ID.nl logo
Social media verandert razendsnel door AI
© Creative_Captain - stock.adobe.com
Huis

Social media verandert razendsnel door AI

Kunstmatige intelligentie (AI) is tegenwoordig helemaal hot. Bijna alle grote socialemediabedrijven zijn bezig om AI in hun platforms te verwerken. Als je social media gebruikt, is de kans dus erg groot dat je vroeg of laat te maken krijgt met AI – misschien wel zonder dat je het door hebt. In dit artikel leggen we uit waar die AI-hype vandaan komt en geven we een overzicht van een aantal recente AI-integraties in populaire socialmediaplatforms.

In dit artikel bespreken we:

  • De reden achter de ogenschijnlijk plotselinge AI-hype
  • De manieren waarop verschillende socialmediabedrijven (zoals LinkedIn, Slack, Discord en Facebook) onlangs AI in hun platforms hebben verwerkt of gaan verwerken

Zie voor meer informatie over AI: Tien veelgestelde vragen over AI

Hoe is de AI-hype ontstaan?

Begin dit jaar kondigde techbedrijf na techbedrijf opeens aan dat ze ‘innovatieve’ toepassingen voor AI op hun platform wilden integreren. Waar komt die ogenschijnlijk plotselinge AI-hype vandaan? Het begon met de release van de ChatGPT-bot in november. Het achterliggende bedrijf, OpenAI, gebruikte hiervoor de grootste verzameling large language models tot dusver, waardoor hun bot ongekend geavanceerd was. Zodoende werd de chatbot in korte tijd enorm populair.

Bovendien bracht OpenAI een API uit voor zijn GPT-taalmodellen, een soort software-interface waardoor het voor andere bedrijven mogelijk was om de AI-modellen in hun eigen producten te integreren. Opeens hadden vrijwel alle techbedrijven een supergeavanceerde AI tot hun beschikking die ze relatief eenvoudig voor hun eigen diensten konden gebruiken, zonder dat ze zelf de moeite en het geld in het bouwen van een AI en het verzamelen van de benodigde data hoefden te steken.

De populariteit van de ChatGPT-bot en de plotselinge toegankelijkheid van geavanceerde AI-modellen maakten het voor bedrijven wel heel aantrekkelijk om op de AI-hypetrein te springen. Dat is dan ook de reden waarom socialmediabedrijven nu massaal AI-functies aanbieden die van deze GPT-modellen gebruikmaken. Dat zullen we in het onderstaande overzicht aan de hand van een aantal recente voorbeelden illustreren.

LinkedIn

Als je op LinkedIn zit, kan het haast niet anders dan dat je te maken krijgt met AI. Het bedrijf wil AI namelijk gaan gebruiken om posts te schrijven waar gebruikers vervolgens over kunnen discussiëren. LinkedIn noemt dat ‘AI-aangedreven gespreksstarters’. De voorbeeldposts die het bedrijf laat zien, gaan over zaken als het overwinnen van writer's block, of over hoe je als merk je doelgroep het best kunt bereiken.

Maar dat is niet het enige: het wordt ook mogelijk om de tekst op je profiel te genereren. Als je bijvoorbeeld een nieuwe baan hebt, kun je de AI een beschrijving bij jouw functie laten verzinnen. Jij hoeft dan alleen nog maar de functietitel en het bedrijf in te vullen. Ook het bedenken van een algehele profieltekst kun je ‘binnen enkele maanden’ uitbesteden aan een AI.

©LinkedIn

Discord

Het chatplatform Discord gebruikt de GPT-taalmodellen voor meerdere functies. Het moet bijvoorbeeld mogelijk worden om een AI-bot in elke willekeurige chat aan te roepen om er gesprekken mee te voeren of vragen aan te stellen. Verder komt er een AutoMod AI die automatisch checkt of gebruikers in chats over de schreef gaan, om vervolgens een menselijke moderator ervan op de hoogte te stellen. Hierbij moet de bot ook rekening houden met de context, belooft Discord.

Snapchat

Snapchat heeft in de app een ‘My AI’-chatfunctie ingebouwd. Dat is een extra functie, dus als Snapchat-gebruikers niet met AI te maken willen hebben, valt deze integratie gemakkelijk te negeren. In feite is het niet veel meer dat een mobiele versie van ChatGPT, waarbij je over van alles en nog wat met de Snapchat-bot kunt chatten. Wel is deze wat beperkter; zo geeft de bot geen seksueel expliciete, gewelddadige of 'controversiële' antwoorden (bijvoorbeeld met betrekking tot politiek) en gebruikt deze geen scheldwoorden.

Slack

Slack, een sociaal netwerk dat voornamelijk door bedrijven wordt gebruikt, werkt aan een functie waarmee gesprekken van een chatkanaal automatisch worden samengevat, zodat gebruikers snel op de hoogte worden gebracht van wat er zoal is besproken. Daarnaast wordt het mogelijk om de AI te vragen een antwoord op een gesprek voor je te genereren.

©Slack

Reddit

Niet alle social media maken gebruik van de GPT-tekstmodellen. Reddit wil bijvoorbeeld Microsofts AI-tool Florence gebruiken om de toegankelijkheid van het platform te vergroten. Deze tool is in staat om afbeeldingen en video's te begrijpen. Het doel is om hiermee bij elke geposte afbeelding een bijschrift te genereren, zodat mensen met een visuele beperking het platform gemakkelijker kunnen gebruiken. Het is nog niet bekend wanneer deze toepassing wordt geïntegreerd.

Facebook, Instagram en WhatsApp

We hebben het grootste socialmediabedrijf nog niet genoemd. Dat komt omdat Meta, het moederbedrijf van onder meer Facebook, Instagram en Whatsapp, op het moment van schrijven nog geen concrete AI-functies heeft onthuld. Wel zegt Mark Zuckerberg, de CEO van Meta, grootse AI-plannen te hebben, alleen houdt hij het verder nog een beetje vaag. Voor Instagram belooft hij bijvoorbeeld 'creatieve filters en advertentieformaten', voor de andere twee houdt hij het op ‘tekstervaringen’. In eerste instantie wordt er naar eigen zeggen een 'simpele basis' gelegd, maar daarna moeten er ‘AI-persona’s’ worden ontwikkeld 'die gebruikers op verscheidende manieren kunnen helpen'.

Conclusie

We hebben in dit artikel slechts het tipje van de sluier opgelicht. Ook onder meer Twitter, YouTube en de Chinese socialmediagigant WeChat hebben volgens de achterliggende bedrijven AI-functies in ontwikkeling, al zijn details nog schaars. Kortom, hoewel de AI-hype nog maar kortgeleden is losgebarsten, heeft het gros van de socialmediabedrijven al op zijn minst aangekondigd bezig te zijn met AI-functionaliteiten.

Het lijkt er niet op alsof deze hype binnenkort ten einde komt, want OpenAI gaat gestaag door met het verbeteren van zijn AI-modellen. Dat we steeds meer en steeds diepgaandere AI-implementaties te zien zullen krijgen in de platforms en diensten die wij regelmatig gebruiken, staat dus eigenlijk buiten kijf.


▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.