ID.nl logo
Review Sony Xperia 5 IV - Prijzige smartphone met kort updatebeleid
Huis

Review Sony Xperia 5 IV - Prijzige smartphone met kort updatebeleid

Sony is geen grote speler meer op het gebied van smartphones en komt sporadisch met nieuwe modellen. De Xperia 5 IV is het in september van dit jaar uitgebrachte nieuwste model, dat compacter is ten opzichte van de eerder uitgebrachte Xperia 10 IV en de Xperia 1 IV. Hoe presteert de nieuwe uitvoering?

Goed
Conclusie

Qua specificaties stelt de Xperia 5 IV niet teleur. Aan de ene kant hebben we een premiumtoestel getest. Maar aan de andere kant: de prijs is ook premium. En die prijs is een groot struikelblok, want we verwachten dan ook wel een beter ondersteuningsbeleid. Zoek je een telefoon die het maximale haalt uit het maken van 4K-video en HDR-foto’s, dan ben je aan het goede adres. Maar juist die mogelijkheden maken het dat de opslagruimte van 128 GB karig is; die had wat ons betreft voor de functies dat het biedt en de prijs dat het toestel kost, minstens twee keer zo groot mogen zijn. Prettig is de grote accucapaciteit, waardoor je langer zonder tussentijds opladen met je telefoon kunt doen. Jammer is wel dat het opladen niet heel snel gaat en dat je zelf nog een losse usb-c-kabel ergens vandaan moet halen. Voor deze prijs hadden we een iets completer product verwacht.

Plus- en minpunten
  • Goede foto- en videomogelijkheden
  • Handzaam en licht toestel
  • Uitmuntend geluid
  • Goede kwaliteit beeldscherm
  • Relatief weinig opslagcapaciteit
  • Warmteontwikkeling bij intensief gebruik
  • Updatebeleid schiet tekort

De Sony Xperia 5 IV valt op door zijn slanke verschijning. Het toestel heeft een 21:9-beeldschermverhouding en een oled-display van 6.1 inch. De beeldschermverhouding heeft een resolutie van 2520x1080 en is ideaal voor het kijken van 4K-video’s, waarbij ondersteuning wordt geboden voor 4K-HDR-videobeelden met een verversingssnelheid van 120Hz. Het oled-scherm geeft kleuren mooi en helder weer. Dankzij het smallere ontwerp ligt de telefoon prettig in de hand, maar het is – als je dit formaat niet helemaal gewend bent – wel even wennen aan de bediening. Als je een wat breder toestel gewend bent, valt het op dat webpagina’s op de Sony in Chrome wat kleiner worden weergegeven in de breedte van het scherm. Een groot probleem is dat niet, maar zoals gezegd is het wel een omschakeling voor gebruikers die bredere telefoons gewend zijn. Voordeel van het formaat van de Xperia 5 IV is dan wel weer dat hij ietsje makkelijker in je broekzak past. Qua processor kiest Sony voor de Snapdragon 8 Gen 1-processor en 8 GB werkgeheugen. De telefoon is dualsim, waarvan één een eSim is, die je dus alleen softwarematig kunt instellen.

Behuizing

De schermzijde van het toestel is niet bezelvrij en het oled-scherm loopt niet af zoals we dat kennen van veel andere recente telefoons.. Links, rechts, boven en onder is er dus een dun randje aanwezig. De camera aan de schermkant is verwerkt in het bovenste randje en het beeldscherm loopt hier dus niet door. Aan de bovenzijde van de telefoon vinden we nog een ‘ouderwetse’ 3.5mm koptelefoonaansluiting, waardoor je het toestel dus via usb-c kunt blijven opladen terwijl je muziek luistert, alhoewel zowel een oplader als kabel niet in de doos worden meegeleverd. De Sony Xperia 5 IV is stevig behuisd.

De voorzijde is voorzien van het Corning Gorilla Glass Victus en is het toestel waterbestending tot de hoogste IPX8-standaard, wat in theorie betekent dat het toestel volledig waterdicht is en je er in theorie mee zou kunnen gaan zwemmen, maar dat raden we sowieso bij geen enkel toestel aan. De achterzijde van de Xperia 5 IV voelt eveneens stevig aan en is gemaakt van gehard plastic dat wat stroever is en er niet meteen voor zorgt dat de telefoon uit je hand glijdt. Het toestel weegt overigens maar 172 gram, dus ligt wat dat betreft ook prettig in de hand. De camera aan de achterzijde steekt ietsjes uit, waardoor het toestel niet helemaal vlak ligt als je hem op tafel legt.

