ID.nl logo
12 tips voor het online ontwerpen van je tuin
© Reshift Digital
Huis

12 tips voor het online ontwerpen van je tuin

Het najaar is ideaal om na te denken over hoe jij je tuin er in de zomermaanden uit wil laten zien. Terwijl het buiten regent en waait, zoek jij uit welke planten het best de schaduw of volle zon gedijen en plan je hoe je tuinpad en terras hét pronkstuk in de tuin worden. Natuurlijk kun je ouderwets met potlood en papier aan de slag gaan, maar veel leuker zijn deze ontwerptools.

Tip 01: Garden Planner

De tuinontwerper Garden Planner is in het Engels, maar met wat basiskennis van deze taal kun je prima je nieuwe tuin op het scherm toveren. Garden Planner biedt een webversie en een download aan. Het voordeel van de webversie is dat je ’m gratis kunt gebruiken. Het nadeel is dat je je ontwerp niet kunt bewaren (wel exporteren) én dat de tool draait op flash, een technologie die veel browsers inmiddels de rug toegekeerd hebben en na december 2020 niet meer ondersteund wordt. De te downloaden software (voor Windows en macOS) mag je 14 dagen gratis gebruiken, maar er verschijnt dan wel een watermerk op je ontwerp. Ben je tevreden met de applicatie, dan kun je het pakket voor 45,98 dollar aanschaffen.

Sta je het gebruik van flash toe, dan zie je in de webapp een werkbalk Objects en een balk Tools. De eerste gebruik je om planten, bomen, bloemen, een bank of vuurkorf op het werkvlak te slepen. In de Tools zit het meet- en tekengereedschap om de grote elementen van de tuin te tekenen, zoals muurtjes, een bloemperk of zelfs een zwembad. Je kunt in twee weergaven werken. In Design maak je het ontwerp op een ruitjesachtergrond. Ben je klaar en schakel je over naar de Preview-weergave, dan kun je daar een plantenlijst van de geplaatste planten genereren en notities bij het plan voegen.

©PXimport

Tip 02: Gardena My Garden

Eén van de meest bekende tuinmerken laat zijn ontwerptool volledig gratis gebruiken. Hier begin je met het tekenen van je droomtuin. Onder Perceel vind je alle soorten oppervlakken, zoals gazon, bloembedden en grindpaden. Daarnaast kun je heel veel objecten aan het ontwerp toevoegen door ze naar de gewenste plek te slepen. Klik je met de muis op een van de hoekpunten, dan kun je een object schalen. Om nauwkeurig te werken, zoom je in en uit via de plus- en minknop. Deze tool werkt met drie lagen die je afzonderlijk kunt tonen en verbergen: objecten, het raster (ieder vierkant is 1m2) en oppervlakken. Ieder ontwerp kun je afdrukken of opslaan. Wat Gardena My Garden uniek maakt ten opzichte van andere planners is dat je een slim sproeisysteem in je ontwerp kunt integreren. Wanneer je met het tuinontwerp klaar bent, navigeer je naar Sprinklerplan en Gardena berekent dan zelf waar en welke sproeiers je moet plaatsen. Je hoeft dus zelfs niets uit te rekenen, de tool zorgt dat de hele tuin de juiste bewatering krijgt.

©PXimport

Importeer je tuingegevens vanuit het Kadaster, dan hoef je zelf je tuin niet meer op te meten

-

Tip 03: Moestuinplanner

Een eigen moestuin. Je begint er niet alleen aan om groenten uit eigen tuin te kunnen eten, maar het is ook ontspannend om af en toe met je handen in de grond te wroeten en de planten te verzorgen. Wil je een moestuintje beginnen, kijk dan eerst eens op de website van Moestuinplanner. In de beginnerssectie leer je een planning maken en kun je informatie vinden over de bodem, zaden, bemesting en kalk, licht en gereedschappen. Verder vind je op de site ook de Moestuin Planner, een handige tool die je kunt gebruiken om je moestuin uit te tekenen. Je werkt met vakken van 30x30cm en geeft vervolgens aan wat voor groenten of fruit erin komt te staan of je bepaalt de maand en laat daarna het programma de inrichting doen. Die planner werkt trouwens met een plantengids die bij alle groente, fruit, bloemen of kruiden vertelt wanneer je bepaalde dingen moet doen. Jammer is wel dat de nieuwssectie en het forum blijkbaar al enkele jaren braakliggend terrein zijn.

©PXimport

Tip 04: garDsign

Op www.tekenjetuin.nl vind je het online ontwerppakket garDsign, een Nederlands product dat eind 2012 live ging. De tool is bedoeld voor zowel de thuisgebruiker als de professionele hovenier die alles tot in de puntjes wil voorbereiden en er meteen een mooie grafische voorstelling van wil zien.

