ID.nl logo
Zo leg je het beste thuisnetwerk aan
© Reshift Digital
Huis

Zo leg je het beste thuisnetwerk aan

Een goed thuisnetwerk is meer dan wat draadjes in je router en vereist daarom een goed plan. Een verhuizing is daarom een perfect moment voor het aanleggen van een goed thuisnetwerk. Ook als je al een netwerk hebt, kun je misschien een hoop verbeteren.

Eigenlijk is er vrijwel niemand zonder thuisnetwerk. Alle providers leveren tegenwoordig doorgaans in één apparaat een modem en draadloze router met doorgaans vier netwerkaansluitingen. Dit voldoet voor heel simpel gebruik in situaties waarin je nauwelijks bedrade apparatuur hebt en vooral gebruik maakt van wifi. In de praktijk loop je al snel tegen de beperkingen aan en een volwaardig thuisnetwerk kun je het eigenlijk niet noemen. Lees ook: 20 tips voor een optimaal thuisnetwerk.

Want hoe sluit je je pc op de eerste verdieping snel aan op internet en hoe regel je dat je ook op zolder een snelle draadloze verbinding hebt? Voor een goed en flexibel thuisnetwerk heb je een goede infrastructuur nodig, zodat je overal in huis netwerkapparatuur kunt aansluiten. In het ideale geval heb je in iedere kamer een dubbele netwerkaansluiting. Hierop kun je apparaten als pc's, televisies of mediaspelers aansluiten. Als je een bekabeld netwerk goed wilt aanleggen, komt daar wel meer bij kijken dan wat stekkertjes knijpen op een kabel die uit de muur komt. "Wat ik altijd het eerste zeg: monteer het af op een contactdoosje. Een los kabeltje gaat kapot en een stekkertje is storingsgevoelig.", legt Gijs Voerman, netwerkspecialist bij Hollander Techniek, uit.

Kabels juist voor draadloos

Vaste netwerkaansluitingen zijn niet alleen handig voor je bekabelde apparatuur, juist je draadloze apparatuur zoals smartphones, tablets en laptops profiteren van een goede infrastructuur. Doorgaans heb je op je begane grond (waar je draadloze router staat) een prima signaal, maar is er op de eerste verdieping of zolder weinig over van je netwerkdekking. Door je hele huis van netwerkaansluitingen te voorzien ben je ook flexibel in het toevoegen van draadloze accesspoints en heb je overal een goede dekking.

De juiste kabel

Netwerkkabels zijn in vele verschillende soorten te koop, dus zonder de juiste informatie is de kans groot dat je niet de juiste kabel aanschaft. Allereerst worden kabels onderverdeeld in verschillende snelheidscategorieën die aangeduid worden door Cat met een getal erachter. Je zult in winkels Cat 5e, Cat 6, Cat 6a en Cat 7 tegenkomen. Het goede nieuws is dat al deze categorieën geschikt zijn voor de gigabitsnelheid die momenteel het meest gebruikt wordt. Wil je niet teveel geld uitgeven, dan kies je het beste voor Cat5e-kabels. Het voordeel is dat de kabels relatief dun en soepel zijn waardoor ze eenvoudig door een buis zijn te trekken. Het nadeel is dat een snelheid van 1 Gbit/s gelijk het maximale is, voor een toekomstige hogere snelheid heb je een betere kabel nodig. "Cat6 hoef je in ieder geval niet over na te denken. Deze kabels zijn net als Cat 5e gecertificeerd tot een snelheid van 1 gigabit en hebben als nadeel dat ze dikker en duurder zijn.", zegt Voerman. Wil je wel voorbereid zijn op de toekomst, dan heb je Cat 6a of Cat 7 nodig, die beide geschikt zijn voor snelheden tot 10 Gbit/s. Cat 6a is goedkoper en volgens Voerman hierdoor de juiste keuze voor thuis.

Vast of soepel

Voor het aanleggen van je bekabeling koop je netwerkkabel op een rol waar je de juiste lengte afknipt die je in bijvoorbeeld je muur verwerkt. Netwerkkabels zijn beschikbaar met een soepele (stranded) of vaste (solid) kern. Bij een vaste kern bestaan de aders uit één dikker koperdraadje, terwijl bij een soepele kabelde aders uit heel dunne koperdraadjes bestaan. Het is gelukkig niet lastig om te onthouden welke kabel je nodig hebt: ga je de kabels vast in je muur of op een andere manier verwerken om een netwerkaansluiting te maken, dan kies je voor kabels met een vaste kern. "Het is niet anders dan bij je elektrische installatie. In de muren is installatiedraad verwerkt, er komt ook geen snoer in de muur. Alleen het laatste stukje vanaf het stopcontact doe je met een snoer."

