ID.nl logo
Een duurzame bak: dit betekent het keurmerk op je koffie
© uckyo - stock.adobe.com
Huis

Een duurzame bak: dit betekent het keurmerk op je koffie

Als je Googelt op ‘koffie kopen’ krijg je ruim 24 miljoen resultaten. Hoe kies je dan koffie? Smaak is zeker belangrijk. Maar je wilt misschien ook naar duurzame koffie kijken. Hebben de boeren een eerlijke prijs gekregen? Is er geen regenwoud gekapt voor je bak troost? Daarvoor zijn keurmerken in het leven geroepen. Hoe het met die keurmerken voor koffie zit, lees je in dit artikel.

  • Keurmerken kunnen door iedereen worden uitgegeven. Oók door de fabrikant zelf. Kijk dus kritisch.
  • Een betrouwbaar keurmerk kijkt naar de omstandigheden van de koffieproductie. Dat kan het milieu zijn of het welzijn van de koffieboeren. Of beide.
  • Betrouwbare keurmerken zijn bijvoorbeeld Rainforest alliance, Fairtrade, FSC en 4C.
  • Geïnteresseerd in de herkomst van je lievelingskoffie? Lees dan ook eens: Koffie speciaal: single origin, single estate en blend koffie

Koffie kiezen

Koffie koop je bij de supermarkt of bij een koffiespeciaalzaak. Je kunt het ook online bestellen. Hoe dan ook, er is veel keuze. Keurmerken zeggen niets over de smaak, maar wel over de productie. Klein nadeel: inmiddels zijn er ook heel veel keurmerken voor koffie. Hoe zorg je dat je door de bonen het bos blijft zien?

Wat is een keurmerk en wat zegt het over koffie?

Een keurmerk of certificaat is in feite een beeldmerk (een soort logootje) op de verpakking van een product, dat je informatie geeft over de manier waarop het product tot stand is gekomen. De overheid ondersteunt keurmerken, omdat ze consumenten helpen om een keuze te maken. Dit staat er op de website van de rijksoverheid:

‘Een certificaat of een keurmerk laat zien dat iets aan bepaalde kwaliteitseisen voldoet. Bijvoorbeeld veiligheidseisen of duurzaamheidseisen’.

Een keurmerk geeft je dus informatie over een product of dienst. In het geval van koffie gaat het dan meestal over duurzaamheid en milieuvriendelijkheid tijdens het hele proces. Ook kan een keurmerk iets zeggen over een eerlijke vergoeding voor de boeren. Koffie groeit doorgaans in landen waar de lonen laag liggen, dus vaak is een eerlijke vergoeding niet vanzelfsprekend.

Het grote nadeel van keurmerken is dat iedereen ze in feite mag uitgeven. Er zijn wel centrale instellingen die dit coördineren (CI’s), maar een merk kan het in principe ook zelf doen. Daarom is het een goed idee om die keurmerken kritisch te bekijken en even wat huiswerk te doen. Daar helpen we je mee.

©Jane Kelly

Sommige keurmerken krijgen kritiek Sommige keurmerken lagen of liggen onder vuur. Soms is dat terecht, maar niet altijd. Zo kreeg het ‘Beter Leven’ keurmerk van de Dierenbescherming kritiek. Dit is bedoeld als keurmerk voor vlees afkomstig van dieren die onder betere omstandigheden worden gehouden. Er waren leveranciers met het keurmerk die daar niet onder hadden moeten vallen. Dit keurmerk is overigens niet voor koffie, maar het leert ons wel dat we ook kritisch moeten blijven bij keurmerken. Ook het Fairtrade-keurmerk kreeg kritiek. Dit keurmerk kom je op koffie wel tegen, maar de tak waar de klappen vielen was die van de chocolade. Het keurmerk garandeert een minimumprijs voor cacaoproducenten, vooral fijn wanneer de prijs wereldwijd inzakt. De kritiek was dat de verdere productie van chocolade echter op andere plaatsen in de wereld plaatsvindt en het land van herkomst dus minimaal verdient aan de chocolade. Daarmee draagt het keurmerk niet genoeg bij aan de ontwikkeling, volgens die critici.

Keurmerken en certificeringen streven meestal naar betere omstandigheden op één deel van de keten. Hiermee kunnen ze niet alle problemen en onrecht wegnemen, maar het is wel een stap naar verbetering. Mits het een echt keurmerk is, natuurlijk. Kijk dus goed of het bedrijf zélf gekeurd is voor het keurmerk. Ook goed om te weten: keurmerken kunnen per land verschillen. Ook zijn er keurmerken die door de Europese Unie en zelfs wereldwijd worden uitgegeven.

Keurmerken voor duurzame koffie

Duurzame koffie is koffie die op een 'vriendelijk voor de aarde' en 'eerlijk voor boeren' manier wordt gemaakt. Soms één van de twee, soms beide. Dit zijn een aantal veel voorkomende keurmerken.

