ID.nl logo
Met deze trackingtechnieken wordt je surfgedrag gevolgd
© Reshift Digital
Huis

Met deze trackingtechnieken wordt je surfgedrag gevolgd

Advertentienetwerken en internetbedrijven volgen je op de voet, vooral via mobiele apps en browsers. In dit artikel focussen we ons op bekende en onbekende trackingtechnieken. Denk aan cdn’s, tracking cookies, web storage, fingerprinting, favicons, cname cloaking en FLoC. Plus: wat doe je er tegen?

Er zijn verschillende redenen waarom websites bezoekers willen traceren. Zo kan het interessant zijn te weten welke pagina’s sitebezoekers bekijken, hoelang ze op een pagina blijven, waar ze op klikken enzovoort. Immers, zo’n analyse kan bijvoorbeeld aan het licht brengen dat belangrijke informatie op een pagina nauwelijks wordt gelezen, zodat bezoekers bijvoorbeeld minder geneigd zijn zich in te schrijven voor een nieuwsbrief. 

Tracering kan ook nuttig zijn voor de conversieratio van commerciële sites: hoeveel bezoekers gaan over tot een aankoop? Misschien blijkt hieruit wel dat een webpagina een lagere conversieratio heeft bij bezoekers afkomstig van een site met advertentie A dan wanneer ze vanuit een site met advertentie B zijn doorverwezen.

Wellicht de belangrijkste reden voor webtracking is profilering en gerichte marketing. Hoe nauwkeuriger men een bezoeker weet te profileren, hoe gerichter men advertenties kan aanleveren. Het zogenoemde retargeting is hierbij erg populair: je krijgt dan op diverse sites advertenties te zien voor een product dat je op een eerdere site hebt bekeken.

Tracking cookies zijn hiervoor wellicht de meest gebruikte techniek, maar er zijn er nog heel wat andere, waar gebruikers vaak geen weet van hebben. In dit artikel stellen we een hele reeks van deze technieken voor, evenals enkele verdedigingsmechanismen ertegen.

©PXimport

IP-adres

Als je naar een website surft, kunnen webserver je ip-adres loggen. Dat kan handig zijn om na te gaan of je de site al eerder hebt bezocht en hoe vaak, en welke pagina’s je al bekeken hebt. Welk ip-adres je achterlaat, kun je uitvinden via bijvoorbeeld iplocation.net, waar je meteen merkt dat een webserver nog andere systeem- en browserinformatie kan vastleggen (zie verder bij ‘Fingerprinting’). 

Tenzij je van een vast ip-adres gebruikmaakt, bijvoorbeeld gekoppeld aan je domeinnaam, leidt zo’n adres normaliter naar een adrespool bij je internetprovider. Zo’n ‘pool-adres’ verraadt je identiteit niet, maar het volstaat alvast wel om je land van herkomst te kennen. Dat kan dan weer nuttig zijn om alleen producten, bijvoorbeeld met aangepaste prijzen, te tonen die in jouw land beschikbaar zijn, maar net zo goed voor geoblokkades, zoals die door BBC iPlayer en andere mediaservices worden gebruikt.

Houd je dat ip-adres liever verborgen, dan kun je surfen via een anonimiserend netwerk als Tor, met behulp van de Tor Browser, eventueel gevirtualiseerd met Whonix. Of je gebruikt een proxy server of liever nog een betrouwbare VPN-dienst die je ip-adres verbergt en vervangt door het ip-adres van de VPN-server in een zelf te kiezen land.

Referrer

Niet alleen je eigen ip-adres kan worden gelogd, maar ook het webadres van de site waarop je hebt doorgeklikt om naar de volgende site te gaan. Een klein experiment verduidelijk dit. Start je browser op, surf naar Google, zoek naar ‘pcm web’ en klik op de link die naar de site van PCM leidt. Druk op F12 om naar de ontwikkelaarstools te gaan en open hier de Console, waar je document.referrer intikt. 

Je leest nu https://www.google.nl af. Deze informatie wordt via de http-headers namelijk standaard doorgestuurd naar de bezochte website, zodat niet alleen deze site weet waar je vandaan komt, maar ook eventuele advertentie- of sociale medianetwerken met content op diezelfde webpagina.

Het valt trouwens niet helemaal uit te sluiten dat zo’n referrer privacygevoelige informatie bevat, bijvoorbeeld iets als www.website.com/?land=nederland&leeftijd=40&roker=1&inkomen=2300. Nu is het wel zo dat de meeste browsers, waaronder Chrome, Safari (met ITP oftewel Intelligent Tracking Prevention) en onlangs ook Firefox, een strenger referrer-beleid toepassen en zowel het pad als query-informatie voor alle ‘cross-origin’-verzoeken weglaten.

