie terechte zorgen heeft over de MIUI softwareschil en update-ondersteuning kan terecht bij de Google Pixel 3A. Hoewel deze smartphone minder krachtig en luxe is, zit het met de software en ondersteuning een stuk beter en is de camera beduidend beter, vooral bij weinig licht.

©PXimport

Conclusie: Xiaomi Mi 9T kopen?

Wie qua functies niets wil missen, maar niet teveel wilt betalen, heeft met de Xiaomi Mi 9T een uitstekende smartphone. Dankzij een moderne behuizing, pop-upcamera, vingerafdrukscanner onder het scherm, snellader, 3 cameralenzen, grote accu én 3,5 mm-aansluiting heb je een bijzonder complete smartphone, die ook qua prestaties en schermkwaliteit goed scoort. Voor het prijskaartje van 350 euro heb je daarmee een uitstekende keuze, hoewel je wel genoegen moet nemen met een ondermaatse softwareschil over Android heen.

Met dank aan Belsimpel.nl voor het beschikbaar stellen van een review-exemplaar.

Uitstekend
Conclusie

**Prijs** € 349,- **Kleuren** Zwart, blauw, rood **OS** Android 9.0 (MIUI 10) **Scherm** 6,4 inch amoled (2340 x 1080) **Processor** 2,2 Ghz octacore (Snapdragon 730) **RAM** 6GB **Opslag** 64 of 128GB **Batterij** 4.000 mAh **Camera** 48, 8, 13 megapixel (achter), 20 megapixel (voor) **Connectiviteit** 4G (LTE), Bluetooth 5.0, wifi, gps, nfc **Formaat** 15,7 x 7,4 x 0,9 cm **Gewicht** 191 gram **Overig** vingerafdrukscanner achter scherm, usb-c, dualsim **Website** [https://www.mi.com/nl](https://www.mi.com/nl/)

Plus- en minpunten
  • Prijs-kwaliteit
  • Compleet
  • Scherm
  • Geen draadloos opladen
  • MIUI
▼ Volgende artikel
Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp
© Gorodenkoff Productions OU
Huis

Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp

Resolutie is marketing, refreshrate is beleving. Waar 4K zorgt voor een mooi plaatje, zorgt een hoge verversing (Hz) ervoor dat je daadwerkelijk wint. Hieronder lees je waarom snelheid in feite de échte koning is in gaming.

Veel gamers staren zich blind op 4K-resolutie. Ze kopen een duur scherm, zetten de settings op Ultra en vragen zich vervolgens af waarom hun spel stroperig aanvoelt. De misvatting is dat 'mooier' gelijkstaat aan 'beter'. In werkelijkheid is de vloeibaarheid van het beeld – de refreshrate, oftewel verversingssnelheid – veel bepalender voor hoe direct en responsief een game aanvoelt. Aan het eind van dit artikel weet je precies of jij moet kiezen voor pixels of snelheid.

Hoe je ogen bedrogen worden door Hertz

Stel je voor dat je snel met je muis over je bureaublad beweegt. Op een standaard 60Hz-scherm zie je de cursor in schokjes over het beeld springen; je hersenen vullen de gaten in. Op een 144Hz- of 240Hz-gaming-monitor verdwijnen die gaten.

Het technische verschil zit hem in de verversingssnelheid: het aantal keren per seconde dat het beeld wordt vernieuwd. Bij 60 Hz krijg je elke 16,6 milliseconden een nieuw beeld. Bij 144 Hz is dat elke 6,9 milliseconden. Dat klinkt als een klein verschil, maar je voelt het direct. Het gestotter dat je onbewust gewend bent verdwijnt. Bewegingen voelen boterzacht aan, alsof de cursor (of je crosshair) aan je hand vastgeplakt zit in plaats van er achteraan zwemt. Dit effect wordt motion clarity genoemd: objecten blijven scherp, zelfs als ze snel door het beeld bewegen.

©Framestock

De winst in shooters en snelle actie

Wanneer werkt dit in je voordeel? Vooral in competitieve shooters zoals Call of Duty, Counter-Strike of Valorant. In dit soort games telt elke milliseconde. Een hogere refreshrate vermindert de input lag, oftewel de tijd tussen jouw klik en de actie op het scherm.

Stel, je draait je personage snel om. Bij een lage refreshrate wordt de vijand een fractie later getoond en zie je veel bewegingsonscherpte (motion blur). Met een hoge refreshrate zie je de vijand eerder en scherper, waardoor je sneller kunt reageren. Je hebt letterlijk actuelere informatie dan je tegenstander. Om dat te bereiken heb je wel een krachtige videokaart nodig die genoeg beelden per seconde (FPS) kan genereren om je snelle scherm bij te houden.

