ID.nl logo
De ins en outs van draadloos opladen
© Reshift Digital
Huis

De ins en outs van draadloos opladen

De theorie klinkt mooi: je legt je smartphone of tablet ‘s avonds op een oplaadmat op je nachtkastje en hij wordt direct opgeladen zonder dat je naar een snoertje hoeft te zoeken. In de praktijk zijn er wel wat vraagtekens. Hoe werkt de techniek achter draadloos opladen en is deze wel veilig? Kun je elk hoesje gebruiken? Met welke standaarden moet je rekening houden bij aanschaf en wat staat ons in de toekomst nog te wachten?

Met het draadloos overbrengen van energie wordt al sinds de 19e eeuw geëxperimenteerd. Een van de bekendste producten waarin het al zo’n dertig jaar wordt toegepast staat wellicht al bij je thuis in de badkamerkast: de elektrische tandenborstel. Via de houder wordt via inductie de accu in de tandenborstel opgeladen. Draadloos opladen wordt steeds breder toegepast. Zo kun je veel recente smartphones en accessoires zoals smartwatches opladen door ze op een oplaadmatje te leggen. Thuis, maar ook op pleisterplaatsen onderweg. En in het groot, zoals voor keukenapparatuur maar ook het opladen van elektrische auto’s, zullen snel nieuwe toepassingen hun opwachting maken. Wat consumentenapparatuur betreft is aan het doolhof van standaarden de laatste jaren gelukkig een einde gekomen. De Qi-standaard van het Wireless Power Consortium is tegenwoordig leidend, wat het aanbod een stuk overzichtelijker maakt. Daarmee begint het nu ook goed van de grond te komen. Tijd om te kijken wat je er mee kunt!

01 Hoe werkt het

Bij draadloos opladen wordt het principe van inductie toegepast, het verband tussen elektriciteit en magnetisme. Het laadstation, bijvoorbeeld een oplaadmatje, bevat een spoel waarin een magnetisch veld wordt opgewekt. In een spoel in de ontvanger, bijvoorbeeld een smartphone, zorgt dat magnetische veld er in omgekeerde zin weer voor dat een stroom wordt opgewekt waarmee de accu wordt opgeladen. Omdat het magnetische veld niet wordt gehinderd door lucht of een laag kunststof kan het ook door de behuizing van het apparaat heen. Er wordt tijdens het laden onderling informatie uitgewisseld, zodat bijvoorbeeld de smartphone om meer of minder vermogen kan vragen. In versie 1.2 van de Qi-standaard wordt naast inductieladen ook magnetische resonantie toegepast. Dat werkt volgens hetzelfde principe als inductie maar met hogere frequenties. Die worden afgestemd tussen lader en ontvanger. Het is wat minder efficiënt maar er kan wel meer vermogen worden overgebracht en over een grotere afstand.

02 Welke standaarden zijn er?

Er is een jarenlange standaardenstrijd rondom draadloos opladen geweest. Uiteindelijk is er, met de Qi-standaard van het Wireless Power Consortium, één standaard overeind gebleven. Vorig jaar werd de strijdbijl min of meer begraven toen Powermat, één van de grootste overgebleven concurrenten, zich bij het Wireless Power Consortium voegde. In zijn producten, zoals draadloze oplaadpunten, ondersteunde het al langer de Qi-standaard naast de eigen pma-standaard. Dat Apple zich sterk maakt voor Qi is ook een belangrijke stap in de richting van één standaard geweest. De Qi-standaard kent drie versies (1.0, 1.1 en 1.2) waarbij de laatste uit 2015 het meest gangbaar is. Er zijn uiteraard nog diverse kleine spelers in deze groeiende markt actief die soms met interessante innovaties komen (zie ook elders, over de toekomst van draadloos laden).

