ID.nl logo
Review Dyson 360 Vis Nav – Duurzame robotstofzuiger moet z’n draai vinden
© Wesley Akkerman
Huis

Review Dyson 360 Vis Nav – Duurzame robotstofzuiger moet z’n draai vinden

De Dyson 360 Vis Nav-robotstofzuiger heeft een aantal interessante eigenschappen die je heel graag zou willen zien op zijn grootste concurrenten. Maar ondanks alle slimme trucs wegen de nadelen niet op tegen de voordelen. En ja, de prijs speelt daarin ook een grote rol.

Goed
Conclusie

Helaas is het zo dat een robotstofzuiger niet alleen draait om de zuigkracht. Want als dat het geval zou zijn, dan zou dit de beste stofzuigende robot van dit moment zijn. Punt. We hebben tot dusver nog geen robot met deze zuigkracht voorbij zien komen. Maar voor dit soort producten geldt ook dat ze accuraat moeten zijn en een lange accuduur nodig hebben. En hoewel de Dyson uiteindelijk wel komt waar hij zou moeten komen (met wat overgeslagen hoeken hier en daar), valt vooral de manier van navigeren en de korte accuduur tegen. Daardoor nemen de stofzuigsessies veel tijd in beslag. De 360 Vis Nav overtuigt tot slot wel met allerlei andere zaken. Zo is het fijn dat Dyson rekening houdt met je privacy, en je de robot in principe kunt bedienen zonder app. Ook de camera bovenop legt geen beelden vast (maar daardoor is-ie dus ook wat minder scherp dan andere robots). Tot slot is het tof dat je allerlei onderdelen gemakkelijk kunt losklikken en zelf kunt schoonmaken, en dat je niet vastzit aan opvangzakjes of te vervangen filters. De Dyson 360 Vis Nav is toegankelijk, duurzaam en zuigt enorm goed – maar op het gebied van navigatie heeft Dyson nog een lange weg te gaan.

Plus- en minpunten
  • Grote stofzuigerborstel
  • Zuigkracht
  • Bediening
  • Onderhoud
  • Schoonmaakmodi
  • Manier van navigeren
  • Korte accuduur
  • Schoonmaken duurt echt lang
  • Geen objectherkenning
  • Ontzettend duur

Zodra je 1.299 euro moet betalen voor een robotstofzuiger dan mogen je verwachtingen hoog zijn. De producten van Dyson zijn gemiddeld genomen hoger geprijsd dan vergelijkbare apparaten. Maar daar krijg je – in veel gevallen – ook een goed doordacht product voor terug. Dat zien we bijvoorbeeld bij de luchtreinigers van Dyson (waar de Big & Quiet het meest recente model van is) en de steelstofzuigers. Echter, met de Dyson Zone heeft het bedrijf laten zien dat het ook wel eens de plank mis kan slaan. Bovendien heeft voorganger 360 Heurist ons met gemengde gevoelens achtergelaten. Niet omdat de Dyson 360 Heurist zo’n slechte stofzuiger is, want qua zuigkracht kom je zelden beter op een robotstofzuiger. Maar als robot die stofzuigt laat het apparaat nog wat te wensen over. En diezelfde conclusie trekken we ook alvast over de Dyson 360 Vis Nav. In de basis is dit echt geen verkeerde stofzuiger: qua zuigkracht laat hij concurrerende modellen (op hetzelfde prijsniveau, en daaronder) in het stof bijten. En minder dan dat mag je ook niet verwachten, kijkende naar de prijs en de nalatenschap die Dyson als merk en stofzuigerfabrikant opgebouwd heeft.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Dyson 360 Vis Nav bevalt als stofzuiger

De Dyson 360 Vis Nav heeft in de basis een hoop aspecten waarvan je wilt dat andere fabrikanten van robotstofzuigers die direct overnemen. Zo is er een gigantische borstel voorop, die niet onderdoet voor wat Dyson aanbiedt bij zijn steelstofzuigers. De borstel maakt 110.000 rotaties per minuut en vangt door de verschillende lagen veel soorten stof en haren op. Dit is niet gewoon een simpele rubberen borstel waar haren heel strak omheen komen te zitten. Niet alleen komen haren heel gemakkelijk los, ook worden ze gewoonweg de opvangbak ingezogen. No problemo.

Daarnaast treffen we aan de zijkant een opening aan die daadwerkelijk vuil opzuigt. Rechts (wanneer je voor de stofzuiger staat) komt er dan een onderdeel gemaakt van rubber naar buiten, dat het vuil langs de muren en van de plinten wegzuigt. De meeste robotstofzuigers gebruiken hier soms één borstel (of twee borstels) voor. En hoewel dat in de meeste gevallen prima werkt, merken we ook dat de apparaten het vuil daardoor juist door het huis verspreiden. Zo’n zijborstel kan vuil een kant op duwen waar een stofzuiger al geweest is, waardoor dat dus gewoon de grond blijft liggen.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Onderhoud en schoonmaken

Verder is er een plastic opvangbak waar je geen aparte zakjes voor nodig hebt. Al het vuil gaat eerst langs het luchtfilter en de piëzosensor, die vijftienduizend keer per seconde het stof controleert. Die sensor kan op microscopisch niveau te werk gaan, waardoor de robot zijn zuigkracht ter plekke kan aanpassen indien nodig (wanneer je hem gebruikt in de automatische stand). Zowel de plastic bak als het filter kun je met de hand schoonmaken en legen wanneer dat nodig is. Je hoeft dus geen rekening te houden met losse vuilzakken of filters die je om de haverklap opnieuw moet aanschaffen.