Wanneer resolutie het toch wint van snelheid

Is snelheid altijd heilig? Nee. Als je vooral tragere, meer verhalende games speelt (zoals Cyberpunk 2077 in de 'sightseeing' modus), Microsoft Flight Simulator of grafische RPG's, dan voegt 240 Hz weinig toe. In deze titels kijk je vaak naar stilstaande of langzaam bewegende omgevingen.

In dat geval wil je juist de texturen van de bomen, de reflecties in het water en de details in gezichten zien. Een 4K-monitor op 60 of 120 Hz is dan een logischer keuze dan een onscherp 1080p-scherm op 360 Hz. De visuele pracht weegt hier zwaarder dan de milliseconden reactietijd. Ook voor console-gamers die op de bank zitten, is een goede televisie met 4K en HDR vaak indrukwekkender dan puur de hoogste framerates.

Situaties waarin een hoge refreshrate zinloos is

Er zijn momenten dat investeren in een snel scherm weggegooid geld is. Dat gebeurt bijvoorbeeld als je hardware de snelheid niet kan leveren; als je videokaart maar 50 frames per seconde kan leveren, heeft een 144Hz-scherm geen nut omdat het scherm wacht op de computer. Daarnaast beperken oude kabels je bandbreedte, waardoor je monitor soms terugvalt naar 60 Hz zonder dat je het doorhebt. Ook op oudere consoles zoals de Nintendo Switch of de standaard PS4 heb je niets aan snelle schermen, omdat deze hardware fysiek gelimiteerd is op 60 Hz of lager.

Bepaal wat jouw setup aankan

Kijk dus kritisch naar je huidige situatie voordat je naar de winkel rent. Heb je een high-end pc die makkelijk 120+ FPS haalt in jouw favoriete games? Dan is een upgrade naar een 144- of 165Hz-monitor de grootste sprong in spelplezier die je kunt maken. Speel je op een PlayStation 5 of Xbox Series X? Zoek dan specifiek naar een scherm met HDMI 2.1-ondersteuning om 120 Hz op 4K mogelijk te maken. Zit je ver van je scherm af en speel je relaxed? Investeer dan liever in resolutie en kleurdiepte.

©Proxima Studio

Kortom: snelheid is de sleutel tot succes!

Verversingssnelheid is belangrijker dan resolutie voor iedereen die actie- of competitieve games speelt. Het zorgt voor een vloeiender beeld, minder input lag en betere motion clarity, wat je direct een voordeel geeft in het spel. Resolutie is vooral luxe voor het oog, maar refreshrate is pure prestatie voor de speler.

▼ Volgende artikel
Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn
© HBO Max
Huis

Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn

Game of Thrones kennen we als een reeks brute, grootschalige verhalen, maar A Knight of Seven Kingdoms is het tegenovergestelde. Wat blijkt? Met een schattig, kleinschalig verhaal voelt Westeros alleen maar groter.

Het regent. Op een heuvel, onder een boom, zien we een kast van een vent in de weer met een schop. Een ridder, lijkt het. Hij graaft een graf. Tegelijkertijd praat de ridder in zichzelf: er is in de buurt een toernooi, en we kijken waarschijnlijk naar de winnaar. De muziek zwelt op, terwijl onze held vastberaden in de verte staart. De iconische Game of Thrones-muziek lijkt ons te gaan overspoelen, klaar om naar een prachtig geanimeerde intro te gaan. In plaats daarvan, knippen we naar een shot waarin onze held achter een boom staat te poepen.

Watch on YouTube

De boodschap is duidelijk: de serie heeft schijt aan de verwachtingen die je van Game of Thrones hebt. De serie stond er ooit immers om bekend dat het brak met de conventies van mainstream fantasy. Nu de reeks daar inmiddels zelf toe behoort, is het aan A Knight on Seven Kingdoms om er weer een flinke draai aan te geven.

Een ridder van de heg

Nog een spin-off? George R. R. Martin is toch die schrijver die nooit schrijft? Tja, dat valt wel mee. Hoewel de beste man zich al tien jaar uit een hoekje probeert te schrijven met het langverwachte Winds of Winter, heeft hij een hoop andere verhalen in Westeros verteld.

Zo komen de verhalen van House of the Dragon uit het boek Fire and Blood, waarin we volgen hoe de Targaryen-familie zichzelf met generaties aan ruzies ten val brengt. Maar George R. R. Martin heeft de schaal ook wel eens flink verkleind: in het korte boek The Hedge Knight, dat nog stamt uit de vorige eeuw, volgen we een ridder en zijn schildknaap.

