ID.nl logo
Ontwerp je eigen documenten, boeken en tijdschriften: vormgeven in Word
© C.Castilla - stock.adobe.com
Huis

Ontwerp je eigen documenten, boeken en tijdschriften: vormgeven in Word

In Word een documentje maken met een paar afbeeldingen erin is niet zo moeilijk. Maar een fraaie brochure of clubblad maken? Goed nieuws: dat lijkt misschien ingewikkeld, maar niet als je dit stappenplan van ID.nl volgt!

Wat gaan we doen?

In dit artikel laten we je kennismaken met diverse functies en trucs voor in Word zodat je ook met je vertrouwde tekstverwerker professioneel ogende dtp-publicaties kunt maken. We behandelen onder andere de volgende punten:

Stap 1: Beperkingen 

Laten we beginnen met wat Word op het vlak van desktoppublishing helaas niet in huis heeft. Immers, Word is in de eerste plaats een tekstverwerker en geen dtp-programma zoals Publisher, het gratis Scribus en professionele toepassingen als Adobe InDesign of QuarkXPress. 

De grootste beperkingen zul je ondervinden wanneer je met het eindresultaat naar een professionele drukkerij gaat. Zo’n drukkerij werkt namelijk op basis van CMYK-kleuren, terwijl Word alleen RGB-kleuren ondersteunt. Dit verhoogt het risico dat de afgedrukte kleuren er wellicht anders zullen uitzien dan op een scherm. 

Word mist ook een functie voor een zogenoemde ‘master page’ (een pagina met objecten die je op meerdere pagina’s op een consistente manier wilt zien terugkeren), maar er zijn gelukkig functies waarmee Word hieraan deels tegemoet komt (zie Stap 4). 

Standaard beperkt Word de uitvoerresolutie ook tot 220 dpi, wat voor professionele drukkerijen (te) weinig is. Vind je grafische kwaliteit belangrijk, open dan Bestand in Word en kies Opties / Geavanceerd. Scrol tot bij Grootte en kwaliteit vanafbeelding. Plaats een vinkje bij Afbeeldingen in het bestand niet comprimeren en stel de optie Standaardresolutie in op 330 dpi of zelfs Hoge beeldkwaliteit

Word mag dan geen volbloed dtp-programma zijn, laat dit je niet ontmoedigen. De applicatie bevat heel wat functies die dtp prima mogelijk maken. 

Hetzelfde beeld links in RGB (schermbeeld), midden in CMYK (afgedrukt), rechts (rode kleur geeft de RGB-kleuren aan die CMYK niet exact kon weergeven). 

Stap 02: Papierformaat 

Voor gewone documenten werk je ongetwijfeld het meest met een A4-formaat, maar voor brochures, magazines, clubbladen enzovoort kan dat gerust ook een ander (kleiner) formaat zijn. In dit geval doe je er goed aan eerst de paginagrootte op de beoogde afmetingen af te stemmen. Open hiervoor het tabblad Indeling en kies Formaat in de rubriek Pagina-instelling. Onderin het uitklapmenu klik je op Meer papierformaten en vul je op het tabblad Papier de velden Breedte en Hoogte in. 

Bij veel professionele publicaties worden afbeeldingen vaak tot tegen de papierrand uitgelijnd, zodat je geen witruimte meer hebt tussen de rand van de afbeelding en van het papier. Wil je zo’n effect ook in jouw publicatie, dan stel je het papierformaat het best circa 6 mm ruimer in, zowel in de breedte als in de hoogte. Stel, je beoogt een papierformaat van 18 cm op 13 cm, dan stel je een formaat in van 18,6 cm op 13,6 cm. 

Je stelt het papierformaat zowel horizontaal als verticaal het best zo’n 6 mm groter in. 

Stap 03: Marges 

In ons voorbeeld is het dus de bedoeling dat rondom rond het papier 6 mm wordt bijgeknipt. Voor afbeeldingen die je tot tegen de (afgesneden) papierrand wilt laten komen, stel je je dan aan elke zijde een marge van circa 3 mm in. Objecten die je tot tegen deze marge laat komen zullen dan uiteindelijk zo’n 3 mm worden afgeknipt (6 mm - 3 mm = 3 mm). Deze marges worden ook wel snijmarges, afloop of in het Engels ‘bleed’ genoemd. 

Je configureert dit als volgt in Word. Ga naar Indeling en selecteer Marges /Aangepaste marges. Bij zowel Boven, Onder, Links als Rechts vul je telkens 0,3 cm in. Bevestig met OK

Natuurlijk wil je tekst of afbeeldingen zoals logo’s niet afknippen! Let er dus dat je een veiligheidsmarge van circa 5 mm aanhoudt tussen deze elementen en de snijmarge. Eén manier is om hiervoor tabstops in te stellen. Open het tabblad Start en klik op het pijlknopje rechts onder bij Alinea. Op het tabblad Inspringingenen afstand klik je op Tabs en tik je 0,5 cm in bij Tabpositie. Bevestig met Instellen en met OK. Bij het begin van een regel druk je dan één keer op de Tab-toets zodat je 5 mm (voorbij de snijmarge) inspringt voor je tekst. 

