ID.nl logo
Review Xiaomi 13 Lite  - Videostabilisatie als grootste troef
Huis

Review Xiaomi 13 Lite - Videostabilisatie als grootste troef

Xiaomi brengt met de Xiaomi 13 Lite een midranger op de markt die vrij hoog geprijsd is, met een adviesprijs 499 euro. Binnen dat segment is het vandaag de dag erg druk, dus moet je als fabrikant van goede huizen komen. Hoe brengt het Chinese bedrijf het er van af?

Goed
Conclusie

Al met al kunnen we de Xiaomi 13 Lite geen glorieuze aanbeveling geven. Zeker niet wanneer je het model van vorig jaar al op zak hebt. Dan doe je er goed aan het gewoon bij dat toestel te houden. Is je Xiaomi-telefoon al een paar jaar oud en ben je op zoek naar een nieuwe, onder de 500 euro? Dan is dit waarschijnlijk de beste kandidaat voor jou. Voornamelijk vanwege de foto- en videokwaliteit, en de natuurgetrouwe foto’s die het toestel produceert. Alle andere mensen doen er goed aan om op z’n minst de Samsung Galaxy A54 te overwegen, die een betere software-ervaring aanbiedt.

Plus- en minpunten
  • Amoled-scherm
  • Hoofdcamera
  • Opladen
  • Gewicht
  • Prestaties
  • Software, Androidversie en updates
  • Groothoeklens
  • Macrocamera

Nog niet zo heel lang geleden was het zo dat de midrange smartphonemarkt ontzettend interessant was. Fabrikanten probeerden daadwerkelijk innovatieve hardware te leveren voor scherpe prijzen. En anders zagen we gebeuren dat ze op z’n minst heel veel voor een relatief laag bedrag konden aanbieden.

Maar begin 2023 moeten we bekennen dat ook in deze markt de sleur ingetrokken is. We treffen weinig verschillen aan tussen midrangers van verschillende generaties en smartphone-aanbieders. En dat is zonde, maar tegelijkertijd ook ontzettend onvermijdelijk.

Lees ook: de beste smartphones van 2022

Xiaomi 13 Lite toont weinig nieuws

De Xiaomi 13 Lite is hier een mooi toonbeeld van. Sterker nog: dit toestel laat zien dat de Chinese fabrikant zelfs niet bang is een stapje terug te nemen. In vergelijking met de Xiaomi 12 Lite moet de 13 Lite het doen met een enkele speaker (in plaats van twee) en een hoofdcamera met een minder aantal megapixel. Nu zegt dat aantal vrij weinig over de kwaliteit van foto’s en video’s, maar het is op z’n minst opvallend te noemen. Voor de rest valt op hoe sterk beide toestellen op elkaar lijken. We nemen je mee langs een aantal belangrijke, technische eigenschappen.

Beide smartphones hebben een amoled-scherm van 6,55 inch, en een resolutie van 1.080 bij 2.400 pixels. Ze beschikken over een maximale verversingssnelheid van 120 Hertz, evenals een maximale helderheid van 1.000 nits (950 op de 12 Lite, maar dat is een verwaarloosbaar verschil). En de pixeldichtheid? Met een score van 402 pixels per inch zijn ze gelijk aan elkaar. Ze worden beschermd door Gorilla Glass 5 en zijn qua gewicht en formaat nagenoeg identiek aan elkaar. Xiaomi biedt ze in dezelfde configuraties aan en tot slot draaien ze allebei op een (aangepaste versie van) Android 12.

Android 12 is een opvallende keuze, aangezien Android 13 al beschikbaar is en de meeste nieuwe smartphones met deze versie uitgebracht worden. Kortom, een fors nadeel voor een merk dat al niet zo'n puike reputatie heeft op update-ondersteuning.

Wat niet stuk is…

Kijk, als een specificatieverzameling werkt, dan heb je ook weinig redenen om die aan te passen. En als er een jaar is waarin er weinig verandert, omdat beeldscherm- en accutechnologie geen grote veranderingen doormaken, dan hoef en kun je als fabrikant ook niets aanpassen. Maar het zou een fabrikant een keertje sieren dan gewoon te zeggen: “Hey, we brengen dit jaar geen nieuw model uit binnen serie X.” Ze zouden dan echt respect kunnen opeisen door te melden dat het vorige toestel gewoonweg een jaar langer ondersteund wordt – maar dat is in deze markt wellicht teveel gevraagd. Vooral voor Chinese fabrikanten.

Aan de kwaliteiten van het toestel ligt het echter niet. Net als vorig jaar is het zo dat het oled-scherm een fijne kijkhoek en een verzameling levendige kleuren aanbiedt. Details komen goed tot hun recht, games zien er strak uit en de hoge verversingssnelheid presenteert alles supersoepel. Het 10-bit paneel biedt verder support aan voor Dolby Atmos en HDR10, waardoor je er ook gewoonweg perfect content van verschillende videostreamingdiensten op kunt bekijken. Het scherm biedt tot slot een mooi contrast aan, evenals een razendsnelle optische vingerafdrukscanner.

