ID.nl logo
Zo bewerk je al je foto's met gratis software
© Reshift Digital
Huis

Zo bewerk je al je foto's met gratis software

Hoe mooi een foto ook lijkt zodra je hem hebt gemaakt, het plaatje is altijd nog fraaier te maken. Op smartphones gebruiken we daar apps voor, maar de programma's op onze computers zijn een stuk krachtiger en geven een beter resultaat. In dit artikel behandelen we een aantal gratis fotobewerkers.

Tip 01: App of programma

Foto's die gemaakt zijn met een camera of smartphone, kun je altijd nog mooier maken in een fotobewerker. Zo kun je de kleuren verfrissen, hier en daar een vlekje wegwerken, een spannendere uitsnede maken en de scherpte, belichting en het contrast verbeteren. Nu we steeds meer met onze telefoons fotograferen en we aan goedkope apps gewend zijn, is de bereidheid om veel geld aan een fotobewerker uit te geven flink afgenomen.

Daarom is het prettig dat er ook voor je pc fraaie fotobewerkers bestaan die helemaal gratis zijn. Ze bieden enorm veel mogelijkheden en er zijn professionele resultaten mee te behalen. Bewerken met een app op een smartphone is leuk om een foto snel te verfraaien en meteen online te delen. Met een fotobewerker op de computer heb je meer mogelijkheden en zijn de resultaten beter.

Ook kun je met muis en toetsenbord een stuk secuurder werken dan met een vinger of stomp pennetje op het telefoonscherm. Dat is maar goed ook, want op een groot scherm of echte afdruk is elke onvolkomenheid in je foto's direct te zien.

©PXimport

Tip 01 Een goede fotobewerker hoeft niet veel te kosten. Gratis is nog beter.

Tip 02: Paint.net

Een fotobewerker waarmee je op zeer eenvoudige wijze verbeteringen aanbrengt, is Paint.NET. Anders dan de naam doet vermoeden is dit geen website maar de naam van het programma zelf. Een nadeel is dat je op de downloadwebsite heel goed moet opletten. Er staan veel grote download-knoppen die heel andere software ophalen. Klik alleen ergens op als er duidelijk bij staat dat het om het programma Paint.NET gaat.

Het programma kan automatisch de belichting en de kleuren van een foto optimaliseren. Hiervoor kies je Adjustments / Auto-level. Onder Adjustments kun je er ook voor kiezen om de foto in één klap naar zwart-wit of sepia om te zetten. Sepia is de klassieke oranje-bruine kleur. Valt het resultaat van één of meer bewerkingen tegen, dan kies je Edit / Undo om ze stapsgewijs weer teniet te doen. Dit kan trouwens ook via sneltoets Ctrl+Z.

©PXimport

Tip 02 Een foto omzetten in een klassieke sepia-kleur.

Tip 03: Heldere kleuren

Handmatig de belichting en het contrast naar smaak instellen kan ook. Dit doe je via Adjustments / Brightness/Contrast. Met twee schuifregelaars kun je het effect doseren. De kleuren optimaliseren gaat via Adjustments / Hue/Saturation. Bij de saturation pas je de verzadiging (saturatie) van kleuren aan. Kleuren zijn op die manier eenvoudig feller te maken of juist af te zwakken.

Bij hue verandert het uiterlijk van de kleuren. Zit er een nare kleurzweem over de foto, dan is dat met deze schuifbalk vaak wel te herstellen. Of, zoals dat tegenwoordig met veel apps op de telefoon gedaan wordt, je kunt er ook expres een gaaf kleureffect mee aan je foto's toevoegen.

©PXimport

Tip 03 Expres een kleurzweem toevoegen wordt tegenwoordig veel gedaan, maar bij voeding ziet het er wat apart uit.

Tip 04: Roteren

Staat een foto op de kop of ligt het plaatje op z'n kant, dan roteer je de foto in Paint.NET zodat alles weer netjes rechtop staat. Onder Images in de menubalk vind je opties om de foto te roteren, maar spiegelen kan ook nog.