Het nadeel van een tabstop is dat-ie alleen werkt op die ene plek waar je hem hebt ingesteld (op één regel). Prima voor een kop, maar niet handig voor een langere tekst. Dan kun je beter de functie Inspringen gebruiken. Ga wederom naar het tabblad Inspringingenen afstand en stel die veiligheidsmarge van 0,5 cm in achter de opties Links en (eventueel) Rechts onder Inspringen

Je werkt het best met snijmarges en je voorziet ook een ‘veiligheidsmarge’ (via tabs of inspringen). 

Stap 04: Thema’s en stijlen 

Van een clubblad wil je natuurlijk meerdere edities publiceren en sommige onderdelen, zoals een logo of de opbouw van de cover wil je zo consistent mogelijk houden. De beste garantie voor een consistente huisstijl en design bereik je in Word met thema’s, stijlen en sjablonen. Beginnen we met thema’s en stijlen. 

Open het tabblad Ontwerpen en klik links op Thema’s. Hier kun je een thema selecteren dat goed aansluit bij het beoogde ontwerp. Ga naar het tabblad Start en klik op het pijlknopje rechts onder bij de rubriek Stijlen (of druk op Ctrl+Alt+Shift+S) om de stijlen in het deelvenster Stijlen te zien die bij dit thema horen. Vervolgens selecteer je een stuk tekst en kies je een passende stijl. 

Uiteraard kun je een stijl ook zelf aanpassen. Klik met rechts op een stijl in het deelvenster Stijlen en kies Wijzigen. Voer alle gewenste aanpassingen door en bevestig met OK. Houd er rekening mee dat alle tekstfragmenten waarop je eerder in dit document al deze stijl had toegepast nu automatisch worden aangepast. Een eigen stijl maken kan ook. Klik onderaan het deelvenster Stijlen op de knop Nieuwe stijl en laat je creativiteit de vrije loop. Zie in dit dialoogvenster de knop Opmaak niet over het hoofd, want ook hiermee kun je allerlei fraaie effecten instellen. Geef je stijl een naam en bevestig met OK

Thema’s en stijlen maken het makkelijker een consistente (huis)stijl aan te houden. 

Stap 05: Sjablonen 

Mede op basis van een thema en stijlen kun je ook een pagina samenstellen waarin je bijvoorbeeld al een (rubriek)titel, enkele tekstvakken (zie stappen 6 tot 9) en andere onderdelen toevoegt die je ook voor volgende edities kunt gebruiken. Je kunt zo’n pagina dan als een sjabloon bewaren en dat oproepen wanneer je het nodig hebt. 

Je bewaart zo’n sjabloondocument als volgt: kies Bestand / Opslaanals en in het uitklapmenu bij Opslaan als selecteer je Word-sjabloon (*.dotx). Voor je sjablonen laat je bij voorkeur de voorgestelde opslaglocatie staan (standaard C:\Users\<accountnaam>\Documents\Aangepaste Office-sjablonen). 

Om het sjabloon op te roepen, ga je naar Bestand / Nieuw, open je hier de rubriek Privé en selecteer je het gewenste exemplaar. 

Maak een leeg basisontwerp voor je publicatie en bewaar die als sjabloon. 

Stap 06: Tekstvakken 

Tekstvakken zijn een van de handigste functies bij het vormgeven in Word. Laat de naam je trouwens niet van de wijs brengen: in zo’n tekstvak kun je bijvoorbeeld ook afbeeldingen en andere objecten kwijt. 

Je maakt zo’n tekstvak als volgt: open het tabblad Invoegen en klik in de rubriek Tekst op Tekstvak. Er zijn tientallen ontwerpen beschikbaar, maar via Tekstvak maken kun je ook je eigen tekstvak in je document tekenen. Om het tekstvak optimaal te positioneren, schakel je op het tabblad Beeld (tijdelijk) de opties Linialen en Rasterlijnen in. 

Wanneer je een tekstvak selecteert en het tabblad Vormindeling opent of op het tekstvak dubbelklikt, kun je rechtsboven de afmetingen aflezen en hier meteen ook aanpassen. Experimenteer op dit tabblad zeker ook met opties als Vormopvulling, Vormcontour, Vormeffecten en Tekstrichting. Met deze laatste kun je tekst bijvoorbeeld makkelijk roteren. 

Tekst invoeren kan simpelweg door in het tekstvak te dubbelklikken. Om een en ander te testen, kun je tijdelijk ook met neptekst werken. Tik bijvoorbeeld maar eens =rand(3,5) in zo’n tekstvak: je zal zien dat het tekstvak nu wordt opgevuld met (promotionele) tekst in 3 alinea’s van elk 5 tekstregels. 