Overigens kun je in Firefox via about:config allerlei referrer-beleidsregels zelf aanpassen. Om referrer geheel te blokkeren stel je network.http.sendReferrerHeader in op 0. Verder zijn er browserextensies waarmee je zelf tot op siteniveau kunt bepalen hoe de browser met referrers hoort om te gaan, zoals Referrer Control (voor Chrome en Firefox).

©PXimport

Url-parameters

We hebben al aangegeven dat ook de url-parameters (query-strings met) informatie kunnen doorgeven die trackers best kunnen interesseren. In Google Ads wordt deze methode zelfs bewust gehanteerd via de zogenoemde ValueTrack-parameters. 

Wanneer een adverteerder bijvoorbeeld {lpurl}?network={network}&device={device} opneemt in zijn trackingsjabloon dan wordt de url iets als www.website.com/?network=g&device=t zodat de adverteerder weet dat je via een tablet en vanuit Google Search op die link hebt geklikt. Ook Google Analytics maakt trouwens volop gebruik van url-parameters, te herkennen aan &utm in de string.

Er zijn wel browserextensies die ongewenste url-parameters kunnen weghalen voor ze aan de webserver worden doorgegeven. Eén ervan is Neat URL, beschikbaar voor Firefox en Chrome. We bekijken heel kort de extensie in Firefox. 

Rechtsklik op het pictogram en kies Preferences. Ga naar het tabblad Opties om de Standaard geblokkeerde parameters te zien. Je kunt bij Geblokkeerde parameters ook andere parameters toevoegen. Stel, je wilt de parameter q alleen in google.nl-sites (en subdomeinen) laten verwijderen, dan volstaat q@*.google.nl. Bevestig je aanpassingen met Voorkeuren opslaan

Of dit een goed voorbeeld is, is nog maar de vraag, want hierdoor zullen je zoekopdrachten in google.nl niet meer werken zolang dit item is opgenomen...

Content Delivery Networks (cdn’s)

Talrijke sites gebruiken JavaScript en doen daarvoor graag een beroep op frameworks waarin frequente gebruikte JavaScript-functies zijn opgenomen. Zulke frameworks vinden ze bij zogeheten Content Delivery Networks (cdn’s). Google is een van de meest gebruikte, maar er zijn nog andere publieke cdn’s. Natuurlijk, wanneer frameworks bij cdn’s worden opgehaald, krijgen die ook je ip-adres en andere browserdata toegestuurd, wat alweer tracering mogelijk maakt.

Om dat tegen te gaan kun je een browserextensie als Decentraleyes installeren, beschikbaar voor onder meer Firefox en Chrome. Die zorgt ervoor dat de meest gebruikte frameworks lokaal worden opgeslagen zodat niet langer een aanroep naar zo’n cdn is vereist. Je kunt de werking voor en na uittesten op decentraleyes.org/test. Let wel, heb je een adblocker als uBlock Origin draaien, dan is het niet uitgesloten dat die het ophalen en updaten van lokale JavaScript-bibliotheken tegengaat.

©PXimport

Trackingcookies

Wellicht de populairste techniek bij sitetracking draait om cookies. Onze focus ligt hier niet zozeer op de functionele of zelfs analytische cookies, maar op de tracking cookies van derde partijen, bedoeld om je over diverse sites heen te volgen. 

Wat er gebeurt, is dat zo’n partij een stukje code, via een advertentie of een onzichtbaar plaatje, op de bezochte site plaatst om een cookie op je toestel te kunnen bewaren. De cookie kan dan worden ingelezen wanneer je een andere site bezoekt waarop die partij ook zo’n tracker heeft achtergelaten. Advertentienetwerken zoals die van Google hebben trackers op miljoenen sites.

Steeds meer browser blokkeren standaard cookies van derde partijen, zoals Firefox, Safari en Brave. We nemen Firefox even als voorbeeld. Tik about:preferences#privacy in op de adresbalk voor de module Privacy & Beveiliging. Je zult merken dat de Standaard-instelling onder meer Sociale-mediatrackers, Fingerprinters (zie verder bij ‘Fingerprinting’), Cross-site-trackingcookies en Cross-site-cookies in privévensters blokkeert. 

Wil je zelf bepalen welke trackers je met deze ETP-functie (Enhanced Tracking Protection) blokkeert, kies dan Streng of eventueel Aangepast. In de ‘strenge modus’ wordt ook de TCP-functie actief (Total Cookie Protection). Die hoort nog meer tracering door derde partijen te voorkomen, maar kan ook bepaalde functionaliteiten belemmeren.

Web storage

Er zijn helaas nog heel wat andere traceringstechnieken dan tracking cookies. Surf bij wijze van experiment maar eens met Firefox of Chrome naar YouTube waarna je op F12 drukt. Ga in Firefox naar Opslag of naar Application in Chrome en open hier (de tijdelijke) Sessieopslag en (de persistente) Lokale opslag. Dit toont aan dat browsers ook allerlei informatie kunnen bewaren buiten cookies om: de zogenoemde HTML5 web storage of DOM-storage (Document Object Model). Die kan trouwens veel meer data bevatten dan een gewoon cookie (zo’n 10 MB versus 4 kB). 

