ID.nl logo
De 13 beste powerline-adapters voor supersnel internet
© Reshift Digital
Huis

De 13 beste powerline-adapters voor supersnel internet

De ontwikkelingen op het gebied van het thuisnetwerk staan nooit stil, ook niet bij powerline-adapters. Sinds enige tijd zijn er modellen te koop die zijn ontwikkeld volgens de HomePlug AV2-standaard, die snelheden tot 1200 Mbit/s mogelijk maakt. Wij hebben dertien setjes van deze adapters getest.

Powerline-adapters zijn wellicht niet de meest sexy netwerkproducten, zeker niet als je ze vergelijkt met hippe 802.11ac-routers en -repeaters. Toch worden ze de afgelopen tijd steeds populairder. Dit heeft er in eerste instantie mee te maken dat deze producten steeds beter betaalbaar worden, waardoor een setje powerline-adapters een goed alternatief is geworden voor een repeater. Beide producten hebben globaal hetzelfde doel voor ogen, namelijk het realiseren van een netwerkverbinding op plaatsen waar je met je router niet kunt komen. Een tweede reden voor de toegenomen populariteit van powerline is de relatief recente toevoeging van wifi. Lees ook: 9 tips om langer met je mobiele batterij te doen.

Het gros van de netwerkverbindingen in huis wordt inmiddels draadloos gelegd, dus je kunt met een enkele adapter een hele verdieping van een netwerkverbinding voorzien. Van powerline-adapters moet je er minimaal twee hebben: eentje om bekabeld op je netwerk aan te sluiten en eentje die je in een stopcontact steekt waar je een netwerkaansluiting wilt realiseren. Die tweede adapter is er in meerdere varianten. Je hebt ze met een enkele netwerkaansluiting of met meerdere, maar ook met ingebouwd wifi-accesspoint. Je kunt uiteraard ook zelf een switch of accesspoint aansluiten op een powerline-adapter met één netwerkaansluiting. Van de geteste modellen vind je deze gegevens terug in de tabel.

©PXimport

©PXimport

Een powerline-adapter verandert je stopcontact in één of meerdere netwerkaansluitingen.

HomePlug AV2

Er is nog een andere reden waarom powerline een extra boost zou kunnen krijgen. Met de komst van HomePlug AV2 is er nu een standaard die ongekende prestaties belooft (en ook deels waarmaakt). Waar je het tot nu toe moest doen met adapters die maximaal 500 of 600 Mbit/s konden behalen, hebben de nieuwe modellen een opgegeven maximale bandbreedte van 1000 en zelfs 1200 Mbit/s.

Inmiddels zijn er ook al behoorlijk wat fabrikanten die modellen op de markt hebben, dus zal de vooralsnog vrij hoge prijs vanzelf wat zakken. Zoals de naam al aangeeft, is HomePlug AV2 een doorontwikkeling van de vorige standaard, HomePlug AV. Er is her en der dus nog wat ruimte gevonden om de prestaties verder de hoogte in te krijgen. In de basis draait het bij moderne powerline-adapters om drie zaken: frequentiespectrum, modulatie en MIMO. De verschillen tussen de op dit moment courante modellen (200, 500, 600, 1000 en 1200 Mbit/s) kunnen allemaal uitgelegd worden aan de hand van deze drie termen.

Frequentiespectrum en modulatie

Als we het hebben over frequentiespectrum, dan gaat het om de frequenties waarvan de adapters gebruikmaken om data te verzenden. Kijken we naar 200Mbit/s-adapters, dan beslaat het frequentiespectrum een vrij bescheiden 2-28 MHz, bij 500Mbit/s- en 600Mbit/s-modellen is dat 2-68 MHz. Ook de 1200Mbit/s-adapters met een chipset van Qualcomm gebruiken het frequentiespectrum van 2-68 MHz.

Broadcom gebruikt in zijn 1000- en 2000Mbit/s-chipsets het frequentiespectrum 2-86 MHz. Orthogonal Frequency-Division Multiplexing definieert binnen het frequentiegebied meerdere draaggolven die elkaar niet in de weg zitten. De eigenlijke digitale bits worden vervolgens middels modulatie op de analoge draaggolf geplaatst. De techniek die hiervoor gebruikt wordt heet QAM (Quadrature Amplitude Modulation). Daar zit dan ook het verschil tussen de verschillende soorten adapters. De 1000Mbit/s-adapters met een chipset van Broadcom hebben net als de 200- en 500Mbit/s-adapters een modulatie van 1024-QAM, terwijl de 600- en 1200Mbit/s-modellen met een chipset van Qualcomm een veel forsere 4096-QAM gebruiken.

