ID.nl logo
Zo gebruik je een docker op je Raspberry Pi
© Reshift Digital
Huis

Zo gebruik je een docker op je Raspberry Pi

Een Raspberry Pi is ideaal om allerlei programma’s op te installeren die altijd moeten draaien. De betrouwbaarste manier om dat te doen, is met Docker: zo draait elk programma geïsoleerd in een container, waardoor ze elkaar niet kunnen hinderen. We laten zien hoe je Docker op een Raspberry Pi gebruikt en waarop je zoal dient te letten.

Als je al even een Raspberry Pi in huis hebt, is de kans groot dat je er meer en meer software op blijft installeren. Home Assistant,Zwave2Mqtt, Node-RED, Rhasspy … Dat gaat allemaal goed, tot je al je software eens naar een nieuwe versie bijwerkt, en plots een van je programma’s niet meer werkt en een vage foutmelding geeft.

Wat is er gebeurd? Een veel voorkomend scenario is het volgende. Software A en B gebruiken beide versie 1.0 van bibliotheek C. Ondertussen komt versie 2.0 van bibliotheek C uit, die incompatibel is met C 1.0. Software A wordt herschreven om van bibliotheek C 2.0 gebruik te maken, terwijl de ontwikkelaars van software B niet zo snel zijn en nog even bij bibliotheek C 1.0 blijven. Je updatet software A en daardoor wordt bibliotheek C 2.0 geïnstalleerd. Maar Raspbian kan maar één versie van een bibliotheek installeren. Daardoor werkt software B plots niet meer, want die is niet compatibel met bibliotheek C 2.0.

In de praktijk doen Linux-distributies er alles aan om dit soort situaties te vermijden, maar het gebeurt. Soms op veel subtielere manieren, zodat het niet altijd onmiddellijk duidelijk is wat de oorzaak van het probleem is.

01 Wat is Docker?

Docker maakt het eenvoudig voor ontwikkelaars om toepassingen te verspreiden zodat je die op elk Linux-systeem kunt draaien. Die toepassingen vind je in de vorm van een image op de Docker Hub. Zo’n image is in feite een sjabloon voor een minimaal Linux-systeem, dat je bovenop Raspbian kunt draaien in de vorm van een container.

Elke container is volledig geïsoleerd van andere containers. De toepassing in een container ziet dus niet de toepassingen in andere containers. En door één container te installeren en bij te werken, ben je zeker dat die nieuwe versie niet in conflict komt met toepassingen in andere containers. Als je meer dan een handvol toepassingen op je Raspberry Pi wilt draaien, helpt Docker je dus om dat op een betrouwbare manier te doen. Dankzij Docker kun je ook gerust experimenteren met nieuwe software: bevalt die je niet, dan verwijder je achteraf gewoon de container.

©PXimport

02 Installeer Docker

We gaan ervan uit dat je Raspbian hebt geïnstalleerd, de Lite-versie is voldoende. Daarna log je in via ssh om de opdrachten in deze basiscursus uit te voeren. Als eerste installeer je Docker met de opdracht:

curl -sSL https://get.docker.com | sh

Geef daarna de gebruiker pi (waarmee je ingelogd bent) toegang tot Docker, zodat je niet alle Docker-opdrachten met het commando sudo moet uitvoeren:

sudo usermod pi -aG docker

Log uit met exit en log daarna weer in. Nu behoort de gebruiker pi tot de groep docker.

©PXimport

03 Hallo wereld

Je zou nu een eerste Docker-container moeten kunnen opstarten:

docker run --rm hello-world

Met deze opdracht draai je de Docker-container hello-world. Deze container toont in zijn uitvoer wat er exact gebeurt: het image wordt niet op je Raspberry Pi gevonden en wordt dan door Docker van de Docker Hub gedownload. Daarna maakt Docker een container op basis van dit image en voert het programma erin uit. Door de optie --rm wordt de container na het afsluiten van het programma opgeruimd. Je weet nu dat Docker correct geïnstalleerd is en werkt.