©PXimport

Je kunt netwerkkabels op een rol van bijvoorbeeld 100 meter kopen.

Koop koper!

Je weet nu dus dat je een rol netwerkkabel met een vaste kern nodig hebt. Pas wel op, want de ene kabel is ondanks de aanduiding 5e of 6a toch de andere niet. Voor de beste prestaties zijn de aders in een netwerkkabel vervaardigt uit koper. Koper is echter relatief duur en daarom zijn er ook kabels in de handel waarvan de aders gemaakt zijn van aluminium of ijzer omhuld met een dun laagje koper. "Er is een hoop rotzooi op de markt, koop daarom in ieder geval geen merkloos product", waarschuwt Gijs Voerman. Kom je de term CCA (Copper Clad Aluminium) of CCS (Copper Clad Steel) tegen, dan kun je de kabel beter in de winkel laten liggen.

Patchkabels

Voor het aansluiten van apparatuur op je netwerk gebruik je patchkabels, dit zijn netwerkkabels met een soepele kern die aan beide kanten voorzien zijn van een RJ45-stekker. Je kunt patchkabels zelf maken door RJ45-stekkertjes op een soepele kabel te knijpen met een netwerktang. Dat is volgens Voerman geen goed idee: "Ik raad je aan om niet zelf patchkabels te knijpen en kant-en-klare-patchkabels te gebruiken. Storing zit vrijwel altijd in het zelf aangeknepen stekkertje. Professioneel gebruiken we ook enkel kant-en-klare patchkabels." In theorie ben je met zelf gemaakte kabels flexibeler, maar je kunt kant-en-klare patchkabels kopen in iedere denkbare lengte en kleur.

Gooi die kabeltang maar weg!

De reden dat zelfgemaakte patchkabels voor storing zorgen, is doordat de stekkertjes niet goed zijn aangesloten op de kabel. "Storing in de aangeknepen stekker komt doordat er thuis doorgaans goedkopere krimptangen gebruikt worden. Die goedkopere tangen kunnen het stekkertje niet goed aanknijpen, wat tot storingen leidt. Duurdere en betere tangen ontgrendelen pas als het echt goed is aangeknepen. Je ziet dat echter niet en die tang van twintig euro doet het toch? Knijp je bij storing met een goede tang het stekkertje nog een keer na, dan is de storing doorgaans opgelost.", zegt Voerman. Wil je toch per se zelf patchkabels maken, dan vind je een stappenplan op onze website. Zorg dan wel een voor een goede kabeltang die de connectoren goed in één keer tegelijkertijd aandrukt. Maak alleen zelf patchkabels op basis van Cat5e-kabels. Sommige fabrikanten beweren wel dat je ook Cat6- of zelfs Cat6a-patchkabels kunt maken, maar wij raden je dat niet aan.

Kabels trekken

Met alleen het kopen van de juiste kabels ben je er niet, je moet ze vanaf je centrale ruimte naar de verschillende ruimtes voeren. In een nieuwer huis lopen er waarschijnlijk loze leidingen vanuit de meterkast naar de diverse ruimtes. Heb je geen lege leidingen, dan zul je gebruik moeten maken van creatieve oplossingen als geboorde gaten, kabelgoten en holle plinten. Iets wat je nooit moet doen, is een netwerkkabel trekken door dezelfde leiding waar ook elektriciteitskabels doorheen lopen. Voor het trekken van een kabel heb je een trekveer nodig. In een loze leiding zit doorgaans een contactdraad waarmee je kunt achterhalen welke leiding waar uitkomt. Deze draad kun je gebruiken om een trekveer door de leiding te trekken. Bevestig de netwerkkabels aan de trekveer door de gestripte koperdraadjes aan het oogje vast te maken. Met behulp van duct tape kun je de kabel extra vastmaken.