©PXimport

De AVM Fritz!Powerline 1000E heeft een wat verwarrende naam. Ondanks de '1000' in de naam, is dit toch een 1200Mbit/s-exemplaar. Het getal in de naam slaat op de snelheid van de netwerkaansluiting.

Randaarde met MIMO

Volgers van de routermarkt zullen de term MIMO ongetwijfeld kennen, omdat multiple-input multiple-output al sinds de introductie van 802.11n gebruikt wordt bij wifi. Ook bij powerline-adapters houdt het in dat er meerdere signalen tegelijkertijd verstuurd en ontvangen kunnen worden. In het geval van powerline-adapters is dit mogelijk doordat niet alleen de nul- en de fasedraad worden gebruikt voor communicatie, maar ook de aardedraad.

Op deze manier is er een 2Tx2R-configuratie te maken: twee datastromen voor verzenden, twee voor ontvangen. Heb je een stroomnet zonder aarde door je huis lopen, dan heb je logischerwijs helemaal niets aan deze toevoeging en kun je de extra euro's die dit type kost beter besparen en voor een goedkoper SISO-exemplaar (single-input, single-output) gaan.

Toen we voor het eerst hoorden van de MIMO-technologie voor powerline-adapters, vroegen we ons af of dit eigenlijk wel toegestaan is in Nederland. Officieel mag de aardedraad nergens anders voor gebruikt worden. Volgens fabrikanten is dit gebruik van de aardedraad toch toegestaan. De MIMO-adapters hebben een geadverteerde snelheid van 1200 Mbit/s wanneer het om een Qualcomm-chipset gaat en een snelheid van 2000 Mbit/s als het om een Broadcom-chipset gaat. Die laatste zijn nog niet breed verkrijgbaar, de geteste 1000Mbit/s-adapters in deze test met een chipset van Broadcom zijn SISO-adapters die geen gebruikmaken van randaarde.

©PXimport

De Netgear PL1200 biedt een uitstekende prijs-prestatieverhouding.

Op de doos en in de praktijk

Als het gaat om beloofde maximale doorvoersnelheden of bandbreedte van netwerkproducten, is er altijd een verschil tussen wat er op de doos staat en wat je in de praktijk daadwerkelijk haalt. Dit heeft te maken met zaken zoals overhead van een bepaald protocol, maar ook met storingen. Dat is met powerline-adapters niet anders. Als je wat minder goed van vertrouwen bent, zou je kunnen zeggen dat je door de fabrikanten bewust voor het lapje gehouden wordt. Voor een deel gaan we hier ook zeker in mee. Als je als fabrikant de keuze hebt tussen bijvoorbeeld 300 of 1200 Mbit/s als snelheid op de doos, dan is de verleiding om voor het hogere getal te gaan waarschijnlijk te groot om te weerstaan.

Aan de andere kant is er ook wel degelijk iets te zeggen voor het melden van de onrealistisch hoge maximale doorvoersnelheden op de doos. Dat is namelijk de enige snelheid waar een objectief getal aan gehangen kan worden, omdat dat de snelheid is die op de bovenste, fysieke laag van de protocolstack behaald kan worden. Die wordt bepaald door de hardware en heeft geen last van overhead en storingen. De daadwerkelijke snelheid kan pas enkele lagen dieper, op applicatieniveau, worden vastgesteld. Hoe hoog die is, hangt echter voor het grootste gedeelte af van zaken die niet te controleren zijn, zoals de kwaliteit van de leidingen/kabels waar het netwerkverkeer doorheen moet en eventuele obstakels. Een setje adapters dat volgens de doos sneller is dan een ander setje, is dat in onze ervaring in de praktijk ook altijd. Dus de getallen op de doos zeggen wel degelijk iets.

©PXimport

TP-Link heeft op de TL-PA8030P drie netwerkaansluitingen aangebracht, op beide adapters.

