ID.nl logo
LG G5 - Middenweg tussen innovatie en design
© Reshift Digital
Huis

LG G5 - Middenweg tussen innovatie en design

LG is de laatste jaren innovatief bezig met smartphones. De G3 had een scherm met QHD-resolutie, de G4 sprong er uit met de camera en leren achterkant. De G5 heeft een metalen behuizing én verwisselbare batterij. Maar kan de G5 met de verbluffende Galaxy S7 meelopen, die tegelijkertijd verscheen?

Onlangs testte ik de Fairphone 2 uit, die modulair wat opgebouwd. Innovatief, maar mooi is het toestel niet. De G5 is niet even modulair als de Fairphone, maar weet er wel fraai uit te zien met een metalen behuizing. Ondanks wat LG beweert is de behuizing niet unibody, oftewel één metalen geheel. De onderkant is met een knopje aan de zijkant los te maken, waarna de module met de batterij losgetrokken kan worden. Handig, want zo kun je de batterij vervangen, maar ook andere modules plaatsen. Goed voor de duurzaamheid van het toestel, maar ook opent het de deur voor interessante accessoires. Lees ook onze review van de LG V10 - luxe conceptsmartphone

Afwerking

Het concept roept de vraag op of de onderkant niet te makkelijk loskomt als het knopje per ongeluk in je broekzak ingedrukt wordt. Al snel tijdens het testen kwam ik erachter dat je je daar geen zorgen over hoeft te maken. Nee, om de onderkant los te maken moet je zelfs behoorlijk wrikken. Het is niet helemaal prettig afgewerkt en helaas valt dat voor de algemene afwerking van het toestel te zeggen: veel scherpe randjes van het metaal, de vingerafdrukscanner (die aan de achterkant geplaatst is en tevens dienst doet als home-knop) rammelt en aan de bovenkant kwamen we zelfs nog wat lijmrandjes tegen.

©PXimport

Het knopje aan de onderkant druk je in om de batterijmodule los te maken.

Dat zijn kleine details, die extra opvallen omdat de ontwerpers duidelijk hard hebben gewerkt om het toestel er mooi (en uniek!) uit te laten zien, maar het toestel is voor zijn metalen constructie opvallend licht. Met een iets betere afwerking zou het toestel veel beter in de hand liggen, en voor een toestel dat je meerdere malen per dag oppakt is dat niet geheel onbelangrijk.

Breedbeeld

Vorig jaar was de LG G4 uitgerust met de beste camera die we tot dusver op een smartphone gezien hadden. Maar intussen heeft aartsrivaal Samsung met de Galaxy S7 de lat op cameragebied in een klap een stuk hoger gelegd. LG brengt geen betere camerasensor dan de S7. Maar de G5 heeft voor fotografen juist andere troefkaarten. Wil je je foto tot in de puntjes finetunen, met witbalans, sluitertijd en raw-fotografie? Dan biedt de camera-app van de G5 nog steeds veel mogelijkheden in de beste interface.

Opvallender is echter dat er een dubbele camera geplaatst is. Smartphones met zo'n dual camera zijn niet nieuw, maar meestal worden de twee lenzen aan de achterkant van het toestel gebruikt om samen een foto te maken. De G5 is net even anders, op de achterkant vinden we een gewone 16 megapixelcamera en een camera met een groothoeklens van 8 megapixel. Standaard wordt de groothoeklens gebruikt, maar afhankelijk van waarop je scherpstelt of hoe ver je inzoomt wordt de gewone camera ingeschakeld. Eventueel kun je ook makkelijk handmatig switchen tussen de twee met een druk op de knop in de camera-app.

De 16 megapixelcamera is dezelfde die LG vorig jaar al gebruikte op de G4. Een uitstekende camera, die vorig jaar zelfs als beste uit de bus kwam in een vergelijkende test. Maar inmiddels is deze wel voorbijgestreefd door de camera van de Galaxy S7 en Nexus 6P. De groothoeklens weet wat minder detail vast te leggen, maar wel veel. De lens kan 135 graden om zich heen kijken, de gewone camera overigens 75 graden. Wanneer je bijvoorbeeld een toren fotografeert past deze in een keer op de foto. Dat is wel iets prettigs waar je snel aan went. De kwaliteit van de foto's zelf zijn vergelijkbaar met de camera met de gewone lens, alleen iets minder scherp. Dat merk je vooral wanneer je inzoomt.

©PXimport

Voor close-ups wordt automatisch de gewone camera geactiveerd.