Trek kabels met zijn tweeën. Eén persoon voert de kabel in, terwijl de andere persoon aan de andere kant aan de trekveer trekt. Voerman waarschuwt om niet te ruw met de kabel om te gaan. "Wees tijdens het verwerken lief voor de kabel. Ga er niet op staan, de mantel wordt dan geplet waardoor de karakteristieke impedantie verandert en het signaal gaat reflecteren." Loopt de kabel stroef, ga dan niet heel hard trekken. Je kunt talkpoeder of speciaal kabelglijmiddel gebruiken om de wrijvingsweerstand van de kabel te verminderen. Gebruik in ieder geval geen zeepsop, groene zeep of afwasmiddel. Dat werkt tijdens het trekken waarschijnlijk wel, maar zal opdrogen tot een plakkerige substantie waar je last van hebt als je de kabel er ooit weer uit wilt halen.

©PXimport

Als je geluk hebt, lopen er in je huis loze leidingen die uitkomen in je meterkast.

Wandcontactdozen

In de ruimtes waar je een netwerkaansluiting wilt hebben, werk je de netwerkaansluiting af met een wandcontactdoos. Wandcontactdozen zijn beschikbaar in een inbouwvariant die past in de inbouwdoos waar de leiding in uitkomt of als opbouwvariant die je op een muur schroeft. Simpele Cat 5e-dozen heb je voor ongeveer een tientje. Cat 6a-varianten zijn duurder en kosten zo'n twintig euro. Daarnaast kun je ook kiezen voor een los binnenwerk dat je kunt combineren met elementen van de fabrikant van de rest van het schakelmateriaal dat je in huis hebt. Dan zijn de raampjes bijvoorbeeld hetzelfde als de raampjes van je stopcontacten. De netwerkkabels worden in beide gevallen middels LSA-stroken (zie kader 'LSA-stroken afmonteren') gemonteerd in de wandcontactdoos. Je kunt ook kiezen voor een wandcontactdoos gebaseerd op keystone-modules. Dit zijn blokjes met een netwerkaansluiting waar je de netwerkkabel op afmonteert.

Deze keystone-modules verwerk je vervolgens in een hiervoor geschikt wandcontactdoosraampje dat je eveneens kunt krijgen van dezelfde fabrikant als de rest van je schakelmateriaal. Het voordeel van deze aanpak is dat er keystone-modules verkrijgbaar zijn die je kunt afmonteren zonder gereedschap en je dan dus geen LSA punch-down tool nodig hebt.

©PXimport

Je kunt je netwerkaansluitingen afwerken met hetzelfde schakelmateriaal als bijvoorbeeld je stopcontacten.

Afwerken in de meterkast

Doorgaans is de meterkast het centrale punt in je netwerk. Ook hier werk je een netwerkkabel netjes met een netwerkaansluiting af, knijp zeker geen stekkertjes op een kabel met een vaste kern. Heb je een beperkt aantal netwerkkabels af te werken, dan kun je dat net als in de andere ruimtes doen met dubbele wandcontactdoosjes in een opbouwvariant. Heb je echter meer kabels, dan is het handiger om met een patchpanel te werken. Dit is een kastje met een groter aantal netwerkaansluitingen waarop je netwerkkabels afmonteert.

Voor thuis in de meterkast is een desktop-patchpanel handig. Anders dan de naam doet vermoeden, kun je een dergelijk patchpanel eenvoudig aan de muur schroeven. Ze zijn beschikbaar in varianten met acht of twaalf poorten. Patchpanels met meer poorten zijn alleen beschikbaar in varianten die je in een patchkast of patchrek moet verwerken en hebben een breedte van 10 of 19 inch. Zelf hebben we een desktop-patchkastje van Digitus gebruikt voor acht aansluitingen.

LSA-stroken afmonteren

In (binnenwerken voor) wandcontactdozen en in patchpanelen worden de netwerkaders gemonteerd via zogenoemde LSA-stroken. Deze aansluitingen bevatten een mesje die de mantel van de aders doorsnijdt en goed contact maakt. Je hebt een speciale LSA punch-down tool nodig om de aders vast te zetten in de LSA-strook. Je kunt een LSA punch-down tool aanschaffen voor zo'n tien euro. Voor thuisgebruik voldoet een goedkoop exemplaar prima.

©PXimport

Sluit alle acht aders aan, de overbodige stukjes draad worden door de punch-down tool afgesneden.

