ID.nl logo
Waarom zonnepanelen nog altijd lonen
© Fokke Baarssen
Energie

Waarom zonnepanelen nog altijd lonen

Ontdek hoe zonnepanelen in 2023 nog steeds een rendabele investering zijn. Met de juiste strategieën voor energiemanagement en de nieuwste technologische ontwikkelingen, kunnen zonnepanelen sneller dan ooit voor zichzelf betalen. Lees verder voor inzichten in de terugverdientijd, optimalisatie van eigen verbruik en de impact van de salderingsregeling op jouw energierekening.

In dit artikel lees je onder meer over:

  • Actuele terugverdientijden in het licht van de salderingsregeling

  • De voordelen van goedkopere en efficiëntere zonnepanelen

  • Hoe je eigen verbruik te optimaliseren met zonne-energie

  • De rol van thuisbatterijen bij energieopslag en netcongestie

  • Ook lezen: Warmtepomp zonder buitenunit dankzij PVT-dakpanelen

In het licht van de huidige energieprijzen en milieukwesties, blijft de investering in zonnepanelen een verstandige keuze. Ondanks de afbouw van de salderingsregeling, is het interessant om te weten dat zonnepanelen zichzelf binnen een respectabele termijn terugverdienen. Wat is de huidige stand van zaken rondom zonnepanelen en de voordelen die ze blijven bieden?

Zonnepanelen hebben zich ontwikkeld tot een meer betaalbare en efficiënte bron van hernieuwbare energie. Volgens Techniek Nederland verdienen zonnepanelen zichzelf momenteel binnen zeven jaar terug. Dat is een aantrekkelijke periode, gezien de gemiddelde levensduur van kwalitatief goede zonnepanelen ongeveer 25 jaar is.

©andreas_muhmenthaler

Terugverdientijd en salderingsregeling

Let wel, de terugverdientijd kan met één tot twee jaar toenemen als de geleidelijke afbouw van de salderingsregeling eenmaal een feit is. Desondanks blijft er genoeg tijd over om te profiteren van een lagere energierekening. De voorzitter van Techniek Nederland, Doekle Terpstra, benadrukt de noodzaak van duidelijkheid over deze regeling om onzekerheid bij consumenten weg te nemen en de aanschaf van zonnepanelen niet langer uit te stellen.

VoordeelToelichting
TerugverdientijdGemiddeld 7 jaar, afhankelijk van de salderingsregeling
LevensduurGemiddeld 25 jaar
RendementToename door technologische vooruitgang
EnergiekostenDaling door eigen productie
MilieuVermindering van CO2-uitstoot
NetcongestieVermindering door thuisopslag en -gebruik

Prijs en prestatie

De aanschafprijs van zonnepanelen is in de loop der jaren aanzienlijk gedaald, terwijl de efficiëntie van de panelen is toegenomen. Dat maakt de investering in zonne-energie economisch steeds aantrekkelijker. De verbeterde prestaties zijn te danken aan doorbraken in fotovoltaïsche technologieën, die zorgen voor een hogere energieopbrengst per paneel. Hierdoor kunnen huishoudens meer elektriciteit genereren, zelfs op dagen met minder zonlicht.

De lagere kosten en hogere opbrengst verlagen de terugverdientijd en verhogen het rendement over de levensduur van de installatie. Bovendien biedt het bezit van zonnepanelen een vorm van energieonafhankelijkheid, waardoor je als consument minder kwetsbaar bent voor schommelingen in energieprijzen. Met de huidige hoge elektriciteitsprijzen is de besparing op de energierekening duidelijk merkbaar, waardoor de investering in zonnepanelen niet alleen een duurzame, maar ook een financieel interessante beslissing is.

💰 Financiële voordelen en subsidies Mocht je nog geen zonnepanelen hebben, maar ze wel overwegen, weet dan dat er diverse regelingen zijn om jou financieel te ondersteunen bij de aanschaf en installatie van de panelen. Hieronder enkele suggesties.

  • Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE): Subsidie voor de aankoop van zonnepanelen en zonneboilers.
  • Energiebespaarlening: Gunstige lening voor energiebesparende maatregelen in eigen huis.
  • Btw-teruggave: De btw op aankoop en installatie van zonnepanelen kan worden teruggevorderd.
  • Salderingsregeling: Tot 2025 kunnen huishoudens de stroom die ze aan het net leveren wegstrepen tegen de stroom die ze afnemen.
  • Lokale subsidies: Verschillende gemeenten bieden extra subsidies of groene leningen aan.

Let op: Subsidies en regelingen kunnen per regio verschillen en zijn onderhevig aan verandering. Controleer altijd de actuele informatie bij de Rijksoverheid of je lokale gemeente. Lees hier meer informatie over het afbouwen van de salderingsregeling.

Eigen verbruik optimaliseren

Om het maximale uit je zonnepanelen te halen, is het belangrijk om je energieverbruik zo veel mogelijk te optimaliseren. Dat betekent dat je de energieproductie van je zonnepanelen afstemt op je persoonlijke energiebehoefte. Door energie-intensieve apparaten zoals de wasmachine, vaatwasser of droger te gebruiken op momenten dat je zonnepanelen de meeste energie opwekken, verhoog je de directe consumptie van de opgewekte stroom.

Dat is vooral van belang na de afbouw van de salderingsregeling, waarbij de financiële voordelen van het terugleveren van stroom aan het net verminderen. Door slimme energiemanagementsystemen te gebruiken, kun je apparaten automatisch laten inschakelen op momenten dat energie voordelig is (bijvoorbeeld door stroom afkomstig van je zonnepanelen), wat leidt tot een efficiënter huishouden en een lagere energierekening. Het direct gebruiken van zonne-energie vermindert ook de belasting op het elektriciteitsnet, wat bijdraagt aan een stabielere energievoorziening.

Thuisbatterijen en netcongestie Thuisbatterijen spelen een steeds belangrijkere rol in het huishoudelijke energielandschap, vooral als het gaat om het optimaliseren van het gebruik van zonne-energie. Deze batterijen stellen huiseigenaren in staat om de overdag opgewekte zonne-energie op te slaan en te gebruiken wanneer de zon niet schijnt, wat de afhankelijkheid van het elektriciteitsnet vermindert. Dat is niet alleen financieel voordelig, maar verlicht ook de druk op het elektriciteitsnet tijdens piekuren, waardoor netcongestie wordt verminderd.

Met de toename van het aantal huishoudens dat zonne-energie opwekt, wordt het elektriciteitsnet steeds vaker geconfronteerd met uitdagingen om vraag en aanbod in balans te houden. Thuisbatterijen kunnen deze uitdaging verlichten door energie lokaal te bewaren en te distribueren wanneer dat nodig is.

Techniek Nederland ziet een belangrijke rol weggelegd voor de overheid om innovatie en de toepassing van thuisbatterijen te stimuleren. Subsidies of fiscale voordelen kunnen de aanschaf van thuisbatterijen aantrekkelijker maken voor consumenten, wat de transitie naar een duurzamere energievoorziening kan versnellen.

Vraag een offerte aan voor zonnepanelen:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.