ID.nl logo
Stofzuiger met dweilfunctie kopen? Hier moet je op letten
© ID.nl
Huis

Stofzuiger met dweilfunctie kopen? Hier moet je op letten

Steelstofzuigers zijn erg populair. Doordat ze draadloos zijn, heb je veel bewegingsvrijheid en pak je ze er gemakkelijker bij. Daardoor kost het je minder tijd om te stofzuigen en houd je wellicht tijd over om ook nog te dweilen. Waarom zou je dan niet ook een stofzuiger met dweilfunctie willen hebben? Wij kijken of zo’n stofzuiger wel echt de moeite waard is.

Wat kun je van dit artikel verwachten?

🧹 Wat je met een “dweilstofzuiger” kunt doen 🧹 Wat de voor- en nadelen zijn van zo’n stofzuiger 🧹 Waar je op moet letten als je een dweilstofzuiger koopt

Meer lezen? Zo kies je de beste stofzuiger voor jouw situatie

Wat kun je met een dweilstofzuiger?

Om te beginnen natuurlijk stofzuigen en dweilen. Maar het mooie is dat je het vaak tegelijk kunt doen. Zo hebben veel stofzuigers één opklikbaar stofzuig- en dweilsysteem, waardoor je het opzetstuk dus niet hoeft te vervangen als je na het stofzuigen ook wilt dweilen. Dat kan dus in één keer. Vul het bakje in de vloerreiniger met schoon water en een druppeltje schoonmaakmiddel en je kunt direct aan de slag. Al het vuile water en stof wordt opgevangen in een reservoir, dat je na gebruik leegt.

Energieverbruik van een dweilstofzuiger

Een steelstofzuiger valt qua energieverbruik tussen een traditioneel model en een robotstofzuiger in. Vooral robotvarianten zijn echte stroomvreters, omdat deze zich continu opladen om stof te zuigen en vele uren per week voort te bewegen. Bij een dweilstofzuiger is dat niet het geval.

In Europa is overigens bepaald dat stofzuigers aan strenge eisen moeten voldoen. Zo mag het motorvermogen niet meer zijn dan 900 watt en het energieverbruik niet meer dan 43 kilowattuur per jaar.

Met dit maximale vermogen en stroomverbruik kosten zelfs de minst zuinige, nieuwe stofzuigers nog geen 10 euro aan stroom per jaar, zo berekende de Consumentenbond.

©PXimport

Robotstofzuigers zijn de echte stroomvreters onder de stofzuigers.

Voor- en nadelen van een dweilstofzuiger

✅ Het grootste voordeel van een dweilstofzuiger is dat je dus tegelijk kunt stofzuigen en dweilen. En dat ook nog eens draadloos, waardoor je gemakkelijk iedere kamer in huis schoonhoudt. Als je morst op de vloer, dan pak je de dweilstofzuiger erbij om de vloer snel weer schoon te krijgen.

✅ Veel stofzuigers met dweilfunctie hebben ook droogfunctie. Daarmee laat je namelijk geen strepen achter op de vloer, wat bij gewoon dweilen nog weleens kan gebeuren.

❌ Niet alle dweilstofzuigers zijn een goed alternatief voor de oude vertrouwde stofzuiger. Sommige zijn niet krachtig genoeg om echt het stof uit alle hoekjes van de kamer te krijgen, ondanks dat in Europa is bepaald dat minstens 75 procent van het stof uit tapijt moet zijn gezogen na vijf keer heen en weer bewegen. Bij een harde vloer moet dit zelfs 98 procent zijn.

❌ Ook wordt vaak als nadeel genoemd dat de dweilstofzuiger wat zwaar kan zijn ten opzichte van een regulier model, omdat je de gehele stofzuiger in je hand houdt en dus niet alleen de steel, zoals normaal.

Dit zijn alle steelstofzuigers met dweilfunctie

Bij Bol.com

©Вадим Каштанов - stock.adobe.com

Een stofzuiger moet na vijf keer heen en weer bewegen minstens 75 procent van het stof uit tapijt zuigen. Niet alle dweilstofzuigers halen wat betreft hun zuigvermogen deze 75 procent.

Waar moet je op letten als je een dweilstofzuiger koopt?