Om deze opslag leeg te maken klik je met rechts op de url en kies je Alles verwijderen (in Chrome selecteer je hier Clear). Lokale opslag verwijderen, kan trouwens ook op een meer ‘klassieke’ manier, ongeveer zoals je ook cookies weghaalt. We nemen Chrome als voorbeeld. Tik chrome://settings.siteData in en tik een domeinnaam in bij Cookies zoeken

Klik op een domeinnaam met lokale opslag en klik hierop. Kies Alles verwijderen om de inhoud leeg te maken. Alle lokale opslag in één keer weghalen kan ook. Druk op Ctrl+Shift+Delete, zet een vinkje bij Cookies en andere sitegegevens, stel Periode in op Alles en klik op Gegevens wissen (let wel, ook cookies verdwijnen hierdoor).

©PXimport

Fingerprinting

Lokale opslag via cookies of DOM-storage is niet eens noodzakelijk om je (browser) online te kunnen identificeren. Webservers kunnen als het ware een vingerafdruk van je browser en, via JavaScript, van je systeem nemen op grond van talrijke eigenschappen die je browser doorgeeft en die samen een uniek en dus traceerbaar datapatroon vormen. 

Om er maar enkele te noemen: user agent, geïnstalleerde plug-ins en fonts, standaardtaal, tijdzone, besturingssysteem enzovoort. Om een idee te krijgen van de vingerafdruk van je eigen browser(s) kun je bijvoorbeeld surfen naar coveryourtracks.eff.org

Steeds meer browsers trachten hiertegen bescherming te bieden. Zo hebben we het al even gehad over de module Privacy & Beveiliging van Firefox, maar Brave gaat nog een stapje verder en tracht de vingerafdruk er telkens anders uit te laten zien, zodat die niet zomaar herkend wordt. Tor Browser pakt het dan weer helemaal anders aan: die probeert de browser er bij alle gebruikers zo identiek mogelijk uit te laten zien.

Een aanverwante techniek is canvas fingerprinting, waarbij via HTML5 de browser de instructie krijgt een onzichtbare tekening te maken. Minuscule verschillen bij het uitvoeren van deze taak kunnen volstaan voor een unieke vingerafdruk. Test het zelf even uit op browserleaks.com/canvas.

Browsercache

We hebben het al over DOM-storage gehad, maar er zijn ook technieken waarbij op een sluwe manier allerlei andere browsercaches worden ingezet. Het is bijvoorbeeld mogelijk dat een webserver een ID codeert in een afbeelding die bij het laden door de browser wordt gecachet. Het gevolg is dat ook andere webservers deze ID kunnen inlezen wanneer die hetzelfde plaatje hebben ingebed. 

Naast caches voor afbeeldingen zijn er onder meer ook caches voor stylesheets, fonts enzovoort en die kunnen in principe zonder meer worden uitgelezen.

Onlangs hebben onderzoekers van de universiteit van Chicago ontdekt dat ook favicons op een vergelijkbare manier als traceermiddel kunnen worden ingezet, zeker in combinatie met fingerprinting. Favicons belanden op een andere locatie dan de cookies, surfgeschiedenis of sitegegevens en verdwijnen dus niet als je cookies of je geschiedenis wist. Het is nu heel goed mogelijk dat een website diverse favicons van subdomeinen opslaat in een specifieke en dus identificeerbare combinatie.

In Chrome bijvoorbeeld belanden favicons in een (SQLite-)database met de naam favicons, standaard in %localappdata%\Google\Chrome\User Data\<profielnaam>. Je kunt die gericht inlezen met bijvoorbeeld DB Browser for SQLite, via een SQL-instructie als:

select f.url, b.* from favicons f inner join favicon_bitmaps b on f.id = b.icon_id where f.url like '%<beoogde_domeinnaam>%'</beoogde_domeinnaam>

©PXimport

Cache partitionering

Om het zomaar delen van cache-informatie tegen te gaan is Firefox voorzien van FPI-functie (First Party Isolation), overigens geïnspireerd door Tor. Die houden in dat cookies, maar ook andere surfdata uit browsercaches, in principe alleen nog benaderbaar zijn vanuit hetzelfde domein, wat site-overstijgende tracering (cross-site tracking) moet bemoeilijken. Om deze functie in te stellen tik je about:config en vervolgens firstparty in. Dubbelklik op privacy.firstparty.isolate en zet de waarde op true.

Een vorm van cache partitioning dus, ook wel network partitioning genoemd. Safari biedt al langer ondersteuning aan voor zo’n functie en ook Chrome (versie 86 en hoger) heeft een vergelijkbare functionaliteit ingebouwd.

Een nadeel van deze vorm van bescherming is wel dat data per TLD (top level domain) opnieuw moeten worden gedownload, wat een nadelige impact kan hebben op sommige prestaties, zoals die van Google Fonts.