Obstakels

Net als bij wifi, ontkom je ook bij powerline-adapters niet aan storende elementen. Allereerst is het stroomnet niet ontwikkeld voor het transport van data. Daarnaast worden stroomdraden aan elkaar gekoppeld met behulp van lasklemmen, dus ook daar zullen datapakketjes verloren gaan. Vergeet verder ook niet de andere apparaten die op het stroomnet aangesloten zijn en voor stroompieken zorgen. Iedere stroompiek zorgt voor een verstoring van het signaal. Verder heb je in een gemiddeld huis vrijwel altijd meerdere groepen. Het signaal moet dan dus door de meterkast naar een andere groep, wat wederom leidt tot een verlies van pakketjes.

Veel nieuwbouwhuizen worden tegenwoordig opgeleverd met meerdere fases. Voorheen was dat een onoverkomelijk probleem voor powerline-adapters, maar inmiddels niet meer. Van zowel Devolo als TP-Link weten we dat hun nieuwste adapters zijn voorzien van een zogeheten fasesprong waarmee communicatie tussen fases mogelijk is. Wil je het optimale uit je powerline-adapters halen, dan is het handig als je weet hoe je stroomnet (ongeveer) in elkaar zit. Hoe minder obstakels het signaal moet overwinnen, hoe beter. Zo kan het zijn dat er een groot verschil in doorvoer zit tussen twee direct naast elkaar gelegen stopcontacten. Het nadeel van deze obstakels is feitelijk hetzelfde als bij wifi het geval is. Het is onmogelijk om vooraf te zeggen of powerline-adapters in jouw situatie tot een bevredigend resultaat leiden. Dankzij de toegenomen rekenkracht en bandbreedte bij de nieuwste modellen, blijft er wel steeds meer bandbreedte over. De kans dat je uit de voeten kunt met powerline-adapters, is dus wel groter geworden.

©PXimport

Het mag dan een van de oudste HomePlug AV2-modellen zijn, de ZyXEL PLA5206 is een goede keuze als je voor een 1000Mbit/s-exemplaar gaat en geen randaarde hebt.

Wifi

Zoals al eerder opgemerkt, is de toevoeging van wifi een belangrijke factor geweest in het relatieve succes van powerline-adapters in Nederland de afgelopen jaren. De nieuwe HomePlug AV2-standaard mag dan bekabeld nog zoveel sneller zijn dan zijn voorlopers, zolang er geen wifi aan toegevoegd wordt, zal het geen doorslaand succes worden. Vooralsnog zijn de fabrikanten van powerline-adapters echter zeer voorzichtig op dit punt. Op zich is dat niet zo gek, want wifi maakt de adapters alleen maar duurder. En ze zijn al niet bepaald goedkoop te noemen, zeker de 1200Mbit/s-modellen niet. Vooralsnog is Devolo de enige die een 1200Mbit/s-kitje heeft met een 802.11ac-accesspoint geïntegreerd in een van de adapters.

Die heeft dan ook de niet malse prijs van 189 euro. Daar koop je bijvoorbeeld ook een uitstekende router voor. Zeker als je bedenkt dat je altijd nog maar moet afwachten hoe goed powerline-adapters in jouw specifieke situatie werken, is het echt een flink bedrag. Ook hier geldt dat concurrentie de prijs vanzelf naar beneden toe drijft. TP-Link heeft in ieder geval al aangegeven met een concurrerend model te komen, maar dat was niet op tijd binnen om mee te nemen in deze test.

©PXimport

Wil je de beste en meest complete powerline-adapters van het moment, dan kom je uit bij de Devolo DLAN 1200+ WiFi AC.

Prestaties

Waar we uiteraard met name benieuwd naar waren bij deze nieuwe generatie powerline-adapters, zijn de prestaties. Gebaseerd op onze tests is HomePlug AV2 de grootste sprong voorwaarts die we tot nu toe hebben gezien bij powerline-adapters. We hebben onder perfecte omstandigheden snelheden genoteerd die de 450 Mbit/s voorbij gingen. Met name de twee Devolo's, de TP-Link TL-PA8010P en de ZyXEL PLA5405 doen het hier heel erg goed. Voegen we storing toe en benaderen we dus de realiteit wat meer, dan zien we zowel bij de 1000Mbit/s- als bij de 1200Mbit/s-adapters veel betere scores dan bij de vorige generaties. Daar bleven de scores altijd ruim onder de 100 Mbit/s steken, nu gaan we daar ruim overheen.