©PXimport

03 Hoe veilig is het?

Draadloos opladen is niet zonder beperkingen maar wel veilig, op voorwaarde dat de producten aan de standaard voldoen. Compatibiliteit met de Qi-standaard is niet genoeg: eigenlijk gaat de voorkeur uit naar producten met Qi-certificering die aan strakke voorwaarden voldoen en ook zijn getest voordat ze op de markt komen. Energie overbrengen is namelijk niet lastig, maar om dat goed te doen wél. Het grootste struikelblok is dat energieoverdracht een stuk minder efficiënt verloopt dan met een kabeltje. De efficiëntie ligt, afhankelijk van de apparatuur en omstandigheden, doorgaans tussen 30 en 80 procent. Dit zorgt voor extra warmteontwikkeling, los natuurlijk van de extra milieubelasting. Een tweede probleem is dat een metalen object in de buurt van het laadstation, zoals een muntstuk, sterk verhit kan raken. Dat werkt eigenlijk volgens hetzelfde principe als een pan die je op een inductiekookplaat zet, maar dan natuurlijk ongewenst. Met metalen objecten wordt overigens in de standaard rekening gehouden: ze worden gedetecteerd en de lader zal hierop het vermogen aanpassen. In versie 1.1 van de standaard werd de detectie van metalen objecten verder verbeterd.

04 Op welke afstand werkt het?

De maximale afstand tussen het laadstation en de ontvanger is veelal beperkt tot zo’n 5 á 8 mm. Daarom kun je beter geen al te dikke hoesjes voor je smartphone gebruiken. En gelet op de werking van draadloos opladen kun je geen hoesjes gebruiken waarin metaal is verwerkt. Bij Qi 1.2 is de afstand overigens wat vergroot (3 tot 4,5 cm) maar daar profiteer je niet altijd van. In de praktijk hangt het vooral af van de kwaliteit van de lader. Bij een goede lader kan er zelfs kleding, een snijplank of dvd-hoesje tussen lader en smartphone zitten, zo laten enkele ludieke filmpjes op YouTube zien. Ook vormt het gebruik van stevige hoesjes zoals de Otterbox Defender daarmee geen probleem, zo hebben we gemerkt. Wel kan, als de afstand groter wordt, het vermogen dat wordt overgebracht teruglopen, zodat het laden wat langer duurt. Een lader van mindere kwaliteit kan overigens ook nog wat andere beperkingen geven. Het kijkt dan bijvoorbeeld wat preciezer waar je het toestel op de oplaadmat neerlegt of er kunnen bijgeluiden optreden, zoals een zacht piepgeluid.

©PXimport

05 Welke smartphones ondersteunen het?

Er zijn al heel veel producten die de Qi-standaard ondersteunen. Veel smartphones met Android van bijvoorbeeld Samsung, Sony, Google, LG en Huawei laden draadloos op. Ook Apple heeft het ingebouwd sinds de iPhone 8 en iPhone X. Geschikte smartphones maar ook laders kun je opzoeken via de productdatabase op de website van het Wireless Power Consortium. Over het algemeen zullen vooral de wat duurdere modellen smartphones het ondersteunen. Het is voor fabrikanten nog net wat te prijzig om het in te bouwen in toestellen in elke prijsklasse. Als het niet in een apparaat zit, kun je het soms achteraf inbouwen (zie kader ‘Draadloos opladen achteraf inbouwen?’).

©PXimport

Draadloos opladen achteraf inbouwen?

Als de techniek voor draadloos opladen niet in je smartphone zit zou je het via een accessoire vaak nog wel kunnen toevoegen. Zo kun je bijvoorbeeld een speciaal hoesje gebruiken, of een draadloze ontvanger onder de behuizing plakken. Dat is een soort stripje dat intern met de batterij wordt verbonden. Het is ook in dit geval verstandig om alleen producten te gebruiken die door Qi zijn gecertificeerd. Veel goedkope draadloze ontvangers op de markt voldoen namelijk niet helemaal aan de standaard. Ze ondersteunen bijvoorbeeld niet altijd de detectie van metalen objecten in de buurt, waardoor het vermogen daar ook niet op aan wordt gepast. Het gevolg is dat het bewuste object of de smartphone zelf veel te heet kan worden.