©PXimport

CNAME cloaking

In 2019 werd ontdekt dat een Franse krant een sluwe manier had toegepast om anti-traceringstechnieken te ontlopen: CNAME cloaking. Dat vergt enige toelichting.

Voor een browser zijn bijvoorbeeld www.website.nl en blog.website.nl (afkomstig van) dezelfde site of partij. Wanneer nu vanuit een pagina op www.website.nl inhoud wordt opgehaald uit blog.website.nl, dan komen alle cookies en aanverwante data ook beschikbaar voor deze tweede site. Deze kan ook cookies plaatsen die door de browser dan eveneens als eerste-partij cookies worden beschouwd en dus normaliter niet worden geblokkeerd. 

Door nu sluw gebruik te maken van CNAME-records (canonical name) kan de ene domeinnaam binnen het DNS-systeem naar een andere ‘gemapt’ worden en langs deze weg kan een tracker in de eerste-partij context van een bezochte website worden geïnjecteerd.

Verschillende browsers hebben inmiddels verdedigingstechnieken ontwikkeld, zoals Safari (versie 14 en hoger) met ITP (Intelligent Tracking Prevention). Die laat bijvoorbeeld cookies die via CNAME cloaking zijn gezet automatisch na zeven dagen verlopen. 

Ook Brave 1.17 en hoger (met Brave Shields) en de adblocker uBlock Origin vanaf versie 1.25.0 zouden CNAME-cloaking detecteren en blokkeren, met behulp van de browser.dns-API van Mozilla. Op github.com/AdguardTeam/cname-trackers kun je terecht voor een geactualiseerde lijst van trackers die zich van CNAME-cloaking bedienen (circa 13.000 begin juni), voor gebruik in adblockers.

©PXimport

FLoC 

We hebben het in dit artikel al gehad over tracking cookies, maar als het aan Google ligt, worden zulke technieken in de loop van 2022 verleden tijd. Het bedrijf is namelijk volop aan het experimenteren met een alternatieve techniek: FLoC (Federated Learning of Cohorts). Wat houdt die precies in en in hoeverre biedt die de gebruiker meer garantie op privacy?

FLoC draait lokaal in je (Chrome-)browser, als onderdeel van Googles Privacy Sandbox-project, en gebruikt je surfgeschiedenis van de laatste week om je, met behulp van AI (federated learning) en op basis van een zogenoemde SimHash in te delen in een cohort, een categorie of groep van ‘gelijkgezinden’ (lees: gebruikers met dezelfde interesses). Elke groep krijg een FLoC-ID en dit label is in principe zichtbaar voor iedere bezochte website. Adverteerders krijgen dus niet langer een geïndividualiseerd maar gegroepeerd en dus min of meer geanonimiseerd interesseprofiel te zien.

Om te weten of je browser momenteel FLoC ondersteunt, hoef je maar te surfen naar amifloced.org. Begin juni zouden wereldwijd nog maar 0,5 procent van alle Chrome-installaties van deze functie zijn voorzien, maar de kans is groot dat Google zijn experimenten snel flink gaat uitbreiden.

©PXimport

Adverteerders lopen niet bepaald warm voor het FLoC-idee. Niet alleen maakt deze techniek het lastiger om heel gerichte advertenties te tonen – want geen geïndividualiseerde profielen meer – het geeft alweer de ontwikkelaars van browsers meer macht. Dit speelt dus vooral marktleiders als Google en Apple in de kaart.

Het is de vraag of de privacy van gebruikers hier echt mee gebaat is. Alweer een browserfunctie betekent namelijk per definitie een nieuw attribuut dat bij fingerprinting kan worden ingezet. De kans lijkt ons klein dat Google de gebruiker inzage zal geven in de gevormde cohorts of dat de gebruiker een cohort zal kunnen verwijderen als hij zich daarin niet herkent. 

Komt daarbij dat FloC-cohorts weliswaar niet als ‘identifiers’ kunnen fungeren, maar advertentiebedrijven weten de informatie uit zo’n cohort ongetwijfeld wel te linken aan data die ze via andere manieren binnenkrijgen, zoals fingerprinting. 

Er komt ook weerstand van andere browsers. Zo hebben Vivaldi en Brave al eerder meegedeeld dat ze FLoC niet zullen implementeren en hebben inmiddels ook Mozilla (Firefox) en Microsoft (Edge) hun veto uitgesproken. DuckDuckGo heeft bovendien de extensie Privacy Essentials geüpdatet, zodat je er FloC mee kunt blokkeren in Chrome.

Chrome’s FLoC krijgt dus heel wat kritiek: van andere browserontwikkelaars, van adverteerders en van diverse privacy-voorvechters. Wordt vervolgd.

