ID.nl logo
OnePlus Nord N10 5G: toestel zonder bestaansrecht
© Reshift Digital
Huis

OnePlus Nord N10 5G: toestel zonder bestaansrecht

OnePlus startte als een prijsvechter, bracht daarna steeds duurdere smartphones uit en verkoopt sinds kort zowel dure als goedkope toestellen. In deze OnePlus Nord N10 5G review lees je wat de titel al verklapt: deze smartphone had net zo goed niet uitgebracht kunnen worden. Hoe zit dat?

Een paar jaar geleden verkocht OnePlus één smartphone tegelijk, zijn topmodel. Eind 2020 kun je kiezen uit drie Nord-modellen en drie OnePlus 8-varianten. Voor ieder wat wils dus, maar zijn OnePlus en jij als consument wel gebaat bij smartphones die redelijk in elkaars vaarwater zitten?

De OnePlus Nord N10 5G kost 349 euro en is hiermee iets goedkoper dan de Nord (vanaf 399 euro). De reguliere Nord testte ik deze zomer, en nu heb ik de N10 5G-variant twee weken gebruikt. In deze review leg ik uit hoe de smartphone bevalt en waarom je - naar mijn mening - beter af bent met een ander model.

Plastic ontwerp

De OnePlus Nord N10 5G is gemaakt van plastic en voelt daarom minder luxe aan dan de Nord, die van glas is gemaakt. Helemaal omdat het plastic een magneet is voor vingerafdrukken en stof. Dit design schreeuwt om een hoesje.

De voorkant van de smartphone komt ook wat goedkoper over. Van dikkere randen rond het scherm en het schrappen van de fijne Alert-slider tot een groter gaatje voor de selfiecamera en de capacitieve vingerafdrukscanner op de achterkant: er zijn allerlei compromissen gesloten om tot die lagere verkoopprijs te komen. Op zich niets storends, maar de iets duurdere Nord komt een stuk luxer over.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Geen oled-scherm

De bezuinigingen beperken zich niet tot het ontwerp. OnePlus voorziet de Nord N10 5G ook van een kwalitatief minder goed scherm. De smartphone heeft een lcd-display en dat toont minder fraaie kleuren en een lager contrast dan het oled-scherm van de Nord. In deze prijsklasse zijn er meer smartphones met een oled-scherm, onder andere van Xiaomi en Samsung. De Nord N10 5G moet het op dit vlak afleggen.

Positief is de hogere verversingssnelheid van 90 Hz, waardoor het scherm van de OnePlus-telefoon soepeler oogt dan een 60 Hz-scherm. In dit prijssegment zijn er echter ook toestellen met een nog fraaier 120 Hz-display. Het scherm oogt scherp door de full-hd-resolutie.

©PXimport

Complete specificaties, trage processor

OnePlus-smartphones zijn steevast lekker snel, wat te danken is aan krachtige hardware en geoptimaliseerde software. Sinds de fabrikant schermen met een hogere verversingssnelheid gebruikt, komen de toestellen nog sneller over.

Met de Nord N10 5G lukt dat niet helemaal. De smartphone is voorzien van een Snapdragon 690-processor met 6 GB werkgeheugen, wat op papier voldoende is voor vlotte prestaties. In de praktijk zie ik toch regelmatig haperingen, bijvoorbeeld bij het wisselen tussen apps en opstarten van games. Snel schakelen tussen het fotograferen en een WhatsApp-gesprek levert soms ook een stottering op. Niets geks, maar op concurrerende smartphones heb ik dit minder. De N10 5G voelt langzamer aan, daar kan het 90 Hz-scherm niets aan veranderen. De iets duurdere Nord is overigens beduidend sneller, wat te danken is aan de krachtigere processor en meer werkgeheugen.

©PXimport

De Nord N10 5G doet ook dingen goed. Hij is geschikt voor 5G-internet en hoewel je daar nu nog weinig aan hebt, is de smartphone wel klaar voor het snellere internet dat over een paar jaar beschikbaar komt. De 4300 mAh-accu zingt het bovendien anderhalve dag uit en laadt erg snel op. Dat is te danken aan de 30 Watt usb-c-oplader, die je ook krijgt bij de veel duurdere OnePlus 8 en 8 Pro.

Het opslaggeheugen is met 128 GB even groot als op concurrerende smartphones, en ruim voldoende voor veel apps, foto's en games. Prettig is dat je het geheugen kunt vergroten met een micro-sd-kaartje. De Nord N10 5G heeft ook een nfc-chip om contactloos te betalen in winkels. Er is zelfs een 3,5mm-hoofdtelefoonaansluiting aanwezig, een feature die OnePlus al jaren weglaat op dure smartphones.

©CIDimport

©CIDimport

Beperkte camera's

Over de camera's ben ik minder enthousiast. Dat komt met name omdat OnePlus kwantiteit in plaats van kwaliteit levert. De Nord N10 5G heeft vier cameralenzen op de achterkant en hoewel dat indrukwekkend klinkt, zijn de mogelijkheden van de camera's beperkt.

