ID.nl logo
Review Audio-Technica ATH-S300BT – Betaalbaar midrange JBL-alternatief
© Wesley Akkerman
Huis

Review Audio-Technica ATH-S300BT – Betaalbaar midrange JBL-alternatief

De Audio-Technica ATH-S300BT is een zeer betaalbare midrange koptelefoon met een adviesprijs van 119 euro. Wat je daarvoor terugkrijgt? Een accuduur van zestig tot negentig uur, een brede soundstage en respectabele ruisonderdrukking.

Uitstekend
Conclusie

Onderaan de streep zijn we nog steeds ontzettend enthousiast over de Audio-Technica ATH-S300BT. Voor jongeren die vooral letten op JBL of Soundcore kan dit, vanwege de bredere soundstage, een mooi alternatief zijn. De nadruk ligt minder op de bas, maar vergis je niet: die is gewoon aanwezig. Het ontwerp is discreet en onopvallend, en dat vinden we juist van dit merk een beetje jammer. Ook de ruisonderdrukking kan beter. Maar de accuduur is fenomenaal, het comfort is van hoog niveau en de bediening is toegankelijk. Houd er wel rekening mee dat je er geen travelcase bij krijgt. Een usb-c-naar-usb-a-kabel en audiokabel zitten er wel bij.

Plus- en minpunten
  • Draagcomfort
  • Bediening
  • Audiokwaliteit
  • Prijs
  • Accuduur
  • Bescheiden ontwerp
  • Hoofdbandkussen is dun
  • Ruisonderdrukking kan beter
  • Ontwerp te discreet (voor dit merk)

Als je de Audio-Technica ATH-S300BT naast andere koptelefoons van dit merk zou neerleggen, dan valt een aantal dingen op. Het ontwerp is ontzettend minimalistisch, waardoor je het er bijna niet aan af ziet dat dit een nieuw Audio-Technica-model is. Andere koptelefoons van dit merk beschikken namelijk over een duidelijk logo (een cirkel met twee driehoeken) en vaak een aluminium rand. Toegegeven, dat zijn wel de wat duurdere modellen – maar zelfs de oordopjes hebben een duidelijk logo gekregen. Dit heeft voor- en nadelen.

Enerzijds gaat de Audio-Technica ATH-S300BT door zijn onopvallende ontwerp op in de markt van midrange koptelefoons. En dat is een beetje zonde, omdat het Japanse merk juist zo'n oog voor design heeft. Anderzijds past bescheidenheid ook wel weer bij deze koptelefoon. De ATH-S300BT kun je dankzij zijn ingetogen karakter moeiteloos combineren met allerlei kleding- en haarstijlen. Sommige mensen lopen graag te koop met het merk dat ze aanhangen, maar daar is bij deze Audio-Technica dus geen sprake van. Je moet het doen met een enkel logo op de band.

Lekker knus en comfortabel

Wij hebben de beige variant opgestuurd gekregen van de fabrikant. Gecombineerd met de zachte cupkussen en hoofdband zorgt dat voor een heel knus uiterlijk. Nog belangrijker is het draagcomfort. De cups zijn wat ovaal ingestoken, waardoor je ook met wat grotere oren ruimte hebt. Mensen met kleine oorbellen in hoeven zich daarnaast geen zorgen te maken over een nekprik hier en daar, al moet je de koptelefoon dan wel even in de juiste hoek op het hoofd plaatsen. De hoofdband vinden we een beetje dun, maar die kan ermee door.

©Wesley Akkerman

De Audio-Technica ATH-S300BT is gelukkig flexibel genoeg om hem in allerlei posities te kunnen dragen. Niet alleen kun je de hoofdband uitrekken, ook kun je de cups bijdraaien. Je kunt die zelfs plat neerleggen, wat gemakkelijker is tijdens het reizen. Dit model zit niet superstrak, maar wel strak genoeg waardoor hij niet gemakkelijk van het hoofd valt. Ook trekt de koptelefoon niet aan je haren. De bouwkwaliteit is redelijk te noemen. Ondanks de stevigheid voelt hij wel een beetje plastic aan. Maar we snappen dat je voor ongeveer 120 euro ergens op moet besparen.

