ID.nl logo
Wat is de beste smart-tv?
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Wat is de beste smart-tv?

Dit jaar stapten Sony, Philips, Samsung én Panasonic over op compleet nieuwe smart-tv-systemen, in navolging van LG (die dat vorig jaar al deed). Wij zochten uit waarom het roer overal om gaat en wat dit voor jou betekent. Wordt je smart-tv eindelijk slim?

Een smart-tv is niet nieuw. Aan het eind van het vorige decennium verschenen de eerste televisies al op de markt die via een netwerkaansluiting of wifi ook mediabestanden konden afspelen en toegang boden tot online apps. In eerste instantie was dat geen succes. De beschikbare processorkracht en geheugen waren beperkt, waardoor het laden van smart-tv-functies te lang duurde en de apps tergend langzaam werkten. Leuk om één keer te proberen, maar in de praktijk feitelijk onbruikbaar.

De kunst van het weglaten

Met elke nieuwe generatie televisies zagen we de afgelopen jaren de introductie van snellere processors en als gevolg daarvan interfaces die doorgaans steeds vlotter reageerden. De initiële ergernis over apps en menu's die tergend langzaam opstartten ligt daardoor alweer enige jaren achter ons. Feit bleef echter dat elke fabrikant een eigen systeem had en dat van enige standaardisering geen sprake was. Apps die voor Samsung-televisies wél beschikbaar waren, kon je op een televisie van Panasonic niet gebruiken.

Ook de interfaces die fabrikanten gebruikten, waren allemaal verschillend en hadden eigenlijk als enige gemene deler dat ze opgebouwd waren uit meerdere menuschermen waarbij je voor sommige apps of functies meerdere schermen door moest scrollen om ze te bereiken. Niet echt handig dus.

Uit verschillende gebruikersonderzoeken bleek bovendien dat de meeste gebruikers slechts een handjevol apps écht gebruikten en dat de rest dus onnodige schermvulling was. Dit jaar lijken alle fabrikanten de conclusie getrokken te hebben dat de werking simpeler moest, met compleet nieuwe systemen als gevolg. Systemen meervoud, want ook in 2015 is er helaas nog geen sprake van standaardisatie. Samsung en LG gebruiken met respectievelijk Tizen en webOS hun eigen exclusieve platform. Sony, Philips en Panasonic kiezen met Android TV en Firefox OS voor een meer open platform van derde partijen.

LG: webOS 2.0

LG zette in 2014 als eerste fabrikant de stap naar een sterk vereenvoudigde interface met de introductie van webOS, dit jaar opgevolgd door het licht verbeterde webOS 2.0. webOS gebruikt één menubalk die met een druk op de knop onderin beeld wordt weergegeven. Op die balk bevinden zich directe snelkoppelingen naar de meest gebruikte apps, aansluitingen en zenders. Kijk je vaak naar Netflix? Dan krijgt Netflix automatisch een prominente positie in deze balk. Gebruik je vaak een spelcomputer of blu-ray-speler via HDMI? Dan komt ook deze vanzelf in die balk te staan.

Scrol je naar rechts, dan kom je in een tweede scherm terecht waar je alle apps en functies vind die je minder vaak gebruikt. Scrol je juist naar links, dan kom je op een pagina met de vier laatst gebruikte apps en functies. LG heeft de interface dus echt plat gemaakt en dan doelen we niet alleen op het visuele ontwerp met zijn duidelijke kleurvlakken. Er zijn namelijk geen losse pagina's meer voor bepaalde functies zoals de mediaspeler, externe ingangen, apps en live-tv: alles is in één balk ondergebracht.

©PXimport

LG's webOS is erg overzichtelijk met vakjes met apps en functies.