©PXimport

06 Hoe snel gaat het opladen?

Het maximale vermogen bij draadloos opladen volgens de Qi-standaard is afhankelijk van de gebruikte apparatuur en de omstandigheden, maar ligt meestal rond 5 tot 10 watt. Veel draadloze laders kunnen maximaal 10 watt leveren. De meeste smartphones zullen echter maar tot zo’n 5 watt aan vermogen kunnen ‘ontvangen’. Bij sommige smartphones, zoals enkele recente modellen van LG, Sony en Xiaomi, ligt dat wat hoger, rond 10 watt. Deze modellen ondersteunen dan de zogenaamde Extended Power Profile van de Qi-standaard. De fabrikant vermeldt veelal in de specificaties welk vermogen bij draadloos opladen kan worden opgenomen, maar je kunt het ook in de productdatabase van het Wireless Power Consortium terugzien. Het blijft in alle gevallen ver achter bij moderne snelladers met Quick Charge-technologie. Draadloos laden brengt dus vooral gemak, wil je vooral snel laden dan gaat er niks boven een kabeltje.

07 Wat voor laders zijn er?

Hoe ziet een draadloze lader er uit? Het bekendst zijn natuurlijk oplaadmatjes voor op het bureau of nachtkastje. Die zijn er in talloze varianten. Smartphonefabrikanten maken ze zelf, maar je kunt ook bij fabrikanten als Belkin, mophie of ZENS terecht. Ook praktisch zijn de autohouders met ingebouwde Qi-standaard. Een draadloze lader kan ook prima worden ingebouwd in een meubel. Dat zulke meubels al vrij gangbaar worden blijkt wel uit het feit dat ook Ikea ze verkoopt. Het bedrijf biedt daarnaast onder andere laadplankjes en bureaulampen met ingebouwde technologie. Wel moet gezegd dat Ikea redelijk vooruitstrevend is op smarthome-gebied, waarvoor het recent ook een aparte divisie heeft opgezet. Waar je met zo’n oplaadmatje meteen van verlost bent, is het zoeken van een passend laadsnoertje voor je toestel. Met onder andere micro-usb, usb-c en de Lightning-connector zijn er wat kabeltjes betreft al te veel varianten.

©PXimport

08 Kan ik meerdere apparaten opladen?

De laatste Qi-standaard maakt het mogelijk om meerdere apparaten tegelijkertijd op te laden, al is dat best een uitdaging voor fabrikanten. Zo had Apple het plan om een draadloze mat genaamd AirPower te introduceren om gelijktijdig een iPhone, Apple Watch en AirPods op te laden. De iPhone zou dan een overzicht met de accustatus van alle apparaten geven. Veel mensen keken er reikhalzend naar uit. Het product werd echter twee jaar na de onthulling geannuleerd. De fabrikant zou moeite hebben om oververhitting te voorkomen. En zo’n grote mat waarop je toestellen op een willekeurige plek kunt leggen blijkt ook nog een brug te ver. Oplaadmatjes voor meerdere apparaten geven meestal precies aan waar je apparaten moet positioneren, feitelijk waar de interne spoelen zijn geplaatst. Een bekende oplaadmat is de Boost Up van Belkin die een iPhone en Apple Watch kan opladen en een derde apparaat via een kabeltje. Ook ZENS heeft met de Dual (ongeveer 60 euro) een laadmat voor twee apparaten en nog een variant genaamd Dual+Watch (ongeveer 95 euro) die als derde apparaat een Apple Watch kan opladen.

©PXimport

09 Onderweg draadloos opladen?

Onderweg is de ouderwetse lader met snoertje meestal handiger, maar wie draadloos wil opladen heeft best wat opties. Verschillende internationale hotels, restaurants en koffiehuizen zijn al uitgerust met draadloze oplaadpunten, veelal als gratis service voor klanten. De Aircharge Qi Wireless Charging-app toont ongeveer 5.000 locaties wereldwijd waar je draadloos kunt opladen maar het zijn er ongetwijfeld meer. Ook grote ketens doen mee zoals Ibis Hotels, Novotel, McDonald’s en Starbucks, doch vooral buiten Nederland. Hier is het aantal locaties nog vrij beperkt. Je kunt je eigen oplaadmatje natuurlijk wel gewoon meenemen op reis. Tevens bestaan er powerbanks met draadloze laadfunctie. Die verschillen eigenlijk weinig van gewone powerbanks, behalve dat je er een apparaat bovenop kunt leggen om het op te laden.

