ID.nl logo
Dit kun je allemaal doen met Google Assistent
© Reshift Digital
Huis

Dit kun je allemaal doen met Google Assistent

Google Assistent, de spraakgestuurde assistent van Google, kun je op ieder Android-apparaat gebruiken, en is ook beschikbaar voor de iPhone en iPad. Sinds de zomer van 2018 spreekt de assistent eindelijk Nederlands en dat praat wel zo makkelijk. In vergelijking met de Engelstalige collega heeft de Nederlandstalige assistent nog wat minder mogelijkheden, maar deze achterstand wordt in rap tempo goedgemaakt. Wij laten je zien wat tot nu toe de leukste mogelijkheden voor stembediening zijn.

Tip 01: Google Assistent

Wat kan Google Assistent allemaal in de Nederlandse taal? En op welke manier moet je iets vragen om spraakverwarring te voorkomen? Google schiet je hierbij te hulp door voorbeeldenopdrachten op een rijtje te zetten, verdeeld over verschillende rubrieken. Het overzicht is niet compleet, maar wel een aardig startpunt en bovendien geeft het genoeg inspiratie om meer uit de assistent te halen. Aan Google Assistent worden regelmatig nieuwe mogelijkheden toegevoegd. Daar hoef je zelf geen enkele update voor te installeren: het werkt bijna volledig via externe servers waar ook de nieuwigheden worden vrijgegeven. Je hebt alleen maar een werkende internetverbinding nodig om de assistent te kunnen gebruiken.

©PXimport

Tip 02: Oké Google, hoor je mij?

Google Assistent is beschikbaar voor vrijwel alle smartphones met Android Marshmallow (6.0) of hoger en als losse app voor iPhone en iPad. Of de assistent op je Android-toestel actief is, zie je in de Google-app: ga via Meer naar het menu Instellingen. Tik onder het kopje Google Assistent op Instellingen. Klik op Telefoon en je ziet of de assistent ingeschakeld is. De assistent staat altijd voor je klaar. Het uitspreken van Ok Google zou genoeg moeten zijn, maar dat werkt momenteel alleen als je telefoon in het Engels ingesteld is. Google probeert dit spoedig op te lossen. Google Assistent kun je ook oproepen door de homeknop even ingedrukt te houden of door op het microfoontje te drukken in de Google-app.

Google Assistent in het Nederlands

Google Assistent bestaat sinds 2016 in het Engels en sinds de zomer van 2018 kan de assistent ook andere talen spreken, waaronder het Nederlands. Niet alleen is dat een stuk handiger dan alles in het Engels te moeten vragen of opdragen, maar het kan zelfs onontbeerlijk zijn als je bijvoorbeeld berichten wilt dicteren. Al ontbreken er nog wel enkele zaken, waaronder veel koppelingen met apparaten (zoals Philips Hue) en routines waarmee je meerdere opdrachten met één commando kunt uitvoeren. De mogelijkheden groeien echter snel en het hulpje duikt op steeds meer plaatsen op. Naast smartphones zijn dat op smartwatches, televisies met Android TV, in auto’s en binnenkort ook op de slimme luidspreker Google Home. Die laatste spreekt nu alleen nog maar Engels, maar zou nog voor de kerst een update naar de Nederlandse taal krijgen.

Tip 03: Goedemorgen

Begin de dag met vertel me over mijn dag of simpelweg goedemorgen en Google vertelt je wat er vandaag staat te gebeuren, zoals het weer, de verkeersdrukte op de route naar je werk, belangrijke afspraken in je agenda en ingestelde herinneringen. Als je daar behoefte aan hebt, kun je het overzicht beëindigen met het laatste nieuws, bijvoorbeeld van de NOS (zie tip 4). Ideaal voor als je wakker wordt: je krijgt alle belangrijke feiten op een presenteerblaadje aangereikt. Wat Google allemaal aan je vertelt, is aan jou. Open daarvoor weer de instellingen van Google Assistent en ga nu onder Services naar Mijn dag.

©PXimport

Tip 04: Het laatste nieuws

Met één opdracht hoor je het gesproken nieuws van verschillende Nederlandse nieuwsbronnen. Zeg naar het nieuws luisteren en je ziet op je scherm de geselecteerde nieuwsbronnen, waarbij de eerste bron meteen wordt afgespeeld. Je kunt handmatig een andere bron selecteren of al in je opdracht een andere bron benoemen (zoals luister naar het laatste nieuws van NOS). Eventueel kun je vooraf instellen uit welke bronnen je nieuws wilt horen en in welke volgorde, via de instellingen voor Mijn dag. Wel zo makkelijk is dat de NOS samenwerkt met de assistent, waardoor het voldoende is om praat met NOS te zeggen.

