ID.nl logo
Leren programmeren? Met deze tools is coderen geen geheimcode meer
© Chaosamran_Studio - stock.adobe.
Huis

Leren programmeren? Met deze tools is coderen geen geheimcode meer

Of je nu een eigen website of mobiele app wilt ontwikkelen, een database wilt beheren of processen wilt automatiseren, kennis van programmeren is eigenlijk onmisbaar. Wij wijzen je de weg naar de betere online leerplatformen, cursussen en andere tools die je helpen om programmeervaardigheden te ontwikkelen of te verbeteren.

In dit artikel vind je talloze tools om te leren programmeren, of om je bestaande vaardigheden op te krikken. We bespreken:

  • Low- en no-code programmeren
  • Programmeren voor kinderen en jongeren
  • Nederlandse beginnerscursussen
  • Engelse beginnerscursussen
  • Gecertificeerde leerplatformen
  • Programmeren voor gevorderden

Ook interessant: Een leven lang leren? Zo breid je je kennis uit of houd je het op peil

Voordat je diep in digitale cursussen duikt om een script- of programmeertaal te leren of je vaardigheden daarin te verbeteren, kun je eventueel ook overwegen om websites, apps en andere software te maken zónder te programmeren. Al decennialang heeft het concept van Rapid Application Development (methodisch en snel software ontwikkelen in projectvorm) geleid tot een low-code- en zelfs no-code-aanpak.

Low-code platformen zoals Mendixen OutSystems stellen gebruikers in staat om applicaties te maken vanuit toegankelijke interfaces, met eenvoudige logica en drag-and-drop functies. Je kunt indien nodig zelf code aanpassen of toevoegen.

Naast deze hybride aanpak zijn er ook heuse no-code platformen die softwareontwikkeling toegankelijk maken voor mensen zonder programmeerervaring. Hierin draait alles om een visuele interface waarin je componenten selecteert en organiseert om applicaties te bouwen.

Mendix: een low-code platform voor apps, bijvoorbeeld op basis van eigen spreadsheets en data.

Liever no?

Als je een mobiele app wilt ontwikkelen met weinig of geen programmeerkennis, zijn er verschillende opties. Glide, het opensourceproject Mit App Inventor, Thunkable, Kodular en Adalo zijn enkele platformen die je hiervoor kunt gebruiken. Voor webapplicaties zijn Wix Studio en Bubble goede keuzes, evenals de applicatie WYSIWYG Web Builder (What You See Is What You Get) van Nederlandse origine. Deze bieden sjablonen die je kunt aanpassen door elementen als tekst, menu’s, knoppen en formulieren toe te voegen of te verwijderen.

Voor een praktische introductie in no-code omgevingen zoals Glide, Adalo en Bubble, kun je onder meer terecht bij TechAcademy (39,95 euro).

Met Wix Studio kun je fraaie websites bouwen zonder je om code te bekommeren.

Wat voor wie?

In de rest van dit artikel focussen we ons wel op het verbeteren van je vaardigheden in een script- of programmeertaal. De keuze voor de meest aangewezen tool, cursus of platform hangt natuurlijk af van verschillende factoren, zoals je huidige programmeerkennis. Ben je een volslagen beginner of wil je je kennis uitbreiden? Zoek je een leermiddel voor jezelf of wil je je kinderen de beginselen van het programmeren bijbrengen? Welke script- of programmeertaal wil je vooral leren? Is Nederlands een vereiste voor de instructietaal of is Engels ook prima? Heb je een budget beschikbaar of zoek je alleen naar gratis opties? Werk je het liefst zelfstandig door een cursus heen, of verkies je een interactieve omgeving met een community om ideeën en problemen te bespreken? Hoe dan ook, in de rest van het artikel vind je vast een tool, cursus of leeromgeving die aansluit bij je behoeften.