Tekstvakken zijn uitermate handig bij het vormgeven van een (creatieve) publicatie. 

Stap 07: Koppeling 

Je hebt vast al gemerkt dat bij veel publicaties een tekst begint in het ene kader en dan mooi overloopt naar een ander kader. Je kunt zoiets handmatig bepalen, maar zodra je de tekst wat aanpast of een andere lettergrootte instelt, raakt die tekstdoorloop verminkt. 

Om dit te vermijden, zorg je voor een automatische (overloop)koppeling tussen je tekstvakken. We gaan ervan uit dat je de nodige tekstvakken al hebt geplaatst. Vul nu het eerste tekstkader met alle tekst. Selecteer dit tekstkader, ga naar Vormgeving en klik in de rubriek Tekst op Koppelen. Je tekstcursor wordt nu een icoon met een maatbeker. Klik hiermee in het volgende tekstvak om de overtollige tekst automatisch naar dit tweede tekstvak te laten doorlopen. Als het nodig is, kun je dit herhalen voor een derde, vierde tekstvak enzovoort. Word zorgt er nu voor dat de doorloop intact blijft, ook wanneer je de tekst of het lettertype aanpast. Via de optie Koppeling verbreken kun je de automatische doorloop trouwens altijd weer stopzetten. 

Koppel je tekstkaders om de tekst automatisch te laten doorlopen. 

Stap 08: Positionering 

Zodra je een tekstvak selecteert, verschijnen de nodige handgrepen waarmee je het vak kunt verplaatsen, schalen en zelfs roteren. De inhoud past zich automatisch aan. Wil je een speciaal effect, dan kun je tekstvakken bijvoorbeeld ook deels laten overlappen. Klik een tekstvak met de rechtermuisknop aan, klik op het pijltje bij Naar voorgrond of Naarachtergrond en vervolgens (bijvoorbeeld) Naar voren of Naar achteren

Om ervoor te zorgen dat tekstvakken onderling mooi worden uitgelijnd, selecteer je de betreffende tekstvakken (met ingedrukte Ctrl-toets) en kies je bij Vormindeling de optie Uitlijnen in de rubriek Rangschikken. Plaats bij voorkeur een vinkje bij Hulplijnen vooruitlijning gebruiken of bij Rasterlijnen weergeven (via # Rasterinstellingen bepaal je zelf de rastergrootte) en selecteer een van de beschikbare uitlijningsopties, zoals Uitlijnen op marge / Boven uitlijnen

Heb je meerdere tekstvakken onderling perfect uitgelijnd, dan kun je die ook als een onverbrekelijk geheel laten beschouwen. Selecteer dan deze tekstvakken en kies bij Vormindeling de optie Groeperen / Groeperen. Nu komt automatisch ook de optie Groeperen opheffen beschikbaar. 

Je kunt ook de onderlinge positie van je tekstvakken nauwkeurig bepalen. 

Stap 09: Verankering 

Je hebt inmiddels gemerkt dat er een anker-icoon verschijnt wanneer je een tekstvak selecteert. Dit betekent dat het om een zwevend object gaat dat zich als het ware boven de normale tekstlaag bevindt: kijk maar wat er gebeurt wanneer je zo’n tekstvak over je reguliere tekst verplaatst. 

Is het anker-icoon niet zichtbaar, open dan Bestand / Opties /Weergave en zet een vinkje bij Objectankers. Je zult ook merken wanneer je bijvoorbeeld extra tekst invoegt na dit ankerpunt, dan zal de positie van het betreffende tekstvak ongewijzigd blijven. Voeg je tekst voor dit ankerpunt toe, dan zal het tekstvak doorgaans wel mee verschuiven. Je kunt zo’n ankerpunt ook zelf verplaatsen met de muis. 

Om ervoor te zorgen dat een tekstvak onwrikbaar op dezelfde plaats in je document blijft, klik je met rechts op het geselecteerde tekstvak, selecteer je Meer indelingsopties en haal je op het tabblad Positie het vinkje weg bij Object met tekstverplaatsen. Of je kiest Anker vergrendelen als je wilt dat het tekstvak zich altijd op dezelfde pagina bevindt als het bijbehorende objectanker. Merk op dat je hier ook de exacte locatie van het tekstvak kunt ingeven. 

Ook de positie van het tekstvak tegenover je documenttekst is instelbaar. 

Stap 10: Secties 

Je merkt dus dat er heel wat creatieve mogelijkheden zijn met tekstvakken, maar je kunt hiermee wellicht niet de volledige lay-out van je publicatie optimaal regelen. Stel, je wilt regelnummers bij slechts een deel van de pagina of je wilt dit een andere afdrukstand geven. In dit geval werk je beter met secties. 