Camera's en smartphones weten tegenwoordig uit zichzelf wel hoe je de camera vasthoudt, zodat de foto altijd netjes rechtop zou moeten staan. In theorie, want in de praktijk gaat dit nog weleens mis. In dat geval herstel je het met enkele muisklikken in je fotobewerker.

©PXimport

Tip 04 Roteer een foto die niet juist wordt weergegeven.

Tip 05: Retoucheren

Als er op een foto vlekjes of andere onregelmatigheden zitten, haal je die met een fotobewerker eenvoudig weg. Het kan ook zijn dat je iets gewoon uit het plaatje wil weghalen omdat je je eraan stoort. Zoals zwerfvuil op straat of op het gras. Speciaal voor dit retoucheerwerk zit er in fotobewerkers een gereedschap genaamd kloonstempel of retoucheerpenseel. Wij gebruiken er het programma PixBuilder Studio voor.

Klik in het gereedschapsvenster (aan de linkerzijde van het scherm) op het pictogram van een pleister. Dit is het Retoucheerpenseel. Uiterst rechts in het venster Gereedschapsopties stel je met een schuifbalk de grootte van het penseel in. Aan het cirkeltje om de muiscursor lees je de huidige grootte af. Vaak is het makkelijker dit met een sneltoets te doen, zodat je achter elkaar een hele rits plekjes kunt bijwerken. Met de [-toets maak je het penseel steeds een stapje kleiner en met de ]-toets juist groter. Houd de toets ingedrukt om sneller van grootte te veranderen.

©PXimport

Tip 05 Storende objecten en vlekken haal je weg met een retoucheerpenseel.

Tip 06: Repareren

Stel bij kleine vlekjes het retoucheerpenseel net iets groter in dan datgene dat je wil wegwerken. Dan kan het probleem al met één muisklik opgelost zijn. Iets groters repareren door er met ingedrukte muisknop overheen te schilderen mag uiteraard ook.

Je kunt dus altijd kiezen tussen klikken of schilderen. Om iets onzichtbaar te repareren, is het wel nodig dat je eerst het bronmateriaal aanwijst. Dat is een plek in de omgeving van wat je wil wegtoveren waar wel goed beeldmateriaal zit. Ligt er bijvoorbeeld een blikje op het gras, dan klik je eerst met ingedrukte Alt-toets op het gras ernaast.

Daarna klik je pas op het zwerfvuil of schilder je erover. Het gras wordt niet alleen over het blikje heen gekopieerd. Het wordt ook nog eens zo aangepast dat het naadloos in de omgeving opgaat. Een onzichtbare reparatie dus.

©PXimport

©PXimport

Tip 06 Het is de bedoeling dat er onzichtbaar gerepareerd wordt.

Tip 07: Niet rond

Het leuke is dat je het retoucheerpenseel in PixBuilder Studio een heel andere vorm kunt geven. Klik rechts in het venster Gereedschapsopties op het knopje Penseel aanpassen. Met Ronding is het penseel af te platten, desnoods zelfs tot het een streepje is.

Met Hoek kun je het vervolgens schuin zetten. Zodoende is het mogelijk om in zelfs de smalste hoekjes en kleinste openingen te werken met het retoucheerpenseel. Via Hardheid stel je de randen van het penseel in. Door de rand zachter te maken, zal de reparatie vloeiender in de omgeving opgaan, terwijl een hard penseel een meer abrupte overgang geeft.

©PXimport

Tip 07 Kies een penseelpunt die het beste bij de reparatie past.

Tip 08: Zoner Photo Studio

Ook Zoner Photo Studio 16 Free is een fotobewerker waarmee handige bewerkingen mogelijk zijn. Het is wel nodig dat je het programma eenmalig activeert door een e-mailadres op te geven zodra je het programma voor het eerst start. Je krijgt daarna een wachtwoord toegestuurd, waarna je gebruik kunt maken van enkele gratis online diensten, maar dit hoeft niet.