©PXimport

Hypriot

We installeren in deze basiscursus eenvoudigweg Docker op Raspbian, maar er zijn ook andere besturingssystemen mogelijk als je geïnteresseerd bent in Docker op een Raspberry Pi. Zo is er Hypriot: een besturingssysteem voor de Raspberry Pi dat is geoptimaliseerd voor gebruik van Docker. Je hoeft dan alleen maar dit image op het micro-sd-kaartje van je Raspberry Pi te installeren en je kunt onmiddellijk met Docker aan de slag. Hypriot is vooral interessant als je alleen maar Docker-containers op je Raspberry Pi draait en niets anders.

04 Maak containers aan

De basis om met Docker-containers te werken, gebeurt met de opdracht docker, zoals we in de vorige stap al toonden. Meestal wil je met Docker geen container uitvoeren en onmiddellijk afsluiten, maar die laten draaien. We gebruiken dan dus niet de optie --rm. Bovendien wil je die container op de achtergrond laten draaien, zonder de uitvoer de hele tijd op het scherm te zien. Daarvoor dient de optie -d.

Als je een container op deze manier zou opstarten, geeft Docker die een willekeurige naam, wat niet handig is als je meer dan een handvol containers hebt. Met de optie --name NAAM geef je de container daarom een vaste naam.

Dan moet je ook nog kijken naar de netwerkverbindingen. Aangezien elke Docker-container geïsoleerd is, krijg je niet zomaar toegang tot bijvoorbeeld een webserver die op poort 80 draait in een container. Daarom moet je Docker opdragen om elke aanvraag op bijvoorbeeld poort 8888 op de Raspberry Pi door te sturen naar poort 80 in een specifieke container. Dat doe je met de optie -p 8888:80. Als je al deze opties samenneemt voor de voorbeeldcontainer containous/whoami, voer je de volgende opdracht uit:

docker run -d --name whoami -p 8888:80 containous/whoami

Als alles goed gaat, krijg je na een tijdje een lange tekenreeks met hexadecimale cijfers te zien (zoals 5122c935ce5178751a59699d2c5605c607700bd04e5f57a6c18de434ae53956e). Dit is het ID van de container. Als je nu in je webbrowser surft naar http://IP:8888 met in plaats van IP het ip-adres van je Raspberry Pi, krijg je een webpagina te zien die door de webserver in de container gegenereerd wordt.

©PXimport

05 Bekijk je containers

Als je zo enkele containers hebt opgestart, begint het beheer belangrijk te worden. Allereerst is het nuttig om te zien welke containers er draaien:

docker ps

Je krijgt dan informatie over alle containers te zien die actief zijn (met de optie -a erbij ook van de containers die zijn gestopt). In de eerste kolom staat een uniek ID voor elke container, daarnaast het image op basis waarvan de container aangemaakt is. De kolom STATUS bekijk je het best bij problemen. Als je container bijvoorbeeld bij een probleem maar blijft herstarten, zie je dat hier.

In de kolom PORTS zie je de gebruikte poorten. Voor onze container whoami staat daar bijvoorbeeld 0.0.0.0:8888->80/tcp. Dat betekent dat tcp-poort 8888 op de Raspberry Pi wordt omgeleid naar tcp-poort 80 op de container. In de laatste kolom zie je de naam van de container, die kun je in verdere Docker-opdrachten gebruiken.

Wil je meer informatie, dan komt het commando docker stats van pas. Je krijgt dan van elke container statistieken te zien, zoals het verbruik van de processor, het geheugen en het netwerk. Wil je alle informatie die Docker over een specifieke container kent, voer dan dit commando uit met het ID of de naam van de container:

docker inspect CONTAINER

En wil je tot slot de logs bekijken van een container, voer dan een van deze twee opdrachten uit:

docker logs CONTAINERdocker logs -f CONTAINER

Met de optie -f volg je de logs realtime terwijl de container ze genereert.

©PXimport

06 Beheer je containers en images

Als je een container wilt stoppen, starten of een draaiende container herstarten, kan dat eenvoudig met respectievelijk deze commando’s:

docker stop CONTAINERdocker start CONTAINERdocker restart CONTAINER

Wil je tijdelijk een container pauzeren (alle programma’s erin worden dan tijdelijk ‘bevroren’), voer dan deze opdracht uit:

docker pause CONTAINER

Na deze opdracht draaien alle programma’s in de container opnieuw:

docker unpause CONTAINER

Met het commando docker images krijg je de lijst te zien van de images die Docker gedownload heeft. Voor onze whoami-container zie je in de kolom REPOSITORY de tekst containous/whoami staan en in de kolom TAG staat latest. De volledige naam van het image zou containous/whoami:latest zijn, maar die latest is de standaardwaarde voor de tag, dus kan weggelaten worden. Daarom dat we in onze opdracht in paragraaf 4 met docker run gewoon containous/whoami als image hebben opgegeven.