Positioneer je tekstcursor tot net voor het tekstfragment. Ga naar het tabblad Indeling en kies Eindemarkeringen / Doorlopend. Herhaal dit net na het einde van je tekstfragment. Klik ergens in het fragment, open opnieuw Indeling en kies Regelnummers / Doorlopend. Met Regelnummeropties kun je de regelnummering verder optimaliseren. Om dit fragment (weliswaar op een afzonderlijke pagina) in een liggende stand te plaatsen, kies je Indeling / Afdrukstand / Liggend

De achterliggende sectiecodes kun je altijd bekijken via het tabblad Start waar je in de rubriek Alinea op het knopje Alles weergeven drukt. 

Met secties kun je een fragment makkelijker een afwijkende lay-out geven. 

Stap 11: Grafische extra’s 

Word heeft als tekstverwerker best veel grafische functies aan boord. We vermelden hier enkele leuke opties, zoals de mogelijkheid om tekst op een bepaalde manier rond een object, bijvoorbeeld een tekstvak of een afbeelding, te laten lopen. Selecteer hiervoor het object, ga naar Vormindeling of Afbeeldingsindeling, kies Tekstterugloop en kies een van de talrijke terugloopmogelijkheden, zoals Achter tekst, Vierkant of Teruglooppuntenbewerken. Bij deze laatste kun je zelf punten maken en verplaatsen langs je objecten, waarna de tekst netjes langs deze punten zal lopen. Dit heeft eigenlijk alleen maar zin bij afbeeldingen met een onregelmatige vorm. Gaat het om een rechthoekige afbeelding, dan kun je vanuit Word eventueel wel eerst de achtergrond van het plaatje verwijderen: kies Afbeeldingsindeling / Achtergrond verwijderen

Er zijn nog enkele leuke grafische blikvangers. Wat dacht je bijvoorbeeld van een decoratieve initiaal? Selecteer een alinea, ga naar Invoegen en selecteer in de rubriek Tekst de optie Decoratieve Initiaal. Vervolgens selecteer je In tekst of In marge en optimaliseer je het effect met Opties voor decoratieve initialen

Laat je gerust ook inspireren door enkele mogelijkheden op het tabblad Invoegen, zoals Vormen, 3D-modellen en (vooral ook) SmartArt. Je clubblad of brochure zal er in elk geval niet saai uitzien! 

Achtergrond verwijderen en teruglooppunten bewerken. 

Stap 12: Pdf 

Druk je je ontwerp op een eigen printer af, dan kun je dit rechtstreeks doen vanaf je docx-document. Is het de bedoeling het resultaat aan een professionele drukker te bezorgen, dan bewaar je dit beter als pdf-document. Dit kun je in principe vanuit Word doen, via Bestand / Exporteren / PDF of XPS maken. Laat zeker de optie Standaard(online publiceren en afdrukken) geselecteerd. Klik ook even op Opties en plaats een vinkje bij Optimaliseren voor afbeelding kwaliteit. Eventueel zet je ook een vinkje bij Bitmaptekst, als lettertypen niet mogen worden ingesloten. Dit zorgt ervoor dat Word geen (lelijke) vervangfonts gaat gebruiken voor fonts die niet op het doelapparaat beschikbaar zijn, maar bitmapfiguren van die letters maakt. Besef wel dat deze zich minder mooi laten schalen. 

Zelfs met alle opties optimaal ingesteld (zie ook stap 1), ondervonden we dat de pdf-conversie vanuit Word wat betreft de grafische kwaliteit vaak niet optimaal verloopt. Je krijgt wellicht betere resultaten met een externe pdf-conversietool, van docx naar pdf in dit geval. Wij behaalden doorgaans iets betere resultaten met bijvoorbeeld de gratis online converter van Adobe Acrobat. Experimenteer gerust zelf ook met andere tools, zoom goed op het eindresultaat in en vergelijk de resultaten. 

De ene pdf-converter kan grafisch net iets beter zijn dan de andere. 

Om Word te kunnen gebruiken heb je een licentie voor Microsoft Office nodig. Dit komt met een bijbehorend abonnement, waarbij ook andere programma's als Excel, PowerPoint, OneNote en Outlook gekoppeld zitten. Wil je liever niet vastzitten aan maandelijkse kosten of gekoppelde apps op je pc, dan kun je ook kiezen voor alternatieven als Google Drive of LibreOffice.

▼ Volgende artikel
 Microsoft Foto’s: veel meer dan een fotoviewer
© ID.nl
Huis

Microsoft Foto’s: veel meer dan een fotoviewer

Wie denkt dat de Foto’s-app in Windows 11 niet meer is dan een basisviewer, vergist zich. Het programma combineert overzichtelijke organisatie, handige bewerkingstools en slimme koppelingen met andere Microsoft-diensten tot een verrassend veelzijdige tool.