Zoner Photo Studio Free is meteen ook een programma om je complete fotoverzameling te beheren, maar daar gaan wij in dit artikel verder niet op in. Links op het scherm zoek je een map met foto's op, waarna onderin in een filmstrip fotominiaturen verschijnen. Ook is een voorbeeldweergave van de huidige geselecteerde foto te zien in het midden van het scherm. Klik rechtsboven op het tabblad Editor om de geselecteerde foto te bewerken. Je kunt op elk moment terugkeren naar de fotobeheerder door te klikken op Manager.

©PXimport

Tip 08 Met Zoner Photo Studio Free kun je je volledige fotoverzameling beheren.

Tip 09: Snelle bewerkingen

Uiterst rechts op het scherm is een kolom met bewerkingen te zien. Tegen de linkerzijde ervan zit een redelijk onopvallende kolom vol met pictogrammen geplakt. Dit is een gereedschapsvak, zoals we dat in elke fotobewerker tegenkomen. Het heeft dus gewoon een andere plek dan we gewend zijn.

Klik op de bliksemschicht genaamd Quick Edits om een groepje bewerkingen te zien die vaak nodig zijn om een foto te verbeteren. Zoals Exposure waarmee je de belichting van de foto aanpast. De hele foto wordt dan lichter of donkerder. Heb je de belichting aangepast, dan kan het zijn dat de foto nog steeds niet helemaal optimaal belicht is. Het komt namelijk regelmatig voor dat slechts een bepaald deel van een foto te licht of te donker is.

Dan is het beter om alleen die gebieden aan te passen en de rest van de foto met rust te laten. Dat doe je met de schuifregelaars Darken highlights en Brighten shadows. Door alleen aan te bewerken wat echt nodig is, wordt de foto nog mooier.

©PXimport

Tip 09 De lichte en donkere gebieden van een foto zijn apart te verbeteren.

Tip 10: Scherpe details

Naast Contrast is er ook een schuifregelaar genaamd Clarity en die is heel interessant. Die verhoogt namelijk het contrast van alle kleine details, met als gevolg dat de foto plotseling stukken scherper en gedetailleerder oogt. Soms geeft het zelfs een schilderachtig effect. Met Temperature en Tint pas je achteraf de witbalans van de foto aan. Zo is het onder andere mogelijk om foto's die bij lamplicht zijn gemaakt en hierdoor een gele of oranje kleurzweem hebben gekregen, alsnog een natuurlijke kleur te geven.

Ook foto's die gemaakt zijn op een grauwe dag en daardoor wat kleurloos zijn, kunnen er kleurrijker mee gemaakt worden zodat ze meer pit krijgen. Schuif Temperature naar links om een foto gemaakt bij lamplicht af te koelen. Schuif naar rechts om een fletse, te koele foto op te warmen. Met Tint stel je de kleuren daarna nog wat beter bij mocht dat nodig zijn.

©PXimport

Tip 10 Clarity benadrukt allerlei kleine details zodat de foto nog scherper lijkt.

Tip 11: Correcties

Heb je te maken met een foto waarop de horizon of de vloer scheef staat? Klik in het gereedschapsvak dan op Align Horizon. Sleep de gestippelde lijn met ingedrukte muisknop naar de plek waar je de horizon ziet, oftewel een lijn die in de foto straks recht moet komen te liggen.

Na het slepen is het zaak de nu nog horizontale stippellijn schuin te draaien, zodat hij gelijk komt te liggen met de nu nog schuine horizon in de foto. Dat doe je door de bolletjes te verslepen. Alles uitgelijnd? Klik dan op de knop Apply en prompt staat je foto rechtop. Rode ogen van het flitslicht corrigeer je met het gereedschap Red Eye Reduction. Nu is dat effect bij mensen anders dan bij dieren. Mensenogen worden namelijk rood en dierenogen wit.