AI-code-assistenten

Al meer dan een decennium wordt er geëxperimenteerd met AI in softwareontwikkeling. Aanvankelijk was dit beperkt tot eenvoudige taken, zoals automatische code-aanvulling en foutopsporing (debugging). De laatste maanden is er echter een versnelling opgetreden, mede dankzij de introductie van OpenAI’s Codex in 2021. Dit project is gebaseerd op het GPT-3-model en is een AI-systeem dat natuurlijke taal in code omzet.

Tegenwoordig zijn er verschillende AI-code-assistenten beschikbaar die zich integreren in populaire code-editors als Visual Studio Code. Bekende voorbeelden zijn GitHub Copilot, Tabnine en Amazon CodeWhisperer. Deze assistenten helpen niet alleen met het detecteren van gebrekkige of onveilige code en het becommentariëren van code, maar kunnen ook zelf codes genereren op basis van een eenvoudige omschrijving.

Github Copilot aan het werk in Visual Studio Code.

Generatieve AI-bots

AI-code-assistenten zijn ontworpen om te integreren in een IDE (Integrated Development Environment). Als beginner ben je mogelijk nog niet vertrouwd met zo’n omgeving, maar dat betekent niet dat je AI niet kunt gebruiken voor je codeerprojecten. AI-chatbots, zoals Bard, Copilot en ChatGPT kunnen je zeker ook ondersteunen. We nemen ChatGPT als voorbeeld.

Lees ook eens deze reeks: Programmeren in Python met ChatGPT

Na een (gratis) aanmelding kun je met de juiste prompts code laten genereren, aanvullen, aanpassen, converteren en becommentariëren. ChatGPT is bekend met meerdere script- en programmeertalen, waaronder Python, JavaScript, Java, C++, Ruby, PHP, SQL, HTML en CSS. Experimenteer gerust zelf met prompts zoals de volgende:

  • Schrijf een Python-script dat de faculteit van een getal berekent.

ChatGPT blijkt van vele (code)markten thuis.
  • Maak een VBS-script voor Word dat alle woorden vanaf 10 letters vet maakt.

  • Pas het volgende Java-programma […] aan dat een reeks getallen sorteert, zodat de min- en maxwaarden worden afgedrukt.

  • Leg uit waarom de onderstaande SQL-query code een fout veroorzaakt en corrigeer.

  • Herschrijf de onderstaande Python-code in JavaScript.

  • Leg in het Nederlands uit wat de onderstaande coderegels precies doen.

We raden je wel aan altijd grondig de gegenereerde code te controleren, aangezien deze in praktijk niet altijd feilloos werkt.

Naast ChatGPT kun je ook ZZZ Code AI gebruiken. Dit platform biedt op basis van ChatGPT modules aan voor het genereren, debuggen, herstructureren en beoordelen van code, met directe links voor talen als C, C++, C#, CSS, HTML, Java, JavaScript en Python.

ZZZ Code AI werkt op basis van ChatGPT, maar is specifiek op programmeren gericht.

Voor kinderen

Generatieve AI-chatbots kunnen nuttig zijn voor oudere kinderen, maar om kinderen een solide programmeerbasis te geven, is het beter ze eerst vertrouwd te maken met basisprincipes van algoritmiek.

Scratch, ontwikkeld door het MIT Media Lab, is een visueel programmeerplatform gericht op kinderen vanaf 8 jaar (en andere beginners). Nadat je je gratis aangemeld hebt, aanmelding start je direct in een visuele programmeeromgeving. Scratch gebruikt gekleurde blokken die verschillende programmeercommando’s vertegenwoordigen. Deze blokken kunnen gesleept, neergezet en gecombineerd worden om scripts te maken. Ook basisconcepten als lussen en variabelen zijn beschikbaar in blokvorm. Je kunt ‘sprites’ (personages), achtergronden, geluid en muziek toevoegen. Bovendien kan elke sprite zijn eigen script hebben en doordat je deze met gebeurtenissen als muisklikken en toetsaanslagen kunt laten interageren, zijn animaties en zelfs eenvoudige games mogelijk. Je projecten delen en ideeën uitwisselen is eveneens mogelijk.

Klikken, slepen en combineren voor een originele animatie.