De meeste gebruikers openen Foto’s om simpelweg een jpg- of png-bestand te bekijken. Toch is de app ontworpen als tool om niet alleen foto’s, maar ook video’s te beheren en te bewerken. Bovendien is de AI waarmee Windows 11 uitpakt, ook in deze app geïntegreerd. We bekijken enkele geavanceerde functies. 

Elementen verwijderen

Vaak merk je pas achteraf dat er iets storends op een foto staat: denk aan elektriciteitsdraden, rondslingerende rommel of een ex die je nooit meer wilt zien. In zulke gevallen biedt Foto’s een handige AI-functie: Genererend wissen. In tegenstelling tot het klassieke gummetje dat enkel overschildert, verwijdert deze tool het ongewenste object echt. De achtergrond wordt hierbij automatisch aangevuld alsof het element er nooit is geweest.

Zo werkt het: open de foto en klik op Bewerken. Bovenaan verschijnt de knop met het label AI. Selecteer Genererend wissen. Gebruik de kwast om over het object te gaan dat je wilt verwijderen. Met de schuifregelaar Kwastgrootte bepaal je de dikte van de kwast. Het geselecteerde object krijgt kort een gearceerde overlay en verdwijnt vervolgens netjes uit beeld.

Twee seconden later is de fietser uit beeld verdwenen.

Op twee manieren wissen

Wanneer je een groot object wilt verwijderen, kan het zijn dat je Genererend wissen meerdere keren moet toepassen. Soms blijven er namelijk restanten zichtbaar, maar meestal is dat na een tweede poging verholpen.

Standaard staat de verdwijnkwast op Automatisch toepassen. Schakel je dit uit, dan krijg je twee extra mogelijkheden: Masker toevoegen en Masker verwijderen. Met een masker bedoelt Microsoft de overlay waarmee je aanduidt wat moet verdwijnen. Op die manier kun je nauwkeuriger werken: stukjes overlay toevoegen waar nodig, of juist weghalen als je te veel hebt geselecteerd. Ben je niet tevreden met het resultaat, dan kun je altijd terug via de knop Opnieuw instellen.

We gebruiken de tool Genererend wissen tot we als resultaat een eenzame fietser hebben.

Tekst uit foto’s halen

De nieuwe Foto’s-app beschikt over een ingebouwde tekstherkenningsfunctie. Met behulp van Optical Character Recognition (OCR) haalt de app tekst uit afbeeldingen, zodat je die kunt kopiëren, plakken en bewerken. Handig bij screenshots, maar ook bij handgeschreven notities die netjes genoeg zijn om door de OCR te worden herkend.

Open een afbeelding met tekst in Foto’s. Klik onderaan op Tekst scannen. De app markeert automatisch de tekstgebieden. Klik met de rechtermuisknop op de gevonden tekst en kies Alle tekst selecteren. Er verschijnt een lichtrode overlay over de geselecteerde tekst. Klik opnieuw met de rechtermuisknop en kies Tekst kopiëren. De tekst staat nu op het klembord en kun je in elke toepassing plakken.

Wanneer de tekst is gekopieerd, kun je deze in elke toepassing plakken.

Achtergrond verwijderen

Een nieuwe AI-tool in Foto’s maakt het mogelijk om de achtergrond van een foto transparant te maken. Open de foto en klik op Bewerken. Kies bovenaan de knop Achtergrond. De AI herkent automatisch de voorgrond en achtergrond. De achtergrond wordt vervangen door een schaakbordpatroon, wat aangeeft dat dit gebied transparant is.

Als de automatische selectie te veel of te weinig heeft verwijderd, kun je dit aanpassen met het Hulpmiddel voor achtergrondkwast. Hiermee krijg je een kwast waarmee je maskers kunt toevoegen of verwijderen. Je kunt zowel de grootte als de zachtheid van de kwast instellen. Hoe zachter de kwast, hoe zachter de overgang tussen zichtbaar en transparant wordt.

Om de transparante achtergrond te behouden, moet je de afbeelding opslaan in een indeling die transparantie ondersteunt. Bij Opties voor opslaan kun je bijvoorbeeld kiezen voor png, aangezien de veelgebruikte jpg-indeling geen transparantie ondersteunt.

Zelfs een complexe achtergrond vormt geen probleem.

Vervagen of vervangen

Met dezelfde AI-tool kun je niet alleen de achtergrond transparant maken, maar ook vervagen of vervangen. Wanneer je Achtergrond AI selecteert, markeert Foto’s automatisch het voorgrondobject. In dit voorbeeld kiest de app correct de vrouw als voorgrond. Wil je dat ook het betonnen trapje waarop ze zit deel uitmaakt van de voorgrond? Selecteer dan Hulpmiddel voor achtergrondkwast om het trapje aan de selectie toe te voegen. Vervolgens kun je de optie Onscherp gebruiken. Met de schuifregelaar bepaal je de mate van onscherpte, waardoor een scherptediepte-effect ontstaat.