▼ Volgende artikel
Onthulling Steam Machine-prijs en -releasedatum uitgesteld vanwege geheugentekort
Huis

Onthulling Steam Machine-prijs en -releasedatum uitgesteld vanwege geheugentekort

Valve heeft laten weten dat het eigenlijk al de bedoeling was dat we de prijs en releasedatum van de vorig jaar aangekondigde Steam Machine zouden weten. De bekendmaking van deze details is echter uitgesteld door het aanhoudende tekort van geheugen en opslag.

Dat liet het bedrijf weten in een blogpost. Daarin praat het bedrijf niet alleen over de Steam Machine - het aankomende apparaat van Valve waarmee pc-games op televisie gespeeld kunnen worden - maar ook de nieuwe Steam Controller en vr-headset Steam Frame.

"Toen we deze producten in november aankondigden, gingen we ervan uit dat we de specifieke prijzen en lanceringsdata nu wel al hadden kunnen delen", zo stelt Valve. "Maar de tekorten op het gebied van geheugen- en opslagcomponenten waar onze hele bedrijfstak mee kampt, zijn sindsdien behoorlijk toegenomen.  De beperkte beschikbaarheid en oplopende prijzen van deze cruciale onderdelen hebben ons ertoe gedwongen om onze plannen voor vraagprijs en levering bij te stellen (vooral voor de Steam Machine en Steam Frame)."

Valve laat weten dat het nog altijd de bedoeling is dat alle drie de producten ergens in de eerste helft van dit jaar verschijnen. "Er moet echter nog wel wat werk worden verzet voordat we de definitieve prijzen en lanceringsdata kunnen vastleggen, zeker gezien het feit dat de factoren die hierop van invloed zijn heel snel kunnen veranderen. We houden jullie zoveel mogelijk op de hoogte terwijl we proberen die plannen zo snel mogelijk rond te krijgen."

Stijgende RAM-prijzen

De aanhoudende tekorten en alsmaar stijgende prijzen voor geheugen zijn dus de oorzaak van het feit dat we de prijs en releasedatum van de Steam Machine nog niet weten. Prijzen van RAM (Random Access Memory) stijgen alsmaar doordat er massaal RAM nodig is om het alsmaar populairder wordende AI werkende te houden, en daardoor zijn er ook steeds minder componenten beschikbaar om de RAM te produceren. Onlangs gingen er al geruchten dat dit ook voor intern uitstel van de PlayStation 6 kan leiden.

Over de Steam Machine

De Steam Machine is een kubusvormig apparaat dat Steam-games af kan spelen. Het apparaat kan op televisie of een monitor aangesloten worden. In de Steam Machine zit een 'semi-custom' AMD-videokaart. In combinatie met FSR-upscalingtechniek is het in principe mogelijk om games in een resolutie van 4k en met zestig frames per seconde te spelen, zo wordt ook in de nieuwe blogpost benadrukt.

SteamOS dient als besturingssysteem, al wordt dit wel aangepast om het op een groter scherm bruikbaar te maken. Er zullen twee varianten van de Steam Machine beschikbaar komen: één met 2 TB aan opslag en één met 512 GB aan opslag. Tot slot kan ook de voorkant van de Steam Machine verwisseld worden om het apparaat een ander uiterlijk te geven.

View post on X
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Bouw in een handomdraai je eigen website: aan de slag met Google Sites
© ER | ID.nl
Huis

Bouw in een handomdraai je eigen website: aan de slag met Google Sites

Wil je snel een moderne website zonder ingewikkelde code en geavanceerde CMS-instellingen? Google Sites is verrassend veelzijdig! Je bedenkt een geschikte titel, voegt pagina’s toe en publiceert tot slot de volledige website met één klik. Lees hoe je binnen enkele uren een volwaardige website bouwt en vervolgens beheert.

We laten in dit artikel stapsgewijs zien hoe Google Sites werkt. Na afloop heb je voor jouw hobbyproject, vereniging of eetclubje een mooie website gebouwd. Technische kennis is niet nodig en ook heb je geen krachtige hardware nodig.

Site openen

Voor Google Sites is een Google-account vereist. Heb je dat nog niet, dan kun je jezelf gratis registreren. Ga in dat geval met een willekeurige browser naar www.kwikr.nl/gglac en doorloop via Account maken het aanmeldproces.

Je start eenvoudig met een nieuwe website. Ga naar https://sites.google.com en log zo nodig in met jouw Google-account. Er zijn diverse sjablonen beschikbaar. Daarmee kun je bijvoorbeeld vlot een portfolio, helppagina of fotogalerij optuigen. Wie zijn of haar website liever zelf wil vormgeven, begint het beste vanaf nul. Klik op Lege site om het ontwerpvenster te openen.

Misschien heb je al een onderwerp voor jouw website bedacht. Klik linksboven op Geef de naam van de site op en typ een relevante naam. Bedenk ook alvast een paginatitel. Zo krijgt de beginpagina van je website alvast wat smoel.

Begin je met een sjabloon of een lege site?