Tip 05: Tijden en wekkers

©PXimport

Je zou natuurlijk via de klok op kunnen zoeken hoe laat het in andere landen is, maar veel sneller is het door aan de assistent bijvoorbeeld te vragen: hoe laat is het in Auckland? Heb je geen zin om zelf uit te rekenen hoe groot het tijdsverschil is, vraag dan naar tijdverschil Amsterdam en Auckland. Ook wekkers stel je makkelijk in. Zeg maak me over 20 minuten wakker voor een powernap. Of: maak me om 8 uur ‘s ochtends wakker om een wekker voor de volgende morgen te zetten. Of: maak me iedere ochtend om 8 uur wakker voor een dagelijks alarm. Ook handig wanneer je je afvraagt of je nog even snel naar een bepaalde winkel kunt: hoe laat gaat de GAMMA dicht? of openingstijden supermarkt.

Tip 06: Handige timers

Om even snel een timer in te stellen, zeg je bijvoorbeeld tel 5 minuten af. Ook handig tijdens het koken. Desgewenst voeg je een label toe, bijvoorbeeld met timer van 25 minuten voor aardappels. Je kunt uiteraard meerdere timers toevoegen met zo’n label en op elk moment met timers bekijken vragen hoe het ervoor staat. Met stop timeraardappels pauzeer je de bewuste timer, of gebruik verwijder timer aardappels om deze helemaal weg te halen. Om de bijbehorende app te openen, zeg je open timers.

Tip 07: Datums en afspraken

Als het gaat om lastige vragen over datums, bijvoorbeeld: wanneer was 500 dagen geleden? of wanneer is koningsdag? is Google Assistent niet te kloppen. Binnen no-time krijg je het antwoord voorgeschoteld. Ook het toevoegen van dingen die je niet wilt vergeten, gaat in een handomdraai: herinnering vrijdag 8 uur vuilnisbak buiten zetten, of: maak afspraak voor vrijdag 2 uur kapper. Het is nog toekomstmuziek, maar op termijn kan, met Google Duplex, de assistent vrijwel autonoom voor jou telefonisch een afspraak bij de kapper maken door zelf het nummer te kiezen en een geanimeerd gesprek te beginnen.

©PXimport

Tip 08: Berichten versturen

Contacten bellen, sms’jes versturen, maar ook WhatsApp-berichten versturen vormt geen enkel probleem. Zeg bijvoorbeeld stuur een WhatsApp-bericht naar Hester. Je kunt hierna het bericht inspreken. De tekstherkenning blijkt erg krachtig en de foutjes die er zijn, worden vaak automatisch gecorrigeerd. Het lijkt alsof je maar één zin kunt inspreken, maar door gewoon punt, uitroepteken of vraagteken uit te spreken kun je een nieuwe zin beginnen. Zelfs puntje puntje puntje wordt correct weergegeven. Zodra je een korte pauze laat vallen, zal de assistent vragen of je het bericht wilt versturen of wijzigen, al bevat dit proces wel nog wat bugs.

Tip 09: (Openbaar) vervoer

©PXimport

De assistent kan je ook helpen aan routebeschrijvingen met de auto of openbaar vervoer, zoals route naar Maastricht of trein van Rotterdam naar Amsterdam. Je kunt ook informatie over vertrekkende vluchten krijgen, zoals is vlucht AF 1641 op tijd? Een aardige integratie is er met Flitsmelder, zodat je bijvoorbeeld kunt vragen: Vraag Flitsmelder of er flitsers zijn op de A9. Niet alleen informatie over vluchten of bestemmingen kun je bij Google opvragen, ook de prijzen daarvan. Zo krijg je een mooi overzicht van mogelijke vluchten, inclusief kosten en vliegtijd als je vraagt naar vluchten naar Londen van 12 december tot 15 december

Tip 10: Een handig rekenhulpje

Met Google Assistent heb je eigenlijk ook geen aparte rekenmachine meer nodig, de meeste berekeningen kunnen gewoon voor je worden uitgevoerd. Bijvoorbeeld hoeveel is 13 procent van 50? of wat is de wortel van 18? Ook kun je snel valuta omrekenen, vraag maar eens naar: hoeveel euro is 2 dollar?, of eenheden, zoals in hoeveel liter is 2 deciliter? of hoeveel kilometer is 6 mijl?

Tip 11: Snel vertalen

Google Assistent is een uitstekende vertaalhulp. Vraag bijvoorbeeld hoe kom ik bij het strand in het Spaans en de zin wordt direct voor je vertaald. En niet alleen dat, de vertaling wordt ook uitgesproken. De assistent kan je ook helpen met lastige begrippen, zoals wat betekent consciëntieus? Een groot voordeel is dat je het niet precies goed hoeft uit te spreken, de assistent is op dat punt erg vergevingsgezind.

©PXimport

Tip 12: Google Translate

Heb je behoefte aan meer dan eenregelige vertaalopdrachten, dan kun je Google Translate proberen, want dit werkt ook met je stem. Start het op vanuit Google Assistent door te zeggen vertaal. In Google Translate kun je tekst handmatig invoeren, een foto van een tekst maken met de camera of door het in te spreken. Dat inspreken kan zelfs in de vorm van een gesprek waarbij continu naar de microfoon wordt geluisterd. Praten jullie bijvoorbeeld Engels en Nederlands, dan wordt de tekst automatisch als Engels of Nederlands herkend en vertaald en uitgesproken naar de andere taal. Zo is het dus een echte tolk.

