ID.nl logo
Knutselen met Paint 3D in Windows 10
© Reshift Digital
Huis

Knutselen met Paint 3D in Windows 10

Over Paint wordt altijd een beetje neerbuigend gesproken, maar het laagdrempelige karakter van het tekenprogramma spreekt nog altijd veel mensen aan. Al sinds 1985 is het een gratis onderdeel van Windows en door de jaren heen is er weinig aan veranderd. Met de komst van de Makers Update voor Windows 10 komt daar verandering in. Microsoft introduceert Paint 3D, waarmee het zelf in elkaar knutselen en printen van 3D-modellen voor iedereen behapbaar moet worden. We nemen een kijkje.

Je kunt het zo gek niet bedenken of het komt tegenwoordig uit een 3D-printer rollen. Het begon het nog bij toepassingen zoals een driedimensionaal figuurtje van jezelf, maar inmiddels willen architecten zo hele gebouwen tevoorschijn toveren en worden orgaandonoren in de toekomst wellicht overbodig. Want die organen, die printen we ook zelf. 3D-modellen worden eerst gebouwd in software zoals AutoCAD of Blender, professionele programma’s die je niet zomaar even onder de knie hebt. De mogelijkheden van Paint 3D zijn een stuk beperkter, maar daardoor ook toegankelijker en juist geschikt om de eerste stappen op dit gebied te zetten. Plus, het is nog altijd gratis. Daardoor kan iedereen die ook maar een beetje interesse in 3D heeft, er gewoon mee aan de slag.

01 Installeer de Creators Update

Om Paint 3D te kunnen gebruiken, heb je de Creators Update, ook wel Makers Update, van Windows 10 nodig. Die voegt het programma namelijk standaard toe aan het besturingssysteem. De update is door Microsoft begin april uitgerold. Handmatig updaten kan ook met de hulp van de Windows 10-upgradeassistent. Ben je eenmaal up-to-date, dan vind je Paint 3D gewoon in het startmenu terug.

©PXimport

Drie decennia Paint

Paint is al zo oud als Windows zelf. De eerste versie maakte in 1985 zijn opwachting in Windows 1.0. Windows 3.0 introduceert in 1987 een verbeterde versie in kleur en een interface die door de jaren heen nauwelijks zou veranderen. Het grote publiek ontdekt Paint in Windows 95 en Microsoft voegt mondjesmaat nieuwe functies toe. Zo kan de software met telkens meer bestandsextensies overweg – als jpeg opslaan (in plaats van bmp) kan bijvoorbeeld pas sinds Windows 98. En meer dan drie acties ongedaan maken is pas een optie sinds Windows Vista. Met de komst van Windows 7 in 2009 krijgt Paint een belangrijke make-over, de software krijgt een nieuwe interface. Zo zijn alle belangrijke gereedschappen verplaatst van de linkerkant van het scherm naar de bovenkant. Ook zijn er veel meer soorten verfkwasten te selecteren. Deze variant van Paint zou tot en met Windows 10 meegaan, tot de introductie van Paint 3D.

©PXimport

02 Paint 2D

Laten we eerst even kijken naar wat er nog hetzelfde is gebleven. Je kunt in Paint 3D namelijk nog steeds in 2D werken. De indeling van de software is wel op de schop gegaan. Zo vind je de bekende gereedschappen niet meer boven in beeld, maar juist in het menu aan de rechterzijde. Hier selecteer je het vertrouwde tekengerei zoals de verfkwast, het potlood, de gum en ook de opvulemmer. In hetzelfde menu bepaal je onder meer de dikte en de kleur van de lijn. Op de plaatsing van de menu’s na werkt Paint tot dusver als vanouds.