Zo helpt een 2 megapixel monochrome-lens het contrast van foto's te verbeteren en kun je uiteenlopende kleurfilters gebruiken. Andere smartphones doen dit gewoon met de primaire camera. Met een goede groothoekcamera kun je naast extra wijde beelden ook foto's van heel dichtbij schieten. De Nord 10 5G heeft een redelijke groothoeklens, maar de resolutie is met 8 megapixel voor het leuke te laag. Bovendien is hij niet goed genoeg voor macrobeelden. Daarom heeft het toestel een aparte 2 megapixel macrocamera, maar door die lage resolutie ogen foto's simpelweg alsof ze uit 2013 komen. De plaatjes zijn oké voor Instagram, maar ontoereikend voor een fotoboek of canvasdoek.

©CIDimport

Tot slot de hoofdcamera. Die heeft een indrukwekkende resolutie van 64 megapixel en fotografeert standaard in 16 megapixel, waarbij hij vier pixels samenperst tot één (64 : 4 = 16). De plaatjes ogen niet altijd helemaal realistisch qua kleuren. Bladeren kunnen er wat levendiger uitzien, terwijl een blauwe lucht juist wat grijzer is. Onder de streep is de fotokwaliteit prima voor dit type smartphone, en helpt de nachtmodus bij het schieten van aardige foto's in het donker.

Matig updatebeleid

OnePlus staat bekend als een merk dat zijn smartphones snel en langdurig updates geeft. Reken op twee jaar versie-updates en twee tot drie jaar beveiligingsupdates. Nieuwe toestellen verschijnen direct met de nieuwste Android-versie. Zo kwam de OnePlus 8T uit met Android 11.

Wie de Nord N10 5G op het oog heeft vanwege die uitstekende softwareondersteuning, komt van een koude kermis thuis. De smartphone draait op moment van schrijven nog steeds op Android 10, krijgt op een onbekend moment Android 11 en dan houdt het op. OnePlus bevestigt dat het toestel niet in aanmerking zal komen voor Android 12. Dat is simpelweg ondermaats, zowel voor OnePlus-begrippen als in vergelijking met de concurrentie (uitgezonderd Motorola).

De Nord N10 5G ontvangt bovendien slechts twee jaar beveiligingsupdates, terwijl veel concurrerende modellen verzekerd zijn van drie jaar updates. De beroerde softwareondersteuning is voor mij één van de redenen dat ik de OnePlus Nord N10 5G niet kan aanbevelen. De iets duurdere OnePlus Nord krijgt immers wél Android 12 én drie jaar beveiligingsupdates.

Wel positief ben ik over de OnePlus-softwareschil over Android heen. Die is licht, erg snel en voegt wat handigheidjes toe die - als je ze niet nodig hebt - niet in de weg zitten. Fabrikanten als Samsung, Huawei en Oppo passen Android graag helemaal aan promoten eigen diensten, maar OnePlus doet dat gelukkig niet.

©CIDimport

Conclusie: OnePlus Nord N10 5G kopen?

Als je de review of zelfs alleen maar de tussenkoppen gelezen hebt, weet je wat ik ga zeggen. De OnePlus Nord N10 5G is een smartphone die vanwege zijn ontwerp en specificaties goedkoper overkomt dan de prijs doet vermoeden. OnePlus' updatebeleid doet ook geen recht aan het prijskaartje van de smartphone.

Al met al zou ik niet weten wie een goede koop doet met de OnePlus Nord N10 5G. In deze prijsklasse zijn er simpelweg betere smartphones te koop, inclusief serieuze softwareondersteuning. Ben je bereid een paar tientjes meer uit te geven? Dan is de reguliere OnePlus Nord één van de betere opties. De N10 5G-variant lijkt een haastklus waar OnePlus weinig in investeert, en is voor mij een toestel zonder bestaansrecht.

Ondermaats
Conclusie

**Adviesprijs** € 349,- **Kleur** Zwart **OS** Android 10 **Scherm** 6,49 inch lcd (2400 x 1080, 90 Hz) **Processor** 2 GHz octacore (Snapdragon 690) **RAM** 6 GB **Opslag** 128 GB (uitbreidbaar) **Batterij** 4.300 mAh **Camera** 64, 8, 2 en 2 megapixel (achter), 16 megapixel (voor) **Connectiviteit** 5G, 4G, Bluetooth 5.1, wifi, gps, nfc **Formaat** 16,3 x 7,5 x 0,89 cm **Gewicht** 190 gram **Overig** Hoofdtelefoonpoort **Website** [www.oneplus.com/nl](https://www.oneplus.com/nl/n10-5g)

Plus- en minpunten
  • Complete specificaties voor scherpe prijs
  • Accu laadt snel op
  • Software zonder fratsen
  • Goedkope behuizing
  • Langzamer dan de concurrentie
  • Camera's beperkt nuttig
  • Updatebeleid
  • Prijs-kwaliteitsverhouding
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.