Tip 13: Welk nummer is dit?

Vergeet apps als Shazam of SoundHound. Ook Google Assistent kan muzieknummers herkennen die in de ruimte worden afgespeeld. Vraag gewoon welk nummer is dit? en na enkele seconden luisteren volgt het antwoord. Zelfs de minder bekende nummers worden doorgaans feilloos herkend. Je krijgt, naast de artiest en het album waarop je het nummer kunt vinden, ook meteen links naar YouTube en Google Play Music en bij sommige nummers verschijnt zelfs nog een verwijzing naar de songtekst.

©PXimport

Tip 14: Video’s

Niet alleen weet Google Assistent veel over muziek, ook filmkennis is haar niet vreemd. Vraag bijvoorbeeld hoeveel seizoenen heeft The 100? of hoe lang duurt Deadpool 2? Maar het houdt niet op bij het vragen naar informatie, je kunt de assistent ook heel gemakkelijk een bepaalde muziekstijl, specifiek nummer of film(pje) laten afspelen. Wil je een film afspelen zonder daar al te veel moeite voor te doen, zeg dan eens: speel the100 op Netflix. Koppel je Netflix-account dan wel eerst via de instellingen aan Google Assistent (in het onderdeel Video’s en foto’s). Als je in dat menu ook het vinkje bij Google Photos aanzet, kun je foto’s op tv bekijken. Wat nog meer superhandig is, is het gebruik van een Chromecast om allerlei content op de tv af te spelen. Wil je Netflix op de tv bekijken? De constructie hiervoor is soms even zoeken, maar succesvol is bijvoorbeeld: speel the 100 op Netflix via mijn tv.

Tip 15: Licht uit, spot aan!

Via spraak je (Philips Hue-)lampen bedienen? De Nederlandse Google Assistent is daar nog niet aan toe, maar hopelijk niet lang meer. Een achterdeurtje is er wel, in de vorm van IFTTT (If This Than That), waarmee je veel zaken kunt automatiseren. Koppel eerst de twee accounts met elkaar: ga hiernaartoe en maak zo nodig een account aan bij IFTTT. Log in en kies Connect. Log daarna in met je Hue-account en geef toestemming voor toegang door IFTTT. Heb je nog geen Hue-account, dan maak die je die waarbij je ook meteen het account aan je bridge koppelt. Je kunt nu aan de slag met IFTTT-recepten (zie tip 16)!

©PXimport

Tip 16: Lampen bedienen

Heb je een account bij IFTTT aangemaakt (zie tip 15), dan kun je je Hue-lampen bedienen via zogenaamde applets. Open de IFTTT-app op je smartphone en zoek naar toggle hue. Kies de applet genaamd Toggle Hue with Google Assistent en zet hem aan. Nu vraagt IFTTT om toegang tot je Google-account zodat het je Google-spraakopdrachten kan beheren. Geef die toestemming. Configureer de applet en vul onder andere in welke commando’s je wilt gebruiken, bijvoorbeeld switch bedroomlights. Geef ook aan welke reactie Google Assistent daarop moet geven (zoals switching bedroom lights). Het originele commando toggle vinden wij onhandig, omdat het vaak als double of google wordt herkend. Onderaan selecteer je ten slotte de Hue-lamp die je wilt bedienen. Er zijn nog veel meer leuke applets die je kunt inzetten, zoals het uitschakelen van alle lampen met één commando (als je naar bed gaat) of het schakelen naar een bepaalde scène.

Tip 17: Home automation

Wie de smaak te pakken heeft en het liefst alles in huis wil automatiseren, kan softwarepakketten als Domoticz, OpenHAB en Home Assistant gebruiken. Linksom of rechtsom werken ze allemaal samen met Google Assistent, zodat je bijvoorbeeld de temperatuur kunt regelen of lampen kunt dimmen met spraakopdrachten. Bij Domoticz kun je het relatief eenvoudig houden door zogenaamde webhooks (externe url’s) aan IFTTT toe te voegen, al is dat vrij beperkt. Voor meer flexibiliteit kun je Controlicz overwegen, een handige dienst die als een soort gateway werkt tussen je apparaten in Domoticz en Google Assistent (of Google Home of Alexa).

©PXimport

Tip 18: Google Lens

Een andere handige feature van Google is Google Lens. Vanuit Google Assistent kun je naadloos overschakelen naar Lens. Het camera-icoontje hiervan vind je onderaan, naast het microfoontje voor het geven van een nieuwe opdracht. Google Lens kan, geholpen door kunstmatige intelligentie, onder andere teksten en objecten via de camera herkennen. Richt je camera op een schilderij en je leest direct de naam van het schilderij en de kunstenaar. Richt het op een dier – of een foto ervan – en je ziet welke soort het is. Overigens werkt dit ook voor verkeersborden of restaurants.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.