Het voordeel van garDsign is dat je je tuin niet op hoeft te meten, want je kunt op basis van de gegevens uit het Kadaster de plattegrond van jouw tuin importeren. Twijfel je nog over hoe je tuin eruit moet komen te zien? Begin dan met het maken van een moodboard. Is het dan duidelijker, dan kun je in de ontwerpmodus gebouwen en bijgebouwen tekenen en aangeven waar de ramen zitten. Vervolgens sleep je de bomen en planten naar je tuin, bepaal je de varianten ervan en zet je een paar bloembakken neer. Bovendien kun je werken in lagen, zodat je meteen een verlichtingsplan voor de tuinverlichting kunt maken. De kers op de taart is de 3D-weergave waarmee je door de tuin kunt wandelen en schermafbeeldingen kunt maken. Bij dit pakket zul je bijna smeken om enkele gure herfst- en winteravonden, zodat je alle tijd hebt om rustig de instructiefilmpjes te bekijken. garDsign is ook gekoppeld aan een functie om alle gebruikte materialen te bestellen. Aan het einde kun je zelfs contact opnemen met een professioneel hovenier om een offerte op te vragen. Je kunt de software een maand gratis proberen, daarna hangt het van de functies af die je wilt gebruiken hoeveel je ervoor moet betalen. De goedkoopste formule kost 4,95 euro per jaar, de realtime 3D-viewer zie je pas in de upgrade die 8,95 euro per jaar kost. Betaal je 50 euro per jaar, dan beschik je over alle functies. Maar dat lijkt ons meer iets voor de beroepsmatige hovenier.

©PXimport

Tip 05: Garden Puzzle

Garden Puzzle voelt makkelijk aan, omdat de online tool drag-and-drop ondersteunt, maar de ontwerpmogelijkheden zijn aardig beperkt. Je moet je eerst registreren zodat je ontwerp bewaard kan worden. Via de wizard importeer je vervolgens eerst een foto van je eigen tuin of plaats waar je de beplanting wilt aanbrengen en daarna sleep je alle elementen op hun plaats. Om een beetje gericht in de bibliotheek te zoeken, kun je het beste gebruikmaken van de filters. Planten die je meer naar achteren plaatst, worden kleiner weergegeven dan wanneer je ze vooraan plaatst. De planten hebben zowel de Latijnse benaming als de gewone naam (in het Engels). Ben je klaar met de beplanting, dan kun je je tuin voorzien van paden, een gazon en een terras.

Wat opvalt aan deze tool is dat het een functie heeft om je ontwerp in alle vier seizoenen te bekijken. Je mag de demo gratis proberen, maar wil je er echt mee aan de slag gaan, dan moet je 16 dollar betalen om zes maanden toegang te hebben. Bovendien moet je je registreren om iets te kunnen creëren, want dan worden je ontwerpen bewaard. Garden Puzzle werkt als webapp. Ook is er een versie voor Android en iOS, zodat je het ontwerp op je smartphone of tablet naar de tuin kunt meenemen.

©PXimport

Tip 06: Smart Gardener

Vissers en hoveniers kunnen nog weleens over hun oogst overdrijven, maar dat lukt niet op Smart Gardener. Hier delen tuinders namelijk informatie over hun oogst in het logboek. Toch het valt op dat meesten geen foto’s posten. Smart Gardener is, net zoals Moestuintje.nl een app waarmee je je eigen moestuin kunt ontwerpen. De (Engelse) webapp stelt een geoptimaliseerd moestuinplan voor je samen doordat de app de gekozen planten met elkaar combineert en daarbij rekening houdt met de verschillende variabelen van die planten. Is je Engels niet zo goed, dan kun je de automatische vertaling van Chrome inschakelen. Daarmee kom je echt een heel eind. Wanneer je klaar bent met het ontwerp van je moestuin, kun je hem afdrukken. In het overzicht krijg je trouwens een lijst te zien van alle planten, de ideale tussenruimte, plantdiepte en planthoogte. Smart Gardener is niet gratis, maar voor zes dollar kun je de app 90 dagen gebruiken.

©PXimport

Tip 07: SketchUp

SketchUp is absoluut niet de gemakkelijkste ontwerptool, maar het is gratis en de mogelijkheden zijn nagenoeg onbegrensd. Er bestaat een betaalde pro-versie, maar voor het ontwerpen van je tuin heb je genoeg aan de freemium webversie. Nog steeds spreken mensen over Google SketchUp, terwijl het acht jaar geleden al werd overgedragen aan Trimble. Voordat je online aan de slag gaat, kun je het beste eerst een schematische weergave van je huidige tuin en eventuele gebouwen op een vel papier tekenen. Deze plattegrond scan je vervolgens in en kun je dan overtrekken in SketchUp. Door in de rechterbalk 3D Modellen te selecteren, kun je naar ‘tuin’ of ‘garden’ zoeken om bij de tuinontwerpen van anderen te komen. Bovendien stellen andere gebruikers zelfgemaakte modellen van tuinmeubilair, planten en bomen ter beschikking. Het ontwerpen in 3D is niet per definitie moeilijk, maar in het begin zul je zeker wel de ondersteuning van de videotrainingen nodig hebben.