Korte rondleiding

Voordat je daadwerkelijk begint met 'bouwen' is het nuttig om even de indeling van Google Sites te verkennen. Rechts zie je drie vaste tabbladen voor het creëren van je site. Gebruik het onderdeel Invoegen om allerlei contentblokken op de pagina te plaatsen, zoals tekstvakken, afbeeldingen en knoppen. Met het onderdeel Pagina’s bepaal je de structuur van de website, terwijl je met Thema’s het uiterlijk aanpast.

Tijdens het ontwerpen wil je tussentijds wellicht zien hoe de website er aan de voorkant uitziet. Klik dan rechtsboven in de knoppenbalk op Voorbeeld (pictogram met laptop en smartphone). Gebruik de opties rechtsonder en zie hoe de pagina schaalt op een smartphone, tablet en desktop. Je klikt linksboven op het pijltje om weer terug te keren naar het ontwerpvenster.

Een pluspunt is dat Google Sites automatisch het concept opslaat. Behalve jijzelf ziet niemand de inhoud van de website. Pas wanneer je klaar bent om live te gaan, kun je de boel publiceren.

Gebruik de onderdelen Invoegen, Pagina’s en Thema’s om de website in te richten.

Openingsbeeld

Met het toevoegen van een openingsbeeld en een logo krijgt je website wat meer persoonlijkheid. Zweef met de muisaanwijzer boven het blok met de paginatitel en klik op Afbeelding / Uploaden. Selecteer nu een foto op je pc of laptop en kies Openen. Het gekozen beeld verschijnt direct op je website. In plaats van een lokaal opgeslagen afbeelding kun je ook beeld van een online bron selecteren, zoals Google Afbeeldingen, Foto’s of Drive. Klik in dat geval op Afbeelding / Selecteren.

Elke serieuze website heeft een eigen logo. Dat voeg je makkelijk toe. Zweef met de cursor linksboven de naam van de website en kies Logo toevoegen. Klik onder Logo op Uploaden en selecteer de gewenste afbeelding op je computer. Bevestig met Openen. Je voegt eventueel een alternatieve tekst aan het logo toe. Op die manier weten mensen met een visuele beperking wat het logo inhoudt.

Je kunt in hetzelfde menu ook een zogeheten favicon toevoegen. Dit kleine pictogram verschijnt in het tabblad van de browser. Nuttig voor de herkenbaarheid van jouw website. Klik rechtsboven op het kruisje om de instellingen te sluiten.

Plaats met enkele muisklikken een logo op de website.

Titel en broodtekst

Wie weet wil je jouw website vullen met interessante artikelen en mooie foto’s. We beginnen met het toevoegen van tekst. Ga in het rechterdeelvenster naar Invoegen en kies Tekstvak. Klik achter Normale tekst op het kleine pijltje en kies Titel, Kop of Subkop. Je typt vervolgens de tekst. Gebruik de opties in de werkbalk om onder andere het lettertype en de grootte te wijzigen. Verder verander je eventueel de kleur en voeg je desgewenst een emoticon toe.

Klik achter de zojuist getypte titel en druk op Enter. Je kunt nu naar hartenlust een artikel tikken. Maak belangrijke woorden bijvoorbeeld vet of onderstreep een opvallende zin. Daarnaast voeg je ook makkelijk een opsomming met nummers of opsommingstekens toe. Je maakt de openingspagina op die manier aantrekkelijk voor jouw toekomstige bezoekers.

Boven het tekstvak verschijnt een werkbalk met uiteenlopende opmaakfuncties.

Foto’s toevoegen

Een website met voornamelijk tekst is natuurlijk saai. Voeg daarom ook leuke foto’s toe. Ga naar Invoegen en klik daarna op Afbeeldingen / Uploaden. Je bladert op de computer naar de fotomap. Selecteer één of meer afbeeldingen en bevestig met Openen. Het beeld verschijnt meteen op de website. Je sleept de foto met ingedrukte muisknop eenvoudig naar de beoogde plek. Plaats op die manier bijvoorbeeld drie kiekjes naast elkaar.

Bepaal zelf of je een kleine of grote foto op de website wilt publiceren. Klik eerst op een afbeelding om deze te selecteren. Je past het formaat simpel aan. Doe dat door de blauwe bolletjes te slepen. Als je slechts een gedeelte van de afbeelding wilt gebruiken, maak je een uitsnede. Klik in de werkbalk boven het geselecteerde beeld op het pictogram Afbeelding bijsnijden. Alles wat binnen het fotokader valt, is op de website te zien. Gebruik zo nodig de schuifregelaar om in te zoomen. Sluit de bewerking via het vinkje.

Je kunt ook nog een bijschrift onder de afbeelding plaatsen. Selecteer een foto en klik in de werkbalk op het pictogram met de drie puntjes. Via Bijschrift toevoegen verschijnt er onder de afbeelding een tekstkader. Typ nu een relevante zin.