Camera's

Sony probeert hard om mee te komen op cameragebied. In de Xperia 5 IV vinden we lenzen met een Zeiss Exmor RS-beeldsensor. De standaard Android camera-app is op deze Sony aangevuld door de Photo Pro- en Video Pro-app die respectievelijk zorgen voor het maken van foto’s en video’s. Je haalt met de apps het onderste uit de kan wat betreft de cameramogelijkheden. Met de Photo Pro-app kun je ook video’s maken, maar de Video Pro-app biedt net even wat meer functies.

Enige nadeel van de Video Pro-app is wel dat je deze alleen in de landscape-modus kunt gebruiken. Bij het maken van video’s heb je nog extra functies tot je beschikking, zoals het Slimme Wind-winter, waarmee je het hinderlijke geluid van wind in de microfoon weg kunt filteren.

Handig, want niets is zo storend als het geluid van wind waardoor je de andere geluiden of stemmen niet kunt horen. Bij gebruik van een camera-app op een telefoon kan het zijn dat het toestel wat warm wordt, dat is vrij normaal. Zowel de foto-als video-app op de Sony geven hier echter wel een waarschuwing voor, de temperatuur kan blijkbaar zo hoog oplopen dat je je handen kunt branden…

Helemaal onterecht is deze waarschuwing overigens niet, want tijdens het testen van de video-afspeelfuncties en het opnemen van 4K-video werd het toestel inderdaad flink warm.

De vier camera’s (drie aan de achterzijde en een aan de voorkant) hebben elk een resolutie van 12 megapixel. De fotokwaliteit is voldoende maar niet per se indrukwekkend. Het nemen van HDR-foto’s en video’s wordt vanzelfsprekend ondersteund. De zoomfunctie valt wel wat tegen: zonder kwaliteitsverlies kun je tot 2,5 keer hardwarematig inzoomen, ga je hoger, dan gebeurt dat softwarematig en is er duidelijk kwaliteitsverlies te zien. Speel je audio af, dan zul je versteld staan van de kwaliteit van de audio, die is namelijk overweldigend. En dat voor zo’n compacte telefoon waar je de speakers niet kunt zien zitten. Met extra instellingen voor Dolby Sound en 360 Reality Audio kun je het geluid nog verder naar eigen smaak aanpassen.

Beeldkwaliteit

De beeldkwaliteit van het oledscherm van  de Xperia 5 IV kun je zelf instellen. Af fabriek is deze ingesteld op de standaardmodus en kan automatisch op de betere zogeheten ‘Makermodus’ springen wanneer een app daarom vraagt, bijvoorbeeld bij het afspelen van video. Die Makersmodus kun je echter ook permanent maken via de instellingen. De Makermodus biedt een rijker contrast en scherper beeld dankzij HDR-functionaliteit.

Updatebeleid magertjes

Het updatebeleid qua ondersteuning voor toekomstige Android-versies is een belangrijk criterium waar we specifiek naar kijken bij telefoons. Helaas stelt Sony ons teleur als het op deze telefoon aankomt: er wordt voor maximaal drie jaar aan beveiligingsupdates beloofd en dat is voor een telefoon van dit kaliber en prijs (de adviesprijs is 1049 euro, maar inmiddels wel voor een lagere prijs te vinden) toch eigenlijk wel heel jammer. Uit de doos is de Xperia 5 IV voorzien van Android 12, en zou dus in theorie nog tot versie 14 bijgewerkt kunnen worden. Maar nieuwe beveiligingsupdates ontvang je na drie jaar dus niet.

Opslagcapaciteit

De door ons geteste Xperia 5 IV heeft een opslagcapaciteit van 128 GB, waarvan nog zo’n 107 GB over is voor al je video’s, foto’s en bestanden; de rest wordt door het besturingssysteem en de apps in beslag genomen. Je kunt de opslag uitbreiden met een extra los micro-sd-kaartje tot maximaal 1 TB, maar er zijn in Europa geen varianten van deze telefoon die standaard meer dan 128 GB opslagcapaciteit hebben; alleen de kleur kun je kiezen: zwart of groen. Voor de prijs van dit toestel hadden we wel meer opslagcapaciteit verwacht, want met een paar geschoten 4K-HDR-video’s is de standaard opslag zo vol.

