ID.nl logo
Zo bewerk je al je foto's met gratis software
© Reshift Digital
Huis

Zo bewerk je al je foto's met gratis software

Hoe mooi een foto ook lijkt zodra je hem hebt gemaakt, het plaatje is altijd nog fraaier te maken. Op smartphones gebruiken we daar apps voor, maar de programma's op onze computers zijn een stuk krachtiger en geven een beter resultaat. In dit artikel behandelen we een aantal gratis fotobewerkers.

Tip 01: App of programma

Foto's die gemaakt zijn met een camera of smartphone, kun je altijd nog mooier maken in een fotobewerker. Zo kun je de kleuren verfrissen, hier en daar een vlekje wegwerken, een spannendere uitsnede maken en de scherpte, belichting en het contrast verbeteren. Nu we steeds meer met onze telefoons fotograferen en we aan goedkope apps gewend zijn, is de bereidheid om veel geld aan een fotobewerker uit te geven flink afgenomen.

Daarom is het prettig dat er ook voor je pc fraaie fotobewerkers bestaan die helemaal gratis zijn. Ze bieden enorm veel mogelijkheden en er zijn professionele resultaten mee te behalen. Bewerken met een app op een smartphone is leuk om een foto snel te verfraaien en meteen online te delen. Met een fotobewerker op de computer heb je meer mogelijkheden en zijn de resultaten beter.

Ook kun je met muis en toetsenbord een stuk secuurder werken dan met een vinger of stomp pennetje op het telefoonscherm. Dat is maar goed ook, want op een groot scherm of echte afdruk is elke onvolkomenheid in je foto's direct te zien.

©PXimport

Tip 01 Een goede fotobewerker hoeft niet veel te kosten. Gratis is nog beter.

Tip 02: Paint.net

Een fotobewerker waarmee je op zeer eenvoudige wijze verbeteringen aanbrengt, is Paint.NET. Anders dan de naam doet vermoeden is dit geen website maar de naam van het programma zelf. Een nadeel is dat je op de downloadwebsite heel goed moet opletten. Er staan veel grote download-knoppen die heel andere software ophalen. Klik alleen ergens op als er duidelijk bij staat dat het om het programma Paint.NET gaat.

Het programma kan automatisch de belichting en de kleuren van een foto optimaliseren. Hiervoor kies je Adjustments / Auto-level. Onder Adjustments kun je er ook voor kiezen om de foto in één klap naar zwart-wit of sepia om te zetten. Sepia is de klassieke oranje-bruine kleur. Valt het resultaat van één of meer bewerkingen tegen, dan kies je Edit / Undo om ze stapsgewijs weer teniet te doen. Dit kan trouwens ook via sneltoets Ctrl+Z.

©PXimport

Tip 02 Een foto omzetten in een klassieke sepia-kleur.

Tip 03: Heldere kleuren

Handmatig de belichting en het contrast naar smaak instellen kan ook. Dit doe je via Adjustments / Brightness/Contrast. Met twee schuifregelaars kun je het effect doseren. De kleuren optimaliseren gaat via Adjustments / Hue/Saturation. Bij de saturation pas je de verzadiging (saturatie) van kleuren aan. Kleuren zijn op die manier eenvoudig feller te maken of juist af te zwakken.

Bij hue verandert het uiterlijk van de kleuren. Zit er een nare kleurzweem over de foto, dan is dat met deze schuifbalk vaak wel te herstellen. Of, zoals dat tegenwoordig met veel apps op de telefoon gedaan wordt, je kunt er ook expres een gaaf kleureffect mee aan je foto's toevoegen.

©PXimport

Tip 03 Expres een kleurzweem toevoegen wordt tegenwoordig veel gedaan, maar bij voeding ziet het er wat apart uit.

Tip 04: Roteren

Staat een foto op de kop of ligt het plaatje op z'n kant, dan roteer je de foto in Paint.NET zodat alles weer netjes rechtop staat. Onder Images in de menubalk vind je opties om de foto te roteren, maar spiegelen kan ook nog.

