ID.nl logo
Gratis films monteren met DaVinci Resolve (deel 2)
© Reshift Digital
Huis

Gratis films monteren met DaVinci Resolve (deel 2)

Bewegend beeld wordt alsmaar belangrijker en je ziet het steeds vaker op social media verschijnen. Door een aantal opnamen aan elkaar te plakken en bij te snijden, maak je een kort en boeiend filmpje met daarin alleen het allerbeste en spannendste beeldmateriaal. Enkele leuke en professioneel ogende effecten mogen daar tegenwoordig niet in ontbreken. We gebruiken DaVinci Resolve 17(waarmee je gratis films monteren kunt) om leuke en professioneel ogende effecten aan een filmmontage toe te voegen en verbeteren tot slot de belichting en kleurweergave.

Deel 1 van dit tweeluik over DaVinci gemist? Hier vind je het eerste artikel terug. 

Tip 01: Edit-pagina

DaVinci Resolve 17 is een gratis montageprogramma waar je als vrijetijdsfilmer enorm veel aan hebt en dat je daarnaast professioneel kunt inzetten. Zodra het programma is gestart, begin je een nieuw videoproject. Klik met de rechtermuisknop in de Media Pool (linksboven) om een aantal mediabestanden in te laden en sleep die vervolgens naar de tijdlijn. Daar snijd je de filmpjes waar nodig bij, of knipt ze in stukjes.

Dat gaat razendsnel en gemakkelijk op de zogeheten Cut-pagina, het onderdeel waarin je begint. Hoe dit precies werkt, hebben wij in een eerder artikel uitgebreid beschreven. Monteren kan daarnaast ook op de Edit-pagina, met als voordeel dat je hier allerlei extra mogelijkheden hebt. En omdat je tijdens het monteren vrij heen en weer mag springen tussen Cut en Edit, profiteer je altijd van het beste van beide werelden.

De tijdlijn ziet er in elk onderdeel anders uit, maar je werkt wel degelijk aan één en dezelfde videomontage. Waar je bij Cut altijd twee weergaven van de tijdlijn ziet, namelijk een uitgezoomde en een ingezoomde versie, is dat er bij Edit maar eentje. Met zoomknoppen en een schuifregelaar bepaal je welk gedeelte van de tijdlijn je in beeld hebt: de volledige tijdlijn, een vast gedeelte of een uitvergroting naar keuze.

©PXimport

Dubbelbeeld

Nog een belangrijk verschil tussen de twee montageonderdelen, is dat je in Edit twee voorbeeldweergaven ziet, terwijl dat er bij Cut maar één is. Het linkervenster toont een filmpje uit de mediapool of een clip uit de tijdlijn waarop je dubbelklikt. In het rechtervenster bekijk je de tijdlijn en dus jouw filmmontage.  Per venster heb je een rijtje afspeelknoppen voor de bediening. Of je maakt één van beide weergaven actief met sneltoets Q of door erop te klikken, zodat je de JKL-sneltoetsen kunt gebruiken in dat specifieke venster (achteruit afspelen, stoppen, vooruit afspelen).

©PXimport

Tip 02: Retime Controls

Een prachtig effect dat je op de Edit-pagina kunt aanbrengen, is het versnellen of vertragen van een gedeelte van een filmclip. Slow motion is perfect om iets wat belangrijk of (te) snel voorbij is duidelijker in beeld te brengen. Terwijl je via fast motion een te lang of saai stukje versnelt zonder dat je het eruit hoeft te knippen. Het mooie is dat je de filmclip niet in losse stukjes hoeft te knippen. Klik in de tijdlijn met rechts op de clip en kies Retime controls, of klik erop om hem te selecteren en gebruik de sneltoets Ctrl+R.

Zoek vervolgens het punt op waar je een andere afspeelsnelheid nodig hebt. Zodra de afspeelkop (playhead) daar is geplaatst, klik je op het zwarte driehoekje achter de tekst 100% in het midden van de clip en kies je Add Speed Point.

Daarna zoek je het punt op waar je weer naar de gewone (of een andere) snelheid wilt overschakelen en voeg je nog een speedpoint toe. Klik vervolgens in het gedeelte waarvan je de snelheid wilt aanpassen op het zwarte driehoekje en kies bij Change Speed de gewenste vertraging of versnelling. Voeg je geen speedpoints toe? Dan verander je de snelheid van de volledige clip.

