ID.nl logo
Op kamers? Deze spullen moet je als student echt hebben!∗
© Prostock-studio - stock.adobe.com
Huis

Op kamers? Deze spullen moet je als student echt hebben!∗

Als je gaat studeren, verandert er een hoop in je leven. Nieuwe stad, nieuwe vrienden en heel veel vrijheid. Maar ook geen hotel-mama-en-papa meer … Wil je je studentenkamer (in ieder geval een beetje) leefbaar houden, dan heb je wel een paar huishoudelijke apparaten nodig. Welke, dat lees je in dit artikel. Of laat het aan je ouders lezen 😉

Voor dit artikel gaan we ervan uit dat je in een studentenhuis komt te wonen waar je de keuken en wasmachine deelt. We geven je dus geen tips voor koelkasten, vriezers en wasmachines, maar echt voor apparaten die je makkelijk kwijt kunt in je eigen kamer. We kijken naar apparaten die echt essentieel zijn (must-haves) en naar apparaten die niet per se essentieel zijn, maar wel heel handig (nice-to-haves). Je leest waarom je deze apparaten nodig hebt en waar je ze het beste kwijt kunt in de beperkte ruimte die je hebt. Ook hebben we een aantal kooptips voor je verzameld. We hebben hierbij geselecteerd op prijs (natuurlijk ~ zo’n beurs is geen vetpot) én op het cijfer dat deze producten van andere gebruikers hebben gekregen. Want goedkoop hoeft echt niet te betekenen dat een apparaat niet goed is!

Must-haves in je studentenkamer

Waterkoker

Een handzame waterkoker van rond de 1 liter is ruim voldoende om water voor thee en koffie te koken. Kies een model met een vermogen van 2200 Watt, dan kookt het water lekker snel. Een waterkoker met automatische uitschakeling is veiliger en voorkomt energieverspilling. Ga voor een simpel model zonder tierelantijntjes voor de beste prijs-kwaliteit verhouding.

🎓 Opbergen: een waterkoker kun je prima kwijt in de vensterbank

Magnetron

Natuurlijk, je kunt naar de gemeenschappelijke keuken lopen om snel een maaltijd op te warmen. Maar in je kamer is toch een stuk makkelijker. Een magnetron dus (ook handig als je in je pyjama een spannende film zit te kijken en trek hebt in popcorn trouwens!) Met een inhoud van 20 liter heb je als solo student voldoende capaciteit. Let op het vermogen, minimaal 700 maar liever 800 Watt voor vlot opwarmen. Handige extra's zijn automatische programma's en een ontdooistand. En zorg dat de bedieningsknoppen simpel en intuïtief werken.

🎓 Opbergen: een kleine magnetron kun je in een kast of misschien zelfs onder je bed kwijt

Kruimeldief

Voor het snel opzuigen van kruimels en stof van bureau of vloerbekleding is een handige kruimeldief onmisbaar. Kies een compact en licht model van maximaal 1,5 kg, dan kun je hem gemakkelijk overal mee naartoe nemen. Een accu-uitvoering werkt een stuk prettiger dan een model met snoer. Kies een exemplaar met minstens 15 minuten accuduur zodat je tenminste één kamer kunt schoonzuigen. Met een HEPA-filter zorg je voor schone lucht zonder stofdeeltjes.

🎓 Opbergen: heb je loze ruimte achter de deur? Als daar in de buurt een stopcontact zit, is zo'n verloren hoekje een prima plek om je kruimeldief + lader op te hangen!

Nice-to-haves in je studentenkamer

Espressomachine

Voor lekkere koffie hoeft een echte espressomachine geen vermogen te kosten.Belangrijk is wel een temperatuur van rond de 90°C en een pompdruk van minimaal 15 bar. Met een melkopschuimer maak je eenvoudig cappuccino's en latte macchiato's.

🎓 Opbergen: gezellig naast de waterkoker in de vensterbank

Steelstofzuiger

Heb je een wat grotere kamer, dan kom je er niet met een kruimeldief alleen. Sterker nog: laat die kruimeldief dan maar zitten en ga meteen voor een steelstofzuiger. Kies wel voor een compact en lichtgewicht model met een handige steel en neem bij voorkeur een model dat op een accu werkt, zodat je niet met lastige snoeren hoeft te hannesen.

🎓 Opbergen: net als zijn kleine broertje de kruimeldief: in een verloren hoekje

Mini-koelkast

Voor het koelen van je drankjes en snacks is een compacte mini-koelkast onmisbaar. Met een inhoud van 45-80 liter heb je voldoende ruimte voor je favoriete versnaperingen. Let op een laag geluidsniveau, zodat je koelkast niet te veel herrie maakt. En kies een model met vriesvakje voor het invriezen van ijsblokjes of een pizza. Handige extra's zijn temperatuurregeling en een automatische ontdooifunctie.

🎓 Opbergen: misschien past de mini-koelkast onder je bureau. Niet? Kijk dan of je hem naast je bed kwijt kunt. Je hebt dan geen apart nachtkastje meer nodig!

Bonustip: schoonmaakroutine voor studenten

Ja natuurlijk, schoonmaken is wel het laatste wat je als student aan je hoofd hebt. Maar als je elke dag een beetje doet, wordt je kamer geen zwijnenstal. Fijn als ineens je ouders op de stoep staan... Met onderstaande tips ben je elke week in 30 minuten klaar!

👖 Maak op zondagochtend 5 minuten tijd om je kamer op te ruimen. Berg kleding op, gooi troep weg en zet spullen op hun plek. Dat geeft al een opgeruimde indruk.
🧹 Neem op woensdagavond 10 minuten om met een handstofzuiger kruimels en stof weg te zuigen. Concentreer je op de vloer bij het bureau, langs je bed en onder je bank.
🧽 Gebruik op vrijdagmiddag 5 minuten voor een snelle ronde met wat schoonmaakdoekjes. Veeg je bureau, nachtkastje en vensterbank schoon.
🍺 Maak op zaterdagochtend 5 minuten tijd om je afwas te doen en je minikoelkast schoon te maken. Gooi oud eten weg en maak de binnenkant schoon met wat soda.
🧽 Besteed op zondagavond 5 minuutjes aan het reinigen van je bureau en oppervlakken met een vochtig microvezeldoekje.

∗ P.S. Het spijt ons

We weten dat je hier misschien andere dingen had verwacht. De ideale studentenlaptop bijvoorbeeld. Of uitmuntende koptelefoons. Of eengrootverpakking paracetamol voor na het stappen. Sorry ...

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.