ID.nl logo
GitHub-branches maken: zo werkt de staging area
© Reshift Digital
Huis

GitHub-branches maken: zo werkt de staging area

Bij het werken met Git moet je vooral wennen aan de zogeheten staging area, een soort tijdelijke opslag. Het is een krachtig hulpmiddel, maar ook lastig te doorgronden als je net begint. In deze workshop geven we tips hoe je dit optimaal benut. Wil je GitHub-branches maken, dan geven wij hier ook wat tips voor.

Bij Git zet je wijzigingen eerst in een zogeheten staging area, een soort tijdelijke opslag, voordat je met een zogenoemde commit de wijzigingen naar je repository overzet. Je kunt hier gemakkelijk in verdwalen. In deze workshop geven we belangrijke tips om het werken op de verschillende niveaus van Git wat comfortabeler te maken!

Overzicht niveaus

Bij het werken met Git is het handig om de onderstaande afbeelding met het overzicht als een soort cheatsheet te gebruiken. Het geeft de verschillende niveaus weer, te weten: je werkdirectory met je programmabestanden, de staging area van Git met tussentijdse wijzigingen, je lokale repository op het systeem en eventueel nog een remote repository zoals GitHub. Je ziet ook de belangrijkste opdrachten die je tussen die niveaus kunt geven. Zo zie je git add waarmee je een bepaald bestand naar de staging area kunt zetten. Met de vlag -u in git add -u hoef je geen bestandsnaam op te geven, maar worden in één handeling de wijzigingen in gevolgde bestanden naar de staging area gezet. En je ziet de opdracht git commit waarmee je wijzigingen doorzet van de staging area naar de lokale repository, waarna de staging area weer leeg is en je aan de volgende veranderingen kunt gaan werken.

©PXimport

Werken zonder staging area

Eventueel kun je zonder staging area werken als je die niet nodig denkt te hebben. Het werkt dan meer in lijn met Subversion (svn), een bekend alternatief voor Git. Je kunt namelijk, zoals je ook in het overzicht ziet, met één opdracht de beide opdrachten git add en git commit combineren in één opdracht waarmee je dus de staging area overslaat:

git commit -a

Je kunt hierbij ook een beschrijving toevoegen met:

git commit -am "Beschrijving van de aanpassing"

Het lukt overigens alleen voor bestanden die je al volgt, dus waar je eerder de opdracht git add hebt gegeven. Een enkele keer is dit handig, maar meestal zul je de staging area willen gebruiken.

©PXimport

Veranderingen bekijken

Tijdens het werken met Git komt de opdracht git status van pas, waarmee je kunt zien welke bestanden zijn veranderd in je werkdirectory ten opzichte van de staging area. Wil je precies zien welke veranderingen dat zijn, dan gebruik je git diff, eventueel gevolgd door de bestandsnaam. Een rode regel met minteken ervoor geeft aan dat die regel is verwijderd. Daaronder zie je dan in het groen de nieuwe regel met een plusteken ervoor. Wil je zien welke veranderingen je in de staging area hebt klaargezet, dan geef je de opdracht (eventueel gevolgd door een bestandsnaam):

git diff --staged

Wijzigingen ongedaan maken

Stel dat je een wijziging hebt gedaan aan bepaalde programmacode in de werkdirectory, maar je bent hier niet tevreden mee? Als voorbeeld hebben we enkele regels toegevoegd die de huidige datum en tijd op het scherm te tonen. Je ziet welke veranderingen er zijn ten opzichte van de versie in de staging area met de opdracht:

git diff demo.go

Deze opdracht laat in de output weer de toegevoegde regels in het groen zien en de verwijderde regels in het rood. Zoals je ook in het overzicht hierboven kunt zien, kun je de versie uit de staging area terugzetten met:

git checkout demo.go

De veranderingen zijn nu ongedaan gemaakt. Je kunt ook eerdere commits terugzetten (zie volgende twee paragrafen).

