ID.nl logo
Zelf een deepfake-video maken met DeepFaceLab
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Zelf een deepfake-video maken met DeepFaceLab

Op internet is kant-en-klare software te vinden waarmee je zelf een deepfake-video maken kunt. Die software heet DeepFaceLab maar is nu niet bepaald gebruiksvriendelijk te noemen. Daarom helpen we je hier ermee op weg.

Het programma DeepFaceLab vereist Windows 10 en een recente Nvidia-kaart. De software oogt wat rudimentair en gebruikt batchbestanden voor het uitvoeren van acties. In de toekomst wil de maker een gebruikersvriendelijke interface maken waarbij je in principe alleen nog maar twee video’s hoeft te selecteren en op een knop hoeft te drukken.

Lees ook: Wat is deepfake en hoe herken je nepvideo's?

In de workspace-map staan drie mappen en twee videobestanden genaamd data_dst en data_src (doel en bron). Het laatste bestand bevat het gezicht dat je wilt gebruiken en moet worden verwerkt in het doelbestand. Voordat je begint, moet je dat materiaal dus bij elkaar zoeken, maar je kunt ook het meegeleverde bronmateriaal gebruiken. Dat bestaat uit een video van het personage Tony Stark uit Ironman, en de doelvideo is iemand die voor een greenscreen staat. Als je andere bestanden wilt gebruiken, moet je deze de eerdergenoemde namen geven.

Stappenplan deepfake-video

1. Voor de eerste stap moeten er losse frames uit de bronvideo worden gehaald; dat worden dan foto’s in png-formaat. Start batchbestand nummer 2. Je krijgt dan de vraag hoeveel frames per seconde je wilt gebruiken. Hoe meer fps, des te langer het renderen duurt. De eerste keer kun je het best voor de standaardopties kiezen door op de Enter-toets te drukken.

2. Start batchbestand 3.2. Deze doet hetzelfde met het doelbestand en haalt er losse frames uit. Bij optie 3.2 wordt elk individueel frame gebruikt en in een aparte map ondergebracht. Dat kan even duren, mede afhankelijk van de lengte van de video, de resolutie en hoe krachtig je computer is.

3. Vervolgens moeten de gezichtskenmerken worden opgenomen in een dataset. Daarvoor worden de eerste opslagen frames uit het bronbestand geanalyseerd. Kies voor optie 4: all gpu. De frames worden nu opgeslagen in data_src.

©PXimport

4. Doe vervolgens hetzelfde met de doelbestanden via batchbestand 5. Deze analyseert de gezichtskenmerken van het doelbestand op basis van de png-frames. De optie DLIB all GPU leidt tot minder fouten (false-postives) en MT all GPU leidt tot betere detectie en een realistischer algemeen resultaat, maar meer mogelijke fouten.

5. Controleer vervolgens de map aligned en verwijder hier afwijkende foto’s, bijvoorbeeld waar iets voor het gezicht zit. Deze verstoren namelijk het eindresultaat omdat de software anders denkt dat zoiets onderdeel uitmaakt van het gezicht.

6. Vervolgens moet de software worden getraind. Dat kan in verschillende kwaliteitsgradaties, maar de eerste keer is het handig om bij batchbestand 6 voor een lage waarde te kiezen, zoals H64. Dat levert een lagere kwaliteit op, maar wel sneller resultaat. De vragen slaan we voor nu over. Je kunt de training een tijd door laten lopen, eventueel uren als er veel bronmateriaal is. Druk op de Enter-toets om het trainen te beëindigen.

©PXimport

7. Daarna kunnen we de transformatie starten met batchbestand 7. Ook hier zijn weer verschillende gradaties beschikbaar en kiezen we eerst (omwille van de snelheid) voor H64. Opnieuw zijn er weer veel instellingsopties beschikbaar. Het kan per scène verschillen welke je hier het best kunt kiezen. Je kunt het altijd opnieuw uitvoeren.

8. De twee frames zijn nu samengevoegd, waarbij het brongezicht op dat van het lichaam van het doelbestand is geprojecteerd. Van deze losse foto’s moet nu weer een video worden gemaakt. Dat kan door de foto’s in een videobewerkingsprogramma te slepen, maar je kunt ook batchbestand 8 gebruiken, die de beelden omzet naar een mp4-bestand.

Grotere dataset geeft beter resultaat

Het resultaat is indrukwekkend, maar niet perfect. Om tot een beter resultaat te komen is het aan te raden om de dataset uit te breiden, bijvoorbeeld door meerdere bronvideo’s te gebruiken waarbij het gezicht in verschillende omstandigheden en vanuit diverse hoeken te zien is. Het is ook afhankelijk van het doelbestand. Draait de persoon zich daar bijvoorbeeld naar de zijkant, dan heb je ook bronmateriaal nodig waarbij dat gebeurt. De resolutie van het bronmateriaal is eveneens belangrijk, anders blijven details vaag.