©PXimport

Tip 03: Selection en Trim Edit

Staan er andere filmclips achter de clip waarvan je de snelheid aanpast, dan gebeurt er iets opmerkelijks. Versnel je de clip, dan neemt de afspeelduur ervan af en daardoor ontstaat een gapend gat tussen deze en de volgende filmclip. Bij vertragen neemt de afspeelduur toe en daardoor overschrijf je het beginstuk van de clip erachter. Wil je dat niet, schakel dan voordat je de snelheid aanpast over van Selection Mode naar Trim Edit Mode. Die keuze maak je met de twee knopjes links in het rijtje boven de tijdlijn. 

Alleen in de Trim Edit Mode schuiven de clips erachter mee, zodra je een clip korter of langer maakt. Dat geldt meteen voor de meeste acties die je op de Edit-pagina uitvoert. Dus bijvoorbeeld ook zodra je een clip inkort of verlengt door de verticale balk aan de voorzijde of achterzijde ervan te verslepen. Let er dus goed op in welke modus je werkt voordat je een actie uitvoert.

©PXimport

Selection Mode overschrijft, terwijl Trim Edit Mode alles opschuift

-

Tip 04: Terugspoeleffect

Wil je een kort fragment twee keer laten zien, bijvoorbeeld omdat er iets vreemds, bijzonders of grappigs gebeurt? Dat kan perfect via een terugspoeleffect. Ook hier hoef je de clip niet voor in stukjes te hakken. Maak weer eerst de Retime Controls zichtbaar (zie tip 2) en markeer het fragment dat je wilt herhalen door twee speedpoints aan te brengen. Daarna klik je op het zwarte driehoekje in het gekozen fragment, klik je op Rewind en kies je een snelheid. 

Wat er nu gebeurt, is dat de clip eerst normaal afspeelt tot aan het einde van het ingestelde fragment. Dan wordt hij versneld of vertraagd teruggespoeld naar het beginpunt van het fragment, waarna de clip vanaf daar weer op de normale manier wordt vervolgd. Alleen het gekozen fragment wordt dus twee keer getoond, met ertussen een terugspoeleffect. En dat helemaal automatisch! Omdat de cliplengte toeneemt, doe je dit meestal in Trim Edit Mode.

©PXimport

Tip 05: Freeze frame

Nog een leuke truc die je vaak in films tegenkomt, is een freeze frame. Hierbij bevriest het videobeeld plotseling door één frame een tijdje als een soort foto in beeld te laten staan. Het beeld lijkt dus bevroren. Na een aantal seconden loopt de video gewoon weer door. Ook dit gebruik je om iets te benadrukken wat anders te snel uit beeld is verdwenen, of omdat je via zoiets als een voice-over wat uitleg wilt geven voordat het beeld verdergaat. 

Ook nu hoef je de clip niet te splitsen om er handmatig een los videoframe tussen te proppen. Zoek gewoon het gewenste punt op, maak de Retime Controls zichtbaar, klik op het zwarte driehoekje en kies Freeze Frame (wederom in Trim edit Mode). Je hebt hier dus geen speed points voor nodig. Het effect krijgt een standaard tijdsduur. Sleep met de hendels van het afgebakende stukje om de zichtbaarheid van je freeze frame te verlengen of in te korten. 

Ook bij het versnellen of vertragen van een clipfragment (zie tip 2) mag je trouwens met de hendels slepen. In dat geval verander je de afspeelsnelheid van het gedeelte ervoor, net zoals je dat via de optie Change Speed doet.

©PXimport

Tip 06: Geluid synchroniseren

Omdat de geluidskwaliteit van een ingebouwde cameramicrofoon meestal niet bijster hoog is, gebruik je doorgaans een externe microfoon. Zolang je die rechtstreeks op de camera aansluit, wordt dat geluid netjes aan de filmopname toegevoegd. Alleen gebeurt het ook vaak dat je met een losse microfoon, een voicerecorder of met je smartphone geluid opneemt. Bijvoorbeeld omdat er geen microfooningang op je camera zit of omdat je te ver van de camera staat. En dan zit je dus met een filmopname en een los geluidsspoor, die je vervolgens moet zien te synchroniseren. 