Voor jongeren

CodeCombat is een andere omgeving die gericht is op jongeren. Hierin draait het om ‘gamificatie’. Je schrijft dan code, zoals Python of JavaScript, om uitdagingen in de game-opstellingen op te lossen. Je ziet de impact van je code in realtime op de gamewereld en leert gaandeweg geavanceerdere concepten. Er zijn hints, beloningen en punten beschikbaar. CodeCombat houdt ook netjes je voortgang bij.

Al spelend leren programmeren, en dat mag je bij CodeCombat vrij letterlijk nemen.

Code.org pakt het wat anders aan. Het is een initiatief van een Amerikaanse non-profitorganisatie die zich richt op jongeren en aansluit bij het typische informatica-curriculum van K-12-scholen (12 jaar doorlopend onderwijs vanaf de kleuterschool). De website biedt diverse cursussen rond computertechnologie aan in verschillende talen, waarvan de meerderheid Engelstalig is. De cursussen zijn ingedeeld in leeftijdscategorieën en omvatten ook visuele programmeeromgevingen zoals App Lab, Game Lab en Web Lab.

Probeer ook eens een Raspberry Pi

Een andere vorm van programmeren

Engelse beginnerscursussen

Als Scratch, CodeCombat of Code.org niet aansluiten bij je behoeften en je bent een (volwassen) beginner, zijn er zeker nog andere mogelijkheden.

Voor wie zich vooral op webontwikkeling wil richten, is W3Schools een uitstekend startpunt. Deze website biedt een groot aantal tutorials, voorbeelden en oefeningen op het gebied van webtechnologieën. Het materiaal is gestructureerd in modules voor technologieën als HTML(5), CSS, JavaScript (inclusief frameworks zoals Angular en Node.js), XML, JSON en serverside-technologieën als PHP en ASP.NET. Je kunt voorbeelden interactief uitproberen op de site. De inhoud is vrij toegankelijk en wordt regelmatig bijgewerkt. Ook kun je je eigen code en webpagina’s gratis opslaan in ‘W3Schools spaces’ en delen met anderen. Voor betaalde certificaten die je kennis aantonen, kun je ook bij W3Schools terecht.

Codecademy biedt interactieve cursussen in diverse programmeertalen, waaronder Python, JavaScript en HTML/CSS. Het Basic-plan is gratis en biedt toegang tot veel cursussen, lesmateriaal zoals cheatsheets, video’s en een actieve community. Er zijn veel cursussen beschikbaar. We telden er bijvoorbeeld meer dan 60, zowel voor Python als JavaScript, waarvan telkens een goede helft gericht is op beginners. Het Plus-abonnement geeft voor ongeveer 10 euro per maand toegang tot alle cursussen en quizzen, oefenmogelijkheden op de mobiele app, meer gepersonaliseerde trajecten en realistische projecten.

Een min of meer vergelijkbaar leerplatform is Educative, met een uitgebreid cursusaanbod op het gebied van softwareontwikkeling. De cursussen zijn tekstgebaseerd, maar bevatten tevens interactieve codevoorbeelden en oefeningen (in een code playground, zodat je geen externe ontwikkelingsomgeving nodig hebt). Grafieken houden netjes je voortgang bij. Een Standard-account kost circa 143 dollar per jaar (voor toegang tot 700 cursussen).

W3Schools heeft een uitgebreid en behoorlijk up-to-date aanbod voor allerhande webtechnologieën.

Nederlands voor beginners

W3Schools en Codecademy bieden uitstekende en gevarieerde programmeercursussen aan, maar de instructietaal en voorbeelden zijn helaas nagenoeg uitsluitend Engelstalig. Is dat voor jou een probleem, dan kun je eventueel uitwijken naar de Khan Academy, hoewel ook hier het aanbod aan Nederlandstalige cursussen beperkt is. De focus ligt vooral op wiskunde, natuurwetenschappen en economie, maar er zijn ook cursussen rond informatica en programmeren. Al het cursusmateriaal, inclusief talrijke korte en toegankelijke video’s, is geheel gratis. Een account aanmaken, stelt je in staat je voortgang bij te houden en gepersonaliseerde leeraanbevelingen in de vorm van gedetailleerde rapporten te ontvangen. Er zijn ook oefeningen en quizzen beschikbaar waarmee je de aangeleerde kennis kunt toetsen.