De robotstofzuiger uit elkaar halen en na het schoonmaken assembleren is eveneens een peulenschil. Dyson heeft voor alle onderdelen die je los kunt maken een handig knopje toegevoegd. Zo kun je de opvangbak met een druk op de rode knop losmaken. En door de schuifknop in de hendel te verschuiven, komt de onderkant los en valt het vuil in de vuilnisbak. Vervolgens klap je de boel weer dicht en bevestig je de bak in de stofzuiger. Het filter en de borstel klik je er ook zo uit en kun je onder de kraan schoonmaken. Dat maakt het systeem toegankelijk en duurzaam.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

De Dyson loslaten in huis

Een ander belangrijk aspect waarin de Dyson 360 Vis Nav excelleert, is de zuigkracht. Helaas geeft Dyson ons geen vergelijkbare zuig-eenheid waarop we hem kunnen vergelijken met bijvoorbeeld de favoriet van recensent dezes. Maar dat neemt niet weg dat we in de praktijk zien dat de robot beter stofzuigt dan welk model dan ook. We hebben nog geen andere robotstofzuiger gezien die zo veel vuil van de grond opzuigt als de 360 Vis Nav. Er ligt bijna niets meer op de vloer. En als het apparaat een tapijt of vloerkleed tegenkomt, dan kan het de zuigkracht daarop aanpassen – voor eveneens een schoon resultaat.

Maar dan komen we aan bij de problemen die we met dit apparaat ervaren hebben. Want de Dyson 360 Vis Nav is niet heel erg slim als het om navigeren gaat. Op de robot zit een camera met een fisheye, die om privacyredenen geen beelden maakt van je huis. Dat is dan weer positief, maar daar staat tegenover dat het apparaat zich wat willekeurig door het huis beweegt. Op de een of andere manier komt het wel overal waar het moet zijn (al worden hoeken nog wel eens overgeslagen), maar dat is niet het punt. Want deze manier van navigeren heeft een duidelijk nadeel.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Vaste punten in huis aanmaken

In plaats van het vastleggen van de werkelijkheid, legt de Dyson 360 Vis Nav slechts ‘vaste punten’ in huis vast. Dat betekent dat meubels digitale punten vormen voor de robot en die zijn minder accuraat dan je zou willen. Dat houdt in dat de robotstofzuiger tegen het ene meubelstuk aanbotst, en het andere al centimeters van tevoren uit de weg gaat. Soms kan hij zichzelf niet bij zijn oplaadstation parkeren. Ook kan het zijn dat de robot over dingen op de grond heenrijdt. Dat is handig voor drempels, maar minder handig voor speelgoed en draden. De Vis Nav heeft geen herkenningssoftware aan boord om dingen te ontwijken. Zoals gezegd is het fijn voor de privacy dat de camera geen beelden van je huis vastlegt. Maar voor het dagelijkse gebruik, zonder back-up in de vorm van een LiDAR-scanner bijvoorbeeld, is het minder handig.

Wat is en doet LiDAR? Een LiDAR-scanner is een technologie die robotstofzuigers gebruiken om hun omgeving in kaart te brengen. LiDAR staat voor Light Detection and Ranging. Deze techniek maakt gebruik van laserlicht om de afstand tot objecten in de kamer te meten. Door een laserstraal rond te sturen en de tijd te meten die het licht nodig heeft om terug te kaatsen, kan de scanner een nauwkeurige 3D-kaart van de ruimte maken. Hierdoor kan de robotstofzuiger effectief door de kamer navigeren, obstakels vermijden en een optimale schoonmaakroute plannen. Met LiDAR weet de robot precies weet waar hij al geweest is en welke gebieden nog schoongemaakt moeten worden.

Accu en opladen

Daar komt bovenop dat de accu niet lang mee gaat en dat het gemakkelijk zo’n twee uur kan duren voordat het toestel een huis van pakweg 57 vierkante meter gestofzuigd heeft. Tijdens die periode moet de robot soms een keer herladen (en als je pech hebt zelfs twee keer), wat best wat tijd in beslag neemt. Het gros van de stofzuigtijd gaat in feite op aan het opladen. Het stofzuigen zelf duurt daarnaast langer als er meer stof ligt.