©PXimport

10 Invloed op de levensduur?

Welke invloed draadloos opladen op de levensduur van een batterij heeft is nog niet helemaal duidelijk. Door het gemak van draadloos opladen zullen batterijen vaker vol dan leeg zullen zijn, wat in ieder geval positief is voor de levensduur van de meeste batterijcellen, waaronder het vaak gebruikte Lithium-ion. Overladen is door beveiligingen in het laadcircuit van deze batterijen niet mogelijk. Draadloos opladen gaat bovendien wat langzamer en dat is in vergelijking met moderne snel-laders ook weer positief. Het grootste nadeel is de inefficiëntie van de techniek. Veel energie gaat verloren, wat je merkt aan extra warmte, die niet altijd goed wordt afgevoerd. Temperaturen boven de 45 graden Celsius zijn niet gunstig voor de meeste batterijcellen inclusief Lithium-ion. Omdat de meeste smartphones maar tot 5 watt ‘ontvangen’ blijft de warmteontwikkeling binnen de perken. Wat ook helpt is dat laders soms een actieve koeling bieden, zoals een kleine ventilator. Een prettige bijkomstigheid van draadloos opladen is weer dat het risico dat de connector op je smartphone stuk gaat een stuk kleiner is.

11 Opladen over grotere afstand?

In de toekomst kun je apparaten wellicht over een (veel) grotere afstand opladen. Al duurt het nog wel even voordat zulke toepassingen voor thuisgebruik worden goedgekeurd door de instanties. Een van de opvallendste bedrijven die hier mee bezig is, is energous met zijn WattUp-technologie. Bij die technologie wordt energie via radiofrequenties rond 5,8 GHz overgebracht naar apparaten in de ruimte. Een soort wifi-netwerk, maar dan voor het opladen. Er zijn varianten voor verschillende afstanden. Ossia beoogt hetzelfde met de Cota-standaard. Er zijn nog best wat beperkingen. Zo is het vermogen dat op deze manier kan worden overgebracht beperkt en dat neemt ook nog eens drastisch af als de afstand groter wordt. Het zal daarom niet genoeg zijn voor een energie-slurpende smartphone maar wellicht wel voor bijvoorbeeld kleine sensoren, computeraccessoires als muizen en toetsenborden en diverse IoT-devices. Een andere beperking is dat het nog minder efficiënt is dan de gangbare standaarden. Daarnaast is het nog de vraag of het niet te veel storing geeft met andere zendstandaarden en of het veilig genoeg is voor de mens.

©PXimport

12 Grotere vermogens overbrengen?

Een tweede uitdaging bij draadloos opladen, naast het vergroten van de afstand, is het overbrengen van meer vermogen. In de Qi-standaard zou nog wat rek zitten zodat bijvoorbeeld keukenapparatuur draadloos kan werken. Hiervoor heeft Qi de Ki Cordless Kitchen-standaard geïntroduceerd waarmee tot 2.200 watt vermogen kan worden overgebracht. Binnen ongeveer een jaar kunnen we al de eerste producten verwachten. De auto-industrie toont ook veel interesse in draadloos opladen, zodat elektrische auto’s comfortabeler opgeladen kunnen worden: gewoon door ze boven de oplaadmat te parkeren. Onder andere WiTricity is bezig met dergelijke producten waarin het gebruik maakt van magnetische resonantie. Eerder dit jaar nam het met Qualcomm Halo een belangrijke concurrent over. Hierbij werd Qualcomm aandeelhouder en kreeg WiTricity een flink aantal patenten in handen, zodat ook hier de stap naar een echte standaard lijkt te zijn ingezet.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Hoymiles HiOne-thuisbatterij: een alles-in-één-krachtpatser voor grootverbruikers
© Hoymiles
Energie