Wat ons betreft heeft deze opzet voor- en nadelen. Het voordeel is uiteraard dat je niet door allerhande menu's hoeft te navigeren, iets wat met een afstandsbediening over het algemeen geen pretje is. Nadelen zijn er echter ook. Als je veel apps installeert, wordt de overzichtsbalk met apps al snel erg lang en zul je geregeld door meerdere pagina's moeten scrollen. Het is overigens wel mogelijk om de volgorde van apps, ingangen en functies zelf te rangschikken op de rechterpagina's met het complete overzicht. Zo heb je veelgebruikte functies altijd snel ter beschikking. Een ander nadeel is dat de apps die op het hoofdscherm staan veranderen afhankelijk van het gebruik van de tv. Dat is op zich handig omdat het hoofdscherm (na verloop van tijd) perfect aansluit bij jouw kijkgedrag. Toch is het zeker in het begin verwarrend dat iconen hier verschijnen, van plaats veranderen of zelfs weer verdwijnen. Het app-aanbod van webOS is goed.

Vrijwel alle apps die op LG's vorige NetCast-platform beschikbaar waren, lijken geporteerd te zijn naar webOS. In de LG store vinden we onder andere: RTL XL, KIJK (SBS Gemist), NPO Uitzending Gemist, NOS Sport, NOS Journaal, Netflix, Pathé Thuis en Videoland. LG's webOS blijkt bovendien Chromecast-compatibel en je kunt zonder een fysieke Chromecast content via de Chromecast-optie op je smartphone of tablet naar de tv casten. Op LG-televisies is deze optie, in tegenstelling tot de later besproken Android TV's van Sony en Philips, niet helemaal officieel.

Panasonic: Firefox OS

Panasonic stapt dit jaar over op Firefox OS als besturingssysteem voor zijn duurdere smart-tv's. Firefox OS kennen we onder andere van smartphones, maar ook de televisiemarkt wordt nu ontgonnen door moederbedrijf Mozilla dat vooral bekend is van zijn internetbrowsers. Firefox OS is geheel opensource en behalve voor Panasonic ook beschikbaar voor andere fabrikanten. Tot op heden maken die er in ieder geval geen gebruik van. Net als bij LG's webOS en Samsungs Tizen (dat we hierna bespreken), kiest ook Panasonic voor een simpel hoofdscherm, dat in eerste instantie slechts drie opties heeft: Live tv, Apps en Apparaten.

©PXimport

Het thuisscherm van Firefox OS bevat in eerste instantie drie opties, maar je kunt dat zelf uitbreiden.

Via die opties kun je doorklikken naar het zenderoverzicht, een overzichtspagina met alle geïnstalleerde apps en een pagina met alle ingangsbronnen. Anders dan webOS werkt Firefox OS dus nog wel met losse submenu's. Als gebruiker heb je wel de mogelijkheid om apps en favoriete ingangsbronnen aan het hoofdscherm toe te voegen, waardoor deze gemakkelijker te bereiken zijn. Op het hoofdscherm worden deze koppelingen in lintvorm naast elkaar getoond, met maximaal vijf shortcuts gelijktijdig zichtbaar. Pin je meer apps, dan wordt het dus alsnog scrollen.

Ook met Firefox OS kun je hierdoor gemakkelijk wisselen tussen live-tv en jouw favoriete apps. Door het gebruik van de grote bollen op het hoofdscherm is de informatiedichtheid echter wel érg laag. Wij hadden graag iets meer snelkoppelingen op één scherm gezien. Qua app-aanbod heeft Panasonic het inmiddels redelijk op orde. Netflix is uiteraard aanwezig, evenals Pathé, Videoland, KIJK (SBS Gemist) en NPO Uitzending Gemist. De laatste beperkt zich echter tot het journaal. Het aanbod van RTL moeten we vooralsnog geheel missen.