Camera's en smartphones weten tegenwoordig uit zichzelf wel hoe je de camera vasthoudt, zodat de foto altijd netjes rechtop zou moeten staan. In theorie, want in de praktijk gaat dit nog weleens mis. In dat geval herstel je het met enkele muisklikken in je fotobewerker.

©PXimport

Tip 04 Roteer een foto die niet juist wordt weergegeven.

Tip 05: Retoucheren

Als er op een foto vlekjes of andere onregelmatigheden zitten, haal je die met een fotobewerker eenvoudig weg. Het kan ook zijn dat je iets gewoon uit het plaatje wil weghalen omdat je je eraan stoort. Zoals zwerfvuil op straat of op het gras. Speciaal voor dit retoucheerwerk zit er in fotobewerkers een gereedschap genaamd kloonstempel of retoucheerpenseel. Wij gebruiken er het programma PixBuilder Studio voor.

Klik in het gereedschapsvenster (aan de linkerzijde van het scherm) op het pictogram van een pleister. Dit is het Retoucheerpenseel. Uiterst rechts in het venster Gereedschapsopties stel je met een schuifbalk de grootte van het penseel in. Aan het cirkeltje om de muiscursor lees je de huidige grootte af. Vaak is het makkelijker dit met een sneltoets te doen, zodat je achter elkaar een hele rits plekjes kunt bijwerken. Met de [-toets maak je het penseel steeds een stapje kleiner en met de ]-toets juist groter. Houd de toets ingedrukt om sneller van grootte te veranderen.

©PXimport

Tip 05 Storende objecten en vlekken haal je weg met een retoucheerpenseel.

Tip 06: Repareren

Stel bij kleine vlekjes het retoucheerpenseel net iets groter in dan datgene dat je wil wegwerken. Dan kan het probleem al met één muisklik opgelost zijn. Iets groters repareren door er met ingedrukte muisknop overheen te schilderen mag uiteraard ook.

Je kunt dus altijd kiezen tussen klikken of schilderen. Om iets onzichtbaar te repareren, is het wel nodig dat je eerst het bronmateriaal aanwijst. Dat is een plek in de omgeving van wat je wil wegtoveren waar wel goed beeldmateriaal zit. Ligt er bijvoorbeeld een blikje op het gras, dan klik je eerst met ingedrukte Alt-toets op het gras ernaast.

Daarna klik je pas op het zwerfvuil of schilder je erover. Het gras wordt niet alleen over het blikje heen gekopieerd. Het wordt ook nog eens zo aangepast dat het naadloos in de omgeving opgaat. Een onzichtbare reparatie dus.

©PXimport

©PXimport

Tip 06 Het is de bedoeling dat er onzichtbaar gerepareerd wordt.

Tip 07: Niet rond

Het leuke is dat je het retoucheerpenseel in PixBuilder Studio een heel andere vorm kunt geven. Klik rechts in het venster Gereedschapsopties op het knopje Penseel aanpassen. Met Ronding is het penseel af te platten, desnoods zelfs tot het een streepje is.

Met Hoek kun je het vervolgens schuin zetten. Zodoende is het mogelijk om in zelfs de smalste hoekjes en kleinste openingen te werken met het retoucheerpenseel. Via Hardheid stel je de randen van het penseel in. Door de rand zachter te maken, zal de reparatie vloeiender in de omgeving opgaan, terwijl een hard penseel een meer abrupte overgang geeft.

©PXimport

Tip 07 Kies een penseelpunt die het beste bij de reparatie past.

Tip 08: Zoner Photo Studio

Ook Zoner Photo Studio 16 Free is een fotobewerker waarmee handige bewerkingen mogelijk zijn. Het is wel nodig dat je het programma eenmalig activeert door een e-mailadres op te geven zodra je het programma voor het eerst start. Je krijgt daarna een wachtwoord toegestuurd, waarna je gebruik kunt maken van enkele gratis online diensten, maar dit hoeft niet.