Hoymiles HiOne-thuisbatterij: een alles-in-één-krachtpatser voor grootverbruikers

Energieopslag stond lang gelijk aan een technische puzzel van losse kastjes en kabels. De Hoymiles HiOne rekent daar definitief mee af. Dit systeem integreert krachtige prestaties in één strakke, modulaire zuil die gezien mag worden. Ben jij klaar voor de volgende stap in energieonafhankelijkheid? Wij doken in de specificaties van deze stille krachtpatser.

Partnerbijdrage - in samenwerking met Hoymiles

Even voorstellen: Wie is Hoymiles?

Hoewel de naam voor de gemiddelde consument misschien nieuw klinkt, is Hoymiles in de professionele solar-wereld een gevestigde orde. Het beursgenoteerde bedrijf is wereldwijd actief en staat bekend als dé uitdager op het gebied van hoogwaardige omvormer-techniek. Met de HiOne brengen ze hun jarenlange ervaring van het dak nu naar de garage. Dat veiligheid voorop staat, bleek tijdens de recente lancering: daar bevestigde keuringsinstituut TÜV dat de HiOne voldoet aan de strengste Europese veiligheidseisen. Je haalt dus gecontroleerde toptechniek in huis, met de zekerheid van een Europees hoofdkwartier in Nederland voor service en ondersteuning.

Tijdens de HiOne-presentatie in Amsterdam.

Geen kabelbrij, maar strak design

Wie zijn garage of technische ruimte netjes wil houden, zit niet te wachten op een wirwar van kastjes en leidingen. De HiOne lost dit op met een slim modulair ontwerp. De installateur stapelt de batterij- en omvormermodules simpelweg op elkaar.

Het unieke hieraan is dat alle verbindingen intern lopen. Aan de buitenkant zie je dus geen kabels, wat zorgt voor een rustig en 'afgewerkt' beeld. De behuizing voelt niet aan als goedkoop plastic, maar als een solide apparaat dat tegen een stootje kan. Dankzij de IP66-certificering (water- en stofdicht) is het systeem zelfs robuust genoeg om buiten onder een overkapping geplaatst te worden, mocht je binnen ruimte willen besparen.

Klaar voor de moderne grootverbruiker

Dit systeem is specifiek ontworpen om de energiehonger van het moderne, duurzame gezin te stillen. Heb je een warmtepomp, een elektrische auto of een druk huishouden? Dan is de HiOne in zijn element.

De huidige line-up van de HiOne is geoptimaliseerd voor woningen met een 3-fase aansluiting (ondersteuning tot 33,3 A per fase), maar ook 1-fase varianten staan op de planning. Dit maakt het systeem enorm veelzijdig. Waar lichtere systemen vaak moeite hebben om meerdere zware apparaten tegelijk van stroom te voorzien, levert de HiOne onverstoorbaar door. De echte meerwaarde zit in de onafhankelijkheid. Dankzij de 'whole-home backup'-functie kan het systeem bij stroomuitval het hele huis draaiende houden. Dus niet alleen de wifi en de koelkast, maar ook het koken en verwarmen gaan gewoon door.

©Hoymiles / Jeroen Keep

Het brein: AI en dynamische tarieven

Een batterij is tegenwoordig meer dan een opslagvat; het is een slimme handelscomputer. De HiOne wordt aangestuurd door de S-Miles Cloud, een platform dat verder kijkt dan alleen 'vol' of 'leeg'. Met de ingebouwde 'Time-of-Use' modus kan het systeem slim inspelen op energietarieven.

Heb je een dynamisch energiecontract? Dan kan de software automatisch laden als de stroom goedkoop (of zelfs gratis) is en terugleveren of ontladen als de prijzen pieken. Zo verdien je de investering niet alleen terug door eigen gebruik, maar ook door slim te handelen op de energiemarkt. Bovendien leert het systeem jouw verbruikspatronen kennen, zodat er altijd voldoende buffer is voor jouw specifieke situatie.