©HBO Max

Daarin volgen we de ridder Dunk - niet onze eigen Dunke, maar Ser Duncan The Tall. Hij is een ‘hagenridder’: een ridder zonder verwantschap aan een heer. Of, in andere woorden: een freelancer die, als hij niet werkt, in de heg mag slapen. Dunk blijft niet lang een zzp’er: hij ontmoet de kale stadsjongen Egg, die dolgraag zijn schildknaap wil zijn.

Vrede!?

De verhalen van dit geliefde tweetal bieden de basis van A Knight of the Seven Kingdoms. De twist? Er is vrede in Westeros - ja, het kan echt - en we volgen een nobody, dus er is ineens ruimte voor een gezellig, klein verhaal. Dat wordt gereflecteerd in de afleveringen: geen dik uur, maar een comfortabel halfuurtje.

©HBO Max

De ridder Dunk wil dolgraag bewijzen dat hij een eervolle ridder is, maar dat is in het brute Westeros best een uitdaging. Al helemaal als je een lompe lieverd als Dunk bent. Dan komt zo’n slimme, wereldwijze schildknaap als Egg ineens goed van pas.

Het wordt al helemaal lastig als je niet eens kan bewijzen dat je een ridder bent. Dan mag je namelijk niet eens meedoen aan een toernooi - eentje waarbij Dunk overigens zijn paard en zijn spullen kwijtraakt, mocht hij verliezen.

Meneer, mag ik meedoen?

Met dat toernooi wordt een van de Game of Thrones-clichés lekker op zijn kop gezet. In de oorspronkelijke serie zagen we in aflevering vier een heftig toernooi en House of the Dragon opende er zelfs mee: het is vaak een goede manier om zonder grote verhaalconsequenties te laten zien hoe gewelddadig Westeros is.

©HBO Max

In A Knight of the Seven Kingdoms komen we dat toernooi niet eens bínnen. Eerst moet Dunk maar eens bewijzen dat hij een ridder is, uitzoeken hoe zo’n toernooi werkt en een heer overtuigen hem te helpen - maar ook dansen, touwtje trekken en een poppenspel aanschouwen. Het is een fantastische stap terug van al die grootschalige oorlogen.

Doordat het verhaal zo’n piepkleine focus heeft, begin je om iedereen te geven: iemand die z’n paard verkoopt in A Knight of Seven Kingdoms is vele malen pijnlijker dan een draak die wordt doodgeschoten in Game of Thrones. We bevinden ons nog steeds in de brute wereld, maar het komt allemaal wat harder aan omdat we ook zien hoe grappig en gezellig het kan zijn.

©HBO Max

Een fossiele brandstof

Toch loopt ook A Knight of Seven Kingdoms een zeker risico. De kwaliteit van Game of Thrones kelderde toen de makers het bronmateriaal inhaalden. Ook die van House of the Dragon nam wat af, toen showrunner Ryan Condal besloot George R.R. Martin niet langer te raadplegen en de grote climax werd doorgeschoven naar het volgende seizoen.

Er zijn momenteel drie korte boeken rondom Dunk en Egg, waarvan dit eerste seizoen het eerste boek beslaat. George R.R. Martin zegt nog twaalf verhalen in zijn hoofd te hebben, maar volgens HBO-baas Casey Bloys moeten de seizoenen van A Knight of Seven Kingdoms jaarlijks verschijnen: dat klinkt goed, maar dan mag Martin wel even doorschrijven. Zijn verhalen voelen nu als een fossiele brandstof: het is een enorm waardevolle bron, maar die wordt niet echt meer aangevuld.

©HBO Max

Gelukkig lijken showrunner Ira Parker en George R.R. Martin goed bevriend. De schrijver heeft Parker een outline gegeven van de twaalf verhalen, dus in theorie kan de serie daarmee verder - maar laten we niet vergeten dat dit bij de laatste seizoenen van Game of Thrones óók het geval was.

Bombastisch gefluit

Toch verdient Ira Parker ons optimisme, want A Knight of Seven Kingdoms is een fenomenale toevoeging aan de wereld van A Song of Ice and Fire. Verhalen hebben contrast nodig: door het klein te houden, voelt de wereld groot. Door het lief te houden, komen de gemene momenten keihard aan.

©HBO Max

De muziek is hier een spectaculair voorbeeld van. De bombastische muziek wordt ons aan het begin als wortel voorgehouden, maar dat is het ook wel - in plaats daarvan moeten we het doen met een gezellig gitaartje, iemand die fluit en het gezang van de vogeltjes.

Als het balletje dan eenmaal gaat rollen, neemt de muziek toch een bombastischer formaat aan - maar op dat moment voelt het verdiend. En, het allerbelangrijkste: in die epische muziek zit óók gewoon nog dat schattige gefluit.

Afleveringen van A Knight of Seven Kingdoms verschijnen wekelijks op HBO Max.