🌍 Internationale keurmerken

Rainforest alliance (gefuseerd met UTZ)

Het Rainforest Alliance keurmerk staat voor duurzaamheid in de koffieproductie. Dit betekent dat de koffie op een manier wordt verbouwd die goed is voor de natuur en de mensen die erbij betrokken zijn. Boerderijen die dit keurmerk dragen moeten bepaalde regels volgen. Sinds 2005 mogen ze geen waardevolle natuurgebieden vernietigen voor koffieteelt en moeten ze wilde dieren en planten beschermen. Hiermee kwamen de belangen van Rainforest alliance en UTZ samen, dus de fusie was logisch. Overigens kun je het UTZ-kenmerk ook nog apart tegenkomen.

De boeren die dit keurmerk willen behouden, moeten een systeem gebruiken om verantwoord met water, afval en chemische stoffen om te gaan. Ze moeten ook zorgen voor goede arbeidsomstandigheden voor de werknemers.

Forest Stewardship Council (FSC)

Producten met het FSC-label ondersteunen verantwoord bosbeheer en dragen bij aan het behoud van bossen en de biodiversiteit. Het FSC-keurmerk is 100 procent tegen ontbossing en is voor eerlijke arbeidsomstandigheden, bescherming van plant- en diersoorten, rechten van de lokale bevolking en een verantwoorde omgang met hulpbronnen. Het label komt in verschillende varianten, zoals FSC 100% (voor producten die volledig uit FSC-gecertificeerde bossen afkomstig zijn), FSC Gerecycled (voor producten gemaakt van gerecyclede materialen), en FSC Mix voor producten met een mix van FSC-gecertificeerde, gerecyclede en gecontroleerde houtmaterialen.

4C Association

4C Association, oftewel de Common Code for the Coffee Community, waarborgt dat koffieproductie niet bijdraagt aan ontbossing of verlies van biodiversiteit. Het legt nadruk op goede landbouwpraktijken en de bescherming van grond, water en lucht. Daarnaast worden de rechten van arbeiders en boeren gerespecteerd. Ook zet dit keurmerk in op training van de boeren, om de productiviteit en winstgevendheid te vergroten.

Het 4C-label wordt uitgegeven door onafhankelijke certificeringsinstanties. Producten moeten minstens 30 procent 4C-gecertificeerde koffie bevatten om het label te dragen, met een overgangsperiode van drie jaar om dit tot 90 procent te verhogen.

Café Femenino

Deze non-profitorganisatie is net even anders, want ze richt zich op vrouwen. Ze verstrekt subsidies voor specifieke projecten die aangevraagd zijn door vrouwelijke koffieboeren, om het leven van hun families en gemeenschappen te verbeteren. Café Femenino richt zich op de emancipatie van vrouwelijke koffieboeren, in gebieden waar dat nog in de kinderschoenen staat. Dit is voor deze organisatie vooral Midden- en Zuid-Amerika.

©id512

🌷 Nederlandse keurmerken

Fairtrade (voorheen Max Havelaar)

Fairtrade, voorheen Max Havelaar, staat voor eerlijke handel. De organisatie zet zich in om de levens van boeren en werknemers wereldwijd te verbeteren door betere handelsvoorwaarden te creëren. De missie richt zich op mensenrechten, leefbare lonen, het beschermen van het milieu en het bestrijden van kinderarbeid. In Nederland keurt Fairtrade producten met zijn herkenbare logo, wat garandeert dat de leverancier aan de vastgestelde normen voldoet. Denk aan het betalen van eerlijke minimumprijzen en premies aan boerencoöperaties. Dit draagt bij aan de ontwikkeling van boeren en hun gemeenschappen.

Keurmerk ‘biologisch’

Het Europees biologisch keurmerk staat op producten die voldoen aan de EU-regels voor biologische productie. Dit keurmerk geeft aan dat een product voor minimaal 95 procent uit biologische ingrediënten bestaat en vrij is van chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Ook kijkt het, bij de productie van dierlijke producten, naar dierenwelzijn. Het Europees biologisch keurmerk kijkt dus naar het milieu, dier én de mens en bevordert duurzame landbouwpraktijken. Het wordt gebruikt op alle biologische producten die in de EU zijn geproduceerd en kan ook toegepast worden op geïmporteerde producten die aan deze regels voldoen.

Andere keurmerken

Er zijn nog andere keurmerken die je op koffie tegen kunt komen. In feite kunnen fabrikanten ze ook nog eens zelf verzinnen. Dit zijn overige keurmerken die je ook vaak tegenkomt:

Fair for Life (koffie, thee en chocolade)

Gaat over milieu en mensen.

Climate Neutral Certified (koffie, thee en chocolade)

Milieu- en klimaatneutrale koffieproductie.

Fairglobe

Fairtradeproducten speciaal voor Lidl supermarkten.

EKO (koffie, thee en chocolade)

De basis hiervoor is het EU biologisch keurmerk.

Demeter (Koffie, Thee, Chocolade)

Ook gebaseerd op EU biologisch.


Ben je op zoek naar een koffiemachine? Vraag dan de (gratis!) Kieskeurig.nl Koffiewijzer 2023 aan: 16 koffiemachines, uitgebreid getest door consumenten. Van gebruiksgemak tot onderhoud, van koffievariëteiten tot smaak: lees de onafhankelijke en eerlijke reviews van meer dan 100 testers.

De Kieskeurig.nl Koffiewijzer

16 koffiemachines getest door consumenten
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.