De 1000Mbit/s-modellen komen tot zo'n 140-150, de 1200Mbit/s-varianten gaan zonder uitzondering de 180 Mbit/s voorbij. De drie hardlopers bij de tests zonder storing, steken er hier overigens niet meer bovenuit. Ook als je een stroomnet hebt zonder aardedraad en je dus niets hebt aan de 1200Mbit/s-apparaten, kun je met de 1000Mbit/s-adapters een grote sprong voorwaarts maken ten opzichte van de vorige generaties. Het enige model met geïntegreerd accesspoint is de Devolo DLAN 1200+ WiFi AC. De draadloze prestaties van dat model zijn uitstekend, met snelheden op 2,4 GHz tussen de 80 en 90 Mbit/s en ruimschoots voorbij de 200 Mbit/s op 802.11ac. Kijken we naar het stroomverbruik, dan verbruikt de adapter met wifi logischerwijs beduidend meer dan adapters die deze functionaliteit niet bieden. De resultaten van alle geteste modellen vind je in de tabel.

Testmethode

We hebben alle adapters aangesloten op ons middels een stroomfilter geïsoleerde testbord en de prestaties gemeten op 25 en 50 meter afstand, waarbij we op 50 meter ook nog een test gedaan hebben met storing. Bij die laatste test sluiten we de tweede adapter aan op een slechte stekkerdoos, waarvan we weten dat die voor heel erg veel continue storing zorgt. In de praktijk is dat zelden het geval, of je moet je adapter ook op een (slechte) stekkerdoos aansluiten, of de adapters in de buurt van een apparaat plaatsen dat gedurende langere tijd voor een zware last zorgt op het stroomnet.

Schakelende adapters - zoals die van de oplader van je telefoon of lampen die ingeschakeld worden - en andere apparaten die dan wel en dan weer niet (veel) stroom pakken van het netwerk, zorgen voor pieken en piekjes waardoor er data verloren kunnen gaan. We hebben in ons testlab recent ook wat steekproeven gedaan met dit soort apparaten, maar die leverden niet de consistentie in prestaties op die we wel ervaren met onze stekkerdoos. Aangezien die consistentie erg belangrijk is voor de reproduceerbaarheid van de test, verkiezen we onze originele opstelling.

Conclusie

Het is duidelijk dat HomePlug AV2 een forse sprong voorwaarts is ten opzichte van de voorgaande generatie powerline-adapters. Dat is op meerdere vlakken goed nieuws als je overweegt om een kitje aan te schaffen. Heb je een stroomnet dat goed overweg kan met de signalen van powerline-adapters, dan ga je hoogstwaarschijnlijk een duidelijk merkbare snelheidstoename meemaken ten opzichte van bijvoorbeeld een 500Mbit/s-adapter. Laat je stroomnet op dit moment maar weinig heel van het signaal, dan is de kans aanwezig dat het deze nieuwe modellen wel lukt om een bruikbare bandbreedte op de plaats van bestemming te krijgen.

Een nadeel van met name de 1200Mbit/s-modellen met MIMO-technologie is dat ze relatief duur zijn, zeker als je bedenkt dat je op vrijwel alle exemplaren zelf nog een accesspoint moet aansluiten om draadloos verbinding te kunnen maken. De Devolo DLAN 1200+ WiFi AC is op dit moment de ultieme set powerline-adapters die je kunt kopen en belonen we met het predicaat Best Getest. Blijven we even bij de 1200Mbit/s-adapters, dan krijgt de Netgear PL1200 onze Redactie-tip. In de 1000Mbit/s-categorie reiken we ook nog een Redactie-tip uit aan de ZyXEL PLA5206, dit is een prima keuze als je thuis geen randaarde hebt.

Powerline vs repeater

Powerline-adapters en repeaters zorgen beide voor netwerktoegang op plaatsen waar dat je tot dan toe geen netwerktoegang had, bijvoorbeeld de zolder waar je met het draadloze signaal van je router net niet komt. Een repeater is op het eerste gezicht het ideale product voor dit probleem. Die steek je vaak rechtstreeks in een stopcontact, waarna zowel er draadloos verbinding wordt gelegd met met de router of het accesspoint, en met de op de repeater aangesloten clients. Een groot nadeel van met name de goedkope repeaters, is dat die je bandbreedte halveren.

