ID.nl logo
Zelf een buitenkeuken maken: zo doe je dat
© Serge Touch - stock.adobe.com
Huis

Zelf een buitenkeuken maken: zo doe je dat

Een van de grootste voordelen van een buitenkeuken is misschien wel het feit dat je alles kunt bereiden wat je bedenkt, ongeacht de geur, het geklieder of het argument dat je lang in de keuken staat. Geen geurtjes waar je je druk om hoeft te maken, je werkt in een omgeving waar alles tegen een stootje kan en het beste van alles: je bent al lekker buiten. Je vergroot bovendien je woonruimte en grote kans dat je vrienden en familie voortaan sneller uitnodigt.

**In dit artikel gaan we uitleggen hoe je een buitenkeuken bouwt. Daarbij komt onder meer aan bod: **

  • Een checklist van de benodigde materialen en gereedschappen

  • Stap-voor-stap bouwinstructies

  • Water- en elektriciteitsvoorziening voor de buitenkeuken

  • Verlichting en sfeer: ideeën voor het creëren van een gezellige sfeer.

  • Ook lezen: Een pergola in de tuin? Die bouw je gewoon zelf!

Checklist materialen en gereedschappen

Welke materialen en gereedschappen heb je nodig voor je buitenkeuken? 

Benodigdheden
- Houten planken en balken- Schuurpapier
- Schroeven- Grondverf of beits
- Houtlijm- Potlood
- Houtboortje van 3 mm- Rolmaat
- Inboorscharnieren- (Schroef)boormachine

Werkwijze

Om zelf een buitenkeuken te maken, kun je met hout een stevig frame bouwen. Hout is de populairste keuze voor dit doel, omdat het materiaal eenvoudig te bewerken is, maar het je keuken ook een mooie natuurlijke uitstraling geeft. Er zijn drie typen hout die het meest geschikt zijn voor deze klus: 

Vurenhout
Vurenhout is een relatief goedkope houtsoort, het is licht van gewicht en je kunt het makkelijk bewerken. Het is alleen niet de meest duurzame houtsoort, omdat het gemiddeld 5 tot 10 jaar meegaat. Tenzij je het netjes impregneert en beitst met speciale beits voor geïmpregneerd hout: dan kan het zomaar 25 jaar meegaan. Het FSC-certificaat garandeert dat het hout duurzaam is geteeld.  

Steigerhout
Hiermee kies je voor een houtsoort die wat meer doorleefd en stevig oogt. Het is populair omdat je hiermee meteen een stylish en trendy uitstraling voor je buitenkeuken neerzet. Het is net als vurenhout ook geen heel duurzame houtsoort en gaat eveneens ongeveer 5 tot 10 jaar mee. Ook steigerhout kun je niet onbehandeld laten, omdat het veel vocht opneemt. 

Douglashout
Douglas is de meest duurzame soort om te gebruiken en kan tien tot vijftien jaar mee. Maar met de juiste behandeling en onderhoud kan het nog veel langer mee. Douglashout is sterk, heeft een warme kleur en geeft je buitenkeuken meteen een heel luxe uitstraling. Door het te onderhouden met speciale olie voor Douglashout behoudt het zijn prachtige, originele kleur. Je kunt Douglas kennen van veel houten tuinmeubelen, zoals je ze in allerlei tuincentra ziet staan. Het is daarmee de meest gebruikte houtsoort voor buitenmeubelen.

©tallantimages.eu - stock.adobe.com

Douglashout is te herkennen aan de mooie oranje gloed.

Planning en ontwerp van je buitenkeuken

Bepaal eerst waar jouw buitenkeuken aan moet voldoen. Wil je vooral werkruimte hebben, of moet er bijvoorbeeld ook stromend water beschikbaar zijn? Wil je er een gasfles voor de gasbarbecue in hebben, of moet er ruimte zijn voor een Big Green Egg of kookplaat? Als het gaat om opbergruimte voor pannen, potten en kookgerei, houdt dan rekening met kastjes die dicht kunnen. Wil je meer je mooie buitenservies ‘on display’ hebben, samen met wat mooie potten met ingrediënten? Dan is een vakkenkast voldoende. Je kunt je buitenkeuken zo compleet maken als je zelf wilt. Liever een strakke, maar toch quick ‘n dirty-benadering? Een high-end of budgetversie? Jij bepaalt! 