Er is ook een optie Vervangen. Het resultaat hiervan is beperkt: omdat Foto’s geen lagen ondersteunt zoals Microsoft Paint, kun je geen fotografische achtergrond toevoegen. De optie Vervangen laat je alleen de achtergrond vervangen door een effen kleur.

De dame en het trapje blijven scherp, de achtergrond vervaagt

Vergroten en verkleinen

Vaak wil je de grootte van een afbeelding aanpassen. Foto’s beschikt over een ingebouwde, aanpasbare resizer. Let op: wil je meerdere afbeeldingen tegelijk aanpassen, dan kan dat niet. Batchverwerking wordt niet ondersteund. Bij een geopende afbeelding klik je niet op Bewerken, maar op de drie puntjes bovenaan. In het menu kies je vervolgens Formaat van afbeelding wijzigen.

Je kunt het formaat instellen in pixelwaarden of in percentage. Tegelijk is het mogelijk om de afbeelding naar een andere indeling te converteren, bijvoorbeeld naar jpg of png. Met een schuifregelaar bepaal je de kwaliteit, wat de mate van compressie regelt. Hoe meer compressie, hoe kleiner het bestand, maar ook hoe groter het risico op kleine verstoringen (zogenaamde artefacten).

Onderaan zie je telkens het verschil tussen het huidige en het nieuwe bestand. Deze tool kun je niet alleen gebruiken om afbeeldingen te verkleinen; je kunt ze ook vergroten. Het verhogen van de resolutie heet upscaling of opschalen. Bij zowel upscalen als downscalen wordt automatisch de hoogte-breedteverhouding behouden, zodat de afbeelding niet wordt vervormd.

Door de resolutie en de compressie aan te passen, wordt het afbeeldingsbestand twintig keer kleiner.
Super Resolution

Op sommige computers verschijnt in deze app een knop Super Resolution. Dit is een AI-functie die foto’s automatisch scherper en gedetailleerder maakt. Zo kan een afbeelding van 800 × 600 worden opgeschaald naar 1600 × 1200 of zelfs hoger, terwijl de details grotendeels behouden blijven.

Bovendien corrigeert Super Resolution ook compressie-artefacten.De functie is alleen beschikbaar op pc’s met Copilot en een Neural Processing Unit (npu). Eind vorig jaar verscheen de knop per vergissing ook op apparaten die dit niet ondersteunden. Dat is inmiddels rechtgezet, zodat Super Resolution nu enkel zichtbaar is op geschikte toestellen.

Met Super Resolution helpt AI om je de afbeelding drastisch te upscalen.

Video’s bewerken

Met Microsoft Foto’s kun je ook eenvoudig video’s trimmen. Open de video in de app en die start meteen met afspelen. Linksboven verschijnt een rode knop Knippen. In het venster dat opent, gebruik je onderaan de tijdlijn de verticale indicator om het beginpunt van de video te bepalen. Daarna versleep je de achterste hendel om het eindpunt vast te leggen. Ben je tevreden met de selectie, dan kies je voor Opslaan als kopie (de originele video blijft behouden) of voor Opslaan (de oorspronkelijke video wordt overschreven).

Op de tijdlijn bepaal je eenvoudig het begin- en eindpunt van de video.

Filters en effecten

Zodra je op Bewerken hebt geklikt, kun je de afbeelding verfijnen met de knoppen Aanpassing (het pictogram van de zwart-witte bol) en Filteren (het pictogram van de kwast). Met Aanpassing pas je via schuifregelaars de belichting, kleur en scherpte aan. Zo maak je de kleuren warmer, verhoog je het contrast of voeg je extra helderheid toe. Onder Filteren vind je de functie Automatisch verbeteren en een reeks filters waarmee je de uitstraling van je foto in één klik verandert. Denk aan creatieve zwart-witfilters of effecten die je foto een vintage look geven. Pas je een filter toe, dan kun je de intensiteit traploos aanpassen.

Van elke filter kun je de intensiteit aanpassen.

Diashow

Je kunt in Foto’s heel snel een diashow starten. Selecteer in de galerij de gewenste afbeeldingen, klik er met de rechtermuisknop op en kies Diashow starten. De voorstelling begint onmiddellijk. Beweeg de muis naar boven, dan verschijnt een klein bedieningsvenster waarmee je de diashow kunt pauzeren of hervatten.

Via het muzieknootpictogram krijg je extra instellingen. Je kunt animaties of overgangen inschakelen, de voorstelling in een lus laten afspelen en een achtergrondmuziekje kiezen, bijvoorbeeld: Relaxed, Sentimenteel of Beats. Een belangrijke beperking: de diashow is slechts een tijdelijke weergave op het scherm. Je kunt hem dus niet rechtstreeks als videobestand opslaan. Wil je de slideshow later opnieuw bekijken, dan moet je de stappen opnieuw uitvoeren.