Ongeveer hetzelfde verhaal geldt voor Udemy. Dit is wereldwijd een van de grootste en bekendste leerportalen met enkele tienduizenden instructeurs en cursussen. Er is een breed scala op het vlak van programmeren, zowel voor beginners als voor gevorderden. Je vindt onder meer cursussen over webontwikkeling, data-analyse, machine learning enzovoort, ook in het Nederlands. Udemy hanteert een pay-per-course model, wat betekent dat je afzonderlijke cursussen kunt kopen, vaak tegen democratische prijzen – prijzen van 10 euro zijn eerder regel dan uitzondering. Het cursusaanbod is dus divers, gelukkig zijn er zoekcriteria als topic, relevantie, waardering, niveau en videolengte (hoewel de filtering ons nogal simplistisch lijkt). Weet wel dat Udemy geen traditionele academische accreditatie biedt maar vooral is gericht op zelfstudie.

Udemy: uiteenlopende cursussen aan betaalbare prijzen (ook in het Nederlands).

Gecertificeerd

We zullen ons nu wat meer op gevorderden richten met online leerplatformen die gecertificeerde cursussen aanbieden, wat belangrijk kan zijn als je een carrière in het programmeren beoogt.

Een bekend platform met geaccrediteerde certificaten is Coursera, dat samenwerkt met universiteiten en educatieve instellingen. Veel cursussen kun je gratis uitproberen, maar voor onbeperkte toegang tot de meer dan 7000 cursussen is een abonnement op Coursera Plus nodig (368 euro per jaar). Je kunt filteren op onder meer onderwerp, taal (inclusief Nederlands), niveau en duur.

Coursera heeft een uitgebreid cursusaanbod dat je met diverse criteria kunt filteren.

Edx biedt eveneens certificaten en heeft ongeveer 4000 cursussen, waaronder Python, JavaScript, C, algoritmiek en data-analysecursussen als SQL en Excel. Veel cursussen zijn ook gratis te volgen, maar dan krijg je geen certificaat, en ze zijn niet in het Nederlands.

Vermeldenswaardig zijn nog Pluralsight (ongeveer 5000 Engelstalige IT-gerelateerde cursussen vanaf 26 euro per maand) en Udacity. Deze laatste biedt gratis individuele cursussen aan, waaronder programmeercursussen, maar focust vooral op betaalde ‘nanodegree’ programma’s voor praktische vaardigheden in specifieke domeinen. Sololearn biedt eveneens gratis Engelstalige cursussen in programmeren aan. Een nog groter aanbod vind je bij FreeCodeCamp, met circa 9000 gratis Engelstalige zelfstudiecursussen, onder meer in web- en databasetechnologieën. Zowel Sololearn als FreeCodeCamp bieden certificaten aan bij het voltooien van de cursussen. Deze zijn helaas niet geaccrediteerd, maar kunnen wel waardevol zijn voor je cv of LinkedIn-profiel.

De cursussen in Sololearn zijn meestal opgedeeld in behapbare, interactieve deellessen.

Vooral voor gevorderden

We hebben al enkele online leerplatformen besproken die voor zowel beginners als gevorderden geschikt zijn. The Odin Project is gericht op meer gevorderde webdevelopers met cursussen over HTML, CSS (inclusief Flexbox) en JavaScript. TheCodePlayer biedt ook projecten aan met HTML5, CSS en JavaScript. Je krijgt toegang tot video’s en interactieve codevoorbeelden die verschillende effecten en functies implementeren, inclusief inzicht in de achterliggende code, aangevuld met stapsgewijze tutorials.

LeetCode (159 dollar per jaar) biedt een uitgebreide reeks technische en algoritmische uitdagingen en oefeningen, voornamelijk in het Engels. Deze zijn gerangschikt op moeilijkheidsgraad, en je kunt de oplossingen van anderen bekijken. LeetCode organiseert tevens programmeercompetities.