©PXimport

03 3D-modellen plaatsen

Nu is het hoog tijd om de nieuwe 3D-opties te ontdekken. Boven in beeld zijn nieuwe icoontjes te vinden, waarbij de driedimensionale objecten achter het symbool van een kubus zitten verscholen. Klik je daarop, dan opent zich aan de rechterkant een menu met tools … maar pennen en potloden maken plaats voor vormen zoals cirkels, driehoeken en ovalen. Ook kant-en-klare modellen van mensen en dieren zijn er te selecteren. Zodra je een object hebt uitgekozen, kun je ook nog de kleur ervan uitkiezen. Plaats vervolgens het 3D-model in je project door op het witte vlak te klikken, de muisknop ingedrukt te houden en de muis te verslepen om de grootte te bepalen. Laat dan de muisknop los. Na het plaatsen van een object zie je rondom vier knoppen verschijnen. Daarmee laat je het 3D-figuur draaien en kantelen, of breng je het juist meer naar de voor- of achtergrond. Op die manier kun je ook het ene object voor het andere plaatsen, zodra je er meer aanmaakt. Rechtsonder in beeld zie je een schuifbalkje staan. Daarmee zoom je in en uit. Klik daarnaast op het icoontje van een oog om de 3D-weergave in te schakelen. Nu zie je daadwerkelijk de diepte die je hebt gecreëerd. Bewerken kan in deze modus niet. Om verder te werken, klik je op het icoontje van de kwast.

©PXimport

04 3D-objecten bewerken

Het blijft uiteraard niet bij simpelweg wat objecten plaatsen, je kunt ze ook helemaal personaliseren. Het leuke is dat de oude vertrouwde 2D-kwasten gewoon werken op 3D-vormen. Stel, je wilt een gezichtje tekenen, dan plaats je eerst een ronde cirkel. Vervolgens teken je daar met de kwast twee ogen en een mondje op. Je tekent dan letterlijk op de 3D-cirkel. Zodra je deze cirkel ronddraait, draait het nieuw getekende gezichtje ook daadwerkelijk mee. Overigens werkt de opvulemmer ook op 3D-modellen.

©PXimport

05 Stickers plakken

Ben je zelf niet zo goed in tekenen, dan kan de nieuwe sticker-functie je helpen. Je gaat met stickers aan de slag door bovenin op het rondje te klikken: de derde knop van rechts. Hier vind je overigens ook bekende opties terug als het plaatsen van een cirkel, een rechthoek of een pijl. Dit zijn standaard 2D-vormen die je eventueel op een 3D-model kunt plakken. Klik in het zij-menu bovenin op de smiley om nog veel meer stickers te vinden. Denk aan grappige zonnebrillen, snorren, kattenogen en noem zo maar op.

Net zoals pennenstreken zijn deze op driedimensionale objecten te plakken, waarbij ze zich op natuurlijke wijze naar dat object vormen. Hetzelfde geldt voor de patroon-stickers, die zich onder de knop ernaast bevinden. Ze zorgen ervoor dat een object een andere structuur krijgt. Zo maak je bijvoorbeeld van een ronde cirkel een marmeren knikker, of van een simpel vierkant een houten kubus. Je plaatst zo’n sticker door hem op de juiste plek te zetten en op de stempelknop te drukken. Je bent overigens niet gebonden aan de stickers die Microsoft heeft bedacht. Je kunt iedere afbeelding of foto van jezelf importeren als een sticker, wederom het in het menu aan de rechterkant. Klik helemaal rechts op de knop Aangepastestickers en druk op de plus om je eigen plaatjes te importeren.

©PXimport

06 Van 2D naar 3D

Paint 3D geeft je daarnaast verschillende mogelijkheden om je 2D-tekeningen om te zetten in een 3D-object. Tijdens het knutselen valt op meerdere momenten op dat er een knop 3D maken tevoorschijn komt, bijvoorbeeld zodra je een selectie van een 2D-tekening maakt. Daarmee transformeer je je creatie om naar een 3D-model. Ook is er een tool waarmee je 2D-vormen tekent, die daarna direct een 3D-vorm aannemen. Je vindt deze onderaan in het menu voor 3D-objecten, onder de naam 3D-schets.

07 3D-teksten plaatsen

Wil je je afbeeldingen opleuken met tekst? Ook dat kan nog steeds, nu met de optie om 3D-teksten te plaatsen. Bovenin vind je daarvoor de bekende T-knop voor tekst. Zodra je erop klikt, opent rechts een nieuw menu waar onder andere het lettertype, de tekstgrootte en de kleur van de letters te bepalen zijn. Bij het aanmaken van een 3D-tekst typ je eerst gewoon wat je wilt schrijven. Klik dan naast de tekst om nieuwe knoppen tevoorschijn te halen, waarmee je net als ieder ander 3D-object de plaatsing en de diepte van je woorden kunt bepalen.

