ID.nl logo
9 tips om af te vallen met je smartphone
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

9 tips om af te vallen met je smartphone

De feestdagen zijn voorbij, tijd om het nieuwe jaar fit te beginnen. Je smartphone kan hierbij een goede hulp zijn. Niet alleen zijn er genoeg sport-apps te vinden, je smartphone kan je ook helpen bij jouw motivatie, om bewegingen bij te houden en gegevens van accessoires te integreren.

Tip 1: Apple Gezondheid

Met de release van iOS 8 werd Apple Health gelanceerd. Alle iPhone-modellen met tenminste iOS 8 hebben sindsdien een aparte app genaamd Gezondheid. Open de app en je ziet in het Dashboard meteen hoeveel stappen je vandaag hebt gelopen. Hier hoef je niks voor te activeren, je iPhone houdt dit volledig automatisch bij. Je hebt hier wel minstens een iPhone 5S voor nodig. Je ziet bovendien wat je gemiddelde aantal stappen per dag is. Voor een gezonde levensstijl worden minstens 10.000 stappen per dag aangeraden. Dit is ongeveer zeven tot negen kilometer per dag en kun je al bereiken door twee tot drie keer op een dag een wandeling te maken van een halfuurtje. Tik op Gegevens om allerlei extra informatie over je gezondheid in te zien. Kies bijvoorbeeld Conditie > Traplopen en zet de schuif achter Toon in dashboard aan. Soms heb je extra apps of accessoires nodig om deze gegevens te kunnen volgen.

Tip 2: Google Fit

Google heeft een vergelijkbare dienst genaamd Google Fit. De app Google Fit is verkrijgbaar voor smartphones met Android 4.0 of hoger en haal je op uit de Play Store.

De dienst is eveneens standaard op alle Android Wear-smartwatches geïnstalleerd en hier heb je zelfs in je browser toegang tot Google Fit. Leuk is dat je met de app dagelijkse doelen kunt stellen, Google vindt dat je minstens een uur per dag moet bewegen en toont in het hoofdscherm of je dit doel al hebt bereikt. Waar Apple Gezondheid vooral een medische en vrij zakelijke benadering heeft, is Google Fit meer een soort motivatiecoach voor fitness-doeleinden. Wil je je doelen bijstellen, dan klik je op Instellingen en kies je Dagelijkse doelen. Als je tijdens een workout je smartphone niet bij je wilt hebben, dan kun je ook naderhand aangeven wat je hebt gedaan en hoelang je dit hebt volgehouden. Net als bij Apple Health kun je ook apps van andere fabrikanten aan Google Fit koppelen.

©PXimport

Google Fit is meer gericht op fitness en werkt niet alleen op je Android-smartphone. Ook op een Android-tablet of gewone pc kun je activiteiten toevoegen.

Tip 3: Rennen en fietsen

Eén van de makkelijkste manieren om fit te worden, is door te gaan hardlopen of fietsen. Er is een aantal goede apps om bij te houden hoe snel je hebt gerend of gefietst en wat de totale afstand is geweest. De bekendste apps voor zowel iOS als Android zijn Runtastic, Runkeeper, Endomondo en Strava. Van deze apps zijn allemaal gratis versies verkrijgbaar waarmee je basisdingen kunt bijhouden.

Bijna alle apps hebben ingebouwde functies voor zowel hardlopers als fietsers. Bij alle apps kun je je met je Facebook-account of via een normaal e-mailadres aanmelden. In Strava kun je hierna bijvoorbeeld kiezen voor Opnemen om een activiteit te laten tracken door de app. Linksbovenin staat standaard een fiets, tik erop om dit te wijzigen in wandelschoenen voor een hardloopsessie. Zodra je op de opnameknop tikt, begint de app met het opnemen van je route. Op basis van je gps-locatie en andere sensoren in je smartphone wordt er berekend hoe hard je fietst en hoe ver je fietst. De andere apps werken op een vergelijkbare manier.

©PXimport

De betaalde versie van Runkeeper kan een persoonlijke assistent voor je zijn.

Tip 4: Motivatie

Tot zover de basis. Interessanter wordt het als je een app een soort persoonlijke assistent laat worden. Alle bekende apps hebben een betaalde versie waarmee je goede trainingsplannen kunt samenstellen.