Google Sites ondersteunt alle gangbare fotoformaten.

Diavoorstelling

Wil je een heleboel foto’s laten zien? Wanneer je tientallen kiekjes aan een pagina toevoegt, wordt het al gauw een rommeltje. Google Sites bevat hiervoor een slimme oplossing. Creëer met een zogeheten afbeeldingscarrousel een soort diavoorstelling van jouw favoriete foto’s.

Ga in het rechterdeelvenster naar het onderdeel Invoegen en scrol zo nodig een stukje omlaag. Kies Afbeeldingscarrousel en klik op Afbeelding toevoegen. Wijs nu via het plusteken en Afbeelding uploaden twee of meer foto’s aan. Zodra je op Openen klikt, verschijnen ze in het overzicht. Wijzig desgewenst de volgorde door een kiekje met ingedrukte muisknop te verplaatsen.

Je kunt nog wat opties van de diavoorstelling wijzigen. Klik rechtsboven op het pictogram van het tandwiel om de instellingen te openen. Beslis of je de diavoorstelling automatisch wilt starten. Je kunt hierbij de snelheid van de presentatie aanpassen. Kies tussen Snel, Medium, Traag en Erg traag. Geef ook aan in hoeverre je bijschriften wilt weergeven. In dat geval voeg je bij elk beeld een tekst toe. Zweef hiervoor boven de foto en klik op de spraakballon. Je kiest nu Bijschrift toevoegen, waarna je de tekst typt. Via Invoegen verschijnt de afbeeldingscarrousel op de webpagina.

Publiceer fraaie afbeeldingen in een diavoorstelling op jouw website.

Contentblok

In de voorgaande tips heb je artikelen en beelden als afzonderlijke blokken aan de website toegevoegd. Het is natuurlijk mooier wanneer tekst en beeld vloeiender in elkaar overlopen. Dat regel je met zogenoemde contentblokken.

Navigeer in het rechterdeelvenster naar het onderdeel Invoegen. Merk op dat er zes verschillende contentblokken beschikbaar zijn. Kies bijvoorbeeld voor een afbeelding met aan de rechterkant een alinea. Hierbij staan tekst en beeld dus naast elkaar. Je kunt als alternatief ook drie plaatjes tonen met daaronder evenzoveel bijpassende teksten. In dat geval kies je voor een lay-out met drie kolommen.

Heb je een geschikt contentblok op het oog? Sleep dat dan met ingedrukte muisknop naar jouw website. De inhoud is nog leeg. Het staat je vrij om een verse foto te selecteren en nieuwe tekst te typen. Bovendien kun je ook een bestaand tekst- en beeldblok naar het contentblok slepen.

Met contentblokken krijgt de webpagina een heel andere indeling.

Overige tekstopties

Google Sites heeft nog meer bruikbare tekstopties in huis. Wil je bijvoorbeeld veel informatie compact presenteren, kies dan bij het onderdeel Invoegen voor Samenvouwbare groep. Typ hierbij eerst een korte kopregel en tik een uitgebreidere uitleg in het hoofdtekstvak. Dit is het gedeelte dat kan ‘uitklappen’.

Voor lange pagina’s is een automatisch gegenereerde inhoudsopgave een goede toevoeging. Als je op Inhoudsopgave klikt, verschijnen alle koppen van de bewuste pagina onder elkaar. Klikt de bezoeker op een kop, dan navigeert diegene direct naar de bijbehorende tekst. Wanneer je op een later moment een kop verandert, wijzigt de inhoudsopgave vanzelf mee.

Met een inhoudsopgave krijgt de webpagina meer structuur.

YouTube-video

Op YouTube is er over bijna ieder onderwerp wel een filmpje te vinden. Je kunt zo’n video desgewenst op je website publiceren. Dit noem je ook wel het embedden van een video. Overigens hoeft deze content niet per se van jezelf te zijn. Je kunt namelijk elk YouTube-filmpje aan jouw website toevoegen.

Ga naar het onderdeel Invoegen en kies YouTube. Mogelijk dien je hiervoor wel een eindje omlaag te scrollen. Je zoekt vanuit Google Sites rechtstreeks op YouTube. Typ één of meerdere trefwoorden en probeer interessant videomateriaal te vinden. Overigens plak je net zo makkelijk een link van een YouTube-video in het invoerveld. Klik op een geschikte video en bevestig rechtsonder met Invoegen.

Het filmpje verschijnt op de webpagina. Aan jou de taak om een geschikte plek te kiezen. Je kunt het videokader naar eigen inzicht verslepen. Pas verder ook de afmetingen van het filmpje aan. Dat werkt op soortgelijke wijze als je eerder met foto’s hebt gedaan. Versleep dus de blauwe bolletjes.

Zoek rechtstreeks in de enorme catalogus van YouTube naar interessante video’s.