Voor meer gevorderde programmeurs kan ‘project-based learning’ een uitdagende, alternatieve aanpak zijn. Je volgt online tutorials die je stap voor stap door een groot en concreet project leiden, zoals het bouwen van je eigen tekstverwerker, neuraal netwerk of database, en veel meer. Op GitHub vind je daarvoor projectlijsten, zoals Build Your Own X en Project Based Learning. Bij deze laatste kies je een project op basis van de gewenste programmeertaal. Ook het al eerder vermelde FreeCodeCamp biedt diverse projecten aan. Je vindt hierover meer informatie op deze pagina, inclusief links naar diverse projecten in Python en JavaScript.

LeetCode schotelt je tal van uitdagingen voor (met een betaald abonnement).
Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld
Huis

Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld

Het Britse bedrijf Nothing heeft het design van de aankomende nieuwe smartphone Phone (4a) onthuld.

Dat deed het bedrijf gisteren via social media. De smartphone komt op 5 maart uit. In de tweet hieronder is het ontwerp alvast te zien, met de typische drukke achterkant die we inmiddels gewend zijn van het bedrijf.

De aankomende Phone (4a) heeft een zogeheten 'Glyph Bar'. Dit is een micro-led-paneel aan de zijkant, die mensen zelf kunnen programmeren om ze in verschillende patronen te laten knipperen. Het gaat om de vierkantjes aan de rechterzijde, naast het camera-eiland. De led-lampjes zijn volgens het bedrijf 40 procent feller dan die op de Phone (3a).

Over de precieze technologie van de Nothing Phone (4a) zijn nog geen aankondigingen gedaan, maar volgens geruchten krijgt de smartphone een Snapdragon 7s Gen 4-chip. Er zal ook een duurdere en snellere Phone (4a) Pro verschijnen, al is daar het uiterlijk nog niet van onthuld.

Officieel wordt de Phone (4a) op 5 maart onthuld.

View post on X
▼ Volgende artikel
Waarom je monitor op het moederbord aansluiten je pc vertraagt
© Provokator
Huis

Waarom je monitor op het moederbord aansluiten je pc vertraagt

Je sluit je nieuwe monitor aan, de pc start op, maar de prestaties in zware programma's en games vallen vies tegen. In dit artikel ontdek je waarom de aansluiting op je moederbord de grafische kracht van je computer negeert en hoe je dat direct oplost voor maximale rekenkracht.

Het is een klassieke fout bij het opbouwen van een werkplek: de videokabel in het eerste gat steken dat je tegenkomt aan de achterzijde van je computerkast. Vaak belandt de kabel dan in een van de poorten van het moederbord, terwijl de krachtige videokaart een verdieping lager ongebruikt blijft. Dit misverstand ontstaat omdat beide aansluitingen identiek ogen, maar de interne route die de data aflegt verschilt als dag en nacht. Daarom leggen we je uit hoe je het volledige potentieel van je hardware benut en waarom die extra investering in je grafische kaart anders weggegooid geld is.

De interne omweg via de processor

Als je de HDMI- of DisplayPort-kabel in het moederbord plugt, dwing je de computer om de geïntegreerde grafische chip van de processor te gebruiken (mits die is ingeschakeld via het BIOS). Wij hebben dat uiteraard nog even getest en merkten dat alles inderdaad veel minder soepel aanvoelt zodra de processor deze dubbelrol moet vervullen. In plaats van dat de data direct naar de gespecialiseerde kernen van de videokaart gaat, moet de processor nu zowel de algemene berekeningen als de visuele output verwerken.

Dat veroorzaakt een een hoop warmte in de behuizing en de ventilatoren van de CPU beginnen sneller te loeien om de extra last op te vangen. Het is al met al een onhandige route waarbij de dure videokaart onderin je kast simpelweg geen signaal doorgeeft aan je scherm.

©stas_malyarevsky

Hier moet je de HDMI-kabel dus níét in steken als je de beste prestaties wilt.

Aansluiting heeft wel degelijk een functie

Er zijn echter specifieke scenario's waarin deze aansluiting juist je beste vriend is, bijvoorbeeld tijdens het stellen van een diagnose als er iets opeens niet werkt. Als je pc bijvoorbeeld geen beeld geeft via de videokaart, is inpluggen op het moederbord de enige manier om te controleren of de rest van je systeem nog wel functioneert.

Ook voor een eenvoudige kantoormonitor, die alleen wordt gebruikt voor tekstverwerking en e-mail, volstaat de interne chip van de processor en is een dedicated videokaart niet eens nodig. Deze route bespaart energie en houdt de pc stiller, omdat de zware videokaart (als die er is) in een diepe slaapstand kan blijven. Voor een secundair scherm waarop je alleen statische informatie zoals een chatvenster of Spotify in beeld hebt, kan deze configuratie zelfs een slimme manier zijn om de hoofdvideokaart te ontlasten van onnodige basistaken.

Verlies grafische rekenkracht

Zodra je echter een zware taak start, zoals videobewerking of een moderne game, loopt de pc direct tegen een muur aan. De geïntegreerde graphics hebben namelijk geen eigen snel geheugen en snoepen zodoende rekenkracht van het werkgeheugen van je systeem. Je merkt dat aan haperende beelden, een lage framerate en textures die traag laden.

Zo kan het gebeuren dat een krachtige gaming-pc, die normaal gesproken honderd frames per seconde (100 fps) haalt, via de moederbordaansluiting terugvalt naar een onwerkbare diavoorstelling van minder dan 10 fps. De hardware is aanwezig, maar de snelweg naar het scherm is afgesloten, waardoor je in feite maar een fractie van de capaciteit krijgt waarvoor je hebt betaald.

Situaties waarin je deze aansluiting sowieso moet vermijden

Het aansluiten op het moederbord is een absolute dealbreaker voor iedereen die met visuele content werkt of veeleisende games speelt. Als je voor honderden euro's een videokaart hebt aangeschaft, is het een kostbare vergissing om de monitor ergens anders in te pluggen.

Ook bij het gebruik van een 4K-monitor kan de interne chip de verversingssnelheid vaak niet bijbenen, waardoor je naar een schokkerig beeld zit te kijken terwijl je hardware veel vloeiender kan presteren. Voor creatieve professionals die software gebruiken voor 3D-rendering is het gewoon onmogelijk om te werken; de software zal vaak zelfs een foutmelding geven omdat de benodigde grafische bibliotheken niet worden ondersteund door de standaard processor-chip.

De snelle poorten zitten meestal verder naar onderen en zijn doorgaans horizontaal gepositioneerd.

Zo vind je de juiste poort

Kijk eens goed naar de achterkant van je computerkast om te bepalen of je de volle snelheid benut. De aansluitingen van het moederbord staan altijd verticaal in een blok met andere poorten, zoals usb en ethernet. De aansluitingen van de videokaart zitten een stuk lager en staan horizontaal in een aparte sleuf. Zit je kabel in het bovenste blok, dan werk je op de 'reservemotor'.

Verplaats de kabel naar de horizontale poorten onderaan en je zult direct horen dat de pc anders reageert bij het opstarten. Soms moet je na deze wissel de pc even herstarten, zodat de drivers de nieuwe configuratie herkennen en de resolutie optimaal kunnen instellen voor jouw specifieke beeldscherm.

Klaar voor optimale prestaties?

Het aansluiten van een monitor op het moederbord in plaats van de videokaart zorgt ervoor dat de grafische rekenkracht van de pc onbenut blijft omdat het systeem terugvalt op de beperkte interne chip van de processor. Dat leidt tot een drastische afname in prestaties bij games en zware software, aangezien de gespecialiseerde hardware van de videokaart volledig wordt gepasseerd. Voor een optimale ervaring moet je de monitor altijd in de horizontale poorten van de videokaart prikken. Alleen in noodgevallen of bij eenvoudiger kantoortaken is de moederbordaansluiting een bruikbaar alternatief.