Actieve apparatuur

Nu je het passieve gedeelte van je thuisnetwerk op orde hebt, is het tijd om de actieve infrastructuur aan te sluiten. Je router is de centrale spil in je thuisnetwerk. Dit apparaat is verantwoordelijk voor het toegang geven van alle aangesloten apparaten door ze bijvoorbeeld een IP-adres toe te kennen en ze toegang te geven tot internet. In routers voor thuisgebruik zit tegenwoordig ook altijd een draadloos accesspoint ingebouwd. Als je het apparaat van je internetprovider hebt gekregen, is er vaak ook een modem in hetzelfde apparaat geïntegreerd. Het maakt voor de opbouw van je netwerk niet heel veel uit welke router je als basis gebruikt.

Switch

In je meterkast of centrale punt zijn je netwerkkabels afgemonteerd op wandcontactdozen of een patchpanel. Om de poorten in de gebruiksruimten actief te kunnen gebruiken moet je in de meterkast de poorten met een patchkabel verbinden met een switch. Je hebt per netwerkaansluiting één poort op een switch nodig. In de meeste routers is al een switch met vier poorten ingebouwd; tot vier afgemonteerde poorten heb je dus geen extra switch nodig.

Heb je echter meer aansluitingen afgemonteerd en dat is al het geval als je in drie kamers een dubbele aansluiting monteert, dan heb je een losse switch nodig. Je kunt bijvoorbeeld switches kopen met vijf, acht, zestien en vierentwintig poorten. Switches tot en met zestien poorten kun je vinden in compacte uitvoeringen die je zo op de muur kunt schroeven. Switches met meer poorten zijn doorgaans bedoeld voor montage in een patchkast of patchrek. Een gigabitswitch met acht poorten kost je zo'n twintig tot veertig euro. Koop in ieder geval een gigabitswitch van een bekend merk en let erop of je de switch aan de muur kunt bevestigen. Verbind alle poorten op het patchpanel met een poort van de switch. Tot slot sluit je een patchkabel aan tussen de switch en een poort op de switch van je router.

Upgraden met een switch

Netwerkverkeer tussen aangesloten apparaten blijft binnen de switch en gaat dus niet via de router. Je kunt een switch dan ook gebruiken om een netwerk gebaseerd op een 100 Mbit/s-router up te graden naar gigabit. Hang een gigabit-switch achter de router en je hele achterliggende netwerk wordt geschikt voor gigabit. Uiteraard blijft de verbinding naar internet dan wel beperkt tot 100 Mbit/s. Hetzelfde werkt ook op een switch op het einde van je netwerk. Heb je een 100Mbit/s-netwerk en zet je in je studeerkamer een gigabitswitch, dan kan de apparatuur die je op die switch aansluit met elkaar communiceren op gigabitsnelheden.

Router als accesspoint

Soms is een complete draadloze router interessanter dan een apparaat dat door een netwerkfabrikant als accesspoint verkocht wordt. In een dergelijk apparaat zit vaak geen switch terwijl in een draadloze router wel een switch zit ingebouwd. Handig als je op de netwerkaansluiting waar je het accesspoint op aansluit nog andere netwerkapparatuur wilt aansluiten. Een draadloze router die je als accesspoint inzet, moet je wel zo configureren dat hij niet als tweede router functioneert. Soms biedt de fabrikant daar zelf een aparte modus voor, in dat geval kun je de netwerkkabel doorgaans op de WAN-poort aansluiten. Biedt de fabrikant geen speciale modus, dan moet je zelf zaken als de DHCP-server uitschakelen. Je sluit de netwerkkabel dan aan op één van de normale switchpoorten en gebruikt de WAN-aansluiting dan niet.

Netwerktopologie

Het is voor de opbouw van je netwerk het mooiste om met één hoofdswitch te werken. Kom je op een switch met acht poorten echter één poortje te kort, dan is het prijsverschil tussen een switch met acht poorten en een stap hoger met zestien poorten wel erg hoog. Sluit op de switch van je router dan indien mogelijk een poort aan die niet (altijd) gebruikt wordt. In het ideale geval heb je maar één switch waarop al je bedrade apparatuur is aangesloten. Thuis is dat natuurlijk een beetje onpraktisch, het is bijna onmogelijk om zes netwerkaansluitingen bij je televisie te realiseren. Je kunt in je televisiemeubel zonder probleem een switch neerzetten om alle apparatuur aan te sluiten. Zorg er wel voor dat additionele switches altijd direct verbonden zijn met je primaire hoofdswitch, maak dus geen verdere aftakkingen.