Gelukkig gaat dat in DaVinci Resolve supersimpel. Eerst plaats je zowel het filmpje als de geluidsopname in de mediapool. Je selecteert ze beide, klikt met rechts op een van de twee en kiest Auto Sync Audio / Based on Waveform. Het programma vervangt nu de geluidsgolf in de filmopname door die uit het externe geluidsbestand. Daarna hoef je alleen het filmpje maar naar de tijdlijn te slepen en dat is alles. Het werkt daarom alleen als jouw camera ook geluid heeft opgenomen, want beide geluidsgolven worden met elkaar vergeleken tijdens het synchroniseren.

©PXimport

Geluid handmatig synchroniseren

Lukt het automatisch synchroniseren van een extern audiobestand niet? Sleep het geluidsbestand dan naar een extra audiospoor onder de filmclip en verschuif het tot een paar opvallende pieken in de twee geluidsgolven netjes zijn uitgelijnd. Daarom is het zo handig als je aan het begin van een filmopname even in je handen klapt of een filmklapper gebruikt.  Vergeet niet om na het uitlijnen het geluidsspoor dat in de filmopname zit uit te schakelen via het M-knopje links in de track-kop (Mute Track). Je wilt namelijk alleen het losse geluidsspoor horen, niet twee door elkaar heen. Op dezelfde plek kun je de breedte van de audiotracks vergroten, zodat je de geluidsgolven beter kunt vergelijken.

Tip 07: Keyframes

Omdat je met bewegend beeld werkt, is het wel zo leuk om zelf ook iets met beweging te doen. In plaats van een statische titel vertonen, kun je bijvoorbeeld een tekst of pijltje een object door het beeld laten volgen. Of je trekt met je hand een filmtitel tevoorschijn, waarna je die weer uit beeld duwt. Allemaal leuke trucjes die er super professioneel uitzien. 

Het toverwoord om deze effecten te maken is: keyframes. Dat klinkt misschien ingewikkeld, maar een keyframe is gewoon een markering die je op een plek in de tijdlijn plaatst waar iets moet veranderen. En dat ‘iets’ kan van alles zijn. Wil je weten hoe dit werkt? Voeg dan een titel toe door op de Edit-pagina links bovenin op Effects Library te klikken, in het venster Toolbox op Titles en daarna een titel van het type Text naar een nieuw videospoor te slepen. 

Je zet hem dus bovenop een bestaand filmpje in de tijdlijn. Versleep de voorkant en de achterkant van de titel om hem precies op het gewenste moment te laten verschijnen en te laten verdwijnen.

©PXimport

Een keyframe is een markering op een plek waar iets moet veranderen

-

Tip 08: In beweging

Dit is alleen nog maar een gewone statische titel, maar die brengen we nu in beweging. Breng de afspeelkop naar het punt waar de titel in beeld verschijnt en klik op de titel om hem te selecteren. Ga klik rechtsboven op Inspector, tik een titeltekst in en maak hem naar wens op. Gebruik Position om de titel naar de startpositie in het beeld te brengen. Klik dan op het diamantje aan de achterzijde, zodat dit rood kleurt. Nu heb je een keyframe geplaatst die bepaalt dat de titel op dit tijdstip op de door jou gekozen positie staat.

Zoek nu het punt op waar de titel weer moet verdwijnen en verander daar opnieuw de waarden achter Position. Het diamantje kleurt automatisch rood, wat betekent dat je een tweede keyframe hebt aangebracht. Dat is alles! Speel de filmclip af en jouw titel verplaatst zich vloeiend vanaf het startpunt naar de eindpositie. Volgt iets of iemand een grilliger pad? Ga dan steeds enkele frames vooruit en schuif de titel naar de gewenste plek. Zo ontstaat een ‘parelketting’ van keyframes.

Alles in DaVinci Resolve met een diamantje kun je animeren en dat mag ook met meerdere parameters tegelijk. Klik op de pijltjes rondom de diamant om stapsgewijs door keyframes te lopen.

©PXimport

Tip 09: Color grading

Is een filmclip in de montage te licht of te donker? Klik dan onderin het scherm op Color. Schrik niet van het ingewikkeld ogende scherm, want dit is de plek waar je het zogeheten color grading uitvoert en daar zijn enorm veel methoden voor. Selecteer de filmclip die je wilt verbeteren en klik linksonder op het pictogram Color Wheels

Je ziet nu vier gekleurde cirkels met eronder grijze draaiknoppen. Sleep zo’n draaiknop naar links of rechts om de clip donkerder of lichter te maken. Dat doe je in drie etappes. Met Lift pas je vooral de donkerste delen van het beeld aan, Gamma is voor het middengebied en met Gain verander je met name de lichtste gebieden. Klik helemaal rechts op Scopes voor een visuele representatie van de RGB-helderheid van de filmclip, dan zie je een stuk beter wat er gebeurt.