Geen DIY, maar professionele zekerheid

Het is belangrijk om te benadrukken dat de HiOne geen doe-het-zelfproject is, zoals een eenvoudige balkon-set. Dit is hoogwaardige infrastructuur die naadloos geïntegreerd wordt in je meterkast en woning. Je koopt dit systeem dan ook via een gecertificeerde installateur.

Voor de consument is dat een groot voordeel: je hoeft je niet druk te maken over de techniek. De vakman zorgt dat de zuil op de juiste plek komt te staan, regelt de koppeling met je zonnepanelen en zorgt dat alles veilig draait. Jij bedient het systeem vervolgens simpelweg via de app.

Om deze krachtpatser veilig te houden, is een 5-laags veiligheidssysteem ingebouwd. Dit varieert van speciale drukkleppen en aerogel-isolatie tussen de cellen tot een actieve brandonderdrukkingsmodule die in noodsituaties binnen enkele seconden reageert. Daarnaast wordt de temperatuur op negen punten per cel continu gemonitord.

©Hoymiles / Jeroen Keep

Toekomstmuziek: je auto als batterij

Misschien wel het meest interessante aspect voor EV-rijders is de voorbereiding op V2X (Vehicle-to-Everything). Hoymiles heeft aangekondigd dat er een specifieke V2X-module aankomt voor de HiOne. Hiermee wordt het in de toekomst mogelijk om de enorme accu van je elektrische auto te koppelen aan je thuisbatterij. Je auto fungeert dan als een soort super-accu voor je huis, terwijl de HiOne de regie voert. Daarmee is dit systeem niet alleen een oplossing voor nu, maar ook een voorbereiding op de volgende stap in de energietransitie.

Conclusie

De Hoymiles HiOne is een premium keuze voor huiseigenaren die verder kijken. Het systeem combineert een strak design met de brute kracht die nodig is voor een huis vol warmtepompen en EV's. Door te kiezen voor een professioneel geïnstalleerd systeem met 5-voudige beveiliging en slimme AI-software, haal je niet alleen een batterij in huis, maar een complete energiemanager die klaar is voor de toekomst.

▼ Volgende artikel
Review: High On Life 2 schiet humoristisch scherp, maar technisch mis
© Squanch Games
Huis

Review: High On Life 2 schiet humoristisch scherp, maar technisch mis

High On Life bewees anno 2022 dat een humoristisch schietspel vandaag de dag bestaansrecht heeft. Genoeg bestaansrecht voor een volwaardig vervolg zelfs. High On Life 2 neemt een nog groter nakkie van hetzelfde spul. Verwacht een groter avontuur, meer bizarre vuurgevechten en een lachkick of twee, maar ook regelmatig een inkakker op het technische front.

We nemen het je niet kwalijk als je High On Life 2 niet aan hebt zien komen. Wij ook niet. Het eerste High On Life was succesvol genoeg, maar had ook prima op zichzelf kunnen blijven staan als one off. Des te meer nadat Justin Roiland, de oprichter van Squanch Games en prominent stemacteur in alle daar ontwikkelde games, in 2023 zijn banden met de studio verbrak. Dit kwam nadat Adult Swim - de studio achter Rick and Morty - de banden met hem verbrak wegens aanklachten van huiselijk geweld tegenover Roiland, ondanks dat de zaak werd geseponeerd wegens gebrek aan bewijs.

©Squanch Games

Dat voelt ergens nogal dubbel. Squanch’ eerste titel ‘post-Roiland’ is een vervolg op een game waar zijn stem en stijl onherroepelijk aan zijn verbonden. Het maakt de juiste toon vinden er vast niet makkelijker op. Desalniettemin: ditmaal dus geen Roiland, maar wel een tweede High On Life. Hetzelfde middel, nu op nieuw recept – al merk je dat lang niet altijd.

