ID.nl logo
Zo houd je je huis comfortabel zonder de gaskraan open te draaien
© nevodka.com - stock.adobe.com
Energie

Zo houd je je huis comfortabel zonder de gaskraan open te draaien

Als de temperaturen dalen, grijpen veel mensen instinctief naar de thermostaat om het huis te verwarmen. Maar comfortabel wonen hoeft niet te betekenen dat je de gaskraan vol open draait. Met een paar slimme aanpassingen en gewoontes kun je de warmte in huis beter vasthouden en je gasverbruik verminderen, zonder in te leveren op comfort.

In dit artikel lees je onder meer: • Hoe je kieren en spleten dicht om warmteverlies te voorkomen • Dat je warmte kunt vasthouden door gordijnen op het juiste moment te openen of te sluiten • Dat je alleen de ruimtes moet verwarmen die je gebruikt en deuren moet sluiten • Hoe je de vloer warmer en comfortabeler maakt zonder extra energieverbruik • Hoe je frisse lucht binnenhaalt zonder onnodig warmteverlies • Over alternatieven zoals elektrische dekens en warmtekussens om comfortabel te blijven Ook lezen: Dakisolatie aanbrengen vanaf binnen of buiten? Dit zijn de voor- en nadelen

Voorkom warmteverlies met tochtstrips en kit

Warmteverlies via kieren en spleten is een van de grootste energieverspillers in huis. Gelukkig zijn er eenvoudige oplossingen om dat aan te pakken. Tochtstrips zijn een snelle en betaalbare manier om openingen rond ramen en deuren af te dichten. Ze zijn eenvoudig te installeren en zorgen ervoor dat koude lucht niet binnenkomt en warme lucht niet ontsnapt. Voor grotere openingen, bijvoorbeeld bij de aansluiting van kozijnen op muren, is het gebruik van siliconenkit of schuimrubber ideaal. Deze materialen vullen de naden op en voorkomen effectief warmteverlies.

©Marina Gordejeva

Naast ramen en deuren is het ook belangrijk om aandacht te besteden aan brievenbussen en ventilatieroosters. Een tochtborstel op de brievenbus en een ventilatierooster met klep kunnen voorkomen dat koude lucht naar binnen stroomt zonder dat je de ventilatie volledig blokkeert. Controleer bovendien de aansluitingen rond leidingen en buizen die door muren of vloeren lopen. Hier kunnen vaak ongeziene tochtgaten zitten die gemakkelijk afgedicht kunnen worden.

Een handige tip is om je huis te controleren op tochtplekken op een koude en winderige dag. Loop met een brandende kaars langs ramen, deuren en andere mogelijke tochtbronnen. Beweegt de vlam? Dan ontsnapt er warmte en kun je direct actie ondernemen. Door deze kleine aanpassingen blijft je huis warmer en verbruik je minder gas, wat niet alleen je energierekening verlaagt, maar ook goed is voor het milieu.

©Olga Yastremska

Gebruik gordijnen slim

Gordijnen kunnen een grote rol spelen in het vasthouden van warmte in huis. Overdag kun je ze openen om zonnewarmte binnen te laten, vooral bij ramen op het zuiden. Deze gratis warmtebron helpt om je huis op een natuurlijke manier te verwarmen. Zodra de zon ondergaat, is het belangrijk om de gordijnen dicht te trekken. Dan fungeren ze als een extra isolatielaag, waardoor minder warmte via de ramen ontsnapt. Kies bij voorkeur voor dikke of thermische gordijnen, die speciaal zijn ontworpen om warmteverlies te minimaliseren.

Let er echter op dat gordijnen geen radiatoren bedekken. Als ze de warmte van een radiator blokkeren, verwarm je de ruimte minder efficiënt. Zorg er ook voor dat gordijnen goed aansluiten op de muur of vensterbank om tocht te verminderen. Heb je open ruimtes onder je gordijnen? Overweeg dan tochtrollen of gordijnen die tot de vloer reiken.

Heb je rolluiken of jaloezieën? Combineer deze met gordijnen voor nog betere isolatie. Overdag houd je de rolluiken open om zonlicht binnen te laten en 's avonds sluit je ze om warmteverlies verder te beperken. Op deze manier benut je gordijnen niet alleen als decoratie, maar ook als een slimme manier om energie te besparen en je huis comfortabel warm te houden.

©andrey sinenkiy

Verwarm gericht, niet je hele huis

Het verwarmen van je hele huis kan een flinke kostenpost zijn, vooral als je ruimtes verwarmt die je nauwelijks gebruikt. Door selectief te verwarmen, kun je niet alleen je gasverbruik verminderen, maar ook efficiënter omgaan met de warmte die je al hebt. Begin met het identificeren van de ruimtes waar je de meeste tijd doorbrengt, zoals de woonkamer, slaapkamer of werkkamer. Zorg ervoor dat je de deuren naar deze ruimtes gesloten houdt om te voorkomen dat de warmte ontsnapt naar minder gebruikte kamers. Dit creëert een zogenoemde 'warmtezone,' waarin de temperatuur comfortabel blijft.