Accesspoint

Om dat je bij een goed thuisnetwerk heel je huis van netwerkaansluitingen hebt voorzien, ben je heel flexibel in het neerzetten van draadloze accesspoints. Zeker als je gebruikt wilt maken van 802.11ac moet je accesspoint relatief dichtbij staan, het liefst zelfs in dezelfde ruimte als waar je je laptop, tablet of smartphone gebruikt. Er zijn ook accesspoints die ook hun energie uit de netwerkkabel kunnen halen, dit wordt Power over Ethernet (PoE) genoemd. Er zijn speciale (dure) switches die dit ondersteunen, maar je kunt ook werken met losse PoE-injectors waarmee je bepaalde ethernetaansluitingen in je netwerk van elektrische spanning kunt voorzien.

Powerline

De nieuwste generatie powerline-adapters haalt in de praktijk een snelheid van maximaal 270 Mbit/s, terwijl de vorige generatie zo'n 130 Mbit/s haalt. In wat mindere omstandigheden wordt het in alle gevallen al snel zo'n 100 Mbit/s. Een powerline-adapter is dus geen echt alternatief voor een netwerkverbinding, maar voor internet of het delen van een printer voldoet powerline doorgaans wel.

©PXimport

Optimalisatie

Nu je je infrastructuur hebt aangelegd en je apparatuur hebt aangesloten, zal je netwerk waarschijnlijk prima werken. Er zijn op je router wel een aantal zaken waar je naar kunt kijken om je netwerk optimaal in te stellen. Log hiervoor in op de webinterface van je router, meestal is deze bereikbaar door 192.168.1.1 in te tikken in het adresveld van je browser. Werkt dit niet, dan kun je het IP-adres van je router achterhalen door een specifiek commando te tikken achter de opdrachtprompt. In Windows 8.1 open je de commandoprompt door in het startscherm opdrachtprompt te tikken. In Windows 7 tik je opdrachtprompt in het zoekveld van het startmenu. Tik vervolgens het commando ipconfig in (gevolgd door een Enter). Het adres achter Standaardgateway is het IP-adres van je router.

©PXimport

Via de Opdrachtprompt kun je het IP-adres van je router achterhalen.

DHCP

Een van de hoofdtaken van je router is ervoor zorgen dat alle netwerkapparatuur met elkaar kan communiceren. Ieder apparaat heeft hiervoor een uniek IP-adres in de reeks van je router, deze reeks is doorgaans 192.168.1.x. Er zijn 254 adressen IP-adressen mogelijk (1 tot en met 254) waarvan er eentje (meestal de eerste) al door je router zelf geclaimd wordt. Je router kent aan ieder apparaat automatisch een IP-adres toe via een DHCP-server. Via de webinterface van je router kun je achterhalen of hoeveel IP-adressen de DHCP-server kan uitdelen. Kijk vooral of het genoeg adressen zijn, want doorgaans is niet de hele reeks van mogelijke adressen gereserveerd.

©PXimport

Controleer of de DHCP-server genoeg adressen heeft gereserveerd.

Vaste IP-adressen en reserveringen

DHCP geeft geen zekerheid dat een apparaat altijd hetzelfde IP-adres krijgt toegewezen, terwijl dat voor apparaten als een NAS of printer wel handig is. Je kunt daarom werken met vaste IP-adressen. Je logt in op de webinterface van het desbetreffende apparaat en stelt een IP-adres in dezelfde reeks als de rest van je netwerk, maar wat buiten het bereik van je DHCP-server ligt zoals 192.168.1.200. In het veld netwerkmasker vul je 255.255.255.0 in. Als er een veld is voor gateway of router vul je het IP-adres van je router in, meestal is dit 192.168.1.1.