Doe maar een grammetje van het gebruikelijke

High On Life 2 is een vervolg in de puurste zin van het woord. De game blikt summier terug op het origineel en stort de speler linea recta in eenzelfde soort avontuur. Weer wil een kwaadaardige partij de mensheid tot drugs maken. Aan jouw stilzwijgende mensprotagonist om daar weer een stokje voor te steken. Gewapend met een boel bekende en nieuwe Gatliens – een ras bestaande uit pratende wapens met uiteenlopende persoonlijkheden – trekken we erop uit om ruimtegespuis aan gort te knallen.

Watch on YouTube

Het enige verschil is de kwaadaardige partij in kwestie. Dat blijkt ditmaal geen moordlustig ruimtekartel, maar een groot farmaceutisch bedrijf. Met propaganda en politieke inmenging pogen zij de mensheid te reduceren tot vee, zodat mensen ‘legaal’ tot drugs verpulverd mogen worden. Sommige plotpunten verwijzen vrij letterlijk naar de wandaden van politici en Big Pharma in real life, maar High On Life 2 duikt nooit te diep in de thematiek. Onderaan de streep is het verhaal wederom een excuus om veel grapjes en meta-referenties te maken.

Genoeg te lachen

Laten we wel wezen: je speelt High On Life 2 voornamelijk voor die grapjes. Het eerste deel voelde als een soort interactieve spin-off van Rick and Morty – niet zo gek ook met bedenker Roiland achter het stuur – en deel twee houdt dat gevoel stevig vast. Aan de lopende band stort de game je in rare ruimtescenario’s, met úren aan absurd en grofgebekt stemmenwerk. Het klinkt allemaal ontzettend Justin Roiland-esk, ondanks de afwezigheid van die geestesvader. Roilands stem hoor je nergens meer terug, maar zijn vaste motieven, meta-humor en stamelende toon worden naadloos doorgezet.

©Squanch Games

De rode draad van High On Life 2 houdt je snel 10 à 12 uur bezig. In die tijdsspan vindt de game genoeg momenten om een paar lachjes te winnen. De ene keer doet het dat met geïmproviseerde meta-referenties, de andere keer met onverwachte spelmechanieken, zoals een quiz over belastingontduiking of een verborgen DOS-spel in het hoofdmenu van je ruimtepak. Als je goed gaat op absurdistische cartoonseries, dan ga je ook gewoon weer lekker op High On Life 2.

Sneller, groter, Higher On Life

Maar goed, High On Life 2 moest als vervolgdeel toch minstens de grotere en diversere High On Life worden – en zo geschiedde. Gaandeweg introduceert High On Life 2 niet alleen meer wapens dan voorheen, maar ook een skateboard en een drietal hubwerelden om al skateboardend uit te pluizen. Radical. Jammer genoeg pakt niet elk addendum op de gevestigde formule even sterk uit.

©Squanch Games

De bijna volautomatische skateboardbesturing brengt de vele schietpartijen wat speelse dynamiek, een beetje vergelijkbaar met Sunset Overdrive. Door voortdurend te blijven skaten, veel te grinden en acrobatisch heen en weer te grijphaak-slingeren, ontwijk je veel schoten en zoef je snel van slachtoffer naar slachtoffer. Het voelt uiteindelijk aardig fluïde.

Over het schietwerk gesproken: dat kan er allemaal mee door. High On Life 2 is nog altijd geen kunstige dans à la Doom, maar met het skateboard krijgt de gunplay ironisch genoegtoch iets meer eigen gezicht. De snelle wendbaarheid combineert goed met uitbundige wapens en de mild chaotische shootouts. Bovendien legt het skateboard een bouwsteen voor snelle verplaatsing en platformuitdagingen, die weer vaker van pas komen in de drie grotere hubwerelden.

©Squanch Games

Laten het nou net die hubs zijn die minder overtuigen. Hier vinden we winkels, verzamelobjecten en optionele zijmissies, met daarover een dun gespreid laagje van platformpuzzeltjes en wat komische interacties. Conceptueel leuk bedacht, maar in de praktijk schiet de invulling van de werelden tekort. De overwegend lege hubs komen wat zielloos over en verkenning wordt maar zelden beloond met een leuke zijmissie of memorabele collectible. Zie het als een soort microdosering van een beter doordachte open spelwereld.