Eerdere commits

Om terug te gaan naar een van de eerdere commits, is het handig eerst een lijst met eerdere commits op te vragen. Daarna kun je eventueel vergelijkingen maken. Als voorbeeld hebben we de datum/tijdmelding weer toegevoegd aan de programmacode, eerst in het rfc850-formaat en daarna in het rfc3339-formaat. Beide veranderingen hebben we gecommit. Met git log kun je een lijst met alle historische commits opvragen. Dit kan eventueel in één regel per commit met:

git log --oneline

Je ziet hierbij dat een zogenoemde hash aan elke commit is toegekend als referentie en het eerste unieke gedeelte van die hash gaan we gebruiken. De laatste commit is altijd bekend onder de naam HEAD. Je kunt vergelijkingen maken tussen commits. Benoem dan de twee commits die je wil vergelijken door ofwel HEAD of de hash in te vullen, bijvoorbeeld:

git diff HEAD b9eebfe

©PXimport

Commit terugzetten

Om een commit terug te zetten, heb je meerdere opties. Zo kun je een reset-opdracht geven waar je dan (een deel van) de hash achter zet, bijvoorbeeld:

git reset --hard b9eebfe

Na deze opdracht bestaan de latere commits in feite niet meer, alsof ze nooit hebben plaatsgevonden. Ook ben je alle niet-toegevoegde veranderingen in je werkdirectory kwijt! Je kunt als veiliger alternatief een checkout-opdracht gebruiken met daarachter ofwel HEAD voor de laatste commit ofwel de hash voor een specifieke commit, bijvoorbeeld:

git checkout HEAD

Hierbij worden de bestanden in je werkdirectory aangepast naar de bewuste commit. Om eventueel weer terug naar de eerdere hoofdtak gebruik je:

git checkout master

Vertakkingen

De checkout die we hierboven noemden, kom je vooral tegen bij het werken met vertakkingen ofwel branches. Stel dat je de commit met hash b9eebfe de naam rfc850-branch wil geven, dan geef je de opdracht:

git checkout -b rfc850-branch b9eebfe

Hiermee wordt dankzij de optie -b automatisch de nieuwe branch rfc850-branch aangemaakt en wordt vervolgens de werkdirectory aangepast naar de bewuste commit met de hash b9eebfe. Je werkt dan in deze vertakking, waar je uiteraard ook weer commits kunt gaan maken. Zoals eerder gezegd, kun je eventueel weer terug naar de master, in feite de hoofdtak, met:

git checkout master

Om in het vervolg direct naar de vertakking rfc850-branch te gaan, gebruik je:

git checkout rfc850-branch

Zulke vertakkingen zul je vooral gebruiken om functies apart van de master uit te werken die je later eventueel weer toevoegt aan die master, ook wel ‘merge’ genoemd.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Hoeveel internetsnelheid heb je écht nodig voor jouw huishouden?
© Golib Tolibov
Huis

Hoeveel internetsnelheid heb je écht nodig voor jouw huishouden?

Providers verleiden je graag met pakketten van 1 Gbit/s of meer, maar de meeste huishoudens benutten die bandbreedte zelden volledig. Of je nu streamt in 4K, fanatiek gamet of veel thuiswerkt, de juiste snelheid kiezen kan je flink wat geld besparen. We leggen uit hoeveel Mbit/s daadwerkelijk vereist is voor een stabiele verbinding zonder onnodige kosten.

Om te bepalen wat je nodig hebt, moet je eerst weten wat je verbruikt. Internetsnelheid wordt uitgedrukt in megabit per seconde, oftewel Mbit/s. Voor simpel surfgedrag, zoals het lezen van nieuwswebsites of het versturen van e-mails, heb je nauwelijks bandbreedte nodig. Vaak is 10 tot 20 Mbit/s in combinatie met een fatsoenlijke router al ruim voldoende. De echte belasting ontstaat pas bij het streamen van video. Diensten als Netflix of Disney+ geven duidelijke richtlijnen: voor een film in Full HD heb je ongeveer 5 Mbit/s nodig, maar wil je in de hoogste 4K-kwaliteit kijken, dan loopt dat al snel op naar 25 Mbit/s per stream. Als je in je eentje woont en vooral streamt, is een instapabonnement van 50 tot 100 Mbit/s dus vaak al meer dan genoeg.