Met een klein regelvenster kun je de eigenschappen van de diashow regelen.

Horizonlijn corrigeren

Het komt vaak voor dat je snel een foto maakt en je focust op de persoon op de voorgrond, zonder te merken dat de horizon scheef staat. Dat kun je eenvoudig corrigeren in Foto’s tijdens de nabewerking. Klik op Bewerken en kies daarna Bijsnijden. Onderaan verschijnt een regelaar waarmee je de foto naar links of rechts kunt draaien. Terwijl je dit doet, verschijnt er een raster met hulplijnen, zodat je de achtergrond precies horizontaal kunt uitlijnen.

Door te roteren en rekening te houden met de hulplijnen, plaats je de horizonlijn perfect vlak.

Gelijkenissen zoeken

Wanneer je een afbeelding opent in Foto’s, zie je onderaan naast de knop Tekst scannen ook de optie Visueel zoeken met Bing. Met één muisklik opent Bing zijn afbeeldingzoeker in de browser en krijg je direct vergelijkbare afbeeldingen te zien. Dit is handig om objecten op basis van een foto te identificeren of om webpagina’s te vinden die exact dezelfde foto gebruiken. Je kunt deze zoekopdracht bovendien aanvullen met zoektermen.

Vanuit Foto’s laat je Bing zoeken naar gelijksoortige afbeeldingen op het web
Weergave 1:1 of 100%

Bovenaan zie je een klein knopje dat mogelijk vragen oproept: Werkelijke grootte, herkenbaar aan het pictogram 1:1. Een afbeelding bestaat uit beeldpuntjes, oftewel pixels, net zoals een computerscherm. Wanneer je de afbeelding via deze knop zodanig vergroot dat ieder beeldpuntje van de afbeelding exact overeenkomt met één pixel op het scherm, spreken we van een 1:1- of een 100%-weergave. Deze weergave is belangrijk om de scherpte van de afbeelding goed te kunnen beoordelen. Op het scherm wordt een foto vaak verkleind weergegeven, waardoor je niet kunt voorspellen of hij bij afdruk scherp zal zijn. Als de foto in Werkelijke grootte scherp oogt, kun je ervan uitgaan dat de kwaliteit in orde is.

Nu wordt de afbeelding op 37% getoond, met de knop 1:1 zien we hem op 100%

Info vragen aan Copilot

In de app vind je rechtsboven ook een knop naar Copilot. Daarmee kun je de AI raadplegen om vragen te stellen over de geselecteerde afbeelding. Open een foto, klik op de Copilot-knop en stel bijvoorbeeld de vraag: “Waar is deze opname gemaakt?” Met wat geluk herkent Copilot de omgeving en geeft hij meteen een verklaring waarom hij denkt dat de foto daar genomen is. Interessant is dat Copilot ook nagaat of je de vraag uit pure nieuwsgierigheid stelt of omdat je van plan bent de plek daadwerkelijk te bezoeken. In dat laatste geval helpt de assistent je verder met de voorbereiding van de reis.

Copilot geeft uitvoerig toelichting bij deze foto.

Exporteren naar Clipchamp

Selecteer in de Foto’s-galerij de afbeeldingen en video’s die je wilt combineren tot één filmmontage. Klik vervolgens met de rechtermuisknop op de selectie en kies de opdracht Een video maken in Microsoft Clipchamp. Daarmee open je Clipchamp, de gratis video-editor die sinds 2021 eigendom is van Microsoft en standaard wordt meegeleverd met Windows 11. Het programma is de opvolger van de oude Video Editor in Foto’s.

Clipchamp is laagdrempelig in gebruik, maar tegelijk krachtig genoeg om snel aantrekkelijke video’s te maken zonder dat je een professioneel pakket zoals Adobe Premiere nodig hebt. De geselecteerde media worden automatisch toegevoegd aan de map Jouw media in Clipchamp. Het enige wat je nog hoeft te doen, is de clips naar de tijdlijn te slepen, de duur van elke clip in te stellen en eventueel overgangen of effecten toe te voegen.

▼ Volgende artikel
Hoeveel internetsnelheid heb je écht nodig voor jouw huishouden?
© Golib Tolibov
Huis

Hoeveel internetsnelheid heb je écht nodig voor jouw huishouden?

Providers verleiden je graag met pakketten van 1 Gbit/s of meer, maar de meeste huishoudens benutten die bandbreedte zelden volledig. Of je nu streamt in 4K, fanatiek gamet of veel thuiswerkt, de juiste snelheid kiezen kan je flink wat geld besparen. We leggen uit hoeveel Mbit/s daadwerkelijk vereist is voor een stabiele verbinding zonder onnodige kosten.