Let er bij de aanschaf van een dweilstofzuiger op voor welke ondergrond hij geschikt is. Sommige modellen zijn niet zomaar bruikbaar als je vooral tapijt in huis hebt liggen, waardoor je een extra opzetstukje nodig hebt. In enkele gevallen wordt zo'n stukje meegeleverd.

©Iuliia - stock.adobe.com

Kijk goed voor welke ondergronden de dweilstofzuiger die jij op het oog hebt geschikt is.

Zoals we al schreven, kan een dweilstofzuiger best zwaar zijn, tot wel vier of vijf kilo. Is dat te zwaar, dan moet je echt op zoek gaan naar een lichtgewicht, maar dan lever je vaak in op andere punten. Denk aan het ontbreken van een droogfunctie of een klein waterreservoir. Bij een kleiner model moet je na iedere schoonmaakbeurt het reservoir verschonen.

Kijk ook hoelang de accu meegaat na een volledige oplaadbeurt. Dit kan nog weleens flink verschillen: van tien minuten tot een half uur of bijna een uur, al dan niet bij gebruik van de turbofunctie. Je wilt immers niet dat je de stofzuiger moet opladen, terwijl je nog niet eens de helft van je woning hebt schoongemaakt.

Sommige modellen hebben nog wat extraatjes die interessant kunnen zijn voor jouw situatie. Denk aan een mondstuk met ledverlichting, waardoor je precies ziet waar er vuil ligt, of aan een geïntegreerde kruimeldief.

Conclusie

Er zijn wisselende verhalen over stofzuigers met dweilfunctie. Het algemene beeld is echter dat ze niet altijd een goede vervanging zijn voor de traditionele modellen. De zuigkracht is vaak minder, je komt niet altijd overal goed bij en de steelstofzuigers zijn snel leeg. Daartegenover staat dat de dweilfunctie vaak wél positief wordt ontvangen, omdat er minder strepen achterblijven, je het water niet continu hoeft te verversen en omdat er geen overtollig water achterblijft op de vloer. Dit maakt een dweilstofzuiger een goede twee-in-één-oplossing, maar vermoedelijk geen volwaardige vervanger voor je traditionele stofzuiger.

P.S. Wil je toch liever een robotstofzuiger? Ook in die categorie vind je tegenwoordig modellen met dweilfunctie. Als dat iets voor jou is, heb je vast wat aan het artikel Navigatie van een robotstofzuiger: dit zijn de mogelijkheden.

▼ Volgende artikel
Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten
Huis

Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten

De PlayStation 6 zou wel eens pas ergens na 2028 uit kunnen komen, zo claimde een analist onlangs. Dat betekent dat we minstens acht jaar met de PlayStation 5 opgescheept zitten. Maar niet getreurd: dat is juist goed nieuws voor de gemiddelde gameliefhebber.

Dat de PlayStation 6 in ontwikkeling is bij Sony, mag voor zich spreken. Nadat een nieuwe spelcomputer is uitgekomen, beginnen consolebedrijven vaak al snel met de research voor diens opvolger. Onderzoek naar de juiste specificaties en features van consoles beslaat vaak meerdere jaren, om nog maar te zwijgen over het maken van afspraken met bedrijven die de componenten daadwerkelijk leveren, en natuurlijk het produceren ervan.

Het is dan ook waarschijnlijk dat de specificaties van de PlayStation 6 al geruime tijd vastliggen, en dat Sony intern ook een schatting heeft gemaakt voor een releaseperiode voor de langverwachte console. Misschien was het bedrijf er zelfs van overtuigd dat het de console volgend jaar uit zou kunnen brengen.

Watch on YouTube

Verlengde levenscyclus

Onlangs meldde MST Financial-analist David Gibson dat Sony nu echter overweegt om de PS6 pas ergens na 2028 te leveren. “Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen.” Dat zou betekenen dat de PS6 misschien pas ergens in 2029 of zelfs later in de winkels ligt.

De eerdere voorspellingen van ingewijden mikten voorheen vooral op eind 2027 of in de loop van 2028, op basis van wanneer de productie oorspronkelijk zou beginnen. De PlayStation 5 kwam in het najaar van 2020 uit, dus dat zou de console al een levenscyclus van ruim zeven jaar geven voordat de opvolger op de markt komt. Dat is in principe een zeer ruime levensloop voor een spelcomputer, en een release in 2027 of 2028 zou dan ook volkomen logisch zijn.