Overweeg bij het ontwerpen de volgende punten: 

  • Waar komt de buitenkeuken te staan? Overdekt of in de volle zon? Dat laatste is misschien op hete zomerdagen niet ideaal, dus denk ook om de plaatsing van je buitenkeuken. Een overkapping is – ook voor het behoud van je buitenkeuken – een goede afweging. 

  • Plaats de keuken niet te ver van je gasten en dus de zithoek of eettafel. Zo ben je lekker in de keuken bezig, maar ben je nog steeds in de buurt van je gezelschap. 

  • Voor de aansluiting van water is het handig als je de buitenkeuken vlak bij een waterpunt plaatst. 

  • Als je kleine kinderen hebt, denk er dan aan dat zij door je tuin rennen en het kookgebied misschien niet meteen herkennen. Zorg er vooral voor dat ze bij een ingebouwde barbecue niet dicht bij het warmteoppervlak kunnen komen. Plaats de barbecue daarom liever iets naar achteren, waar ze niet makkelijk bij kunnen. 

  • Zorg voor een stabiele ondergrond zonder ongelijke vloerdelen of te licht materiaal. Werk met stevige balken en zorg dat de vloer tegen een stootje kan. Het werken met open vuur of andere verwarmde bereidingswijzen, vragen van tevoren de nodige veiligheidsafwegingen

©magdal3na - stock.adobe.com

Werkhoogte bepalen Mocht je trouwens wat langer zijn dan gemiddeld, dan is het voordat je aan het zagen en timmeren slaat wellicht verstandig om eerst jouw ideale werkhoogte te bepalen. Een prettige en goede werkhoogte van een keuken is 10 cm onder je elleboog. De vroegere standaardhoogte van 90 cm gaat daarom niet altijd meer op. Houd hier rekening mee bij het uittekenen van je ontwerp.

Bouw van je eigen buitenkeuken

Stap 1: Je ontwerp op papier zetten  
Zorg dat een ontwerp voor je bouwkeuken op papier staat! Begin met het maken van een bouwtekening, inclusief alle maten en wensen. Houd rekening met de werkhoogte, opbergruimten, uitsparingen en eventueel kastdeuren. Meet de maten goed op en vermeld bij elk onderdeel duidelijk de afmetingen (of nummer de onderdelen). 

Stap 2: Maak alle onderdelen op maat
Afhankelijk van je ontwerp kun je alle grote planken al bij de bouwmarkt op maat laten zagen. Dat scheelt alvast. Als je zelf een cirkelzaag hebt, hoeft dat uiteraard niet. De balken kun je beter wel pas op je werkplek op maat zagen.

Zorg dat je met potlood en rolmaat alle maten goed aftekent op het hout. Schrijf eventueel de nummers van het onderdeel erop, zodat je weet welk deel voor welke plek bestemd is. Tip: door de beschreven kanten als onzichtbaar deel tegen een staander te schroeven, zie je er straks niets meer van. 

Stap 3: Bouw nu het frame van de buitenkeuken
Als je alle balken op maat hebt gezaagd, kun je met het frame beginnen. Gebruik hiervoor zes staanders: dat wordt de basis van het frame waar je straks alles aan vastmaakt. Je verbindt aan deze zes staanders de zijkanten (stap 4) en de dwarsbalken voor de zijkanten (stap 5), de bodemplaat (stap 6), de middenplank (stap 7) en het keukenblad (stap 8).

Stap 4: Begin aan de zijkanten van de buitenkeuken
De planken die je voor de zijkanten van de buitenkeuken hebt gezaagd, kun je nu tegen de staanders bevestigen. Boor met je houtboor de gaten voor en schroef de planken vast op de staanders. Deze vormen nu de steunen waar de bodemplaat en middenplank op steunen. 