Om te bepalen wat je nodig hebt, moet je eerst weten wat je verbruikt. Internetsnelheid wordt uitgedrukt in megabit per seconde, oftewel Mbit/s. Voor simpel surfgedrag, zoals het lezen van nieuwswebsites of het versturen van e-mails, heb je nauwelijks bandbreedte nodig. Vaak is 10 tot 20 Mbit/s in combinatie met een fatsoenlijke router al ruim voldoende. De echte belasting ontstaat pas bij het streamen van video. Diensten als Netflix of Disney+ geven duidelijke richtlijnen: voor een film in Full HD heb je ongeveer 5 Mbit/s nodig, maar wil je in de hoogste 4K-kwaliteit kijken, dan loopt dat al snel op naar 25 Mbit/s per stream. Als je in je eentje woont en vooral streamt, is een instapabonnement van 50 tot 100 Mbit/s dus vaak al meer dan genoeg.

De impact van meerdere gebruikers

De rekensom verandert zodra er meerdere mensen tegelijkertijd van het netwerk gebruikmaken. Je moet de internetverbinding zien als een digitale waterleiding: als iedereen tegelijk de kraan openzet, neemt de druk af. In een gezinssituatie waar de één een film in 4K kijkt, de ander een groot spelbestand downloadt en een derde persoon aan het videobellen is, telt het verbruik al snel op. Voor een gemiddeld gezin van vier personen wordt een snelheid tussen de 100 en 200 Mbit/s aangeraden. Hiermee voorkom je de gevreesde buffer-cirkels tijdens het filmkijken en zorg je dat downloads op de achtergrond de rest van het verkeer niet platleggen.

©Pixel-Shot

Uploadsnelheid bij thuiswerken

Veel consumenten staren zich blind op de downloadsnelheid, oftewel hoe snel je gegevens binnenhaalt. Maar sinds het massale thuiswerken is de uploadsnelheid minstens zo belangrijk geworden. Die bepaalt immers hoe snel jij gegevens naar het internet kan versturen. Tijdens een videogesprek via Teams of Zoom moet jouw beeld en geluid helder bij de collega's aankomen.

Bij traditionele kabelverbindingen is de uploadsnelheid vaak een fractie van de downloadsnelheid. Glasvezel biedt hier een groot voordeel omdat de upload- en downloadsnelheid daar meestal gelijk zijn (symmetrisch). Als je vaak grote bestanden naar de cloud stuurt of veel videobelt, is een abonnement met een hogere uploadsnelheid geen overbodige luxe.

Populaire merken voor netwerkapparatuur

Bij de zoektocht naar betere routers of mesh-systemen om je internetsnelheid optimaal te benutten, kom je al snel een aantal bekende namen tegen. TP-Link is momenteel een van de grootste spelers en biedt met de Deco-reeks toegankelijke oplossingen voor betere wifi-dekking in het hele huis. Netgear is een andere zwaargewicht die met hun Nighthawk-routers en Orbi-systemen vaak de bovenkant van de markt bedient voor veeleisende gebruikers. Voor consumenten die zweren bij stabiliteit en uitgebreide functies is het Duitse AVM, de maker van de iconische FRITZ!Box, al jaren een vaste waarde. Ook ASUS timmert hard aan de weg met krachtige routers die specifiek gericht zijn op gamers en gebruikers die maximale controle over hun netwerkinstellingen wensen.

Gigabit-internet vaak overkill

Providers adverteren steeds vaker met snelheden van 1000 Mbit/s (1 Gbit/s) of hoger. Hoewel dat indrukwekkend klinkt, is het voor de gemiddelde consument vaak overkill. Je merkt dat verschil eigenlijk alleen als je zeer regelmatig gigantische bestanden downloadt, zoals updates voor moderne games die soms wel 100 GB groot zijn. Met een gigabit-verbinding is zo'n update in enkele minuten binnen, terwijl je met een 100Mbit/s-verbinding wat langer moet wachten. Voor dagelijks gebruik, inclusief streamen en surfen, merk je in de praktijk weinig verschil tussen 200 Mbit/s en 1000 Mbit/s, omdat de servers van websites en streamingdiensten de snelheid vaak zelf beperken.

Wifi als vertragende factor

Besef tot slot dat de snelheid die je bij je provider inkoopt niet altijd de snelheid is die je op je apparaat haalt. Vaak ligt een trage verbinding niet aan het abonnement, maar aan de wifi-dekking in huis. Een duur abonnement van 1 Gbit/s lost een slecht wifi-signaal op zolder niet op. Voordat je je abonnement upgradet omdat het internet traag aanvoelt, is het verstandig om eerst te controleren of je router op een goede plek staat of dat je wellicht een mesh-netwerk nodig hebt om het signaal te verbeteren. In veel gevallen is investeren in betere wifi-apparatuur effectiever dan betalen voor een hogere snelheid die je draadloos toch niet kunt benutten.