Zoner Photo Studio Free is meteen ook een programma om je complete fotoverzameling te beheren, maar daar gaan wij in dit artikel verder niet op in. Links op het scherm zoek je een map met foto's op, waarna onderin in een filmstrip fotominiaturen verschijnen. Ook is een voorbeeldweergave van de huidige geselecteerde foto te zien in het midden van het scherm. Klik rechtsboven op het tabblad Editor om de geselecteerde foto te bewerken. Je kunt op elk moment terugkeren naar de fotobeheerder door te klikken op Manager.

©PXimport

Tip 08 Met Zoner Photo Studio Free kun je je volledige fotoverzameling beheren.

Tip 09: Snelle bewerkingen

Uiterst rechts op het scherm is een kolom met bewerkingen te zien. Tegen de linkerzijde ervan zit een redelijk onopvallende kolom vol met pictogrammen geplakt. Dit is een gereedschapsvak, zoals we dat in elke fotobewerker tegenkomen. Het heeft dus gewoon een andere plek dan we gewend zijn.

Klik op de bliksemschicht genaamd Quick Edits om een groepje bewerkingen te zien die vaak nodig zijn om een foto te verbeteren. Zoals Exposure waarmee je de belichting van de foto aanpast. De hele foto wordt dan lichter of donkerder. Heb je de belichting aangepast, dan kan het zijn dat de foto nog steeds niet helemaal optimaal belicht is. Het komt namelijk regelmatig voor dat slechts een bepaald deel van een foto te licht of te donker is.

Dan is het beter om alleen die gebieden aan te passen en de rest van de foto met rust te laten. Dat doe je met de schuifregelaars Darken highlights en Brighten shadows. Door alleen aan te bewerken wat echt nodig is, wordt de foto nog mooier.

©PXimport

Tip 09 De lichte en donkere gebieden van een foto zijn apart te verbeteren.

Tip 10: Scherpe details

Naast Contrast is er ook een schuifregelaar genaamd Clarity en die is heel interessant. Die verhoogt namelijk het contrast van alle kleine details, met als gevolg dat de foto plotseling stukken scherper en gedetailleerder oogt. Soms geeft het zelfs een schilderachtig effect. Met Temperature en Tint pas je achteraf de witbalans van de foto aan. Zo is het onder andere mogelijk om foto's die bij lamplicht zijn gemaakt en hierdoor een gele of oranje kleurzweem hebben gekregen, alsnog een natuurlijke kleur te geven.

Ook foto's die gemaakt zijn op een grauwe dag en daardoor wat kleurloos zijn, kunnen er kleurrijker mee gemaakt worden zodat ze meer pit krijgen. Schuif Temperature naar links om een foto gemaakt bij lamplicht af te koelen. Schuif naar rechts om een fletse, te koele foto op te warmen. Met Tint stel je de kleuren daarna nog wat beter bij mocht dat nodig zijn.

©PXimport

Tip 10 Clarity benadrukt allerlei kleine details zodat de foto nog scherper lijkt.

Tip 11: Correcties

Heb je te maken met een foto waarop de horizon of de vloer scheef staat? Klik in het gereedschapsvak dan op Align Horizon. Sleep de gestippelde lijn met ingedrukte muisknop naar de plek waar je de horizon ziet, oftewel een lijn die in de foto straks recht moet komen te liggen.

Na het slepen is het zaak de nu nog horizontale stippellijn schuin te draaien, zodat hij gelijk komt te liggen met de nu nog schuine horizon in de foto. Dat doe je door de bolletjes te verslepen. Alles uitgelijnd? Klik dan op de knop Apply en prompt staat je foto rechtop. Rode ogen van het flitslicht corrigeer je met het gereedschap Red Eye Reduction. Nu is dat effect bij mensen anders dan bij dieren. Mensenogen worden namelijk rood en dierenogen wit.