Bedraad en draadloos

Op de cups zitten vier knoppen voor de ruisonderdrukking, power, volume omhoog en volume omlaag – en die voelen allemaal net even anders. Daardoor kun je de koptelefoon heel gemakkelijk zonder te kijken gebruiken. Die powerknop is tevens verantwoordelijk voor pauzeren en afspelen en het activeren van de bluetoothverbinding. Daarnaast is er ook een koptelefoonaansluiting aanwezig, waardoor het mogelijk is de Audio-Technica ATH-S300BT bedraad te gebruiken. Dat is een fijne back-up, ook over een aantal jaar als de accu het mogelijk begeven heeft. Dan kun je hem blijven gebruiken.

De batterijduur van dit apparaat is echt indrukwekkend. We hebben de Audio-Technica ATH-S300BT één keer opgeladen en hebben er echt eindeloos mee kunnen luisteren. We hebben hem onlangs mee op trip genomen in het vliegtuig, werken er op dagelijkse basis mee en gebruiken hem ook in onze vrije tijd. De fabrikant belooft een gebruikersduur van zestig uur met actieve ruisonderdrukking, en negentig zonder. Op dit prijspunt ongekend. Mocht het er toch op aankomen, dan kun je met tien minuten opladen zo'n 2,5 uur muziek luisteren.

©Wesley Akkerman

Alternatief voor JBL en Soundcore

Voor die 120 euro mogen we geen premium audiobeleving verwachten. En dat doen we dan ook niet. Desondanks zijn we onder de indruk van wat de Audio-Technica ATH-S300BT ten gehore brengt. De sound is breed doch ingetogen. Je mist wel wat ruimtelijkheid, maar krijgt verder ook niet te maken met allerlei vervelende vervormingen. Ondanks de iets grotere nadruk op de baslaag horen we toch echt een helder en zuiver geluid. Daardoor is deze koptelefoon een perfect alternatieve voor het midrange aanbod van bijvoorbeeld JBL en Soundcore.

JBL legt veel meer nadruk op de bas, terwijl Soundcore met allerlei presets en opties een zo groot mogelijk publiek wil aanspreken. In allebei de gevallen zou er, bij specifieke genres, daardoor vervorming kunnen optreden. Niet de Audio-Technica ATH-S300BT daar geheel vrij van is: zodra je de transparante modus inschakelt, klinkt de soundstage ineens oppervlakkig en minder aangenaam. Maar de normale modus en ruisonderdrukking hebben geen negatieve impact op de audio. Sterker nog: door de anc klinkt de koptelefoon warm en soepel.

©Wesley Akkerman

De ruisonderdrukking zelf is niet heel denderend. Maar eerlijk is eerlijk; constant aanwezig achtergrondgeluid kan hij prima filteren. Maar schelle of harde geluiden komen er nog altijd doorheen. Ook kun je jezelf nog altijd horen typen, zodra het volume wat zachter is. Je kunt je tot op zekere hoogte wel afsluiten van de omgeving, maar verwacht er dus niet te veel van. En hoewel je prima verstaanbaar bent via de ingebouwde microfoon, kregen we de opmerkelijke feedback dat het leek 'alsof we in de wc zitten'. Dat klinkt voor de ander minder prettig.

Audio-Technica ATH-S300BT kopen?

Onderaan de streep zijn we nog steeds ontzettend enthousiast over de Audio-Technica ATH-S300BT. Zoals gezegd kan dit, vanwege de bredere soundstage, een mooi alternatief zijn voor jongeren die vooral letten op JBL of Soundcore. De nadruk ligt minder op de bas, maar vergis je niet: die is gewoon aanwezig. Het ontwerp is discreet en onopvallend, en dat vinden we juist van dit merk een beetje jammer. Ook de ruisonderdrukking kan beter. Maar de accuduur is fenomenaal, het comfort is van hoog niveau en de bediening is toegankelijk. Houd er wel rekening mee dat je er geen travelcase bij krijgt. Een usb-c-naar-usb-a-kabel en audiokabel zitten er wel bij.

Lees ook: Review Audio-Technica ATH-TWX7 – Warm, neutraal geluid, maar niet voor elk genre

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.