Er zijn wel dualband-repeaters met zowel een 2,4GHz- als een 5GHz-netwerk; deze gebruiken de ene frequentie voor de verbinding met de router en de andere voor de verbinding met de client. Deze repeaters zijn met een prijs van zo'n 100 euro ook meteen een stuk duurder. Daarnaast is het maar de vraag of ze het probleem met je netwerk oplossen. Als je de 2,4GHz-band gebruikt voor de verbinding met de router, heb je dan wel genoeg aan de qua reikwijdte veel beperktere 5GHz-band om het signaal door te zetten naar de clients?

Een voordeel van powerline-adapters is dat je veel vrijheid hebt in de plaatsing van de apparaten. Waar je bij repeaters eigenlijk één optimale locatie hebt waar je hem moet plaatsen, kun je bij powerline-adapters zoveel stopcontacten uitproberen als je maar wilt.

©PXimport

Een wifi-repeater is de eenvoudigste en goedkoopste manier om een netwerk uit te breiden, maar heeft wel nadelen.

â–¼ Volgende artikel
Hoe kies je de juiste powerbank?
© Tevarak Phanduang | NaMaKuki_2016
Huis

Hoe kies je de juiste powerbank?

Je bent onderweg en ziet dat je telefoon nog maar vijf procent batterij heeft. Op dat moment is een powerbank precies wat je nodig hebt. Alleen: welke? De juiste keuze begint met twee vragen: hoeveel energie heb je onderweg nodig en hoe snel moet die energie eruit kunnen?

In dit artikel

Je leest hier hoe je een powerbank kiest die past bij jouw gebruik. Je ziet waarom mAh op de verpakking niet alles zegt en hoe je met wattuur (Wh) beter ziet hoeveel energie een powerbank kan opslaan en afgeven.  Ook leggen we uit waar laadsnelheid vandaan komt, wat usb-c en Power Delivery doen en waarom de juiste kabel bij hogere vermogens belangrijk is. Tot slot krijg je tips voor het opladen van een tablet of laptop.

Lees ook: Slimme tips om energie te besparen op je smartphone

Capaciteit: mAh is handig, maar reken in Wh

In de specificaties van powerbanks zie je bijna altijd een getal in milliampère-uur (mAh). Maar daarbij moet je je wel realiseren dat dat niet het hele verhaal is. Fabrikanten geven die mAh vaak op bij de interne batterijspanning van de cellen in de powerbank (meestal rond 3,6 tot 3,7 volt). Jouw telefoon laadt meestal via 5 volt, en bij snelladen soms op 9 of 12 volt. Die omzetting kost energie.

Zie de powerbank als een watertank met een kraan die je moet omzetten naar een andere maat aansluiting. Dat omzetten levert altijd wat verlies op. Daarom haal je in de praktijk niet 10.000 mAh uit 10.000 mAh. Reken grofweg met een bruikbare opbrengst die vaak ergens rond de 60 tot 80 procent ligt, afhankelijk van de kwaliteit van de elektronica en hoe je laadt. Met 10.000 mAh kun je een gemiddelde smartphone daarom meestal geen twee keer volledig vullen, maar eerder ongeveer anderhalf keer. Heb je een telefoon met een kleinere accu, dan kom je dichter bij de opgegeven twee keer; met een grotere accu haal je dat juist minder snel.

Wil je wat preciezer rekenen, kijk dan naar wattuur (Wh). Dat is de eenheid die echt iets zegt over hoeveel energie erin zit. Een eenvoudige omrekening helpt: Wh = (mAh × volt) / 1000. Staat er op de powerbank bijvoorbeeld 10.000 mAh bij 3,7 V, dan is dat ongeveer 37 Wh aan energie in de cellen, voordat je het omzetverlies meeneemt.