©PXimport

Tip 08: Tuin betegelen

Een stenen terras vormt een prachtige aanvulling op iedere achtertuin, maar de terrastegels bij de handelaar ogen tegen de gevel van je eigen woning vaak anders. Via deze website kom je terecht op de pagina waar het programma van garDsign (zie tip 4) wordt voorgesteld, maar dat bedoelen we niet. Scrol je verder naar onderen, dan vind je daar een piepklein linkje: Probeer eens. Klik je daarop, dan kun je een eigen foto uploaden van de plaats die je wilt betegelen. In de linkerbalk krijg je een reeks vierkante en rechthoekige tegels te zien die je met één muisklik op het terras kunt toepassen. De software hield bij ons zelfs rekening met de plantenbakken die op het huidige terras staan. Je kunt ook het legpatroon en de richting van de tegels aanpassen. Zelfs al kies je niet voor dit merk, toch krijg je een goed idee van hoe een bepaalde structuur en kleur past bij de voor- of achtergevel van je huis en de tuin.

©PXimport

Tip 09: SmartDraw

SmartDraw is een tool die vooral bekend staat als webapplicatie om stroomdiagrammen en organigrammen samen te stellen. Maar deze webapp bevat ook gratis landschapsontwerpsoftware. Bekijk de 23 sjablonen en kies dan de tuin uit die het dichtst bij jouw droomtuin ligt. Daarna is het opnieuw een kwestie van slepen en neerzetten. Je kunt ieder element herschikken en de grootte ervan wijzigen. Met SmartDraw maak je alleen een conceptueel ontwerp, waarbij je bijvoorbeeld aangeeft waar de coniferen en planten moeten komen. Er is geen bibliotheek met verschillende plantnamen en verzorgingstips voor wat je in je tuin wilt hebben.

©PXimport

Over welk type tuinieren wil je informatie: buiten, in een kas, in bloembakken of binnenshuis?

-

Tip 10: Spiekbriefje

Your Personal Vegetable Growing Cheatsheet is een browsergebaseerd programma dat ooit begon als een eenvoudig spiekbriefje met tips voor de beginnende groenteteler. Door het succes heeft Anglian Home de cheatsheet uitgebouwd tot een interactieve gratis tool waar je je niet eens voor hoeft te registeren. Wel moet je aangeven in welk Engelstalig gebied je woont: VS, UK of Australië. Wij kiezen voor UK, omdat dat het dichtstbij ligt. Daarna geef je aan over welk type tuinieren je informatie wilt: buiten, in een kas, in bloembakken of binnenshuis. Op basis van je antwoord genereert de tool een lijst met groenten, fruit en kruiden die met je voorkeuren overeenkomen. Bij elke selectie krijg je informatie, zoals hoe ver je de zaadjes uit elkaar moet planten, hoelang het duurt voordat het gewas volgroeid is en voor welk ongedierte je moet opletten. De plantengids moedigt ook aan bepaalde gewassen met elkaar te combineren als natuurlijk middel om ziektes en parasieten te voorkomen.

Tip 11: Stratenmakersplanner

Bij Marshalls vind je drie visualisers. Paving Planner dient om een nieuw tuinpad in beeld te brengen, Garden Visualizer creëert een 3D-weergave van de tuin en Driveway Visualiser transformeert visueel de oprit voor je huis. De zwakste toepassing is Garden Visualizer, daar willen we het niet eens over hebben. Om een idee te krijgen van je toekomstige tuinpad geef je eerst de afmetingen op, daarna selecteer je het type bestrating en de boordsteen. Met de online tool zoek je het juiste legverband en tot slot lees je hoeveel stenen je moet bestellen.

Voor de oprit werkt de visualizer anders. Daar upload je een foto van je oprit, genomen met je smartphone, en geef je de grenzen ervan aan. Vervolgens kun je een keuze maken uit de verschillende formaten en materialen en past de visualizer die keuze toe op de foto.

©PXimport

Tip 12: floorplanner

floorplanner is vooral bekend als tool voor woninginrichting, waarbij je het ontwerp zowel in 2D als in 3D kunt bekijken. Maar wat niet iedereen weet, is dat je dit programma ook kunt gebruiken voor het inrichten van je tuin. In het menu aan de linkerkant kun je uit allerlei onderdelen kiezen, tot tuinmeubilair en vlonders aan toe, die je naar het ontwerp kunt slepen. Je kunt met floorplanner één gratis ontwerp per account samenstellen dat je alleen in 2D kunt bekijken. Voor meer opties en om de tuin in 3D te bewonderen, moet je betalen (4 euro per maand), zoals dat helaas voor de meeste ontwerptools geldt.

Professionele hulp nodig in jouw tuin?

Vraag een offerte aan voor hovenier:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.