Elke televisie slim: Google Chromecast

Wat als je nog niet toe bent aan een nieuwe televisie en een televisie met geen of haperende slimme functionaliteiten hebt? Dan biedt Googles Chromecast een goedkope oplossing die in de praktijk ook een uitstekend alternatief blijkt voor een smart-tv-platform. Je sluit de HDMI-stick (die minder dan 35 euro kost) aan op een vrije HDMI-poort waarna je hem verbindt met je wifi-netwerk. Vervolgens kun je vanaf geschikte apps op je smartphone of tablet casten. Hierbij omzeil je apps die op de televisie draaien en gebruik je de eigen apps van diensten als Netflix op je smartphone of tablet om content uit te zoeken.

De afspeelopdracht wordt vervolgens naar de Chromecast gestuurd. Het enige 'nadeel' van de Chromecast is dat je een smartphone of tablet moet hebben om het geheel te kunnen gebruiken, maar een echt nadeel kunnen we dat vandaag de dag niet noemen. Je hebt niet bij alle platformen een Chromecast nodig als je de ingebouwde apps wilt omzeilen. Googles Android TV is volledig compatibel met het protocol van de Google Chromecast en je kunt dus vanuit alle voor Chromecast geschikte apps op je smartphone of tablet direct casten naar de televisie (zónder fysieke Chromecast in je tv). Ook Panasonics Firefox OS heeft een hoge compatibiliteit met het Google Cast-protocol.

Samsung: Tizen

Samsung had een prima werkend smart-tv-systeem met een groot aanbod aan apps en functies, maar desondanks koos het begin dit jaar voor een compleet nieuwe aanpak, zowel qua technologie als qua interface. De basis van het nieuwe systeem is het Tizen-besturingssysteem dat Samsung ook op zijn smartwatches en op enkele telefoons gebruikt. Het grootste voordeel van Tizen is volgens Samsung dat het lichter is dan het vorige smart-tv-systeem, wat de snelheid van de interface en apps ten goede komt. Bovendien kan Tizen écht multitasken, waardoor het wisselen tussen apps beter mogelijk wordt. Een derde voordeel dat Tizen volgens Samsung biedt, is dat het gemakkelijker te updaten is, waardoor de 2015-modellen eenvoudiger en sneller van nieuwe software voorzien kunnen worden.

De komst van Tizen betekent niet alleen een verandering onder de motorkap, ook het uiterlijk van Samsungs smart-tv-interface is geheel op de schop gegaan. De onderverdeling in losse, beeldvullende pagina's met live-tv, films en series, en multimedia verdwijnt. In plaats daarvan is er nu een menu met shortcuts dat onderin het beeld wordt weergegeven. Qua uiterlijk lijkt Samsungs nieuwe Smart Hub sterk op webOS van LG en ook de werking is vergelijkbaar en toont het standaard alleen de meest gebruikte mogelijkheden direct in de één overzichtsbalk. Al deze shortcuts vind je onder het kopje Recent dat standaard getoond wordt. Daarnaast biedt het kopje Featured toegang tot onder andere de app-store, games, de zoekfunctie, alsmede de submenu's voor live-tv, video-on-demand en de mediaspeler-functies.

©PXimport

Net als bij LG's webOS maakt Samsung gebruik van een lint met apps en functies.

Samsung heeft behalve de smart-tv-interface ook de rest van de interface op de schop gegooid. De hierboven beschreven Smart HUB wordt getoond wanneer je op de Smart-knop drukt of wanneer je met de gyroscopische afstandsbediening naar beneden beweegt. Ga je echter naar links dan krijg je het geluidsmenu, naar rechts de kanaallijst en omhoog het algemene instellingenmenu. De nieuwe interface vraagt even wat gewenning, maar werkt prettig en vooral ook lekker snel. Het app-aanbod is bovendien uitstekend, met onder andere tv-gemist-apps van alle Nederlandse televisie-aanbieders.

Stroom via usb?