In de kolom CREATED zie je hoelang geleden dit image is gedownload. Wil je dit image updaten, dan voer je de volgende opdracht uit:

docker pull containous/whoami:latest

Docker downloadt dan de nieuwste versie van het image of vertelt je dat het image up-to-date is. Als je daarna nog eens docker images uitvoert, zie je dat er een image is bijgekomen.

Maar de huidige whoami-container gebruikt nog altijd het oude image. Om dit te upgraden, stop (docker stop whoami) en verwijder (docker rm wohami) je de container, en creëer je de container opnieuw met de opdracht docker run uit paragraaf 4.

©PXimport

Opruimen

Update je regelmatig je Docker-images om de nieuwste versie in een container te draaien, dan blijven de oude images gewoon staan. De micro-sd-kaart van je Raspberry Pi met een capaciteit van hoogstens enkele tientallen gigabytes kan daardoor snel vol raken, zeker als je grote containers draait. Zo zijn containers zoals die van Home Assistant en Rhasspy meer dan een gigabyte groot. Nu werkt Docker wel met een systeem zodat bij een update niet die volledige gigabyte opnieuw gedownload en opgeslagen wordt, maar na vele updates blijft de benodigde opslag wel toenemen. Met de opdracht docker rmi IMAGE_ID verwijder je een image op basis van het ID dat je in de uitvoer van de opdracht docker images vindt. Docker kent ook de opdracht docker image prune waarmee je alle images verwijdert die niet door een container worden gebruikt. Met docker system prune verwijder je ook gestopte containers, netwerken die niet tenminste door één container worden gebruikt en cachebestanden.

©PXimport

07 Volumes

Onze voorbeeldcontainer whoami maakte geen gebruik van configuratiegegevens of data. Maar je kunt een directory op je Raspberry Pi delen met een Docker-container, zodat die toegang krijgt tot gegevens daarvan. Zo’n gedeelde directory noemt Docker een volume.

Als je met meerdere containers op je Raspberry Pi gaat werken, is het aan te raden om hun directory’s allemaal bij elkaar te zetten. Maak een directory daarvoor aan, bijvoorbeeld met:

mkdir -p /home/pi/containers/nginx/data

Plaats dan in de map containers/nginx/data een bestand index.html met een html-pagina.

Dan kun je nu een container met nginx (een webserver) opstarten waarmee je deze directory deelt:

docker run -d --name nginx -p 8080:80 -v /home/pi/containers/nginx/data:/usr/share/nginx/html:ro nginx

Daarna start de container met de webserver op en koppelt die de directory /home/pi/containers/nging/data op je Raspberry Pi in de container aan op de locatie /usr/share/nginx/html, met alleen leesrechten (ro staat voor read-only). Als je nu surft naar IP:8080 krijg je het html-bestand index.html te zien.

©PXimport

08 Docker Compose

Tot nu toe hebben we handmatig Docker-containers opgestart met opdracht docker run. Maar als je wat meer Docker-containers draait en regelmatig hun configuratie wilt aanpassen, is een andere aanpak beter: alles in één configuratiebestand zetten. Dat gaat met Docker Compose.

Installeer daarvoor eerst Pythons pakketbeheerder pip en dan Docker Compose (dat een Python-programma is) met deze opdrachten:

sudo apt install python3-pip

sudo pip3 install docker-compose

Nu kun je de configuratie van meerdere Docker-containers in een bestand docker-compose.yml zetten. Maak daarvoor een Docker Compose-bestand aan met:

nano docker-compose.yml

Plaats daarin de volgende configuratie voor onze voorbeeldcontainers whoami en nginx:

version: '3.7'services:whoami:image: containous/whoamicontainer_name: whoamirestart: alwaysports:- 8888:80nginx:image: nginxcontainer_name: nginxrestart: alwaysports:- 8080:80volumes:- /home/pi/containers/nginx/data:/usr/share/nginx/html:ro

09 YAML

Sla het bestand op met Ctrl+O en sluit nano af met Ctrl+X. Het gaat hier om een YAML-bestand (met de extensie .yml). YAML (staat voor de recursieve afkorting ‘YAML Ain’t Markup Language’) is een bestandsformaat om configuratiegegevens op een leesbare manier te definiëren. Meer info vind je op de officiële website.