De impact van meerdere gebruikers

De rekensom verandert zodra er meerdere mensen tegelijkertijd van het netwerk gebruikmaken. Je moet de internetverbinding zien als een digitale waterleiding: als iedereen tegelijk de kraan openzet, neemt de druk af. In een gezinssituatie waar de één een film in 4K kijkt, de ander een groot spelbestand downloadt en een derde persoon aan het videobellen is, telt het verbruik al snel op. Voor een gemiddeld gezin van vier personen wordt een snelheid tussen de 100 en 200 Mbit/s aangeraden. Hiermee voorkom je de gevreesde buffer-cirkels tijdens het filmkijken en zorg je dat downloads op de achtergrond de rest van het verkeer niet platleggen.

©Pixel-Shot

Uploadsnelheid bij thuiswerken

Veel consumenten staren zich blind op de downloadsnelheid, oftewel hoe snel je gegevens binnenhaalt. Maar sinds het massale thuiswerken is de uploadsnelheid minstens zo belangrijk geworden. Die bepaalt immers hoe snel jij gegevens naar het internet kan versturen. Tijdens een videogesprek via Teams of Zoom moet jouw beeld en geluid helder bij de collega's aankomen.

Bij traditionele kabelverbindingen is de uploadsnelheid vaak een fractie van de downloadsnelheid. Glasvezel biedt hier een groot voordeel omdat de upload- en downloadsnelheid daar meestal gelijk zijn (symmetrisch). Als je vaak grote bestanden naar de cloud stuurt of veel videobelt, is een abonnement met een hogere uploadsnelheid geen overbodige luxe.

Populaire merken voor netwerkapparatuur

Bij de zoektocht naar betere routers of mesh-systemen om je internetsnelheid optimaal te benutten, kom je al snel een aantal bekende namen tegen. TP-Link is momenteel een van de grootste spelers en biedt met de Deco-reeks toegankelijke oplossingen voor betere wifi-dekking in het hele huis. Netgear is een andere zwaargewicht die met hun Nighthawk-routers en Orbi-systemen vaak de bovenkant van de markt bedient voor veeleisende gebruikers. Voor consumenten die zweren bij stabiliteit en uitgebreide functies is het Duitse AVM, de maker van de iconische FRITZ!Box, al jaren een vaste waarde. Ook ASUS timmert hard aan de weg met krachtige routers die specifiek gericht zijn op gamers en gebruikers die maximale controle over hun netwerkinstellingen wensen.

Gigabit-internet vaak overkill

Providers adverteren steeds vaker met snelheden van 1000 Mbit/s (1 Gbit/s) of hoger. Hoewel dat indrukwekkend klinkt, is het voor de gemiddelde consument vaak overkill. Je merkt dat verschil eigenlijk alleen als je zeer regelmatig gigantische bestanden downloadt, zoals updates voor moderne games die soms wel 100 GB groot zijn. Met een gigabit-verbinding is zo'n update in enkele minuten binnen, terwijl je met een 100Mbit/s-verbinding wat langer moet wachten. Voor dagelijks gebruik, inclusief streamen en surfen, merk je in de praktijk weinig verschil tussen 200 Mbit/s en 1000 Mbit/s, omdat de servers van websites en streamingdiensten de snelheid vaak zelf beperken.