Powerbanks vergelijken

In de winkel zie je bijna altijd mAh als capaciteitsaanduiding. Zoals je hierboven hebt kunnen lezen is dat niet perfect. Maar omdat fabrikanten dezelfde soort cellen gebruiken en allemaal op dezelfde manier rekenen, kun je mAh wel gebruiken om powerbanks onderling te vergelijken. Heb je een powerbank gevonden die je wat lijkt, dan kun je bovenstaande berekening gebruiken om een meer realistisch beeld van het aantal keer opladen te krijgen.

View post on TikTok

Hoeveel capaciteit heb je echt nodig?

Als je vooral een extra lading voor je telefoon zoekt op een lange dag, dan zit je met 10.000 mAh in de praktijk vaak goed. Is 'bijna vol' al al genoeg, dan kan 5.000 mAh ook, maar reken er dan niet op dat je elke moderne smartphone die helemaal leeg is weer volledig volgeladen krijgt. Ga je een weekend weg of laad je meerdere apparaten op, dan is 20.000 mAh een logische stap. Je hebt dan meer oplaadcapaciteit, maar houd er wel rekening mee dat dat ook betekent dat de powerbank groter en zwaarder is.

Voor tablets geldt hetzelfde principe, alleen is de interne accu meestal groter dan die van een telefoon. Daardoor lijkt een powerbank die voor je telefoon prima is, bij een tablet ineens snel leeg. Dat is niet vreemd: je giet simpelweg meer water in een grotere emmer. Voor laptops ligt het net even anders: daar draait het niet alleen om capaciteit, maar vooral om het vermogen (wattage). Daar komen we zo op terug.


🔋Tot zover ging het over de hoeveelheid energie (mAh/Wh). De volgende stap is de afgifte: met welk vermogen (watt) kan de powerbank die energie aan je telefoon, tablet of laptop leveren? 


Snelheid: wattage maakt het verschil

Capaciteit zegt iets over hoe vaak je kunt laden. Snelheid gaat over wattage: hoeveel vermogen de powerbank kan leveren. Dat vermogen is vooral relevant als je snel wilt bijladen, of als je een tablet of laptop wilt opladen. USB-c is daarbij de norm geworden, en USB Power Delivery (PD) is de techniek waarmee lader en toestel afspraken maken over spanning en stroom. Je powerbank en je telefoon of laptop stemmen dat onderling af, zodat laden snel kan zonder dat het onveilig wordt. Daarvoor moeten de poort en je kabel het wel ondersteunen. Let daarom ook op de aansluitingen: usb-c heb je nodig voor snelladen met Power Delivery, terwijl usb-a vooral handig is als je oudere kabels of accessoires gebruikt.

©vadish - stock.adobe.com

Eén powerbank voor telefoon én laptop: waar je op let

Een laptop opladen vraagt meer dan een telefoon. Bij een telefoon kom je vaak weg met 10 tot 20 watt. Een laptop heeft meestal 45 watt of meer nodig, en veel modellen werken prettiger met 65 watt of hoger, zeker als je tijdens het laden ook blijft werken. De beste snelcheck is simpel: kijk naar het wattage van je eigen laptoplader. Dat is je richtgetal. Zit je daar ver onder, dan kan het laden extreem traag worden, of je laptop accepteert de lader helemaal niet.

Ook de juiste kabel is belangrijk. Voor hogere vermogens is niet elke usb-C-kabel geschikt. Tot ongeveer 60 watt (meestal 20 V bij 3 A) gaat het vaak goed met een kabel die expliciet 3 A ondersteunt. Ga je boven de 60 watt, dan heb je doorgaans een usb-c-kabel nodig die 5 A aankan. Zulke kabels hebben meestal een kleine chip in de stekker, een zogeheten e-marker. Die chip vertelt aan de powerbank en je laptop dat de kabel veilig meer stroom kan verwerken. Zie het als een identiteitsbewijs: zonder e-marker schakelt het systeem vaak terug naar een lagere stand, zodat het laden langzamer gaat en de kabel niet te warm wordt. Kijk in de specificaties of op de kabel zelf of er 3 A (tot circa 60 W) of 5 A (voor hogere vermogens) staat; dat is de snelste check. 

Formaat en gewicht: energie weegt nu eenmaal wat

Meer capaciteit betekent meestal meer cellen, en dus meer gewicht. Een powerbank van 20.000 mAh zit vaak ergens in de buurt van 350 tot 500 gram. Dat voelt in een jaszak al snel log. In een rugtas valt het mee. Stel jezelf dus de vraag: wil je elke dag een kleine powerbank mee voor noodgevallen, of is dat voor jou niet genoeg en ga je dus voor een grotere powerbank? 