Eerst hadden we nog het idee dat de Dyson 360 Vis Nav het huis moest leren kennen om er effectiever in te kunnen schoonmaken. Maar nadat we het schrijven van de recensie met enkele weken uitgesteld hadden om die hypothese aan een test te onderwerpen, komen we uit op dezelfde conclusie als voorheen. De robot heeft gewoonweg moeite met navigeren. Het kan moeilijk dingen ontwijken, staat soms stil om z’n draai terug te vinden, doet er lang over om overal schoon te maken en vergt derhalve veel schoonmaaktijd. Dat is alles behalve ideaal, zeker voor 1.300 euro.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Met of zonder app te gebruiken

De app verandert weinig aan de gemengde ervaring die we hebben met de Dyson 360 Vis Nav. Je kunt de robot activeren en de stand bepalen. Je hebt de keuze uit vier modi: Auto, Snel, Stil en Boost. Elke stand heeft overigens zo zijn eigen beperkingen met de accuduur. Boost verbruikt de meeste energie, maar heeft ook de hoogste zuigstand. Maar dan gaat het apparaat zo’n twintig tot dertig minuten mee op een volle accu. Verder kun je een plattegrond aanmaken en per locatie bekijken waar er veel stof lag. Daaruit kun je dan opmaken waarom het schoonmaken zo lang duurt.

Via die plattegrond kun je tevens wat beperkingen instellen. Zo kun je instellen dat een bepaald gebied niet gestofzuigd hoeft te worden, omdat daar bijvoorbeeld veel kabels liggen. Ook kun je de borstel uitschakelen of aangeven dat er ergens een helling is. Dat zijn in principe genoeg aanpassingsmogelijkheden waarmee je de robot rekening laat houden met de persoonlijke situatie in huis. Maar het zal de problemen die we hebben ervaren niet voor je oplossen. De robot blijft langzaam (in vergelijking met andere topmodellen) en zal zich erg geregeld blijven opladen.

Dyson 360 Vis Nav kopen?

Helaas is het zo dat een robotstofzuiger niet alleen draait om de zuigkracht. Want als dat het geval zou zijn, dan zou dit de beste stofzuigende robot van dit moment zijn. Punt. We hebben tot dusver nog geen robot met deze zuigkracht voorbij zien komen. Maar voor dit soort producten geldt ook dat ze accuraat moeten zijn en een lange accuduur nodig hebben. En hoewel de Dyson uiteindelijk wel komt waar hij zou moeten komen (met wat overgeslagen hoeken hier en daar), valt vooral de manier van navigeren en de korte accuduur tegen. Daardoor nemen de stofzuigsessies veel tijd in beslag.

De 360 Vis Nav overtuigt tot slot wel met allerlei andere zaken. Zo is het fijn dat Dyson rekening houdt met je privacy, en je de robot in principe kunt bedienen zonder app. Ook de camera bovenop legt geen beelden vast (maar daardoor is-ie dus ook wat minder scherp dan andere robots). Tot slot is het tof dat je allerlei onderdelen gemakkelijk kunt losklikken en zelf kunt schoonmaken, en dat je niet vastzit aan opvangzakjes of te vervangen filters. De Dyson 360 Vis Nav is toegankelijk, duurzaam en zuigt enorm goed – maar op het gebied van navigatie heeft Dyson nog een lange weg te gaan.

▼ Volgende artikel
Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard
© Wildlight Entertainment
Huis

Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard

Er vallen ontslagen bij Wildlight Entertainment, dat eind januari nog hun multiplayergame Highguard uitbracht.

Wildlight bevestigde eerdere geruchten over een ontslagronde op social media. "Vandaag hebben we de moeilijke beslissing gemaakt om afscheid te nemen van een aantal teamleden, terwijl we een kerngroep van ontwikkelaars aanhouden om de game te blijven ondersteunen en innoveren."

Het bericht vervolgt: "We zijn trots op het team, talent en het product dat we samen hebben gecreëerd. We zijn ook enorm dankbaar voor de spelers die een poging waagden om de game te spelen, en allen die onderdeel van onze gemeenschap blijven."

View post on X

Grootschalige ontslagronde

Hoewel Wildlight niet praat over de precieze hoeveelheid ontslagen, lijkt de vermelding van een "kernteam" dat overblijft te suggereren dat het om een aanzienlijke hoeveelheid mensen gaat.

Dat komt overeen met een LinkedIn-bericht van Alex Graner, een ontwikkelaar van die game die eerder ook aan Battlefield 6 werkte. Hij laat weten dat "het grootste gedeelte van het team" ontslagen is, waaronder hij zelf.

Over Highguard

Highguard is de debuutgame van Wildlight Entertainment. De game viel op voorhand vooral op omdat er een trailer van werd getoond aan het einde van The Game Awards eind vorig jaar. Die positie is meestal gereserveerd voor grote aankondigingen en aankomende games, en sommige kijkers vonden Highguard daar niet onder behoren.

Sinds eind vorige maand is Highguard speelbaar via Steam. De game ontving veel negatieve gebruikersrecensies, al heeft dat Wildlight niet tegengehouden om updates uit te blijven brengen. Rond release bereikte het spel een indrukwekkende gelijktijdige spelerspiek van bijna 100.000 mensen op Steam, maar inmiddels hangen de gelijktijdige spelersaantallen onder de 10.000. Het is dan ook aannemelijk dat dit deels de keuze om een grootschalige ontslagronde door te voeren heeft beïnvloed.

Lees hier meer informatie over Highguard.

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.