Naast de gereedschapsbalk kun je bij de opties van dit gereedschap daarom hieruit kiezen door bij Mode: op het juiste pictogram te klikken. Ze heten Remove Red Eye en Remove White Eye. Daarna is het een kwestie van met de muis op elk oog te klikken om de kleur te herstellen.

©PXimport

Tip 11 Een scheve foto staat zo weer rechtop.

Tip 12: Uitsnijden

Wil je af van iets dat zich aan de rand van de foto bevindt, dan raak je dit eenvoudig kwijt door een uitsnede te maken met het gereedschap Crop. Hiermee snijd je één of meer randen weg door een kader te slepen. Zo kan het zijn dat er onnodig veel lege ruimte langs de randen is of dat er dingen te zien zijn die afleiden. Bijvoorbeeld een arm of been van iemand die verder buiten beeld staat of een voorwerp dat de foto een beetje verpest.

Maak eerst een grove selectie. Maak het kader vervolgens precies op maat door de zijden of hoekpunten met ingedrukte muisknop te verslepen. Pas als de selectie helemaal goed is, klik je op Apply.

©PXimport

Tip 12 Via een uitsnede loos je overtollig beeldmateriaal.

Tip 13: Vager of scherper

De gratis fotobewerker die je de meeste creatieve vrijheid geeft is Gimp. Er zijn zeer geavanceerde bewerkingen mogelijk, maar je vindt er uiteraard ook allerlei standaardbewerkingen in terug.

Gimp is wel even wennen, omdat het soms net even anders werkt dan de meeste andere fotobewerkers. Wat al meteen opvalt, is dat er meerdere losse vensters zijn die je vrij over het scherm mag verplaatsen. Ben je meer gecharmeerd van een traditionele weergave, kies dan Vensters / Enkel venster-modus, waarna alles in één programmavenster wordt gegroepeerd.

Met Gimp kan een foto tot in detail bewerkt worden. In het venster Gereedschapskist zie je dan ook enorm veel pictogrammen. Onderaan zit bijvoorbeeld Vervagen/Verscherpen. Dit gereedschap heeft een druppel als pictogram. Door met ingedrukte muisknop te schilderen, vervaag je stukjes van de foto. Houdt de Ctrl-knop tijdens het schilderen ingedrukt, dan verscherp je juist. Zo bepaal je zelf wat extra scherp moet worden of wat waziger mag zijn, met als doel meer nadruk te leggen op wat er belangrijk is in de foto.

Met de gereedschapsoptie Ratio helemaal onder in het gereedschapsvak bepaal je de sterkte van het effect.

©PXimport

Tip 13 Rechts van het schaap hebben we de achtergrond vervaagd, links nog niet.

Tip 14: Bewerken

Met het gereedschap Smeren (een handje met uitgestoken wijsvinger) direct naast het gereedschap uit de vorige tip, lijkt het net of je kleuren vermengt door met een vinger door natte verf te roeren. Het kan bijvoorbeeld gebruikt worden om iets onleesbaar te maken. Een kenteken, adres, of telefoonnummer bijvoorbeeld. Handig als je een foto wil delen, maar niet alles openbaar wil hebben.

Het gereedschap is ook te gebruiken om er een creatieve smeerboel van te maken vanwege het vervagende effect dat het heeft.

Het laatste gereedschap in de kist is Doordrukken/tegenhouden. Overal waar je met dit gereedschap schildert wordt de foto lichter, tenzij je hierbij de Ctrl-toets ingedrukt houdt want dan wordt het juist donkerder. Zo accentueer je delen van een foto door ze extra licht of donker te maken. Met de gereedschapsoptie Belichting onder in het gereedschapsvak stel je de sterkte in. Het is ook te gebruiken om het hoofdonderwerp extra te benadrukken als dat nu nog te veel schuilgaat in de omgeving. Als alles ongeveer even licht of donker is, is het contrast tussen de twee erg laag, zodat het onderwerp niet goed opvalt.