Je ziet in dit bestand dat we twee containers als services definiëren. Bij elke container definiëren we het gebruikte image, de naam die de container moet krijgen en of de container vanzelf moet herstarten bij problemen. Daarnaast definiëren we ook de omgeleide poorten en de volumes.

Al deze informatie vind je ook op de opdrachtregels met docker run, maar in dit Docker Compose-bestand is het wat overzichtelijker.

©PXimport

10 Werken met Docker Compose

Zodra je een bestand docker-compose.yml hebt, kun je eenvoudig de erin gedefinieerde containers aanmaken en opstarten:

docker-compose up -d

Daarna kun je deze containers beheren met de docker-opdracht, maar docker-compose heeft zelf ook heel wat opties specifiek om containers te beheren die je met Docker Compose hebt aangemaakt. Zo ruim je alles op met de volgende opdracht, alle gedefinieerde containers worden gestopt en verwijderd:

docker-compose down

Verder kun je de logs van alle containers opvolgen met:

docker-compose logs -f

Elke container geeft zijn logmeldingen daarbij in een andere kleur. Ook Docker Compose heeft een bekend riedeltje voor het stoppen, starten en herstarten van alle containers:

docker-compose stop

docker-compose start

docker-compose restart

Alle containers in je Docker Compose-bestand updaten doe je met de volgende twee opdrachten:

docker-compose pull

docker-compose restart

De eerste opdracht downloadt nieuwe images voor alle containers die je hebt gedefinieerd en de tweede opdracht herstart al die containers zodat ze het nieuwe image gebruiken. Daarna kun je indien gewenst de oude images verwijderen met:

docker image prune

11 En verder

Van veel toepassingen vind je Docker-images op Docker Hub. Op LinuxServer.io vind je ook tientallen Docker-images die door vrijwilligers worden bijgehouden. Deze images zijn goed onderhouden en gedocumenteerd, en ze gebruiken allemaal een vergelijkbare aanpak en basisinfrastructuur.

Probeer je te beperken tot ‘officiële’ Docker-images, die door een project zelf worden aangeboden, of images van betrouwbare partijen zoals LinuxServer.io. Want iedereen kan in principe Docker-images publiceren op Docker Hub, maar ze worden niet altijd up-to-date gehouden.

©PXimport

De juiste processorarchitectuur

Het is belangrijk dat je Docker-images voor de juiste processorarchitectuur downloadt. De Raspberry Pi heeft een ARM-processor, die niet compatibel is met de Intel- of AMD-processoren die je in pc’s vindt. Veel Docker-images worden zo gepubliceerd dat automatisch de juiste versie voor je processorarchitectuur wordt gedownload. Op Docker Hub vind je bij de pagina over het gewenste Docker-image welke architecturen zijn ondersteund. Voor Raspbian is dat arm32v7, arm/v7 of armhf. Als je bij het starten van een Docker-container de foutmelding exec format error krijgt, heb je waarschijnlijk een image van de verkeerde processorarchitectuur gedownload. Als dat gebeurt, dien je een image met een andere tag te downloaden. Zo verspreidt het project motionEye zijn officiële Docker-image met twee mogelijke tags: je draait ccrisan/motioneye:master-amd64 op Intel-compatibele processoren en ccrisan/motioneye:master-armhf op een Raspberry Pi.

▼ Volgende artikel
CES 2026: 4 opvallende dingen gespot door Martin van Power Unlimited Tech
Huis

CES 2026: 4 opvallende dingen gespot door Martin van Power Unlimited Tech

Je hebt ze deze week al eerder voorbij zien komen: de meest opvallende dingen die Martin Verschoor van Power Unlimited Tech tegen is gekomen op de CES in Las Vegas. We hebben er weer een aantal voor je verzameld!