Op veel routers kun je daarnaast ook vaste IP-adressen via de DHCP-server toekennen. Deze mogelijkheid tot DHCP-reserveringen wordt door iedere routerfabrikant anders genoemd. Onze ASUS-router spreekt over 'Manually Assigned IP around the DHCP list', terwijl andere fabrikanten het over DHCP Reservations, DHCP-reserveringen of Static Lease hebben. Hoe het ook genoemd wordt, je tikt het MAC-adres van het netwerkapparaat in de ene kolom en het IP-adres dat je wilt toekennen in de andere kolom. Uiteraard moet het adres wel in hetzelfde subnet als de DHCP-server liggen, bijvoorbeeld 192.168.1.200. Het MAC-adres van een netwerkapparaat als een NAS of netwerkprinter is te achterhalen in de webinterface van het desbetreffende apparaat. Het staat doorgaans ook op een sticker achterop het apparaat. Mocht het apparaat momenteel via DHCP een IP-adres toegewezen krijgen, dan kun je de gegevens ook terugvinden in het DHCP-overzicht van je router. Kun je het nog steeds niet vinden? Gebruik dan het tooltje Wireless Network Watcher.

©PXimport

Een vast IP-adres zorgt ervoor dat je je NAS of printer altijd kunt bereiken.

Verder lezen

Zo verbeter je je draadloze thuisnetwerk

Zo versterk je de wifi-verbinding

▼ Volgende artikel
Review Huawei Freeclip 2 – Voel je niet, hoor je wel
© Wesley Akkerman
Huis

Review Huawei Freeclip 2 – Voel je niet, hoor je wel

De Huawei Freeclip 2 is een opmerkelijke set oordopjes. Niet alleen omdat je ze om je oren draagt, alsof het oorbellen met clipjes zijn, maar omdat er een bijzonder verrassend geluid uit komt, ondanks dat compacte formaat. Het grootste minpunt? De prijs…

Goed
Conclusie

Met een prijskaartje van pakweg 200 euro moet je diep in de buidel tasten voor de Huawei Freeclip 2. Maar daar krijg je dan ook wel de meest comfortabele open-ear-oordoppen van dit moment voor terug. Koppel dat aan een warme en vertrouwde audiobeleving en je houdt een set over die in deze categorie zijn weerga niet kent. Het gedoe met de app en de bediening is vervelend, zeker op dit prijspunt, dus hopelijk doet de fabrikant daar nog iets mee.

Plus- en minpunten
  • Ongekend draagcomfort
  • Audio klinkt warm en vertrouwd
  • Overzichtelijke applicatie
  • Lekker compact oplaadhoesje
  • Lange batterijduur
  • Audio kan vervormd klinken na equalizer
  • Hoge aanschafprijs
  • Fysieke bediening wat onhandig
  • App met een omweg installeren
CategorieSpecificatie
AfmetingenOordopje: ca. 25,4 × 26,7 × 18,8 mm; Case: ca. 50 × 49,6 × 25 mm
GewichtEnkel oordopje: ca. 5,1 g; Oplaadcase: ca. 37,8 g
BouwIP57 (oordopjes), IP54 (oplaadcase)
ConnectiviteitBluetooth 6.0; Protocol: A2DP 1.3, HFP 1.7, AVRCP 1.6
Batterij60 mAh per oordopje, 537 mAh in de oplaadcase (Lithium-ionpolymeer)
GebruiksduurMuziek: 9 uur (oordopjes) / 38 uur (met case)
OpladenUSB Type-C, draadloos opladen, 40 min voor oordopjes (3C-laadtempo)
AudioDual-engine driver (10,8 mm), bereik 20 Hz tot 20.000 Hz
CodecsL2HC, AAC, SBC ondersteuning via A2DP
Microfoons4 MEMS-microfoons en 2 VPU-microfoons voor heldere gesprekken

Het kan zijn dat het ontwerp van de Huawei Freeclip 2 je nog niet bekend voorkomt. Toch bestaat dit soort oordopjes al een tijdje. Niet alleen in de vorm van de voorganger van dit model; Motorola heeft bijvoorbeeld de Buds Loop, terwijl JBL eerder de Soundgear Clips aankondigde. Desondanks geniet de productcategorie nog weinig populariteit. Waarschijnlijk vanwege de iets minder audiokwaliteit en iets hogere aanschafprijs in vergelijking met 'normale' oortjes.

De Huawei Freeclip 2 valt (net als zijn soortgenoten) onder de categorie open-ear-oordopjes (en subcategorie C-bridge). Dat betekent dat ze niet ín je oren gaan, maar net boven de gehoorgang hangen en de muziek als het ware de opening in blazen. Daardoor blijf je goed in contact met je directe omgeving terwijl je naar je eigen muziek luistert, en anderen hebben daar weinig last van: er lekt soms wat geluid weg, maar meestal zo zacht dat het nauwelijks stoort.