©PXimport

Stijgende RAM-prijzen

Maar de wereld houdt geen rekening met consolereleases, en gezien de huidige ontwikkelingen is de komst van een PlayStation 6 in 2027 of 2028 helemaal niet zo logisch meer. Dat heeft voor een groot deel te maken met de prijzen van RAM (Random Access Memory), die steeds hoger oplopen. RAM is namelijk in grote getale nodig om de alsmaar populairder wordende AI-assistenten als ChatGPT en Gemini draaiende te houden.

Als gevolg daarvan wordt RAM steeds schaarser en dus duurder, en laten spelcomputers nu ook net RAM nodig hebben. In deze periode een nieuwe spelcomputer uitbrengen zou dan ook betekenen dat de prijs van de console mogelijk erg hoog komt te liggen, wat de verkoop niet bepaalt stimuleert. Een dergelijke ‘valse’ start van de levenscyclus van een spelcomputer is iets dat veel bedrijven willen vermijden.

Ook de importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump op producten die buiten de Verenigde Staten worden gemaakt doorvoert, zorgen voor veel onzekerheid. Eerder moesten de prijzen van diverse spelcomputers, waaronder de PlayStation 5, al stijgen om dit op te vangen. Trump is – unieke politieke ontwikkelingen buiten beschouwing gelaten – de komende jaren nog aan de macht, dus ook dat maakt het uitbrengen van een nieuwe console bepaald geen veilige onderneming. De komende jaren een console lanceren is kortom dus een gigantisch risico, dat Sony volgensgeruchten zo klein mogelijk wil houden.

Trage consolegeneratie

Sony hoopt wellicht dat de economie eind dit decennium kalmeert. Dat zou echter wel betekenen dat we nog meerdere jaren op de komst van de PlayStation 6 moeten wachten. Wat mij betreft is dat niet iets om over te treuren, maar juist goed nieuws. Het geeft ontwikkelaars namelijk de kans om echt alles uit de PlayStation 5 te halen. Een kans die ze hopelijk met beide handen aangrijpen.

Hoewel de PS5 in november van 2020 uitkwam – ruim vijf jaar geleden – heb ik nog altijd het gevoel dat deze consolegeneratie nog maar net is begonnen. De generatie kwam sowieso vrij traag op gang, omdat deze middenin de coronapandemie viel. Dat was ook voor spelontwikkelaars een ingewikkelde tijd waarin halsoverkop naar thuiswerkmogelijkheden gekeken moest worden, waardoor veel games die in ontwikkeling waren vertraging op liepen.

Sony’s eigen game-line-up is de afgelopen vijf jaar ook wat karig geweest. Dat heeft deels te maken met een focus op liveservicegames, waarbij diverse projecten die bij Sony’s meest prominente studio’s in ontwikkeling waren uiteindelijk werden geannuleerd. Denk bijvoorbeeld aan de The Last of Us-multiplayergame die na jaren productie in de prullenbak werd gegooid.

Daarbij is de ‘cross-generation’-periode van deze generatie uitzonderlijk lang. Nog altijd komen diverse games niet alleen op PlayStation 5, maar ook op PlayStation 4 uit. Nu is dat iets wat in de toekomst alleen maar vaker voor zal komen – de grenzen tussen consolegeneraties vervagen en daarmee is het ook makkelijker om de prestaties van games terug of juist op te schalen.

Toch zorgt het er ook voor dat er onder gamers een gevoel groeit dat nog lang niet het uiterste uit de PS5 is gehaald. Er is méér met dat apparaat mogelijk, vooral met de bestaande PS5 Pro in het achterhoofd. Een verlengde levenscyclus voor de console geeft ontwikkelaars de kans om een aantal schitterende spellen af te leveren in de laatste jaren van de spelcomputer – de ontwikkeltijd van games wordt immers ook steeds langer. Met toppers als Grand Theft Auto 6, The Witcher 4 en Intergalactic: The Heretic Prophet nog in het verschiet, is er meer dan genoeg potentie om het de komende jaren uit te zingen met de PS5.

Niet zonder risico’s

Natuurlijk brengt het uitstellen van een consolelancering ook risico’s met zich mee, zowel voor Sony als voor de consument. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de wereldeconomie er eind dit decennium beter voor staat. Daarnaast zet het Sony voor een moeilijke keuze: gooit het jaren aan research voor de PS6 weg om de console eind dit decennium met moderne specificaties uit te kunnen brengen, of behoudt het simpelweg de huidige specs zodat deze op release mogelijk al deels zijn verouderd?