Boven en onder de kleurencirkels en draaiknoppen vind je nog de parameters Temp (kleurtemperatuur), Tint, Cont (contrast), Col Boost (kleurversterking) en Sat (verzadiging). Hiermee pas je het contrast en de kleurweergave naar smaak aan.

©PXimport

Color grading kopiëren

Vooral bij uitgebreide montages is het veel werk om elke filmclip vanaf de grond te color graden. Lijken jouw filmpjes wat betreft kleur en belichting best wel op elkaar? Verbeter dan één clip en kies Edit / Copy of gebruik sneltoets Ctrl+C om deze aanpassingen te kopiëren. Ga dan naar de volgende filmclip, kies Edit / Paste Attributes of gebruik sneltoets Alt+V, vink in het venster dat verschijnt het onderdeel Color Corrector aan en klik op Apply. Daarna kun je de gekopieerde aanpassingen altijd nog finetunen en zo is het een stuk minder werk.

Tip 10: Project exporteren

Montage klaar? Dan exporteer je de eindfilm door op de Cut-pagina rechtsboven op Quick Export te klikken, of ga onderaan het programmavenster naar het onderdeel Deliver waar je aanzienlijk meer exportopties vindt. Hoewel de montage zelf netjes in DaVinci Resolve bewaard blijft, is het slim om ook hier een kopietje van te maken. Want je wilt dat vast niet allemaal opnieuw hoeven doen. 

Zodra je DaVinci Resolve opstart, of je klikt rechts onderin het programmavenster op het huisje, verschijnt het projectenvenster. Klik hier met rechts op een bestaand project en kies Export Project om jouw montagewerk op te slaan in een los bestandje. Bewaar dit net als de originele mediabestanden op een veilige plek. Dan kun je namelijk een videomontage later altijd opnieuw aan het programma toevoegen via Import Project. Dat kan ook op een nieuwe of andere computer, dus projecten zijn prima uitwisselbaar. 

De mediabestanden die je in de montage gebruikt, moeten op de originele plek te vinden zijn. Is de mapnaam ondertussen veranderd? Selecteer dan die mediabestanden in de mediapool, klik met rechts, kies Relink Selected Clips en wijs de nieuwe map aan.

©PXimport

▼ Volgende artikel
De eerste Masters of the Universe-trailer is nu te zien
Huis

De eerste Masters of the Universe-trailer is nu te zien

Amazon MGM en Sony Pictures hebben de eerste teaser trailer online gedeeld van de aankomende film Masters of the universe.

Het gaat voor duidelijkheid om een live-action verfilming van de animatieserie He-Man and the Masters of the Universe, dat in de jaren tachtig van veel populariteit genoot. In dat decennium is de serie ook al eens verfilmd, al was dat niet bepaald een kritische hit. De animatieserie is dan weer gebaseerd op een speelgoedlijn.

Over de film

De nieuwe Masters of the Universe-film draait om Adam (gespeeld door Nicholas Galitzine), die van oorsprong van de planeet Eternia komt en als kind op aarde terechtkomt, gescheiden van zijn krachtige Power Sword.

Twintig jaar later vindt hij zijn zwaard terug, en keert hij terug naar Eternia om de planeet te redden van Skeletor. Dit gevaarlijke monster houdt de planeet in zijn ijzeren greep. De rol van Skeletor wordt in de film vertolkt door Jared Leto.

Vanaf 5 juni in de bioscoop

Masters of the Universe draait vanaf 5 juni in de bioscoop. De regie is in handen van Travis Knight (Bumblebee), en verder hebben ook Idris Elba, Kristen Wiig, Alison Brie en Camila Mendes rollen. Wanneer de film op Amazon Prime Video komt te staan is overigens nog niet bekend.

Watch on YouTube
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Kort programma op je wasmachine gebruiken: slim of juist niet?
© Sergei Klopotov
Huis

Kort programma op je wasmachine gebruiken: slim of juist niet?

Je favoriete broek is vies. Eigenlijk wil je hem morgen weer aan, maar je moet zo weg. Het korte programma lijkt dan een logische keuze: binnen een half uur (en soms zelfs korter) ben je klaar. Maar ís het wel zo slim? Dat hangt sterk af van wat je erin stopt en wat je ervan verwacht.