Tekst: Jeroen Horlings

▼ Volgende artikel
Wifi wel snel op je telefoon, maar traag op je laptop? Hier ligt dat aan!
© A Stockphoto
Huis

Wifi wel snel op je telefoon, maar traag op je laptop? Hier ligt dat aan!

Je zit op de bank en streamt probleemloos een 4K-video op je telefoon, maar zodra je je laptop openklapt om een webpagina te laden, lijkt het alsof de verbinding vastloopt. Ligt het aan de router of aan je computer? In dit artikel leggen we uit waarom wifi-snelheden zo sterk kunnen verschillen per apparaat en wat je eraan kunt doen.

Je betaalt voor een snelle internetverbinding, dus is de verwachting dat elk apparaat in huis die snelheid ook daadwerkelijk haalt. Toch voelt het surfen op je computer soms stroperig aan, terwijl je smartphone ernaast nergens last van heeft. Vaak wordt er direct naar de internetprovider gewezen, maar het probleem zit meestal in de apparatuur zelf. Het verschil in hardware, leeftijd en software tussen mobiele apparaten en computers is namelijk groter dan je denkt. Na het lezen van dit stuk weet je precies waar die vertraging vandaan komt.

Generatiekloof: waarom je laptop vaak achterloopt

Het snelheidsverschil tussen je telefoon en je computer komt vaak neer op een simpele generatiekloof. We vervangen onze telefoons gemiddeld elke twee tot drie jaar, waardoor ze vaak uitgerust zijn met de nieuwste wifi-chips (zoals wifi 6 of 6E). Een laptop gaat vaak veel langer mee, soms wel vijf tot zeven jaar. Hierdoor probeert een verouderde netwerkkaart in je laptop te communiceren met een moderne router, wat resulteert in een lagere maximumsnelheid.

Daarnaast speelt de manier waarop data wordt verwerkt een grote rol. Een telefoon is geoptimaliseerd voor directe consumptie: apps op de achtergrond worden gepauzeerd om de app die je nú gebruikt voorrang te geven. Een computer werkt anders. Terwijl jij probeert te surfen, kan Windows of macOS op de achtergrond bezig zijn met zware updates, het synchroniseren van clouddiensten of het maken van back-ups. Je laptop snoept dus al bandbreedte weg zonder dat jij het doorhebt, waardoor er voor je browser minder overblijft.

Wanneer je laptop de strijd wél wint

De laptop wint het van de telefoon wanneer de omstandigheden optimaal zijn voor stabiliteit in plaats van pure mobiliteit. Als je beschikt over een moderne laptop met een recente netwerkkaart en je bevindt je in dezelfde ruimte als de router, kan de laptop vaak stabieler grote bestanden binnenhalen.

Dat geldt vooral als je laptop verbonden is met de 5GHz-frequentieband. Deze frequentie is veel sneller dan de oude 2.4GHz-band, maar heeft een korter bereik. Als je dicht bij het toegangspunt zit, profiteert je laptop van zijn krachtigere processor om complexe webpagina's sneller op te bouwen dan een telefoon dat kan, mits de verbinding zelf niet de bottleneck is.

Waarom je telefoon soepeler aanvoelt

Het verschil wordt pijnlijk duidelijk zodra je verder van de wifi-bron af gaat zitten, bijvoorbeeld op zolder of in de tuin. Smartphones zijn vaak agressiever geprogrammeerd om het sterkste signaal te pakken of snel tussen frequenties te schakelen. Veel laptops blijven daarentegen te lang plakken op een zwak 5GHz-signaal of vallen onnodig terug op de trage en vaak overvolle 2.4GHz-band (het zogeheten 'sticky client'-probleem).

Daarnaast hebben smartphones een trucje dat laptops helaas moeten missen: wifi-assist (of een vergelijkbare term). Als de wifi even hapert, gebruikt de telefoon ongemerkt een beetje 4G- of 5G-data om de stroom stabiel te houden. Je laptop heeft die optie meestal niet en laat direct een laadicoontje zien. Hierdoor voelt de telefoon sneller aan, terwijl hij eigenlijk een beetje vals speelt door mobiele data bij te schakelen.

Harde grenzen: wanneer traagheid onvermijdelijk is

Er zijn situaties waarin je laptop de strijd sowieso verliest, ongeacht hoe dicht je bij de router zit. Dit zijn de harde grenzen:

  • Verouderde standaarden: Als je laptop alleen wifi 4 (802.11n) ondersteunt, zul je nooit de snelheden halen van een telefoon met wifi 6 (802.11ax). De hardware kan het simpelweg niet aan.