Mediaspelers in de vorm van een HDMI-stick zoals de Chromecast of Intel Compute Stick prik je eenvoudig in je HDMI-poort. Dat is echter een deel van het verhaal, want voor de voeding moet er ook een usb-kabel worden aangesloten. Hiervoor wordt een usb-voeding meegeleverd die je natuurlijk ook in een stopcontact moet stoppen. In plaats daarvan kun je ook proberen om de usb-kabel direct aan te sluiten op een usb-poort van je televisie. Of dit echt werkt, hangt van je televisie af. Sommige televisies leveren zoals de usb2.0-specificatie voorschrijft maximaal 2,5 watt en dat is voor de Chromecast genoeg. Krachtigere sticks zoals Android-sticks of Intels Compute Stick hebben meer energie nodig.

Bij sommige (nieuwere) televisies komt er echter meer vermogen uit de usb- aansluiting dan de usb-specificaties officieel toestaan. Soms staat het erbij, 500 mA of 0,5 A staat gelijk aan 2,5 watt, terwijl 1000 mA of 1 A genoeg is voor de doorsnee Android-stick. Werkt het niet, dan heb je dat snel genoeg door. Je stick schakelt dan niet in, start niet volledig op of loopt vast. Gebruik in zo'n geval dan alsnog de meegeleverde usb-stroomadapter.

Sony en Philips: Android TV

Sony en Philips kozen dit jaar voor Android TV van Google, waardoor de interface en mogelijkheden bij deze twee fabrikanten nu ineens grotendeels gelijkgetrokken zijn. Het uiterlijk van Android TV wordt namelijk bepaald door Google, met een hoofdscherm dat bestaat uit verschillende 'shelves' (planken) met aanbevolen content, apps, games, aansluitingen en instellingen. Boven in beeld vinden we altijd prominent de zoekknop, waarmee het mogelijk is om zowel gesproken als getypte zoekopdrachten in te voeren.

De zoekfunctie maakt het mogelijk om algemene zoekopdrachten uit te voeren, waarbij gebruikgemaakt wordt van Googles zoekdienst. Het is ook mogelijk om (bij apps die dat ondersteunen) naar content binnen apps te zoeken. Vooralsnog werkt dit alleen met Googles eigen apps zoals YouTube, maar in theorie is het dus ook mogelijk om met de globale zoekfunctie te zoeken naar films en series in apps van bijvoorbeeld Netflix.

De eerste rij met content onder het zoekvak bevat persoonlijke suggesties die je krijgt voor films, series, apps en games die mogelijk bij jouw interesses aansluiten. Deze suggesties worden door Android TV gedaan op basis van jouw gebruik van de tv. Ook gepauzeerde films en series vind je hier bijvoorbeeld terug, zodat je eenvoudig verder kunt kijken waar je gebleven was. Navigeren door de content gaat door van links naar rechts te scrollen, waarbij de meest relevante content altijd links staat.

Onder de algemene aanbevelingen vind je bij Android TV-toestellen een rij met aanbevolen apps die door de televisiefabrikant ingevuld kan worden. Sony vulde deze balk op het moment van onze test met links naar Sony Select (een Sony mini-app-store met aangeraden apps), maar ook met links naar Netflix, Videoland, NOS, NOS Sport en enkele andere populaire apps. Philips vult de balk ook met eigen aanbevelingen, waaronder Spotify, Skype en - opvallend - een Firefox-webbrowser.

©PXimport

Android TV is opgebouwd uit rijen met ieder hun eigen functie.

Vervolgens toont Sony eerst een rij met alle inputs waar de televisie over beschikt, gevolgd door een rij met iconen van alle apps die daadwerkelijk op de tv geïnstalleerd zijn. Philips toont meteen het overzicht met de apps en heeft de inputs in een submenu ondergebracht. In twee rijen worden apps gerangschikt op basis van gebruik, waarbij de laatst gebruikte apps links staan. De kracht van Google TV zit hem (in potentie) in het grote aanbod van apps. Hoewel lang niet alle normale Android-apps ook op Android TV beschikbaar zijn, is het aanbod wel groot en bovendien groeiend.