Naast de gereedschapsbalk kun je bij de opties van dit gereedschap daarom hieruit kiezen door bij Mode: op het juiste pictogram te klikken. Ze heten Remove Red Eye en Remove White Eye. Daarna is het een kwestie van met de muis op elk oog te klikken om de kleur te herstellen.

©PXimport

Tip 11 Een scheve foto staat zo weer rechtop.

Tip 12: Uitsnijden

Wil je af van iets dat zich aan de rand van de foto bevindt, dan raak je dit eenvoudig kwijt door een uitsnede te maken met het gereedschap Crop. Hiermee snijd je één of meer randen weg door een kader te slepen. Zo kan het zijn dat er onnodig veel lege ruimte langs de randen is of dat er dingen te zien zijn die afleiden. Bijvoorbeeld een arm of been van iemand die verder buiten beeld staat of een voorwerp dat de foto een beetje verpest.

Maak eerst een grove selectie. Maak het kader vervolgens precies op maat door de zijden of hoekpunten met ingedrukte muisknop te verslepen. Pas als de selectie helemaal goed is, klik je op Apply.

©PXimport

Tip 12 Via een uitsnede loos je overtollig beeldmateriaal.

Tip 13: Vager of scherper

De gratis fotobewerker die je de meeste creatieve vrijheid geeft is Gimp. Er zijn zeer geavanceerde bewerkingen mogelijk, maar je vindt er uiteraard ook allerlei standaardbewerkingen in terug.

Gimp is wel even wennen, omdat het soms net even anders werkt dan de meeste andere fotobewerkers. Wat al meteen opvalt, is dat er meerdere losse vensters zijn die je vrij over het scherm mag verplaatsen. Ben je meer gecharmeerd van een traditionele weergave, kies dan Vensters / Enkel venster-modus, waarna alles in één programmavenster wordt gegroepeerd.

Met Gimp kan een foto tot in detail bewerkt worden. In het venster Gereedschapskist zie je dan ook enorm veel pictogrammen. Onderaan zit bijvoorbeeld Vervagen/Verscherpen. Dit gereedschap heeft een druppel als pictogram. Door met ingedrukte muisknop te schilderen, vervaag je stukjes van de foto. Houdt de Ctrl-knop tijdens het schilderen ingedrukt, dan verscherp je juist. Zo bepaal je zelf wat extra scherp moet worden of wat waziger mag zijn, met als doel meer nadruk te leggen op wat er belangrijk is in de foto.

Met de gereedschapsoptie Ratio helemaal onder in het gereedschapsvak bepaal je de sterkte van het effect.

©PXimport

Tip 13 Rechts van het schaap hebben we de achtergrond vervaagd, links nog niet.

Tip 14: Bewerken

Met het gereedschap Smeren (een handje met uitgestoken wijsvinger) direct naast het gereedschap uit de vorige tip, lijkt het net of je kleuren vermengt door met een vinger door natte verf te roeren. Het kan bijvoorbeeld gebruikt worden om iets onleesbaar te maken. Een kenteken, adres, of telefoonnummer bijvoorbeeld. Handig als je een foto wil delen, maar niet alles openbaar wil hebben.

Het gereedschap is ook te gebruiken om er een creatieve smeerboel van te maken vanwege het vervagende effect dat het heeft.

Het laatste gereedschap in de kist is Doordrukken/tegenhouden. Overal waar je met dit gereedschap schildert wordt de foto lichter, tenzij je hierbij de Ctrl-toets ingedrukt houdt want dan wordt het juist donkerder. Zo accentueer je delen van een foto door ze extra licht of donker te maken. Met de gereedschapsoptie Belichting onder in het gereedschapsvak stel je de sterkte in. Het is ook te gebruiken om het hoofdonderwerp extra te benadrukken als dat nu nog te veel schuilgaat in de omgeving. Als alles ongeveer even licht of donker is, is het contrast tussen de twee erg laag, zodat het onderwerp niet goed opvalt.