In Runkeeper heb je bijvoorbeeld de mogelijkheid om jezelf doelen te stellen of samen met vrienden doelen te verwezenlijken. Tik op Mijn schema en kies voor Help me een doel te stellen. Er staan een aantal opties open, kies bijvoorbeeld voor Fit worden en geef je niveau aan in het volgende scherm. Daarna kun je aangeven wat het langste is dat je ooit hebt hardgelopen en hoe vaak je per week wilt trainen.

De app maakt een realistisch doel aan, bijvoorbeeld een maand lang drie keer per week een bepaalde afstand rennen of een intervaltraining die door app geleid wordt. Als je het plan hebt aangemaakt, moet je op Upgrade naar Runkeeper Go tikken. Dit kost je wel 9,99 euro per maand of 39,99 euro per jaar. Endomondo is iets goedkoper overigens, hier krijg je een vergelijkbare functie voor 5,99 euro per maand.

Tip 5: Marathon

Heb je de smaak te pakken en wil je weleens proberen een halve of hele marathon te lopen, installeer dan de app Gipis. Helaas is de app alleen voor de iPhone beschikbaar, maar in het kader 'C25K' zie je een alternatief voor Android. In de app tik je op Learn what makes your plan unique en doorloop je de aanmeldingsstappen. Tik op Join now en kies om in te loggen de optie Facebook of Email. Geef je geboortedatum aan en nog wat persoonlijke informatie zoals je gewicht, lengte en geslacht. In het volgende scherm geef je aan wat je snelste recente hardlooptijd was.

Het is belangrijk om hier eerlijk te zijn, anders zit je straks opgescheept met een niet-realiseerbaar trainingsplan. Als je nog nooit een marathon hebt gerend, tik je op I don't run. Daarna geef je aan wat je doel is. Als je bijvoorbeeld een keer de 4 Mijl van Groningen wilt lopen, kun je als doel 5 km opgeven. Hierna geef je aan op welke dagen je wilt gaan hardlopen en of je wilt trainen voor een echte wedstrijd. Als je dit met Yes beantwoordt, moet je de datum van de wedstrijd ingeven. Als je klaar bent, geeft de app aan dat je op die datum een afstand gaat rennen in een bepaalde tijd. Dat is nog eens een mooie motivatie! Tik op Get plan en je persoonlijke trainingsplan wordt weergegeven. Als je een training begint, staat er precies hoelang je moet hardlopen en welk tempo je moet aanhouden. Als je te snel loopt, zal de app tegen je zeggen dat je langzamer moet lopen. Je ziet het tempo ook op je display.

C25K

Voor Android-gebruikers is de app C25K een goed alternatief voor Gipis. C25K staat voor Couch to 5K, waarbij 5K voor een hardloopwedstrijd van 5 kilometer staat. De app berekent net als Gipis een persoonlijk trainingsschema en belooft dat als je je aan het schema houdt, je na acht weken in staat bent om een 5K-race te lopen. C25K is overigens ook voor iOS beschikbaar.

©PXimport

De app C25K is een goed alternatief voor Android.

Tip 6: Fitness

Fit worden heeft natuurlijk niet alleen met beweging te maken, ook de spieren moeten getraind worden. Sworkit Lite is een gratis app voor zowel iOS als Android en is handig als je per dag een paar fitness-oefeningen wilt doen om fit te blijven. Ook bij deze app kun je je via e-mail of met Facebook aanmelden en moet je basisinformatie over jezelf aangeven. Geef aan wat je doel is door bijvoorbeeld op Build Muscle Mass te tikken. Tik vervolgens op de Home-knop en kies één van de vier trainingsopties: Strength, Cardio, Yoga of Stretching. Selecteer welke spiergroepen je wilt trainen en tik op Begin Workout. Je ziet vijf seconden lang de oefening in beeld en de app geeft heldere instructies in het Engels.