Voor wie er waarde aan hecht, zijn er bovendien veel games beschikbaar. Met de kracht van Google en het Android-ecosysteem moet Android TV dus haast wel een goed systeem zijn. Toch hebben wij een gemengd gevoel bij Android TV. De ruime ondersteuning voor apps en de ingebouwde Google-cast en Chromecast-functies zijn pluspunten, maar de vaste indeling van de rijen met daarbij altijd prominent in beeld de aanbevelingen van zowel Google als de televisiefabrikant is gewoon minder handig dan wat Samsung, LG en Panasonic dit jaar doen met hun nieuwe systemen.

Conclusie

De nieuwe smart-tv-platformen van LG, Panasonic, Samsung en Sony en Philips maken dat er dit jaar echt wat nieuws te kiezen is. LG was vorig jaar de eerste met een radicaal nieuw systeem en borduurt met webOS 2.0 voort op dit platform. De opzet van het systeem is gelijk gebleven en blinkt nog altijd uit in eenvoud en gebruiksgemak. Panasonics Firefox OS zet in op diezelfde eenvoud met een hoofdmenu dat maximaal vijf items bevat. Vooralsnog is het app-aanbod redelijk, maar nog niet zo compleet als dat van LG en Samsung.

Samsung introduceert dit jaar Tizen, een nieuw besturingssysteem dat qua uiterlijk en werking nogal lijkt op webOS van LG. Qua gebruiksgemak zit er wat ons betreft heel weinig verschil tussen Tizen en webOS. Sony en Philips kiezen dit jaar voor Android TV. Van Sony konden we al daadwerkelijk een model testen. Van alle nieuwe smart-tv-systemen hebben wij onze grootste bedenkingen bij Android TV. De opzet met rijen die een vaste indeling hebben oogt in vergelijking met de concurrentie ineens ouderwets en inflexibel. Vooral het feit dat het hoofdscherm direct gevuld is met aanbevelingen van Google en de televisiefabrikant is minder handig dan de direct beschikbare shortcuts naar veelgebruikte functies bij webOS, Tizen en in iets mindere mate Firefox OS.

Ook een mediaspeler?

Een smart-tv is vooral smart door de apps van diverse internet-gerelateerde (streaming)diensten als Netflix, Uitzending Gemist en YouTube. Daarnaast bevat iedere smart-tv ook een mediaspeler voor je eigen bestanden die je zowel over DLNA als via usb kunt gebruiken. Betekent het dat je met de aanschaf van een smart-tv geen mediaspeler meer nodig hebt? Dat ligt helemaal aan je eisen. Wil je een mediaspeler die alle formaten altijd afspeelt met ondertiteling zonder gedoe, dan moet je nog steeds niet bij een smart-tv zijn. Doorgaans werken bijvoorbeeld ondertitels niet goed via DLNA en dat is lastig in de Nederlandse markt. Via de usb-aansluiting gaat het afspelen van films en ondertiteling vaak een stuk beter, maar dat is in onze ogen weer ouderwets.

Voor echte filmliefhebbers met een moderne surroundset telt daarnaast waarschijnlijk mee dat een smart-tv niet met alle surroundformaten om kan gaan. Dolby Digital en DTS worden doorgaans in ieder geval wel afgespeeld, maar komen lang niet altijd in surround via de geluidsuitgangen de televisie uit. Overigens kon de geteste Panasonic televisie met webOS helemaal niets met DTS-geluid. Over de nog betere surroundcodecs als Dolby TruHD en DTS-HD MA hoef je in combinatie met de ingebouwde mediaspeler in je smart-tv niet eens na te denken. We raden je aan om als je van plan bent om een smart-tv aan te schaffen en nog geen mediaspeler hebt om de ingebouwde functionaliteit zeker uit te proberen, maar verwacht dan geen vlekkeloze ervaring. We hebben van een paar belangrijke formaten in de tabel aangegeven of de ingebouwde mediaspeler het via usb afspeelt.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.