Ook leuk: CES 2026: 3 opvallende dingen gespot door Martin van Power Unlimited Tech

De Mouth of Truth (maar dan anders)

View post on TikTok

Samsung SmartThings-AI als dierenarts 

View post on TikTok

TCL AiMe: gezelschapsrobot wordt steeds persoonlijker

View post on TikTok

LG televisie: met recht een Wallpaper-tv

View post on TikTok
▼ Volgende artikel
CES 2026: LG OLED evo W6 Wallpaper TV is 9 mm dun en is 'true wireless' met Zero Connect Box
© LG
Huis

CES 2026: LG OLED evo W6 Wallpaper TV is 9 mm dun en is 'true wireless' met Zero Connect Box

LG heeft op CES 2026 de OLED evo W6 aangekondigd: een nieuwe versie van zijn Wallpaper TV die ongeveer 9 millimeter dun is en vrijwel vlak tegen de muur kan hangen. Aansluitingen zoals HDMI zitten niet meer in het scherm, maar in een losse Zero Connect Box die je tot 10 meter verderop kunt plaatsen; beeld en geluid gaan daarna draadloos naar de tv.

View post on TikTok

LG grijpt met de W6 terug op het 'Wallpaper Design' dat het in 2017 introduceerde. Het idee is dat de tv zo min mogelijk uitsteekt en van rand tot rand vlak tegen de muur hangt. Volgens LG is dat gelukt door interne onderdelen te verkleinen en de opbouw van het toestel opnieuw te ontwerpen. De wandbeugel is daarbij aangepast om de tv strakker tegen de muur te laten zitten.

Het 'true wireless'-deel zit in die Zero Connect Box. Daar sluit je al je bronnen op aan, terwijl de tv zelf zo leeg mogelijk blijft. LG zegt dat de draadloze verbinding 4K-video en audio naar het scherm stuurt zonder zichtbaar kwaliteitsverlies. In de praktijk is dit vooral interessant als je geen kabelbundel naar de tv wilt of als je apparatuur liever in een kast zet, bijvoorbeeld een spelcomputer of settopbox.

Naast het ontwerp zet LG ook in op beeldkwaliteit. Het bedrijf spreekt over een nieuw beeldpakket met 'Hyper Radiant Color Technology'. Dat moet dat zorgen voor diep zwart, felle kleuren en een hogere helderheid, terwijl reflecties op het scherm juist worden teruggedrongen.

De beeldverwerking komt van de nieuwe α (Alpha) 11 AI Processor Gen3. LG stelt dat de neurale rekenkracht in deze generatie flink is toegenomen en dat een 'Dual AI Engine' twee taken tegelijk kan uitvoeren: ruis verminderen én detail behouden. Dat moet vooral helpen bij gecomprimeerde streams en oudere content, waar tv's soms óf te veel gladstrijken óf juist onnatuurlijk scherpte toevoegen.

Ook op gaming mikt LG nadrukkelijk. De W6 en de andere 2026 OLED evo-modellen ondersteunen 4K met een verversingssnelheid tot 165 Hz, samen met NVIDIA G-SYNC Compatible en AMD FreeSync Premium om tearing te beperken. Verder zijn Auto Low Latency Mode en een opgegeven pixelresponstijd van 0,1 ms aanwezig, wat vooral belangrijk is als je snel bewegende games speelt en zo weinig mogelijk vertraging wilt.

Aan de softwarekant blijft webOS het platform, met extra personalisatie. Via Voice ID kan de tv herkennen wie er praat en schakelt hij naar een persoonlijke startpagina met bijbehorende apps en widgets. LG integreert daarnaast AI-functies met onder meer Google Gemini en Microsoft Copilot, zodat je vragen kunt stellen of extra context kunt opvragen zonder de app te verlaten. Met de nieuwe optie 'In This Scene' kun je bijvoorbeeld informatie over acteurs en gerelateerde content oproepen.

Wie de tv ook als 'scherm aan de muur' wil gebruiken, heeft toegang tot LG Gallery+. Dat is een dienst die de tv afbeeldingen laat tonen, van kunst en video-stills tot eigen foto's en beelden die je met generatieve AI maakt. LG zegt dat er ruim 4.500 visuals beschikbaar zijn en dat de dienst op meer modellen in de 2026-line-up uitrolt, niet alleen op de W6.

Wanneer de LG OLED evo W6 precies op de markt komt, in welke formaten en wat de prijzen gaan worden is nog niet bekend.

©LG

 Bekijk alle televisies van LG op Kieskeurig.nl