©Wesley Akkerman

Verbeteringen Huawei Freeclip 2

Mocht je al weg bekend zijn met de Huawei Freeclip, dan is het goed om even kort te verbeteringen te bespreken. Deze set beschikt bijvoorbeeld over adaptieve audio, waardoor hij het volumeniveau aan de omgevingsgeluiden kan aanpassen. Daarnaast kun je de hardware bedienen met zowel tik- als veegbewegingen. De batterijen houden het één uur langer vol (nu negen uur) en het oplaadhoesje gaat twee uur langer mee (nu in totaal 38 uur).

Ook mooi meegenomen: de oorhangers wegen ongeveer elf procent minder dan de eerste variant, terwijl Huawei niet inleverde op audiokwaliteit. Sterker nog: die is er op vooruitgegaan. Muziek klinkt over het algemeen helder en fris en als je binnen de bijbehorende app de equalizer gebruikt, ook nog eens warm en omhelzend. De bas kan soms wat scherp klinken en er treedt enige vervorming op na het gebruik van die equalizer, maar dit valt allemaal binnen de verwachting.

©Wesley Akkerman

De afweging maken

Je kunt van een set open-ear-dopjes namelijk niet dezelfde audiokwaliteit verwachten als van oordoppen die daadwerkelijk je gehoorgang ingaan en de boel netjes afsluiten. Desondanks zijn we onder de indruk van de audiokwaliteit. Je favoriete tunes klinken aangenaam en vertrouwd; een groter compliment kunnen we open-ear-setjes niet geven. Onze ervaringen met andere merken dopjes laten qua audio nog wel eens wat te wensen over, maar hier vallen veel negatieve ervaringen weg.

Zoals gezegd klinkt de audio niet perfect. Je mist soms wat detail en ook de bredere soundstage die je krijgt met oordoppen die je afsluiten van de wereld. De vraag is alleen: maakt dat in de praktijk veel uit? Meestal niet, want met open-ear-modellen kies je bewust voor die balans. Je levert iets in op geluidskwaliteit, maar je blijft je omgeving horen. Daardoor lenen dit soort sets zich perfect lenen voor bijvoorbeeld fietsers en wanneer je in de sportschool bent: momenten waarop je niet helemaal afgesloten wilt zijn van de buitenwereld.

©Wesley Akkerman

Draagcomfort is top, bediening laat steken vallen

Verder zitten de Huawei FreeClip 2-oortjes opvallend prettig. Je hangt ze als het ware aan je oor en schuift ze daarna simpelweg naar de plek die voor jou goed voelt. Zitten ze hoger fijner, dan zet je ze iets omhoog. Liever wat lager, dan laat je ze wat meer zakken. Fijn is ook dat ze bij de meeste oorbellen niet in de weg zitten, dus je hebt best veel speelruimte voor de pasvorm. En als leuke extra: ze vallen op als een soort sieraad – je oogt meteen wat modieuzer met deze dingen.

Dat gezegd hebbende zijn we minder te spreken over de fysieke bediening. Het is fijn dat je kunt vegen en tikken, maar juist dat tikken op de dunne rand (de C-brug) werkt minder betrouwbaar dan je hoopt. Eén tik doet gelukkig niets, want die maak je soms al per ongeluk. Alleen: als je wél bewust een tik- of drukbeweging probeert te doen, pakt de brug dat lang niet altijd. Of je nu net te zacht drukt of net niet snel genoeg bent, het resultaat is hetzelfde: we grepen uiteindelijk toch steeds naar onze smartphone om te pauzeren, te skippen of het volume aan te passen.

Daarnaast helpt het ook niet dat je voor Huawei-producten apps moet downloaden die niet gewoon in de Google Play Store staan. Je moet eerst AppGallery van Huawei downloaden en vervolgens AI Life installeren. Android geeft zelfs een flinke waarschuwing en dat voelt niet bepaald geruststellend. Ga je toch door, dan krijg je wel een overzichtelijke manier om de Huawei FreeClip 2 te beheren. Aan de app zelf ligt het dus niet.

Huawei Freeclip 2 kopen?