Stap 5: Breng dwarsbalken aan op de zijkanten
Om de middenplank extra stevigheid te bieden, plaats je dwarsbalken aan de zijkant van de buitenkeuken. Hiervoor lijm je eerst de balken voor de zijkant met houtlijm vast op hun plek. Plaats lijmklemmen om de boel goed te laten hechten en schroef vervolgens – na het drogen – de steunen met schroeven vast.

Stap 6: Maak de bodemplaat voor de keuken
De bodemplaat vormt, zoals de naam al zegt, de onderkant van je keuken. Ook hier zorg je voor een steviging, door vier balken vast te maken aan de onderkant. Deze bevestig je aan de onderste steunen van de zijkant van de buitenkeuken. 

Vervolgens bevestig je daar je de onderste plank aan vast.

Stap 7: Bevestig de dwarsbalken voor je middenplank.  
Indien er nog een wasbak inclusief afvoer, barbecue of andere uitsparing nodig is, zorg dan dat je hier ruimte voor incalculeert. Het doel is om de middenplank voldoende ondersteuning te geven, zodat die niet gaat doorhangen wanneer er bijvoorbeeld een stapel borden op staat.

Stap 8: Bevestig de dwarsbalken voor het keukenblad.
Je bent er bijna! Je gaat nu de dwarsbalken bevestigen waar je keukenblad op komt te rusten. Zorg dat je deze balken vastschroeft aan de staanders en de steunen van de zijkanten van je buitenkeuken. Let ook hierbij op dat je rekening houdt met de mogelijke wasbak en barbecue die je in de buitenkeuken kwijt wilt. De dwarsbalken moeten met name de plekken van je keukenblad ondersteunen waar het gewicht op komt te rusten.

Stap 9: Open vakken of kastdeuren?
Had je van tevoren een open keuken bedacht, dan ben je bijna klaar. Had je deuren in je ontwerp opgenomen? Check in dat geval goed de afstanden en teken eventueel de boorgaten af. Schroef vervolgens het ene deel van de scharnieren aan de achterkant van een deur vast en daarna het andere deel van scharnieren aan de binnenkant van de zijkanten. Heb je nog bedrading of een afvoer die je moet inbouwen? Zorg dan dat je nu de uitsparing op de daartoe bestemde plekken uitzaagt.

Mocht je een inkeping voor een barbecue of wasbak nodig hebben, dan ziet de buitenkeuken er zo uit.

Stap 10: Werk de keuken af en behandel het hout
Je keuken is nu af! Je kunt hem nu opschuren en het oppervlak behandelen met grondverf of een speciale beits of olie voor het type hout van jouw keuze. Kies je voor een grondverf, schuur de laag hierna dan nog tussentijds op voordat je de lak aanbrengt. 

Stap 11: Bevestig je keukenblad
Tijd voor de finishing touch. Je buitenkeuken staat en je kunt nu het ​​​​​​​keukenblad bevestigen. Indien je voor een houten werkblad hebt gekozen: zorg dan ook hier voor de juiste behandeling van het hout. 

Stap 12: Afwerking van je buitenkeuken
Eventueel kun je nog rails of haken aan de zijkanten bevestigen waar je keuken- en barbecuetools, handdoeken en handschoenen aan kunt ophangen.

©Fantastic - stock.adobe.com

Voor welk werkblad kies je?

Kies voor een werkblad waar je hygiënisch op kunt werken. Wat dat betreft kun je bijvoorbeeld beter niet voor onbehandeld hout met diepe houtnerven kiezen. Dat is minder goed schoon te houden, waardoor bacteriën zich in het werkblad kunnen nestelen. 

Typen werkbladen die wel prima geschikt zijn, zijn die van graniet, terrazzo en composiet. Werkbladen van deze materialen kunnen wel iets kostbaarder uitvallen dan hout. Esthetisch winnen graniet en terazzo het van composiet. Daarnaast zijn deze materialen hygiënisch, kunnen ze behoorlijk wat verdragen (zoals bijvoorbeeld zuur) en kunnen ze tegen een stootje. Granieten werkbladen hebben wel meer onderhoud nodig. Zo is het verstandig graniet te impregneren om het te beschermen tegen vlekken. Een composieten werkblad heeft daar minder last van. Een ander voordeel van composiet is dat het in allerlei verschillende soorten verkrijgbaar is. 