Door een strook achtergrond rondom het hoofdonderwerp af te laten wijken, verhoog je het contrast waardoor het onderwerp er alsnog beter uitspringt. Het is een truc die fotografen al decennialang toepassen.

©PXimport

Tip 14 Maak stukjes van een foto lichter en donkerder voor extra contrast.

Tip 15: Lagen

In Gimp en sommige andere fotobewerkers kun je met lagen werken. Wij gebruiken het om een dubbelopname te maken. Dat zijn twee foto's die verstrengeld zijn, zodat een dubbelbeeld ontstaat. Nadat je de eerste foto hebt geopend, open je een tweede exemplaar via Bestand / Openen als lagen. Tijdelijk zie je alleen de tweede foto, omdat hij bovenop de eerste ligt; als een stapel speelkaarten.

In het venster Lagen rechts op het scherm is te zien dat beide foto's nu ingeladen zijn. Klik eerst op de bovenste foto en daarna ergens in de balk Dekking die zich vlak boven de twee lagen bevindt. Het grijze vlak en het percentage erachter geeft aan hoe transparant de bovenste foto wordt. Door deze doorzichtigheid aan te passen, wordt de onderste foto nu deels zichtbaar. Je stelt zo zelf de mengverhouding in voor de dubbelopname.

©PXimport

Tip 15 Via het lagenpalet maak je een dubbelopname op maat.

Tip 16: Maskers

Je kunt ook een deel van een foto gebruiken voor een dubbelopname. Dat kan door de rest onzichtbaar te maken via een masker. Klik eerst met rechts op de bovenste foto in het venster Lagen en kies de optie Laagmasker toevoegen. Kies White als kleur voor het masker. Activeer vervolgens het gereedschap Penseel in de gereedschapskist.

Eronder zie je twee deels overlappende vierkanten. De bovenste geeft de kleur van het penseel aan. Klik erop en kies zwart. Schilder vervolgens over het stuk van de foto dat je wil verbergen. Om iets weer terug te halen, schakel je over naar wit en schildert er opnieuw overheen. De truc is dat je niet de foto zelf aanpast, maar het masker. Er gaat dus niets verloren en je kunt elke penseelstreek eenvoudig herstellen. Overal waar het masker wit is, is de laag met de bovenste foto zichtbaar. Is het masker zwart, dan is dat deel onzichtbaar.

Belangrijk is dat je voordat je begint met schilderen, eerst in het venster Lagen controleert of er een wit kader rondom het masker zit. Is het kader zwart, klik dan eenmalig op het masker, want anders kalk je over de foto zelf heen en gaat er wel beeldmateriaal verloren.

©PXimport

Tip 16 Met een masker bepaal je welk deel zichtbaar is van een fotolaag.

Tip 17: Bewaren als

Heb je een foto bewerkt? Bewaar de gewijzigde versie dan liever als een nieuw fotobestand. Zo heb je altijd het origineel nog, mocht je in de toekomst een andere versie willen maken. In een fotobewerker kan dit doorgaans via Bestand / Opslaan als of File / Save as. Vooraf een kopie maken mag natuurlijk ook.

In dit artikel hebben we de bewerkingen waarmee je je foto's verbetert, telkens met één gratis programma's uitgevoerd. Dat neemt niet weg dat veel van deze bewerkingen prima met meerdere van de programma's mogelijk zijn. Kijk dus gerust met welk programma je het beste uit de voeten kunt. Zitten je favoriete gereedschappen en bewerkingen verspreid over meerdere programma's? Geen probleem. De fotobewerkers zijn gratis, dus installeer ze gerust allemaal.

Bewaar een foto die je bewerkt tussendoor als een tif- of bmp-bestand en spring op je gemak van het ene naar het andere programma. Wat je in het ene programma bewaart, open je dus gewoon weer in de volgende bewerker. Pas aan het einde sla je de foto als jpg-bestand op. Op die manier behoudt je foto de hoogste kwaliteit.

©PXimport

Tip 17 Sla een foto tussentijds als tif of bmp op en niet als jpg.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.