Accu

Sony heeft altijd veel gedaan om telefoons langer met een volle accu mee te laten gaan. Mede dankzij extra functies zoals de Stamina-modus hielden Sony-toestellen het langer vol. De capaciteit van de accu is in de Xperia 5 IV met 5000 mAh flink te noemen en dat ondanks dat het toestel relatief dun is. Bij normaal gebruik kun je gerust twee dagen doen op een volle lading. Je kunt de Xperia 5 IV ook draadloos opladen, maar slechts met 30 Watt, waardoor je wel langer bezig bent om hem vol te krijgen. Wil je via een adapter opladen, dan moet je deze – net als een usb-c-kabel – zelf los kopen; er worden geen accessoires meegeleverd bij dit toestel. Wat wel een leuke feature is, is dat je een volle accu ook kunt gebruiken om andere accessoires draadloos op te laden. Via de functie Batterij delen ‘deel’ je de accu van de Sony en kun je er andere apparaten mee opladen.

Daarbij kun je instellen dat het opladen van een ander apparaat stopt, zodra de accu in de Sony een bepaald percentage aan stroom overheeft. Zo voorkom je dat je de Xperia 5 IV leeg wordt getrokken door een opladend apparaat.

Conclusie

Qua specificaties stelt de Xperia 5 IV niet teleur. Aan de ene kant hebben we een premiumtoestel getest. Maar aan de andere kant: de prijs is ook premium. En die prijs is een groot struikelblok, want we verwachten dan ook wel een beter ondersteuningsbeleid voor beveiligingsupdates.

Zoek je echter een telefoon die het maximale haalt uit het maken van 4K-video en HDR-foto’s, dan ben je aan het goede adres. Maar juist die mogelijkheden maken het dat de opslagruimte van 128 GB karig is; die had wat ons betreft voor de functies dat het biedt en de prijs dat het toestel kost, minstens twee keer zo groot mogen zijn. Prettig is de grote accucapaciteit, waardoor je langer zonder tussentijds opladen met je telefoon kunt doen. Jammer is wel dat het opladen niet heel snel gaat en dat je zelf nog een losse usb-c-kabel ergens vandaan moet halen. Voor deze prijs hadden we een iets completer product verwacht.

▼ Volgende artikel
Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard
© Wildlight Entertainment
Huis

Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard

Er vallen ontslagen bij Wildlight Entertainment, dat eind januari nog hun multiplayergame Highguard uitbracht.

Wildlight bevestigde eerdere geruchten over een ontslagronde op social media. "Vandaag hebben we de moeilijke beslissing gemaakt om afscheid te nemen van een aantal teamleden, terwijl we een kerngroep van ontwikkelaars aanhouden om de game te blijven ondersteunen en innoveren."

Het bericht vervolgt: "We zijn trots op het team, talent en het product dat we samen hebben gecreëerd. We zijn ook enorm dankbaar voor de spelers die een poging waagden om de game te spelen, en allen die onderdeel van onze gemeenschap blijven."

View post on X

Grootschalige ontslagronde

Hoewel Wildlight niet praat over de precieze hoeveelheid ontslagen, lijkt de vermelding van een "kernteam" dat overblijft te suggereren dat het om een aanzienlijke hoeveelheid mensen gaat.

Dat komt overeen met een LinkedIn-bericht van Alex Graner, een ontwikkelaar van die game die eerder ook aan Battlefield 6 werkte. Hij laat weten dat "het grootste gedeelte van het team" ontslagen is, waaronder hij zelf.

Over Highguard

Highguard is de debuutgame van Wildlight Entertainment. De game viel op voorhand vooral op omdat er een trailer van werd getoond aan het einde van The Game Awards eind vorig jaar. Die positie is meestal gereserveerd voor grote aankondigingen en aankomende games, en sommige kijkers vonden Highguard daar niet onder behoren.

Sinds eind vorige maand is Highguard speelbaar via Steam. De game ontving veel negatieve gebruikersrecensies, al heeft dat Wildlight niet tegengehouden om updates uit te blijven brengen. Rond release bereikte het spel een indrukwekkende gelijktijdige spelerspiek van bijna 100.000 mensen op Steam, maar inmiddels hangen de gelijktijdige spelersaantallen onder de 10.000. Het is dan ook aannemelijk dat dit deels de keuze om een grootschalige ontslagronde door te voeren heeft beïnvloed.

Lees hier meer informatie over Highguard.

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.