Als je naast de esthetiek van een keukenblad ook duurzaamheid belangrijk vindt, let dan ook op criteria als: 

  • Is het materiaal drukvast: kun je er gewicht op uitoefenen?

  • Is het stootvast: krast het oppervlak snel of kan het tegen een stootje?

  • Is het slijtvast: ontstaan er makkelijk uitgesleten delen op het werkblad?

  • Is het UV-beschermd: verkleurt het oppervlak niet tijdens het buiten staan?

  • Is het bestendig tegen vorst en dooi in de winter?

Water- en elektriciteit voor je buitenkeuken

Wil je jouw buitenkeuken voorzien van alle gemakken die de binnenkeuken ook bevat? Leg dan water- en stroom aan. Zo heb je de mogelijkheid om volledig operationeel aan de slag te gaan! Ruimte voor een koelkast? En toch de frituurpan buiten aanzetten? Denk er dan aan dat je stoppenkast dat ook aan moet kunnen.

Voor een zwaardere belasting is het goed om te controleren of er voldoende groepen zijn aangelegd. Er mogen maximaal vier groepen achter één aardlekschakelaar hangen. Reken zeker op minimaal twee aardlekschakelaars bij een volledige uitrusting van je huishouden. Bij grote stroomverbruikers dien je hier vóór de installatie van allerlei apparaten in je buitenkeuken altijd even goed op te letten. Een inductieplaat kun je sowieso niet zomaar op een gewone groep aansluiten. Vanwege het hoge vermogen van de plaat dien je eerst een aparte kookgroep te installeren. 

Als je stromend water in je buitenkeuken wilt, heb je verschillende opties. 

  • De kostbaarste en meest gebruiksvriendelijke optie is een nieuwe waterleiding aanleggen voor warm en koud water. Weeg af of je vaak warm water nodig hebt en hoe vaak je in je buitenkeuken water zult verbruiken. De investering is flink, het gebruik mogelijk laag – goed om tegen elkaar af te wegen. 

  • Verbind je tuinslang met een snelkoppeling. Zo heb je altijd vers koud water. Koppel de tuinslang aan zodra je de buitenkeuken wilt gebruiken. Deze oplossing is praktisch en snel te installeren. Het is ook de meest voordelige oplossing, want je hebt alleen een snelkoppeling nodig, en eventueel een stukje extra tuinslang.

  • Je kunt ook een watertank plaatsen waar je elke keer schoon water in laat lopen, met daaraan een aftapkraantje of een dompelpomp. Dat is redelijk hygiënisch zolang je de tank maar goed schoon houdt, net als de dompelpomp. Het is letterlijk plug and play wat betreft ingebruikname, maar je moet wel elke keer de tank vullen.

©This image is the sole copyright of Sophie McAulay.

Verlichting en sfeer

Nu kun je nog een decoratieve achterwand voor je buitenkeuken plaatsen. Denk aan rabatdelen (planken zoals vaak voor een schutting gebruikt). Hiervoor gebruik je aan de achterkant langere staanders, zodat je hier tot op de gewenste hoogte de rabatdelen tegenaan kunt schroeven. Voor een mooi effect schroef je de planken aan de achterzijde in, zodat je de schroeven aan de voorzijde niet ziet. Schilder de achterwand nog in de gewenste kleur of werk hem af met een beits of olie. 

Als je nog wat extra ruimte hebt om kruiden of potten uit te stallen, kun je er ook aan denken om nog een extra plank tegen de wand aan de voorzijde te bevestigen. Hierop plaats je dan je olijfolie, kruidenpotjes of weckpotten met ingrediënten voor een decoratieve look. 

©This image is the sole copyright of Sophie McAulay.

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos