ID.nl logo
Hét alternatief voor Twitter: aan de slag met Mastodon
© rob2516@hotmail.com
Huis

Hét alternatief voor Twitter: aan de slag met Mastodon

Goed nieuws voor wie helemaal klaar is met Twitter: je hoeft niet uit te wijken naar een ander sociaal netwerk beheerd door een rijke techmiljardair, maar kunt er gewoon eentje starten vanaf je zolderkamer. Met je eigen Mastodon kun je berichten uitwisselen met al je vrienden op andere servers. We leggen uit hoe dat zit en hoe je begint.

Met Mastodon kun jij je eigen sociale netwerk opzetten. Dit artikel vertelt je er alles over. In een notendop:

  • Hoe werkt Mastodon?
  • Wat is een instance?
  • Wat heb je aan hard- en software nodig?

Lees ook: Social media verandert razendsnel door AI

Twitter staat al maanden in brand. Sinds techmiljardair Elon Musk het bedrijf heeft gekocht, is het er complete chaos. Van de 7500 werknemers bij het sociale platform zijn er nog 2000 over, waarbij zelfs hele teams zijn gedecimeerd. Journalisten kunnen al maandenlang geen vragen meer stellen aan het bedrijf, omdat de persafdeling is opgeheven. Belangrijke infrastructuur wordt niet langer gemonitord, wat leidt tot storingen. Tegelijkertijd neemt Musk de ene na de andere rare beslissing, zoals het vergrendelen van simpele beveiligingsopties achter een betaald abonnement. Experts vrezen ook voor een vloedgolf aan nepnieuws en verwarring, omdat iedereen voortaan een verificatievinkje kan kopen op de site – een middel dat tot op heden werd gebruikt om onder andere beroemdheden en journalisten te onderscheiden van nepaccounts.

Dit alles heeft er toe geleid dat het vertrouwen in Twitter fors is afgenomen en velen hun accounts hebben verlaten of zelfs verwijderd. De zoektocht naar een goed alternatief is dan ook in volle gang. Nieuwe apps schieten als paddenstoelen uit de grond, maar verreweg het populairst is Mastodon: een dienst die belooft het nét iets anders te doen dan we van sociale netwerken gewend zijn.

©cryptoFX - stock.adobe.com

Mastodon is een alternatief voor Twitter, dat het net even anders doet.

Gemaakt in Duitsland

Mastodon is gemaakt door de in Duitsland gevestigde Rus Eugen Rochko. Hij wilde een sociaal netwerk bouwen dat niet werd beheerd door de grote techbobo’s uit Silicon Valley, maar dat een inherent onderdeel van het internet is. In 2016 bracht hij een eerste testversie uit en inmiddels beheert Rochko Mastodon fulltime als een non-profit-project. In eerdere interviews zei de Rus het allemaal niet voor het geld te doen; advertenties of andere verdienmodellen vind je er dan ook niet. Mastodon gebruiken is helemaal gratis, zonder dat jij als gebruiker zelf het product wordt. Je kunt wel geld doneren, zodat Rochko de ontwikkeling kan voortzetten en de kosten voor zijn eigen Mastodon-servers kan blijven betalen, want die lopen natuurlijk op naarmate de dienst populairder wordt. Op moment van schrijven wordt er door gebruikers samen ruim 30.000 euro per maand gedoneerd.

Het platform telt nog lang niet de gebruikersaantallen van Twitter of Facebook, maar groeit wel gestaag. Ter illustratie: Mastodon had voor de Twitter-overname door Musk minder dan een half miljoen gebruikers, inmiddels zijn dat er iedere maand ruim 1,5 miljoen.

Qua interface lijkt Mastodon precies op zijn grote concurrenten, inclusief een eindeloos lange tijdlijn met berichten van iedereen die je op het platform volgt.

Lees ook: Zo verwijder je je Twitter-account

Verspreid over het internet

Waar je bij de meeste socialmedia-platformen één centrale website bezoekt die wordt beheerd door een techbedrijf met grote investeerders, bestaat Mastodon uit talloze kleine onderdeeltjes, die ook wel instances worden genoemd. Iedereen kan zo’n instance starten en zo een ‘eigen’ Mastodon-site beginnen. Die instances zijn geen individuele eilandjes, maar kunnen met elkaar communiceren. Een gebruiker op de instance https://mastodon.social kan een gebruiker op https://mastodon.nl volgen en privéberichten sturen naar weer iemand anders op https://mstdn.social. Je aanmelden voor zo’n instance is een kwestie van de betreffende website bezoeken en een account aanmaken.

Mocht het allemaal een beetje vaag klinken, vergelijk Mastodon dan eens met e-mail. Je kunt bijvoorbeeld een mailadres openen bij Gmail, waarmee je vervolgens berichten kunt uitwisselen met Yahoo, Outlook of welke maildienst dan ook. Net als bij e-mail hangt tussen iedere Mastodon-server een protocol dat ervoor zorgt dat berichten worden uitgewisseld. Het is mail, maar dan voor je ‘toots’ (zoals berichten op Mastodon worden genoemd) in plaats van digitale brievenpost.

Maakt het dan nog uit op welke instance je gaat zitten? Niet héél veel. Je instance bepaalt bij wie je data in handen is, dus mensen die veel waarde hechten aan hun privacy zullen wellicht willen weten of de server in een land staat met goede privacywetgeving. En een grote, goed beheerde server zal wat minder storingen hebben dan eentje beheerd door een hobbyist. Maar waar je ook zit, je kunt altijd met dezelfde mensen kletsen.

Beheerders kunnen er overigens voor kiezen om een instance te blokkeren, zodat je daar niet meer mee kunt communiceren. Grote servers deden dat eerder bij extreemrechtse instances en communities waarin het alleen over complottheorieën ging. Op die manier kunnen Mastodon-gebruikers gezamenlijk proberen om extremistische onderwerpen buiten de deur te houden, iets waar Twitter en Facebook al langer mee worstelen.

©xiaoliangge - stock.adobe.com

Iedereen kan een eigen instance voor Mastodon maken, waarna al die sites met elkaar verbinden.

Andere instances Wie geen zin heeft om een eigen instance op te zetten, kan ook een account maken op de instance van een ander. Hieronder een drietal suggesties.

  • Mastodon.social - De grootste Mastodon-instance met ruim 173.000 leden. Wordt beheerd door het bedrijf achter de software en is daarom altijd up-to-date.
  • Mastodon.nl - Een Nederlandstalige server met zo’n 11.000 leden.
  • Mstdn.social - Deze server wordt ook door een Nederlander beheerd, maar is internationaler ingestoken. Is met 41.000 bezoekers ook iets groter.

Privacy

Iedereen met een beetje technische kennis kan een eigen Mastodon-instance opzetten. Het kost best even tijd, maar de voordelen zijn groot. In de eerste plaats omdat alle data in je eigen beheer blijven. Je toots met foto’s en video’s komen op je eigen server terecht, in plaats van dat ze, zoals bij Twitter, door een groot conglomeraat worden opgeslagen.

Het betekent tevens dat je gegevens niet zomaar kunnen worden misbruikt. Dat gebeurde afgelopen jaren meermaals bij grote sociale netwerken: databedrijf Cambridge Analytica bemachtigde bijvoorbeeld gebruikersdata van Facebook, waarmee ze psychologische profielen maakten, en zo persoonlijk toegesneden politieke advertenties toonden, om de verkiezingscampagne van Trump en het Brexit-referendum te beïnvloeden.

©Valerio Rosati

Er is een officiële app, maar je kunt ook door anderen gemaakte applicaties gebruiken om Mastodon te bezoeken. Foto: rarrarorro – stock.adobe.com.

Let op je DM’s! Hoewel Mastodon veel privacyvriendelijker is dan de grote socialmediabedrijven, is er één ding waar je goed op moet letten: je privéberichten. Die worden namelijk niet door Mastodon versleuteld, waardoor de beheerder van een instance ze in theorie kan meelezen. Dat lijkt een klein probleem als je zelf een servertje beheert, maar als jij berichten uitwisselt met een gebruiker op een andere instance, dan komen die berichten ook binnen bij die beheerder. Zelfs op je eigen server moet je dus goed nadenken over wie je een bericht stuurt, om te voorkomen dat de gedeelde informatie ineens in foute handen komt.

Voor een vlotte babbel zal dat zelden problemen opleveren, maar voor gesprekken met gevoelige inhoud kun je nog steeds het beste terecht bij chat-apps zoals Signal of WhatsApp. Die versleutelen je gesprekken automatisch.

De juiste hardware

Wie zelf een Mastodon-server wil opzetten, moet daar wel de juiste hardware voor in huis hebben. Wat je nodig hebt, hangt af van je ambities. Als je instance alleen voor jezelf en een of twee vrienden bedoeld is, dan is een oude computer of zelfs een Raspberry Pi (verkrijgbaar bij bijvoorbeeld Bol.com of Conrad) ruim voldoende. Zorg wel dat er veel opslag aanwezig is voor alle foto’s en video’s die je op het sociale netwerk gaat posten. En onthoud: zelfs als alleen jij en je vrienden op de server zitten, kunnen jullie nog gewoon met iedereen op alle Mastodon-servers praten.

Wil je de instance voor iedereen openstellen, dan heb je zwaarder geschut nodig. Je kunt er dan voor kiezen om een Virtual Private Server (VPS) af te nemen bij een hostingbedrijf als TransIP. Dat is een computer in de cloud, waar je op afstand bij kunt inloggen om van alles op te doen. Groot voordeel van een VPS is dat je hem altijd kunt upgraden, zodat je snel meer capaciteit kunt krijgen als dat nodig is.

Grootse plannen met Mastodon?

Dan kun je wel een eigen server gebruiken

Domein, maildienst en Linux

Naast een server of VPS heb je nog een paar dingen nodig, zoals een domeinnaam waarop je instance online bereikt kan worden. Daarnaast is het verstandig een account te maken bij een mailprovider, zoals Mailgun of Postmark, waarmee bevestigingsmailtjes naar je Mastodon-gebruikers worden gestuurd. Je kunt ook proberen zelf een mailserver te hosten, maar dat maakt het project vele malen complexer.

In dit artikel gaan we ervan uit dat je Mastodon op een Linux-machine probeert te installeren, gezien dat bij de meeste servers het geval is. Enige kennis over hoe je zo’n server beheert, is vereist. Zorg ervoor dat je de laatste packages hebt geïnstalleerd en op afstand kunt inloggen met een key in plaats van met een wachtwoord.

Zelf opzetten

Op https://docs.joinmastodon.org vind je een uitgebreide gids met uitleg hoe je zelf een instance kunnen opzetten. Hier wordt stap voor stap uiteengezet hoe je een SQL-server opzet, webhosting regelt en de juiste certificaten vastlegt, waarna je de software van Mastodon zelf installeert.

De mate van aanwezige kennis bepaalt hoe goed je server straks in elkaar steekt. Een goede zoekmachine voor je Mastodon-server vereist bijvoorbeeld dat je ElasticSearch installeert en configureert, een projectje dat al snel een middag in beslag neemt.

Het meeste werk gaat zitten in dit soort externe software, want het configureren van Mastodon zelf is relatief simpel. Je installeert de software, configureert de instellingen naar wens en start de boel op. Maar je kunt ervan uit gaan dat het een paar dagen prutsen is voor je hier aan toe bent.

©Tee11 - stock.adobe.com

Voor het zelf opzetten van een instance is de nodige kennis vereist.

Een externe partij

Je kunt ook kiezen voor de makkelijke route. Websites zoals Masto.host, Hostdon, Spacebear en Cloudplane bieden speciale hostingabonnementen, waarbij ze jou een kant-en-klare Mastodon-server leveren. Je hoeft alleen maar een domein te koppelen en de juiste abonnementsvorm te kiezen.

Je moet dan wel bereid zijn iets meer te betalen. De goedkoopste abonnementen vind je bij Cloudplane en Masto.host, die je al voor zes euro per maand een instance leveren. Bouw je de server zelf op een goedkope VPS, dan ben je met vergelijkbare hardware ongeveer de helft kwijt. Een verschil van drie euro is niet veel, maar houd rekening met stijgende prijzen naarmate je server drukker bezocht wordt. Dan moet je immers upgraden naar een krachtigere server met een duurder abonnement en kan het verschil oplopen naar tientallen euro per maand. Als je zelf een sterke machine hebt staan die al bijvoorbeeld je website host, is dat een nog veel voordeligere plek voor je instance.

Omdat deze hostingpartijen zelf de server voor je configureren, heb je ook minder de touwtjes in handen. Zij bepalen wanneer updates worden geïnstalleerd en hebben in theorie toegang tot de data van je gebruikers. Daarnaast kan de server misschien wel in een land staan waar je de privacyregels niet van kent of vertrouwt. Vind je dat belangrijk? Onderzoek dan goed waar je Mastodon-server precies komt te staan, voordat je een abonnement afsluit.

Wie niet bereid of in staat is om zelf een volledige server op te bouwen, kan ook een externe partij betalen om dat te doen.

Een goede app is het halve werk Omdat Mastodon een open platform is, kunnen ontwikkelaars heel makkelijk zelf apps maken om het sociale netwerk mee te bezoeken. We zetten de beste opties op een rij.

  • Mastodon (gratis, iOS en Android) – Tja, de officiële app van het bedrijf achter Mastodon is gewoon prima. Omdat hij door hetzelfde team wordt gemaakt, vind je hierin vaak ook als eerste nieuwe functies.
  • Ivory (18 euro per jaar, iOS) - Verreweg de duurste Mastodon-app. Ivory is ontwikkeld door Tapbots, het bedrijf dat jarenlang de Twitter-app Tweetbot beheerde. Dat was verreweg de beste manier om Twitter op je iPhone of Mac te gebruiken, en qua interface is Ivory grotendeels gelijk gebleven.
  • Ice Cubers (gratis, iOS) - Deze iOS-app voor Mastodon krijgt constant updates met nieuwe functies, wat het een van de meest complete opties maakt.
  • Tusky (gratis, Android) - Verreweg de populairste Android-app voor Mastodon. De app is helemaal gratis en reclameloos, al kun je geld doneren om de ontwikkeling te ondersteunen.
  • Elk (gratis, web) - Deze web-app, te vinden op www.elk.zone, giet Mastodon in een mooier, minimalistisch ontwerp dat een beetje lijkt op de website van Twitter.
De makers van populaire Twitter-app Tweetbot hebben ook een versie gemaakt speciaal voor op Mastodon.
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.