©PXimport

Tijdmachine

We komen zo langzamerhand aan op een punt dat je waarschijnlijk wel wat foutjes ongedaan wilt maken. Werken op een driedimensionaal canvas vergt immers oefening en gewenning. Uiteraard werkt de toetscombinatie Ctrl+Z ook gewoon in Paint 3D, maar je hebt ook de beschikking over de Tijdmachine-functie. Rechtsboven vind je knoppen voor Ongedaan maken en Opnieuw, daartussenin zit de Tijdmachine. Door dit schuifbalkje heen en weer te slepen, kun je zo ver door je acties terug of vooruit spelen als je zelf wilt, om zo fouten te corrigeren.

©PXimport

08 Werk van anderen

Ondanks het laagdrempelige karakter, is het nog niet zo eenvoudig om fatsoenlijke 3D-creaties uit je mouw te schudden. Andere Paint 3D-gebruikers kunnen je dan op weg helpen via Remix 3D. Hier vind je namelijk ontwerpen die anderen hebben geüpload. Remix 3D is te benaderen vanuit Paint 3D zelf, via de knop met de drie poppetjes helemaal rechtsboven. Wanneer je Remix 3D de eerste keer gebruikt, zie je meteen al een hoop 3D-objecten van anderen. Gelukkig zijn ze opgedeeld in categorieën. Onder het thema ‘Slaapkamer’ vind je bijvoorbeeld voorgebouwde bedden, kastjes en lampen. Muziekinstrumenten, bomen en planten of exotische dieren, je kunt het zo gek niet verzinnen of iemand heeft het al bedacht. Log hier eerst in met een Microsoft-account. Klik daarna op het 3D-model dat je graag wilt gebruiken, en klik tot slot op de paarse place in project-knop. Overigens ben je niet afhankelijk van Remix 3D alleen. Paint 3D ondersteunt ook de bestandstypen .fbx, .3mf, .stl, en .obj, die handmatig te importeren zijn.

09 Opslaan, exporteren en publiceren

Ben je nog niet klaar met een project maar moet je er even tussenuit? Klik dan in het hamburgermenu op Opslaan als / Opslaan als project. Geef het beestje een naam en klik op 3D-project opslaan. Wanneer je de volgende keer aan je creatie verder wilt werken, kies je in het hamburgermenu voor Openen. Hier vind je meteen je Recenteprojecten terug. Is je project wél af, kies dan voor Opslaanals en Exporteren. Je kunt het bestand nu onder andere opslaan als jpeg, png of bmp, maar ook als 3mf-bestand. Dit laatste is een bestandsindeling die niet alleen door andere 3D-software gelezen kan worden, maar ook door 3D-printers. Heb je zelf geen 3D-printer, dan kun je zo’n bestand aanleveren bij printbedrijven die de 3D-afdruk voor je kunnen verzorgen. Tot slot kun je je werk exporteren naar Remix 3D, zodat anderen weer met jouw 3D-modellen aan de slag kunnen. Klik in het hamburgermenu op Publiceren naar Remix 3D. Geef een naam en een beschrijving op en voeg labels toe waarop je werk gevonden kan worden. Rest daarna enkel nog op Publiceren te klikken.

©PXimport

10 Afdrukken

Het leukste is natuurlijk als jouw 3D-project echt tot leven komt door het uit een 3D-printer te laten rollen. Dat kan in het hamburgermenu onder Afdrukken / 3D-afdruk. Heb je zelf een 3D-printer, dan wordt deze automatisch geselecteerd. Maar de kans is vrij groot dat je zelf nog geen 3D-printer in huis hebt staan. Je kunt dan een online bestelling plaatsen via de 3D-afdrukservice. Kies je hiervoor, dan wordt je model geüpload naar de Amerikaanse webshop. De prijs van de 3D-afdruk is onder andere afhankelijk van het materiaal dat je kiest en de schaal waarop het geprint moet worden. Houd daarnaast rekening met een levertijd van al gauw enkele weken. Heb je dus haast, dan kun je beter je 3mf-bestand aanbieden aan een Nederlandse winkel.

▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.