Verbleekt

Qua beeldscherm zien we weinig verschil met zijn voorganger. De enorm hoge QHD-resolutie is natuurlijk gebleven en dankzij de opkomst van VR, zien we eindelijk de echte toegevoegde waarde van zo'n resolutie. Wanneer je het toestel in een VR-bril steekt (en niet ontoevallig biedt LG een speciale VR-bril aan voor de G5) merk je het verschil. Maar bij gewoon gebruik nog steeds nauwelijks. Het beeldscherm is natuurlijk wel scherp, maar ook helder. De kleuren worden alleen niet altijd heel goed weergegeven. Kortom een prima beeldscherm, maar het verbleekt toch wat tegenover het beeldscherm van de Galaxy S7. Net als de camera, specs en de accuduur, waar ik zometeen op terugkom. Maar dat is toch het grote mankement van de G5: er zijn unieke bouw-eigenschappen, maar omdat Samsung zich zo heeft uitgesloofd met de Galaxy S7 komt de G5 niet uit zijn schaduw als toestel in dezelfde prijsklasse.

Weinig rotzooi

Maar een negatieve eigenschap van de S7 weet de G5 wél weg te poetsen: bloatware. LG heeft opvallend weinig overbodige rotzooi voorgeïnstalleerd. Android (6.0 Marshmallow) is wel behoorlijk onder handen genomen, zoals we van de Zuid-Koreanen gewend zijn. Veel kinderlijke kleuren, dito icoontjes en een rommelige indeling van de instellingen. Vervelend is wel dat er geen app-overzicht is. Alle app-icoontjes worden tussen je homescreens met widgets gegooid. Vervelend en onoverzichtelijk. Uit de LG-applicatiewinkel Smartworld kun je LG Home 4.0 downloaden, zodat je weer het gewone uiterlijk van LG smartphones terugkrijgt. Overigens ben je nog beter af als je Nova Launcher uit de Play Store installeert.

De G5 draait de recentste Androidversie, 6.0. Hier heeft LG aan lopen sleutelen. Zo wordt er op het scherm altijd een klokje getoond, zodat je niet je smartphone hoeft aan te zetten om te zien hoe laat het is. Maar ook worden meldingen getoond. Als je meer uit je batterij wilt halen kun je dit overigens ook uitschakelen. In de instellingen vind je ook 'Smart Settings' terug, welke je misschien al kent van de G4. Hierin kun je instellingen automatiseren op basis van je locatie en tijd. Het is leuk en handig om je smartphone op deze manier te kunnen programmeren.

Weinig bloatware betekent meer systeemcapaciteit voor apps die je zelf installeert. Daarvoor heb je genoeg ruimte: van 32GB opslagruimte heb je er nog 20 beschikbaar. Maar ook kun je een geheugenkaartje gebruiken om de opslagruimte uit te breiden voor bijvoorbeeld muziek, foto's en video's. De batterijduur valt helaas wel wat tegen. Je houdt het wel een dag vol met een opgeladen batterij, maar het kan geen kwaad om een tweede batterij aan te schaffen en in je tas te steken als je langer op pad gaat.

©PXimport

De camera's zitten boven de vingerafdrukscanner.

Zoals een smartphone van 700 euro betaamt heeft het naast de eerder genoemde onderdelen ook goede specificaties om de komende twee jaar zorgeloos mee door te komen. De G5 heeft een nieuwe SnapDragon 820-processor en genoeg werkgeheugen. Maar positief is ook dat er een infraroodpoort aanwezig is, zodat de G5 de afstandsbediening van je televisie ook vervangt. Ook zien we aan de onderkant een nieuwe usb-c-ingang om je toestel op te laden of apparatuur op aan te sluiten.

Conclusie

Ik loop wel warm voor de G5. Het is een all-round toptoestel, waarbij de innovatie in z'n modulaire bouw én metalen behuizing zit. Leuk is daarbij dat er ook deuren geopend worden voor accessoires, alhoewel er nog weinig beschikbaar zijn. Het grote nadeel is echter dat hij niet uit de schaduw van de Galaxy S7 weet te komen. Wil LG de G5 als interessantere outsider presenteren, dan zal er een flinke hap van zo'n 150 à 200 euro uit de prijs genomen moeten worden.

Goed
Conclusie

LG G5 ----- **Prijs:** € 699,- **OS:** Android 6.0 (Marshmallow) **Scherm:** 5,3 inch LCD (2560 x 1440) **Processor:** 2,1 GHz quadcore (Snapdragon 820) **RAM:** 4 GB **Opslag:** 32GB (uitbreidbaar met geheugenkaart) **Batterij:** 2800 mAh **Camera:** 16 en 8 (breedbeeld) megapixel (achter), 8 megapixel (voor) **Connectiviteit:** wifi, GPS, Bluetooth, LTE, infrarood **Formaat:** 15 x 7,4 x 0,8 cm **Gewicht:** 159 gram **Website:** [www.lg.com](http://www.lg.com/nl)

Plus- en minpunten
  • Modulaire bouw en accessoires
  • All-round goed
  • Groothoeklens
  • Lichtgewicht
  • Prijs
  • Accuduur
  • Geen app-overzicht
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.