In dit artikel

Je ziet wanneer een kort programma handig is en wanneer het beter is om een ander programma te kiezen. We leggen uit hoe schoon zo'n snelle was echt wordt, wat het betekent voor je energieverbruik en wat vaak wassen op lagere temperaturen met je machine doen. Ook lees je hoe je een kort programma zo gebruikt dat je was goed schoon wordt en je machine fris blijft.

Lees ook: Wat doet de stoomfunctie van een wasmachine en wanneer heeft het zin?

Korte wasprogramma's: zo zit het

Een kort wasprogramma is bedoeld om licht vervuilde was in weinig tijd schoon te krijgen. Daardoor doet de wasmachine een paar dingen anders dan bij een standaardprogramma. De wastijd is kort, de fase waarin wasmiddel echt kan inwerken is beperkt en ook het spoelen en centrifugeren duren vaak korter. Ook de temperatuur is lager dan bij reguliere wasprogramma's. Veel korte programma's draaien op 30 graden en soms zelfs op 20 graden. Vaak kun je die temperatuur nog wel iets aanpassen, maar soms ook niet.

Wanneer werkt een kort programma wél?

Een kort programma doet het goed bij kleding die nauwelijks vuil is. Denk aan een shirt dat je mar één dag hebt gedragen, een blouse die wat naar rook of eten ruikt, of sportkleding die je direct na het trainen wast. In die situaties is vuil nog niet in de vezels getrokken. Een korte wasbeurt is dan vaak al voldoende om je kleding snel op te frissen.

Wanneer werkt een kort programma minder goed?

Bij echt vuil textiel red je het zelden met een kort programma. Hardnekkige vlekken zoals vet, modder, gras en opgedroogd zweet hebben tijd nodig om los te weken. En juist die tijd ontbreekt bij korte programma's. Het wasmiddel heeft niet voldoende tijd om zijn werk te doen en ook spoelt een kort programma minder grondig dan bij een standaard was. Gebruik je zo'n korte cyclus toch voor beddengoed, handdoeken of echt vieze kleding met vlekken, dan voelt of ruikt de was na afloop misschien wel frisser, maar is hij niet écht schoon.

Waarom kort niet automatisch zuinig is

Veel mensen kiezen voor een snel programma omdat ze denken dat dat minder energie kost. Klinkt logisch, maar het werkt anders. Het grootste deel van het energieverbruik gaat naar het opwarmen van water, en dat hangt vooral af van de hoeveelheid water en de gewenste temperatuur. Of de machine dat snel of langzaam doet, maakt vooral verschil in de piek van het stroomgebruik, niet in de totale hoeveelheid energie.

Eco-programma's zijn juist zuiniger omdat ze minder water gebruiken en op lagere temperatuur wassen. De machine neemt de tijd om hetzelfde resultaat te bereiken. Een kort programma op een hogere temperatuur moet in korte tijd veel warmte leveren, en dat jaagt je energieverbruik juist op.

View post on TikTok

Kort programma? Gebruik niet te veel wasmiddel!

Korte programma's wassen vaak op een lagere temperatuur. Gebruik je poeder, dan kan dat wat langzamer oplossen. En omdat zo'n programma ook korter spoelt, kunnen er eerder witte waasjes of zeepresten in de stof achterblijven. Dat merk je soms ook aan je huid, vooral als die snel reageert.

Doseer daarom precies. Volg het advies op de verpakking en gebruik bij een snelle was liever iets minder waspoeder dan te veel, zeker als de was maar licht vervuild is. Je kunt ook kiezen voor vloeibaar wasmiddel, omdat dat meestal sneller oplost dan poeder.

Veel korte programma's = meer kans op vetluis

Als je vaak op 20 of 30 graden wast, blijft er na verloop van tijd wat vet en vuil achter in de trommel, de rubbers en de slangen. Dat laagje heet 'vetluis': een mengsel waarin bacteriën zich makkelijk kunnen vermeerderen. Je merkt het meestal aan een muffe geur in de machine, of aan wasgoed dat niet helemaal fris meer ruikt.

Laat je wasmachine daarom af en toe op hoge temperatuur draaien. Een onderhoudsprogramma of een hete was helpt om opgehoopte viezigheid beter op te lossen en houdt de machine fris. Hoe vaak dat nodig is, verschilt per huishouden. Draai je vooral korte programma's op lagere temperaturen, dan is het verstandig om geregeld een heter programma te draaien.