De accu heeft er sinds vorig jaar 200 mAh meer vermogen bijgekregen, maar daar merk je in de praktijk vrij weinig van. In beide gevallen moet je het einde van de dag prima kunnen redden. En met een beetje bescheidenheid hoef je pas rond het middaguur van de tweede dag de oplader er weer bij te pakken. De batterij opladen gaat lekker snel, dankzij de snellader van 67 watt. Na vijftien minuten is die gevuld voor ongeveer veertig procent en na pakweg drie kwartier zit die weer helemaal vol. Wat opvalt is dat Xiaomi het draadloos laden van de 12 Lite eruit gesloopt heeft.

Xiaomi 13 Lite heeft een nieuwe processor, maar…

Een ander opvallend element is de processor in de Xiaomi 13 Lite. Dit mag dan wel een nieuwe variant van de Qualcomm Snapdragon 7-serie zijn, in vergelijking met het model van vorig jaar zijn er echter weinig verschillen op te merken. De chipset presteert iets beter – op papier – maar de vraag is wat je daarvan in de praktijk merkt. Wanneer je lichte taken uitvoert, dan merk je niets van traagheid of gestotter. Maar tijdens het gamen kan het gebeuren dat je soms tegen een dip in frames aanloopt. Dat gebeurt meestal wanneer je ruim een kwartier onafgebroken aan het gamen bent.

We hebben verschillende games getest, waaronder populaire titels als Pokémon Go, Stumble Guys en Marvel Snap. En over het algemeen kunnen we zeggen dat de Xiaomi 13 Lite krachtig genoeg is voor dit type spellen, waardoor je er als gamer dus redelijk wat uit kunt halen. Maar goed, we gaan er van uit dat je dit toestel koopt om gewoon je dagelijkse dingen te kunnen doen. Bellen, mailen, chatten, foto’s maken – dat is allemaal geen probleem. De Xiaomi 13 Lite heeft laten zien capabel genoeg te zijn op dit prijspunt, waardoor we daar eigenlijk niets over te klagen hebben.

Waar we maar wel al te graag een sterke mening over hebben is en blijft de interface. De Xiaomi 13 Lite heeft een iOS-achtige structuur in het snelle menu (dat je naar beneden trekt) en deelt Android binnen de instellingen ook net even anders in. Bovendien staan er een hoop apps op waar je mogelijk niets mee doet, die je ook niet altijd kunt verwijderen. Als Xiaomi-gebruikers vind je dit mogelijk een minder groot probleem, omdat je eraan gewend bent. Maar mocht je willen overstappen naar dit merk: houd er dan rekening mee dat je veel dingen moet gaan opzoeken.

Videostabilisatie als grote troef

Het onderdeel dat de meeste verandering ondergaan heeft, is de cameramodule. Ten opzichte van het vorige model hebben we nu hoofdcamera met een kleiner aantal megapixel. Nu zegt dat weinig over de kwaliteit; het gaat er immers om wat je ermee doet. En we moeten toegeven dat de kwaliteit van een redelijk niveau is. De foto’s die je maakt zijn vaak natuurgetrouw, maar daardoor vaak ook een beetje ontdaan van levendige kleuren. Je ziet dit het beste wanneer je bijvoorbeeld de Samsung A54 er naast legt: kleuren knallen meer van het scherm af en er is een veel hoger contrast aanwezig.

Dergelijke kiekjes doen het goed op social media, maar op andere plekken valt op dat zulke Samsung-foto’s soms wat details om zeep helpen. Dat hoge contrast levert soms een potpourri op van felle kleuren die fijne lijnen oppeuzelen. Dat moeten we Xiaomi nageven: dat zien we niet terug in de foto’s die we met dit toestel hebben gemaakt. Zowel overdag als in de avond maakt de smartphone heldere foto’s, waarin details goed naar voren komen. De selfiecamera kan daarentegen – ironisch genoeg – de kleuren in foto’s wel weer een beetje opblazen. Wees daar dus alert op.

De grote troef die de Xiaomi 13 Lite heeft is de beeldstabilisatie voor video’s. Nu hebben concurrerende modellen, zoals de Galaxy A54, die ook, maar alleen voor de full hd-modus. De 13 Lite biedt hem ook voor 4k-video’s aan, waardoor dergelijke video’s er veel beter en rustiger uitzien. Tot slot kijken we nog even naar de groothoeklens en macrocamera. De eerste camera levert vaak veel in op kleur en details, terwijl de tweede moeite heeft met scherpe foto’s maken. Kortom: als je een foto maakt met de Xiaomi 13 Lite, dan kun je het beste bij de hoofdcamera blijven.

Xiaomi 13 Lite kopen of niet?

Al met al kunnen we de Xiaomi 13 Lite geen glorieuze aanbeveling geven. Zeker niet wanneer je het model van vorig jaar al op zak hebt. Dan doe je er goed aan het gewoon bij dat toestel te houden. Is je Xiaomi-telefoon al een paar jaar oud en ben je op zoek naar een nieuwe, onder de 500 euro? Dan is dit waarschijnlijk de beste kandidaat voor jou. Voornamelijk vanwege de foto- en videokwaliteit, en de natuurgetrouwe foto’s die het toestel produceert. Alle andere mensen doen er goed aan om op z’n minst de Samsung Galaxy A54 te overwegen, die een betere software-ervaring aanbiedt.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.