Voor ruimtes die je tijdelijk gebruikt, zoals de badkamer, kun je overwegen om elektrische alternatieven in te zetten. Een infraroodpaneel of elektrische kachel verwarmt snel en plaatselijk, waardoor je geen onnodige energie verspilt aan het verwarmen van de hele woning. Deze apparaten zijn vooral nuttig voor korte periodes, zoals tijdens het douchen of werken aan een bureau.

©PhotoSG

Daarnaast kun je het gebruik van je verwarming optimaliseren door een slimme thermostaat te installeren. Hiermee kun je precies instellen wanneer en waar je warmte nodig hebt. Veel slimme thermostaten bieden de mogelijkheid om zones in huis apart te regelen, zodat je alleen energie gebruikt voor de ruimtes die op dat moment in gebruik zijn.

Tot slot is het handig om te experimenteren met lagere temperaturen in minder gebruikte kamers. Een graad of twee lager in bijvoorbeeld de gang of logeerkamer kan al een aanzienlijke besparing opleveren zonder dat dit je wooncomfort aantast. Door gericht te verwarmen, haal je meer uit je energieverbruik en bespaar je tegelijkertijd op je gasrekening.

Maak optimaal gebruik van tapijten en vloerkleden

Een koude vloer kan een flinke invloed hebben op hoe comfortabel je huis aanvoelt, vooral in kamers met tegels of laminaat. Tapijten en vloerkleden zijn niet alleen een decoratieve toevoeging, maar ook een praktische oplossing om warmte vast te houden. Ze fungeren als een extra isolatielaag, waardoor de kou van de vloer minder snel in de ruimte trekt. Dit kan vooral nuttig zijn in slecht geïsoleerde woningen of op de begane grond.

©leonid iastremskyi

Voor maximaal effect kies je een dik, dicht geweven tapijt of kleed. Wol of hoogpolig materiaal werkt extra isolerend en voelt ook zachter en warmer aan onder je voeten. Leg het kleed in veelgebruikte ruimtes, zoals de woonkamer of slaapkamer, waar het comfort direct merkbaar is. Heb je vloerverwarming? Kies dan voor een kleed dat geschikt is voor dit type verwarming, zodat de warmte er nog steeds goed doorheen kan.

Naast thermisch comfort helpt een tapijt ook om de algemene sfeer in huis te verbeteren. Een warm kleed nodigt uit om op te zitten of te spelen, wat vooral prettig is als je kinderen hebt. Bovendien kan een vloerkleed helpen om geluiden te dempen, wat een extra voordeel is in drukke huishoudens of appartementen.

Ventileer op de juiste manier

Ventileren is belangrijk voor een gezond binnenklimaat, maar verkeerd ventileren kan leiden tot onnodig warmteverlies. Je moet daarom slim ventileren, zodat je frisse lucht binnenhaalt zonder de warmte uit je huis te laten ontsnappen. De meest effectieve manier is om kort en krachtig te ventileren. Zet bijvoorbeeld twee ramen tegenover elkaar een paar minuten wijd open om een luchtstroom te creëren. Dit ververst de lucht snel zonder dat de muren, vloeren en meubels afkoelen, waardoor je woning zijn warmte behoudt.

©Roman Möbius

Voorkom langdurig ventileren via een raam op een kier, vooral in de winter. Dat zorgt er namelijk voor dat je continu warmte verliest, terwijl de luchtuitwisseling traag verloopt. Maak in plaats daarvan gebruik van ventilatieroosters die je gedeeltelijk kunt openen. Deze bieden een constante toevoer van frisse lucht zonder grote warmteverliezen.

Let ook op ruimtes zoals de keuken en badkamer, waar vocht snel ophoopt. Gebruik de afzuigkap of mechanische ventilatie alleen wanneer nodig en zorg dat je deze systemen niet onnodig lang laat draaien. Vochtige lucht voelt kouder aan, dus het goed afvoeren van vocht helpt je huis niet alleen frisser, maar ook warmer aan te laten voelen.

Combineer met duurzame warmtebronnen

Naast het verminderen van warmteverlies kun je ook denken aan het combineren van deze tips met een duurzame warmtebron. Een elektrische deken, een warmtekussen of zelfs het dragen van meerdere lagen kleding kunnen helpen om comfortabel te blijven zonder extra gas te verbruiken.

Met deze praktische tips kun je je huis comfortabel warm houden en tegelijkertijd je gasverbruik minimaliseren. Het resultaat? Een lagere energierekening, een kleinere ecologische voetafdruk en een heerlijk comfortabel huis!

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.