Een bad trip, technisch gezien

Squanch Games heeft duidelijk grotere ambities, maar de uitwerking laat vaak te wensen over. Dat wordt echter pas pijnlijk als we het over de techniek achter High On Life 2 hebben. Die vliegt, denkelijk te wijten aan de grotere schaal, met regelmaat vol op zijn bek. Zelden speelde ik een singleplayershooter die zo instabiel was. Op de consoles schijnt dat nog alleszins mee te vallen, maar de pc-versie van High On Life 2 is een zooitje.

©Squanch Games

De instabiliteit is lastig te isoleren. Het zit in alles. Van ontbrekende geluidseffecten en  afgekapte stemopnames tot door de grond clippen en harde crashes. In mijn 25 uur speeltijd is de game zeker tien keer abrupt uitgevallen. De ene keer in een doodnormaal menu, de andere keer tijdens een baasgevecht. Daarbovenop komen nog een handvol soft locks – momenten waarin een missie of specifieke opdracht door een fout plots niet meer te voltooien is.

Wanneer High On Life 2 draaiende blijft, draait de game verre van optimaal. Zelfs met een flinke laag DLSS-upscaling heeft het spel moeite om een stabiele 60 frames per seconde aan te leveren in 1440p, nota bene op een nog relatief beefy RTX 3090 en Ryzen 9 5950X. Toch verandert de gemiddelde schietarena of wat snel skateboardwerk uiteindelijk in een barrage van microstottering. Onder andere Steam en Reddit staan momenteel bol van de klaagzang over de slordige technische staat van de game. Geheel terecht.

©Squanch Games

Stel deze trip nog even uit

De technische mankement voelen extra wrang wanneer je inziet dat High On Life 2 ook niet bepaald een prachtgame is. De kleurrijke, lompe stijl heeft zijn eigen plakkerige charme, maar grafisch gezien is het geen hoogstandje. In de achterhaalde lichteffecten en vaak maar half ingeladen texturen zie je een B-titel van de vorige consolegeneratie terug. Dat past ergens prima bij de banale insteek van het spel, maar laat het dan op zijn minst redelijk draaien. Daarin schiet High On Life 2 gruwelijk tekort, in ieder geval rond de releaseperiode.

Met name door de technische staat is het lastig om High On Life 2 aan te raden. Al ben je nog zo’n liefhebber van het origineel of grove scifihumor in het algemeen; lachen wordt moeilijk als de game elk moment de geest kan geven. Sowieso doet iedereen er daarom goed aan om deze trip uit te stellen, in ieder geval totdat Squanch Games de broodnodige patches uitrolt. De grappen werken immers het beste als ze niet halverwege een zin wegvallen.

High On LIfe 2 is nu verkrijgbaar voor PlayStation 5, Xbox Series-consoles en pc. Op 20 april aanstaande komt de game ook uit op Nintendo Switch 2. Voor deze review is de game op een gedegen pc gespeeld.

Oké
Conclusie

Kijken we even om de technische kreukels heen – ervan uitgaande dat deze spoedig gladgestreken worden – dan is High On Life 2 op zijn minst een waardig vervolgdeel. Squanch Games nam her en der te veel hooi op de vork, maar ergens in die hooi zit ‘gewoon weer’ een dikke tien uur aan geinig ruimteavontuur verscholen. De grotere schaal wasn’t it, Chief, maar tijdens de rit landen er voldoende grapjes om de misplaatste ambities voor lief te nemen.

Plus- en minpunten
  • Vaak genoeg voldoende grappig
  • Skateboard versoepelt de formule
  • Meer variatie in wapens en content
  • Veelal overtuigend stemmenwerk
  • Grotere hubwerelden voelen zielloos
  • Technisch ontzettend slordig (zeker op pc)
  • Grafisch geen hoogstandje