  • Actieve VPN-verbinding: Veel werklaptops hebben een actieve VPN-verbinding voor beveiliging. Dit vertraagt de internetsnelheid aanzienlijk vergeleken met een 'open' telefoonverbinding.

  • De 2,4GHz-valkuil: In dichtbevolkte wijken is de 2,4GHz-band zo vervuild door signalen van de buren, dat een laptop die hierop vastzit nauwelijks vooruitkomt.

  • Batterijbesparing: Als je laptop niet aan de lader ligt en in Eco-modus staat, wordt de stroom naar de wifi-kaart vaak geknepen, wat direct ten koste gaat van het bereik en de snelheid.

Zo check je of jouw hardware het probleem is

Om te bepalen of je laptop de boosdoener is, moet je eerst kijken naar de verbinding. Klik op het wifi-icoon op je laptop en controleer of je verbonden bent met een 5GHz-netwerk (vaak te zien bij Eigenschappen of netwerkinformatie). Is dat niet het geval en sta je wel dicht bij de router? Dan is je netwerkkaart waarschijnlijk verouderd of staan de instellingen niet goed.

Kijk ook eens kritisch naar je gebruik. Heb je toevallig nog applicaties openstaan zoals Steam, OneDrive of Dropbox? Deze programma's kunnen de verbinding volledig dichttrekken. Op een telefoon gebeurt dit zelden automatisch op de achtergrond. Als je laptop ouder is dan vijf jaar, kan een simpele upgrade met een moderne wifi-usb-dongle het probleem vaak al verhelpen, zonder dat je een hele nieuwe computer hoeft aan te schaffen.

Kortom: leeftijd en software maken het verschil

Dat je telefoon sneller is op wifi dan je laptop, komt meestal doordat telefoons nieuwere netwerkchips hebben en slimmer omgaan met datastromen. Laptops hebben vaak last van zware achtergrondprocessen of blijven hangen op een tragere frequentieband. Daarnaast schakelen telefoons bij zwak wifi soms ongemerkt over op 4G/5G, wat de ervaring vloeiender maakt. Controleer of je laptop op de 5GHz-band zit en sluit zware achtergrondprogramma's af om snelheid te winnen.

▼ Volgende artikel
Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen arriveert op 16 april
Huis

Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen arriveert op 16 april

Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen komt op 16 april uit voor Nintendo Switch.

Dat heeft Nintendo vanmiddag aangekondigd in een speciale Direct-uitzending die om de game draait. Ondanks dat de game voor de eerste Switch verschijnt, zal hij via backwards compatibility ook speelbaar zijn op Nintendo Switch 2.

In de Tomodachi Life-games van Nintendo kunnen spelers zelf Mii-personages creëren en bijvoorbeeld baseren op het uiterlijk van henzelf, vrienden en familie of beroemdheden. Deze Mii's leiden vervolgens hun eigen leven op een eiland, wat allerlei gekke en hilarische situaties oplevert. Spelers kunnen zelf ook invloed uitoefenen op deze verschillende situaties.

Watch on YouTube

Over Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen

In de Direct-uitzending werd meer informatie gegeven over het aankomende Tomodachi Life: Waar Dromen Uitkomen. Zo is duidelijk dat spelers hun Mii-personages unieke persoonlijkheden, gewoontes en woningen kunnen geven. Spelers kunnen tijdens de game zien waar de personages aan denken, en ze helpen bij problemen. De tijd in de game verstrijkt daarbij net zo snel als in de echte wereld, wat het de moeite waard maakt om het spel op verschillende momenten op te starten.

Het is daarbij mogelijk om de verschillende Mii-personages kennis met elkaar te laten maken, om te zien wat er vervolgens gebeurd. Personages kunnen bijvoorbeeld praten over hun favoriete eten en filmgenres. Het is daarnaast mogelijk om acht Mii-personages bij elkaar in een huis te laten wonen, wat weer unieke reacties van de personages veroorzaakt.

Op het eiland waar de game zich afspeelt kunnen spelers de personages winkels te laten bezoeken. Bijvoorbeeld een supermarkt waar allerlei etenswaren worden verkocht, of de mogelijkheid om kleding en kostuums te kopen. In een speciale marktkraam worden redelijk geprijsde artikelen meerdere malen per dag ververst.

Ook is er een ontwerpatelier, waar spelers verschillende voorwerpen kunnen maken, waaronder kledingstukken, versiering voor huizen en zelfs huisdieren. Het eiland kan sowieso naar eigen smaak worden ingedeeld, met bankjes, bomen, planten en meer.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.