Daarna moet je een halve minuut de oefening zelf doen. Aan het einde van de vijf minuten durende workout zie je hoeveel calorieën je hebt verbrand. Hoe meer workouts je doet, des te meer medailles je kunt verdienen. Deze kun je vervolgens delen op Facebook, dit kan helpen als extra motivatie. Als je de oefeningen in alle rust eens wilt proberen, tik dan op Exercise List en selecteer één van de oefeningen. Er zijn 226 oefeningen in Sworkit te vinden en je kunt alle oefeningen combineren tot gepersonaliseerde workouts door in het thuisscherm op + Custom Workout te tikken en Design a New Workout te kiezen. Je kunt ook bestaande programma´s kiezen door op Copy a Popular Workout te tikken. Andere handige fitness-apps voor beide platformen zijn WOD Deck of Cards, Nike+ Training Clubs en 7 Minute Workout.

Tip 7: Smartwatch

De smartwatch is uitermate geschikt als apparaat om je fitness-doelen mee te tracken. Je hebt een smartwatch toch al de hele dag om je pols en je hoeft er niet aan te denken tijdens een workout. Er zijn talloze smartwatches op de markt. Sommige focussen meer op sport-toepassingen, andere zijn meer een soort digitaal horloge en weer andere zijn allrounders waarmee je allerlei smartphone-functies mee kunt overnemen. De Apple Watch is het enige officiële iOS-apparaat, maar het is goed om te weten dat veel smartwatches compatibel zijn met je iPhone.

Voor Android is de markt een stuk groter en zijn er smartwatches in elke prijscategorie verkrijgbaar. Als je op zoek bent naar een goede fitness-smartwatch, dan kan het handig zijn om te kijken naar een smartwatch die waterproof is. Ook de batterijduur kan van toepassing zijn. Een geavanceerde smartwatch als de Apple Watch, de Sony Smartwatch 3 of de LG Watch Urbane is natuurlijk te gek, maar je moet deze apparaten wel vaker opladen. Een meer basic smartwatch als de Pebble Time Steel ziet er weliswaar niet zo fancy uit, maar draait wel honderd tot honderdvijftig uren op één batterij.

©PXimport

Smartwatches zoals de Adidas miCoach Smart Run zijn speciaal gemaakt voor fitness-doeleinden.

Tip 8: Fitness-armband

Je hebt natuurlijk niet per se een smartwatch nodig om tijdens workouts informatie in te kunnen zien. Er zijn talloze andere zogenoemde wearables in de winkel verkrijgbaar. De bekendste zijn waarschijnlijk fitness-armbanden zoals de Fitbit, Jawbone Up en de Nike+ FuelBand. De functies van deze wearables kunnen verschillen, zo is de Jawbone Up2 geschikt om je beweging gedurende de dag bij te houden en slaappatronen te registreren, terwijl de Fitbit Charge HR een hartslagmeter combineert met een activiteitentracker. Sommige wearables hebben displays en wifi-mogelijkheden zodat de grens tussen een wearable en een smartwatch bijna verdwijnt, andere wearables hebben geen hightech display en zijn er juist voor bedoeld om in allerlei omstandigheden te functioneren. Dus ook als het regent of je je in een zwembad bevindt.

Tip 9: Accessoires

Dan zijn er ook nog gespecialiseerde accessoires die je met je smartphone kunt verbinden. Hier gaat het dan bijvoorbeeld om fietsaccessoires. Een goed voorbeeld is een cadanssensor. Dit apparaatje monteer je op het frame van je fiets monteert en het registreert vervolgens de omwentelingen van je fietsband. De cadansmeter communiceert via bluetooth met je smartphone en veel fiets-apps kunnen informatie van zo'n cadansmeter uitlezen.

Een wearable kan soms ook je hartslag meten, maar een losse hartslagmeter die je om je borst bindt tijdens het sporten, werkt meestal veel beter. De hartslagmeter staat ook middels bluetooth in verbinding met je smartphone. Naast specifieke accessoires voor tijdens het sporten zijn er ook veel medische accessoires te vinden die in contact staan met je smartphone. Wat te denken van een weegschaal die via bluetooth je dagelijkse gewichtsmeting aan je smartphone doorgeeft? Een bekende fabrikant van dit soort apparatuur is het Nederlandse Medisana, die naast weegschalen ook bloeddrukmeters, bloedglucosemeters en bewegingstrackers in het assortiment heeft.

©PXimport

De producten van Medisana werken met de app VitaDock+ op je smartphone samen en zo heb je altijd je medische gegevens bij de hand.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.