Met een prijskaartje van pakweg 200 euro moet je diep in de buidel tasten voor de Huawei Freeclip 2. Maar daar krijg je dan ook wel de meest comfortabele open-ear-oordoppen van dit moment voor terug. Koppel dat aan een warme en vertrouwde audiobeleving en je houdt een set over die in deze categorie zijn weerga niet kent. Het gedoe met de app en de bediening is vervelend, zeker op dit prijspunt, dus hopelijk doet de fabrikant daar nog iets mee.

▼ Volgende artikel
Death Stranding: Director’s Cut nu speelbaar via Xbox Game Pass
Huis

Death Stranding: Director’s Cut nu speelbaar via Xbox Game Pass

Microsoft heeft de Xbox Game Pass-titels van de komende wekend aangekondigd. Onder de games die naar de dienst komen valt ook Death Stranding: Director's Cut, die sinds vandaag op Game Pass staat.

De nieuwe Xbox Game Pass-toevoegingen werd via Xbox Wire aangekondigd. Daar valt ook meer informatie over de verschillende games die naar de abonnementsdienst komen te lezen.

Death Stranding

De Director's Cut van Death Stranding is daarbij een van de meest opvallende toevoegingen. Het spel van Hideo Kojima kwam in eerste instantie alleen op PlayStation-consoles uit, maar kwam daarna ook naar Xbox. Kojima bedacht hiervoor de Metal Gear-reeks en staat bekend om zijn vaak duizelingwekkende concepten en haast onnavolgbare verhalen in zijn games. Inmiddels is ook een vervolg op Death Stranding uitgekomen op PlayStation 5, maar die is nog niet op andere platforms beschikbaar.

In Death Stranding maken we kennis met een Amerika dat uit elkaar is gevallen doordat de grens tussen deze wereld en het dodenrijk vervaagt. De wereld wordt geteisterd door unieke regenbuien die niet alleen levende wezens en materialen in extreem snel tempo verouderen, maar ook een soort geesten (BT's) laten verschijnen. Als gevolg hiervan is de samenleving in de VS uit elkaar gevallen en zijn de overgebleven steden afgesloten, vaak ondergrondse forten die geen contact met elkaar hebben.

Spelers besturen Sam Porter Bridges - gespeeld door The Walking Dead-ster Norman Reedus - die door Amerika trekt en pakketjes tussen de verschillende vestigingen vervoert. Ondertussen probeert hij de steden aan een netwerk te verbinden, zodat de samenleving langzaam maar zeker weer in contact met elkaar komt en materialen kunnen uitwisselen via het netwerk. Sam heeft daarnaast de unieke eigenschap de hierboven genoemde BT's te zien. Hij weet zelfs wanneer hij ze nadert doordat hij een speciale baby bij zich draagt met soortgelijke paranormale gaven.

View post on X

De Xbox Games Pass-toevoegingen

Hieronder zijn alle toevoegingen aan Xbox Game Pass van de komende weken te zien.

  • Death Stranding: Director’s Cut (Xbox Series-consoles, pc en cloud) vanaf vandaag beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

  • Ninja Gaiden: Ragebound (Xbox Series-consoles, pc en cloud) vanaf vandaag beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

  • RoadCraft (pc) vanaf vandaag beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

  • The Talos Principle 2 (Xbox Series-consoles en pc) vanaf 27 januari beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

  • Anno: Mutationem (console, pc en cloud) vanaf 28 januari beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

  • Drop Duchy (console, pc en cloud) vanaf 28 januari beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

  • MySims: Cozy Bundle (pc) vanaf 29 januari beschikbaar via Game Pass Ultimate, PC Game Pass

  • Warhammer 40,000: Space Marine 2 (Xbox Series-consoles, pc en cloud) vanaf 29 januari beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

  • Indika (Xbox Series-consoles, pc en cloud) vanaf 2 februari beschikbaar via Game Pass Ultimate, PC Game Pass

  • Final Fantasy 2 (Xbox Series-consoles, pc en cloud) vanaf 3 februari beschikbaar via Game Pass Ultimate, Premium, PC Game Pass

Deze games verdwijnen op 31 januari van Xbox Game Pass:

  • Citizen Sleeper 2: Starward Vector (console, pc en cloud)

  • Lonely Mountains: Snow Riders (console, pc en cloud)

  • Orcs Must Die! Deathtrap (console, pc en cloud)

  • Paw Patrol World (console, pc en cloud)

  • Shady Part of Me (console, pc en cloud)

  • Starbound (console, pc en cloud)

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.