ID.nl logo
Stofzuiger zonder stofzak schoonmaken: zo doe je dat!
© Axel Bueckert
Huis

Stofzuiger zonder stofzak schoonmaken: zo doe je dat!

Een stofzuiger zonder stofzak: geef toe, qua huishouden zijn er weinig betere uitvindingen. Nooit meer dat gepruts voordat de nieuwe zak goed vast zit, nooit meer die ellende van volle zakken verwisselen (we hebben allemaal toch weleens meegemaakt dat zo’n zak scheurde, vlak voordat je bij de prullenbak was?). Zakloze stofzuigers zijn dus geweldig. Maar … wil je er plezier van houden, dan moet je ze wel regelmatig schoonmaken. Hoe je dat doet, lees je hier.

In dit artikel lees je waarom het belangrijk is dat je je stofzuiger zonder stofzak regelmatig schoonmaakt. Aan de hand van het handige stappenplan zie je hoe je dat schoonmaken aanpakt en je ziet hoe vaak je elke stap moet uitvoeren.

Lees ook: Dit zijn de 7 meest gemaakte fouten bij het stofzuigen

Een stofzuiger zonder stofzak schoonmaken is belangrijk. Niet alleen om de hygiëne, maar ook om ervoor te zorgen dat het apparaat zo goed mogelijk blijft werken.

Dat zit zo: een zakloze stofzuiger werkt met behulp van een cycloonsysteem om vuil en stof op te vangen, in plaats van dit in een zak te verzamelen. De lucht wordt met hoge snelheid rondgedraaid in een cyclonische kamer waardoor het vuil door de centrifugale kracht naar buiten wordt geslingerd en in een opvangreservoir terechtkomt.

Als het opvangreservoir vol raakt, kan de luchtstroom worden belemmerd, waardoor de zuigkracht afneemt. Het is daarom aan te raden het opvangreservoir regelmatig te legen om de cycloonkracht (die term heb je vast weleens gehoord) te behouden. Want alleen dan blijf je profiteren van de optimale zuigkracht.

🧼 Zo maak je je stofzakloze stofzuiger schoon

Stap 1: Uitschakelen

Voor je eigen veiligheid en die van de stofzuiger: zorg ervoor dat het apparaat volledig is uitgeschakeld en niet is aangesloten op het stroomnet. Het lijkt een open deur, maar je gaat bij stap 3 wel aan de slag met water. En je weet: water en elektriciteit, dat is geen goede combi!

Hoe vaak?

Elke keer voordat je de stofzuiger schoonmaakt.

Stap 2: Leeg het reservoir

Haal het stofreservoir uit de stofzuiger. Leeg  de inhoud in een vuilniszak en tik zachtjes tegen de zijkanten om alle stofdeeltjes te verwijderen. Tip: houd het reservoir niet bóven een vuilniszak, maar een eindje erin. Zo gaat er zo min mogelijk stof rondwervelen. Ook de kans dat stof, pluizen en haren alsnog op de grond terechtkomen, wordt zo een stuk kleiner.

Hoe vaak?

Na elke stofzuigbeurt of wanneer je ziet dat de bak bijna vol is.

©Nedopekin Yuriy | maryviolet

Stap 3: Reinig het reservoir

Vul een emmer met warm water en een beetje afwasmiddel. Dompel een zachte doek of spons in het sopje en maak de binnen- en buitenkant van het reservoir grondig schoon. Spoel daarna af met schoon water en droog goed af. Laat ook nog even nadrogen. Pas als het reservoir helemaal droog is, plaats je het terug in de stofzuiger.

Hoe vaak?

Eens in de twee weken of wanneer je merkt dat de bak erg vuil is.

Download nu het Stofzuigerwijzer Eindrapport 2024

Door het invullen van jouw naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van de Kieskeurig.nl Stofzuigerwijzer-resultaten. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl nieuwsbrief.

Stap 4: Controleer de filters

De meeste zakloze stofzuigers hebben minstens één filter, vaak zelfs twee: een voorfilter en een HEPA-filter. Haal deze eruit en klop ze voorzichtig uit boven een vuilnisbak. Als ze erg vies zijn, kun je de meeste filters wassen in warm water met een beetje afwasmiddel. Check wel altijd de handleiding van jouw stofzuiger om te zien of de filters wasbaar zijn. Laat de filters goed drogen voordat je ze terugplaatst.

Hoe vaak?

Het uitkloppen kun je wekelijks doen. Het wassen van de filters is afhankelijk van het gebruik, maar eens per maand is een goede richtlijn. 

Lees ook: Wat is een HEPA-filter en waarom is het belangrijk?

©Lucky Pics

Stap 5: Maak de borstels en wieltjes schoon

Haar, draadjes en ander vuil kunnen vast komen te zitten in de borstels en wieltjes van de stofzuiger. Gebruik een schaar of een speciaal borstelreinigingsgereedschap om deze te verwijderen.

Hoe vaak?

Eens in de twee weken of wanneer je merkt dat de borstels minder effectief zijn.

Stap 6: Controleer de slang

Kijk in de slang van de stofzuiger om te zien of er verstoppingen zijn. Zit er iets in wat de zuigkracht kan belemmeren? Gebruik dan een plumeau of een oude metalen kleerhanger om dit obstakel te verwijderen. Doe vooral bij gebruik van een kleerhanger wel extra voorzichtig, om de slang niet te beschadigen.

Hoe vaak?

Eens per maand of wanneer je merkt dat de stofzuiger slechter zuigt.

©Petra Richli

Conclusie

Je ziet: een stofzuiger zonder stofzak schoonmaken is een fluitje van een cent als je deze stappen volgt. Door je stofzuiger regelmatig te onderhouden, zorg je ervoor dat hij jarenlang meegaat en altijd de beste zuigkracht levert.

Wil je dat je huis na het stofzuigen extra fris ruikt? Supertip! 👇

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.