Lees ook: Vetluis in je wasmachine? Zo kom je er vanaf!

Zo haal je het meeste uit een kort programma

Een kort programma is vooral bedoeld om kleding op te frissen. Dan helpt het om de trommel niet te vol te stoppen: de was moet ruim kunnen bewegen, zodat water en wasmiddel overal bij kunnen. Doseer het wasmiddel ook zuinig; bij een korte was spoelt een teveel aan wasmiddel minder goed uit je kleding (waarom dat zo is, legden we eerder al uit). En: stel de temperatuur niet te hoog in. Misschien denk je dat een hogere temperatuur de verkorte wastijd compenseert, maar zo werkt het niet. Voor een kort programma (dat vooral bedoeld is om kleding op te frissen) is 20 of 30 graden echt voldoende. Stel je de temperatuur hoger in, dan maakt dat voor het resultaat vaak weinig verschil. Het is vooral je wasmachine zelf die harder moet werken en meer energie verbruikt.

Conclusie

Een kort programma is handig, zolang je het gebruikt voor licht vervuilde was die vooral opgefrist moet worden. Wil je écht schoon wassen of energie besparen, dan ben je met een langer programma vaak beter uit.

👉4x uitstekende wasmachines voor snelle wasjes

De Miele WEA 135 WCS Excellence is een wasmachine met 8 kg vulgewicht. Voor snelle wasjes zit er een Express 20-programma op, bedoeld voor kleding die je vooral even wilt opfrissen. Met 1400 tpm komt je was droger uit de trommel dan bij 1200 tpm, wat scheelt als je daarna nog moet drogen, terwijl het geluidsniveau tijdens centrifugeren met 72 dB binnen de gebruikelijke marges blijft. Qua energie zit dit model op energieklasse A met een extra marge (A-10%) en het ECO 40-60-programma is de zuinige standaard voor normaal bevuild katoen. Handig in gebruik zijn AddLoad (nog snel iets toevoegen), CapDosing (capsules voor specifieke stoffen zoals wol) en de SoftCare-trommel die kleding wat zachter behandelt.

In de LG F4X1009NWB kun je 9 kilo wasgoed kwijt. Voor snelle wasjes is er een Quick 30-programma. Je kunt ook koud wassen. Je kiest verder uit programma's als Eco, Cotton, Easy Care, Wool en Sports, met Tub Clean om de trommel schoon te houden. De trommel is van roestvrij staal en de motor is koolborstelloos, wat meestal zorgt voor minder slijtage. Spa Steam (stoomfunctie) is er voor een hygiënischere was en de machine heeft vuilherkenning om de wasbeurt beter op de lading af te stemmen. Handig: je kunt deze wasmachine aan de ThinQ-app koppelen, voor bediening op afstand..

 De Hisense WF5I8043BWF is een smalle wasmachine met 8 kg vulgewicht en een diepte van 47 cm. Dat maakt hem interessant als je weinig ruimte hebt, maar wel een normale trommelinhoud wilt. Met 1400 toeren centrifugeert hij stevig. Voor snelle wasbeurten heb je Power Wash 39' en 59' en een Quicker Wash-optie die de wastijd inkort. Daarnaast is er een stoomfunctie voor kleding die je hygiënischer wilt opfrissen of net wat frisser uit de trommel wilt halen. Deze wasmachine heeft energielabel A met een extra marge (A(-30%)). Bedienen kan op het display, maar je kunt hem ook via wifi koppelen aan de ConnectLife-app om de was op afstand te starten, de voortgang te volgen en meldingen te krijgen.

De Samsung WW90CGC04AAHEN is een wasmachine met 9 kg vulcapaciteit. EcoBubble mengt water en wasmiddel tot schuim, zodat het wasmiddel sneller in de stof kan trekken. Voor snelle wasjes zit er een QuickWas 15'-programma op, bedoeld voor kleine ladingen die vooral een opfrisbeurt nodig hebben. Ook fijn: je houdt de trommel zelf schoon met Drum Clean. Qua energie zit dit model volgens Samsung op energieklasse A met een extra marge (A-10%), en via SmartThings kun je AI Energy Mode gebruiken om bij 20-40 °C zuiniger te wassen en je verbruik bij te houden. Daarnaast krijg je programma's als hygiënisch stomen (tegen bacteriën en allergenen) en een microplastic-programma dat is bedoeld om vezelverlies bij synthetische kleding te beperken.