Plattegrond

Soms is het nuttig om een plattegrond op de website te plaatsen. Wellicht wil je bijvoorbeeld een routebeschrijving naar een specifiek adres toevoegen. Dankzij een verhelderend kaartje weet de bezoeker precies waar hij of zij terechtkan.

Klik in het onderdeel Invoegen op Kaart. Er komt een nieuw Google Maps-venster tevoorschijn. Zoek naar de locatie waarvan je een plattegrond wilt toevoegen. Je kunt bijvoorbeeld op de naam van een bedrijf of straat zoeken. Google Maps plaatst een rood markeringsteken op het kaartje, maar dat kun je naar eigen inzicht verplaatsen. Tevreden? Publiceer deze plattegrond dan met Selecteren op de webpagina.

Kies welke plattegrond van Google Maps je wilt toevoegen.

Extra webpagina’s

Tot dusver hebben we alleen de beginpagina onder handen genomen. Een website bestaat meestal uit meerdere webpagina’s. Die kun je makkelijk toevoegen. Open in het rechterdeelvenster het onderdeel Pagina’s. Je ziet hier als het goed is de homepage al staan. Zweef met de muisaanwijzer boven het plusteken en kies Nieuwe pagina. Bedenk een relevante naam, waarna je via Klaar deze pagina daadwerkelijk aan de website toevoegt.

Er verschijnt nu een leeg ontwerpvenster. Alleen diverse vaste elementen zijn van de beginpagina overgenomen, zoals de websitetitel, het openingsbeeld en het logo. De paginatitel is al voor je ingevuld, maar die kun je eenvoudig wijzigen. Merk op dat er rechtsboven een menu zichtbaar is. Bezoekers kunnen zo tussen verschillende pagina’s van jouw website navigeren. Vul iedere nieuwe pagina onder meer met tekst-, beeld- en contentblokken zoals je in eerdere tips hebt geleerd.

Voeg aan de website zoveel pagina’s toe als je maar wilt.

Submenu’s

Als je flink wat webpagina’s hebt toegevoegd, wordt het al gauw onoverzichtelijk. Je lost dit euvel op door submenu’s te gebruiken. Klik achter de naam van een pagina op het pictogram met de drie puntjes en kies Subpagina toevoegen. Je geeft deze pagina een naam en bevestigt met Klaar. Merk op dat de subpagina onder de hoofdpagina wordt weergegeven. Bovendien verschijnt er in het navigatiemenu van jouw website nu een pijltje met onderliggende pagina’s. Zorg zo voor een logische navigatiestructuur.

Als je een uitgebreide website maakt, ligt het gebruik van subpagina’s voor de hand.

Thema wijzigen

Met een thema wijzig je in één keer de opmaak van jouw website, zoals het lettertype en de kleuren. Google Sites heeft van zichzelf enkele standaardthema’s in huis. Klik in het rechterdeelvenster op het onderdeel Thema’s en kies onder Gemaakt door Google een van de suggesties. Het uiterlijk wijzigt meteen. Bij ieder thema kun je een kleurtje en letterstijl kiezen.

Je kunt ook zelf een nieuw thema creëren. Daarmee heb je meer invloed op de vormgeving van jouw website. Klik in de rechterbalk onder Custom op het plusteken. Geef het nieuwe thema een naam. Je kunt eventueel een logo en bannerafbeelding (openingsbeeld) toevoegen. Wanneer je dat in een eerdere tip al hebt gedaan, laat je deze opties leeg. Klik op Volgende. Je selecteert een mooi kleurenpalet en klikt wederom op Volgende. Kies nu voor de titels en hoofdtekst een prettig lettertype. Sluit via Thema maken het venster.

De naam van je nieuwe thema verschijnt in het rechterdeelvenster. Je kunt nu allerlei details aanpassen. Klik maar eens op Kleuren en verander de vormgeving van de achtergrond, titels en hoofdtekst. In de overige opties wijzig je onder andere de regelafstand, sitebreedte en positie van het navigatiemenu. Er is zéér veel mogelijk!

Geef jouw website met een (standaard)thema een andere huisstijl.

Publiceren

Ben je helemaal tevreden over jouw website? Hoog tijd om het openbaar te maken! Klik rechtsboven op de blauwe knop Publiceren. Het (gratis) domein begint altijd met https://sites.google.com/view/. Het einde van deze url kun je zelf verzinnen. In ons voorbeeld is de volledige link https://sites.google.com/view/curacao-tips.

Is de websitenaam al bezet, dan geeft Google Sites dat netjes aan. Bedenk in dat geval iets anders. Overigens zijn er ook mogelijkheden om een eigen domeinnaam te koppelen, maar daar zijn kosten aan verbonden. Je dient de beoogde url dan eerst bij een geschikte domeinprovider te kopen. Klik tot slot op Publiceren. Bezoekers kunnen nu je gepubliceerde website bewonderen.

Bepaal onder welk webadres je de website wilt publiceren.