Veiligheid: kies niet alleen op prijs

Bij draagbare accu's wil je geen twijfel over veiligheid. Een powerbank hoort bescherming te hebben tegen oververhitting, overladen en kortsluiting, maar bij heel goedkope modellen is dat niet altijd goed geregeld. De kans dat het misgaat is klein, alleen zijn de gevolgen groot als het wél gebeurt. Kies daarom liever een merk dat laat zien hoe het met veiligheid omgaat en dat testnormen en keurmerken gewoon vermeldt. Je hoeft die standaarden niet uit je hoofd te leren, maar het helpt als een merk concreet zegt welke testen en keurmerken het gebruikt. 

Zo kies je de juiste powerbank

 De juiste powerbank kies je door stap voor stap te bepalen wat je nodig hebt: eerst de hoeveelheid energie (liefst in Wh, met mAh als praktische indicatie), daarna de laadsnelheid (wattage en PD), en pas daarna pas de vorm en het gewicht. Voor dagelijks gebruik zit je vaak goed met een compacte powerbank rond 10.000 mAh met usb-c en Power Delivery. Wil je meer capaciteit zodat je meerdere keren kunt opladen (of ook je tablet opladen), dan is 20.000 mAh logischer. Houd er dan wel rekening mee dat de powerbank zwaarder wordt. Wil je ook een laptop kunnen laden, kijk dan naar het wattage van je laptoplader en kies een powerbank die dat vermogen via usb-c PD kan leveren, inclusief een kabel die geschikt is voor dat hogere vermogen.

â–¼ Volgende artikel
Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion
Huis

Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion

Uitgever Square Enix heeft de game Life is Strange: Reunion aangekondigd, een nieuw deel in de Life is Strange-franchise.

Begin deze maand gingen er al geruchten over het spel, omdat de naam al gemeld werd op de website van PEGI, de Europese organisatie die leeftijdskeuringen geeft aan spellen. Inmiddels is de game dus officieel aangekondigd en valt hieronder de eerste trailer te zien.

De allereerste Life is Strange-game draaide om hoofdpersonage Max Caulfield en haar vriendschap met Chloe Price. Vervolgen Life is Strange 2 en Life is Strange: True Colors draaiden echter om andere personages. In het in 2024 uitgekomen Life is Strange: Double Exposure keerde Max al terug, en in het aanstaande Reunion zijn beide dames weer te zien.

Terug naar Caledon University

Sterker nog: Life is Strange Reunion moet de saga rondom Max en Chloe in zijn geheel afronden. Het is dus waarschijnlijk dat dit de laatste game wordt waarin beide vriendinnen te zien zijn. Spelers doen wederom Caledon University aan, waar Max als een fotografiedocente werkt. Wanneer ze na een weekendje weg terugkeert, staat de school echter in brand, wat desastreuse gevolgen heeft voor het gebouw en de studenten.

Max kan zelf echter ternauwernood ontsnappen dankzij een speciale kracht waardoor ze de tijd kan terugspoelen - een kracht die terugkeert uit het oorspronkelijke spel. Max heeft vervolgens drie dagen de tijd om uit te zoeken hoe de brand ontstond en het tegen te houden. Tegelijkertijd arriveert ook Chloe op Caledon, die geplaagd wordt door de nachtmerries van een verleden die ze nooit heeft meegemaakt.

Spelers besturen in deze verhalende adventuregame afwisselend Max en Chloe, waarbij men gebruik kan maken van de terugspoelkrachten van Max en Chloe's praatgrage mond om meer info te achterhalen.

Vanaf 26 maart beschikbaar

Life is Strange: Reunion verschijnt op 26 maart voor PlayStation 5, Xbox Series X en S en pc. De standaard versie gaat 49,99 euro kosten, maar er komen ook een Deluxe Edition (59,99 euro), Twin Pack met Life is Strange: Double Exposure (69,99 euro) en Collector's Edition (prijs in euro's nog niet bekend, 99,99 dollar) beschikbaar.

Watch on YouTube
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.