Wifi als vertragende factor

Besef tot slot dat de snelheid die je bij je provider inkoopt niet altijd de snelheid is die je op je apparaat haalt. Vaak ligt een trage verbinding niet aan het abonnement, maar aan de wifi-dekking in huis. Een duur abonnement van 1 Gbit/s lost een slecht wifi-signaal op zolder niet op. Voordat je je abonnement upgradet omdat het internet traag aanvoelt, is het verstandig om eerst te controleren of je router op een goede plek staat of dat je wellicht een mesh-netwerk nodig hebt om het signaal te verbeteren. In veel gevallen is investeren in betere wifi-apparatuur effectiever dan betalen voor een hogere snelheid die je draadloos toch niet kunt benutten.

▼ Volgende artikel
Document beschermen in Word: zo voeg je een watermerk toe
© ID.nl
Huis

Document beschermen in Word: zo voeg je een watermerk toe

Je document is af, maar je wilt duidelijk maken dat het vertrouwelijk is of dat het een conceptversie betreft of enkel intern mag worden gedeeld. Dat kan eenvoudig met een watermerk. Zo geef je het bestand niet alleen een professionele uitstraling, maar ook een duidelijke bescherming.

Dit gaan we doen

In dit artikel laten we zien hoe je in Word een watermerk toevoegt. Eerst plaatsen we een watermerk op één specifieke pagina, daarna op alle pagina's tegelijk. Tot slot leggen we uit hoe je een afbeelding gebruikt als watermerk en hoe je zorgt dat de tekst goed leesbaar blijft.

Lees ook: Meer dan alleen Word: verborgen parels in Microsoft 365

Stap 1: Op één pagina

Word biedt uitgebreide mogelijkheden om een watermerk toe te voegen. Je kunt niet alleen het lettertype en de stijl aanpassen, maar ook de lay-out naar wens instellen. Net als kop- en voetteksten verschijnt een watermerk standaard op alle pagina's van een document, behalve op de omslagpagina. Wil je een watermerk slechts op één pagina plaatsen? Klik dan op de gewenste plek in het document. Ga vervolgens in het lintmenu naar het tabblad Ontwerpen en kies in de sectie Pagina-achtergrond de knop Watermerk. Via het pijltje eronder krijg je verschillende lay-outs te zien. Klik met de rechtermuisknop op de gewenste optie en selecteer Invoegen op huidige documentpositie. Het watermerk verschijnt direct in zachtgrijs onder de tekst. Omdat het in een tekstvak staat, kun je het eenvoudig bewerken. Pas de tekst aan, wijzig het lettertype en geef het de gewenste stijl, net zoals bij ieder ander tekstvak.

Het watermerk wordt als een tekstvak onder de inhoud geplaatst.

Stap 2: Op alle pagina's

Wil je een watermerk op alle pagina's van het Word-document? Ga dan naar Ontwerpen / Watermerk / Aangepast watermerk. Er verschijnt een venster met de titel Afgedrukt watermerk. Kies daar de optie Tekstwatermerk (standaard staat Geen watermerk geselecteerd). Vul de gewenste tekst in en bepaal het lettertype en de grootte. Met de optie Semitransparant maak je het watermerk subtieler. Tot slot kies je voor een horizontale of diagonale weergave, klik je op Toepassen en bevestig je met OK.

Gebruik de functie Afgedrukt watermerk om het watermerk op alle pagina's te plaatsen.

Stap 3: Afbeeldingswatermerk

In hetzelfde venster kun je ook een afbeeldingswatermerk toevoegen. Vink hiervoor de optie Afbeelding als watermerk aan en klik op Afbeelding selecteren. Je kiest vervolgens een grafisch bestand op de harde schijf of op OneDrive. Ook is het mogelijk om via Bing online naar een afbeelding te zoeken. In dit voorbeeld kiezen we een afbeelding van de harde schijf. Laat de instelling Schaal bij voorkeur op Automatisch staan, zodat de grootte van het watermerk zich aanpast aan de bladspiegel. Met de optie Wassen maak je de afbeelding lichter, zodat de tekst goed leesbaar blijft.

De optie Wassen maakt de gekozen afbeelding lichter.