Door een strook achtergrond rondom het hoofdonderwerp af te laten wijken, verhoog je het contrast waardoor het onderwerp er alsnog beter uitspringt. Het is een truc die fotografen al decennialang toepassen.

©PXimport

Tip 14 Maak stukjes van een foto lichter en donkerder voor extra contrast.

Tip 15: Lagen

In Gimp en sommige andere fotobewerkers kun je met lagen werken. Wij gebruiken het om een dubbelopname te maken. Dat zijn twee foto's die verstrengeld zijn, zodat een dubbelbeeld ontstaat. Nadat je de eerste foto hebt geopend, open je een tweede exemplaar via Bestand / Openen als lagen. Tijdelijk zie je alleen de tweede foto, omdat hij bovenop de eerste ligt; als een stapel speelkaarten.

In het venster Lagen rechts op het scherm is te zien dat beide foto's nu ingeladen zijn. Klik eerst op de bovenste foto en daarna ergens in de balk Dekking die zich vlak boven de twee lagen bevindt. Het grijze vlak en het percentage erachter geeft aan hoe transparant de bovenste foto wordt. Door deze doorzichtigheid aan te passen, wordt de onderste foto nu deels zichtbaar. Je stelt zo zelf de mengverhouding in voor de dubbelopname.

©PXimport

Tip 15 Via het lagenpalet maak je een dubbelopname op maat.

Tip 16: Maskers

Je kunt ook een deel van een foto gebruiken voor een dubbelopname. Dat kan door de rest onzichtbaar te maken via een masker. Klik eerst met rechts op de bovenste foto in het venster Lagen en kies de optie Laagmasker toevoegen. Kies White als kleur voor het masker. Activeer vervolgens het gereedschap Penseel in de gereedschapskist.

Eronder zie je twee deels overlappende vierkanten. De bovenste geeft de kleur van het penseel aan. Klik erop en kies zwart. Schilder vervolgens over het stuk van de foto dat je wil verbergen. Om iets weer terug te halen, schakel je over naar wit en schildert er opnieuw overheen. De truc is dat je niet de foto zelf aanpast, maar het masker. Er gaat dus niets verloren en je kunt elke penseelstreek eenvoudig herstellen. Overal waar het masker wit is, is de laag met de bovenste foto zichtbaar. Is het masker zwart, dan is dat deel onzichtbaar.

Belangrijk is dat je voordat je begint met schilderen, eerst in het venster Lagen controleert of er een wit kader rondom het masker zit. Is het kader zwart, klik dan eenmalig op het masker, want anders kalk je over de foto zelf heen en gaat er wel beeldmateriaal verloren.

©PXimport

Tip 16 Met een masker bepaal je welk deel zichtbaar is van een fotolaag.

Tip 17: Bewaren als

Heb je een foto bewerkt? Bewaar de gewijzigde versie dan liever als een nieuw fotobestand. Zo heb je altijd het origineel nog, mocht je in de toekomst een andere versie willen maken. In een fotobewerker kan dit doorgaans via Bestand / Opslaan als of File / Save as. Vooraf een kopie maken mag natuurlijk ook.

In dit artikel hebben we de bewerkingen waarmee je je foto's verbetert, telkens met één gratis programma's uitgevoerd. Dat neemt niet weg dat veel van deze bewerkingen prima met meerdere van de programma's mogelijk zijn. Kijk dus gerust met welk programma je het beste uit de voeten kunt. Zitten je favoriete gereedschappen en bewerkingen verspreid over meerdere programma's? Geen probleem. De fotobewerkers zijn gratis, dus installeer ze gerust allemaal.

Bewaar een foto die je bewerkt tussendoor als een tif- of bmp-bestand en spring op je gemak van het ene naar het andere programma. Wat je in het ene programma bewaart, open je dus gewoon weer in de volgende bewerker. Pas aan het einde sla je de foto als jpg-bestand op. Op die manier behoudt je foto de hoogste kwaliteit.

©PXimport

Tip 17 Sla een foto tussentijds als tif of bmp op en niet als jpg.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.