ID.nl logo
Consumenten testen: de Trek FX+2
Mobiliteit

Consumenten testen: de Trek FX+2

De Trek FX+2 is een e-bike vermomd als gewone stadsfiets. Het sportieve karakter van het merk Trek is echter gewoon aanwezig. Hoe de elektrische fiets in praktijk bevalt, lees je in deze review.

In samenwerking met Trek.


Als onderdeel van de Kieskeurig.nl E-bike Duurtest is deze Trek FX+2 uitgebreid getest door drie verschillende testrijders, die de fiets allemaal een paar weken in gebruik hebben gehad. Wil je meer weten over de testprocedure en hoe de testers met de e-bikes zijn gematcht? Of wil je weten welke elektrische fietsen uiteindelijk met een predicaat uit de procedure zijn gekomen? Klik dan op onderstaande knop.

De Kieskeurig.nl E-bike Duurtest 2023

Meer dan 40 elektrische fietsen getest!

Een sportieve stadsfiets, zo zou je de Trek FX+2 op het eerste gezicht omschrijven. Dat het om een e-bike gaat, daar heb je toch echt een tweede blik voor nodig – en dat is een groot voordeel van deze knap afgewerkte fiets. Niet alleen het frame met de licht-gekromde stang (een zogenaamd Stagger-model) en de bijna onzichtbare lasnaden, ook de kabels zijn netjes afgewerkt en lopen zo vanaf het stuur het frame in. Er is zelfs geen display aanwezig dat verraadt dat het om een elektrische fiets gaat.

De motor is relatief klein en zit verscholen in het achterwiel. Op die manier is er plaats gemaakt voor een gewone kettingkast en trapas; een plek waar bij veel andere e-bikes juist een middenmotor verscholen zit. Door dit ontwerp heeft Trek de fiets erg licht weten te houden. Testrijdster Theske Slijkerman vertelt:

“De fiets is superlicht en dat is echt heel fijn, want je kunt ook zonder ondersteuning prima fietsen met deze Trek.”

- Theske Slijkerman

Het stuur geeft ook niet direct weg dat het om een e-bike gaat.
Toch zijn de bedieningsknoppen en accu-overzicht gewoon aanwezig.

Waar verstop je de accu?

De accu is goed verstopt in het frame. De stang van het frame is dun genoeg om door te gaan voor een gewone stang, maar toch heeft Trek hier een accu in weten te verstoppen. Al ging dat helaas niet zonder compromissen...

Allereerst is de accu niet uit het frame los te halen. Dat is een belangrijk punt om rekening mee te houden, want een versleten accu vervangen doe je niet zomaar. Ook kun je de accu dus niet even meenemen om binnen op te laden. Als je de fiets binnen kunt zetten, hoeft dat geen probleem te zijn. Maar als je de fiets voor de deur moet zetten of onderweg oplaadt wel.

Bovendien is de accucapaciteit opvallend laag: 250 Wh. Hoewel het lichte gewicht en de zuinige achterwielmotor dat nog enigszins compenseren, is het bereik niet indrukwekkend. Zo moest Monique Kooij-Questroo na het ophalen van haar fiets in Haarlem noodgedwongen een tussenstop maken tijdens haar tocht van ongeveer 60 kilometer naar Den Haag om de lege accu weer op te laden.

Het maakt de Trek FX+2 een echte stadsfiets voor korte afstanden, maar minder geschikt voor lange toerritten.

De accu zit verborgen in een relatief dunne middenstang.

Achterwielmotor

De Hyena-achterwielmotor heeft een vermogen van 40 Nm en past helemaal bij de vermomde identiteit van de Trek FX+2. Chris van Mil merkt op: “Je hoort de motor nauwelijks. De e-bike trekt snel op en fietst heel natuurlijk.” Ook de andere twee testers zijn positief over de stille kracht die de motor biedt, alleen merkt Theske hierbij wel op dat de fiets, in vergelijking met andere e-bikes, minder snel optrekt bij een stoplicht. Mogelijk omdat de motor wat minder power heeft dan de meeste middenmotoren van andere fietsen uit de E-Bike Duurtest 2023. Desondanks geeft ze aan dat de minder krachtige motor door het lichte gewicht van de fiets geen probleem vormt.

De kracht zit verborgen in het achterwiel.

Sportieve Trek(jes)

Trek is een merk dat altijd een sportieve uitstraling aan de (elektrische) fietsen meegeeft. Dat is bijvoorbeeld te zien aan de ketting met achterderailleur (Shimano Altus M2000), die negen versnellingen biedt (Shimano Altus M2010). Het schakelen met de pookjes op het stuur is voor sommige testers even wennen, maar bevalt verder prima.

Ook de zithouding van de e-bike is sportief, waarbij je licht voorovergebogen op het stuur leunt. De wat sportievere zithouding vinden niet alle testers fijn: tijdens langere ritten hadden zowel Theske Slijkerman als Monique Kooij-Questroo pijntjes en ongemak. Dat vering ontbreekt, is daar mede de oorzaak van, want op zowel de voorvork als in de zadelpen ontbreekt deze.

In tegenstelling tot een echte sportfiets is Trek de FX+2 overigens wel voorzien van spatborden, bagagedrager met snelbinders, (fraai weggewerkte) verlichting, slot, fietsbel en brede banden voor meer grip.

Conclusie: Trek FX+2 kopen?

Dat de Trek FX+2 op een gewone fiets lijkt, is een enorm pluspunt. Het ontwerp is tot in de puntjes afgewerkt en verfijnd. Ook heeft de e-bike een sportief karakter, dankzij eigenschappen als de licht voorovergebogen zithouding, derailleurschakelsysteem en gewicht. De motor zit in het achterwiel verwerkt en laat zich haast niet horen.

Het ontwerp heeft wel een paar compromissen. Vering wordt gemist en de sportieve zithouding kan niet iedereen bekoren. Toch is de accu het grootste zorgenpunt. Deze is niet los te koppelen en heeft een lage capaciteit, waardoor het bereik behoorlijk ondergemiddeld is. Kom je onderweg met een lege accu te zitten, dan valt er gelukkig nog prima zonder ondersteuning mee te fietsen.

Pluspunten

  • Licht gewicht

  • Geruisloze, natuurlijk aanvoelende motor

  • Mooie afwerking zonder zichtbare kabels

Minpunten

  • Zithouding voor sommigen minder comfortabel

  • Geen vering

  • Kleine, niet verwijderbare accu

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.