De eventuele keuze om de PlayStation 6 uit te stellen zal dan ook niet over één nacht ijs gaan. Het is aan de goedbetaalde mensen in topposities binnen het bedrijf om die knoop door te hakken. Maar puur vanuit mijn eigen, egoïstische liefde voor games gezien, heb ik er totaal geen moeite mee om nog een jaar of drie, vier op de PlayStation 5 te spelen. Laat maar eens zien wat die console nog kan, en blaas ons in 2029 of 2030 weg met een nieuwe consolegeneratie die écht een flinke technologische stap zet!

▼ Volgende artikel
Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is
© Rijkswaterstaat
Huis

Code geel en oranje wegens ijzel: zo check je of jouw route al gestrooid is

Het is weer #codegeel en #codeoranje wegens gladheid door ijzel. Moet je toch de weg nog op? Via een online kaart van Rijkswaterstaat zie je live waar strooiwagens rijden en op welke wegen net is gestrooid.

Ga je naar Rijkswaterstaatstrooit.nl, dan krijg je een interactieve kaart van Nederland te zien. Op die kaart bewegen kleine icoontjes die de actieve strooiwagens voorstellen. De gegevens worden voortdurend bijgewerkt, waardoor je vrijwel live ziet waar op dat moment wordt gestrooid.

Naast de voertuigen vallen de gekleurde lijnen op de wegen op. Een paarse lijn betekent dat er in de afgelopen zes uur zout is gestrooid. Zo kun je zelf een inschatting maken of jouw route redelijk begaanbaar zal zijn of dat je éxtra moet opletten.

©Rijkswaterstaat

Zo lees je de strooikaart

De kaart laat zien wat er nu en in de afgelopen zes uur op de weg is gebeurd, inclusief strooiacties, wegdektemperaturen en radarbeelden. Kijk je vooruit, dan toont de kaart een verwachting tot twee uur met de voorspelde verwachte radarbeelden en wegdektemperaturen. Goed om te weten: je kunt niet vooruitkijken om te zien waar de strooiwagens gaan rijden.

Wegtemperatuur

De kaart laat meer zien dan alleen strooiwagens. Op veel plekken vind je ook de actuele wegdektemperatuur. Die metingen komen van 330 meetpunten verspreid over het hele land. Dat is relevant, omdat het asfalt vaak al onder nul kan zijn terwijl de buitentemperatuur dat nog niet is. Gaat het sneeuwen of regenen op wegdek dat al beneden nul is, dan neemt de kans op gladheid toe. Is de temperatuur nu nog boven het vriespunt? Kijk dan zeker even vlak voordat je vertrekt. Vanaf een uur of drie 's middags daalt de temperatuur namelijk meestal. En een wegdek dat nu net boven nul is, kan dan ineens zomaar weer kouder zijn. Als het dan gaat regenen, moet je echt uitkijken.

©Rijkswaterstaat

Dinsdag 3 februari, 14:30 uur: in het noordoosten van Groningen duikt de temperatuur van het wegdek al onder het vriespunt.

Neerslag

Links op de kaart zie je ook nog een icoontje van een regenwolk met een zonnetje erachter. Klik je daar op, dan krijg je actuele beelden te zien van de neerslagradar van het KNMI. Je ziet niet alleen waar de neerslag valt, maar ook of er veel of weinig valt. Dit neerslagbeeld wordt elke vijf minuten opnieuw samengesteld.

De weg op? Doe het veilig!

Door voor vertrek de strooikaart te checken, vergroot je de veiligheid onderweg. Of, anders gezegd, je verkleint het risico. Wat je zelf nog kunt doen? Controleer de bandenspanning. Bij kou daalt de luchtdruk, niet alleen buiten maar ook in je banden, wat invloed heeft op de grip. Kijk daarnaast of je voldoende ruitensproeiervloeistof hebt en of die bestand is tegen vorst; daar bestaan verschillende gradaties in. Leg voor de zekerheid ook een zaklamp en een warme deken in de auto. Een powerbank is eveneens handig. Mocht je vast komen te staan, dan blijf je in ieder geval warm en heb je genoeg stroom om je smartphone een paar uur te gebruiken.