ID.nl logo
Beste tools voor zwartwit-foto's inkleuren
© Reshift Digital
Huis

Beste tools voor zwartwit-foto's inkleuren

Bekijk je oude zwart-witfoto’s, dan is het soms moeilijk om je voor te stellen dat de wereld in die tijd even kleurrijk was als vandaag de dag. Gelukkig kun je via kunstmatige intelligentie alsnog zwartwit-foto's inkleuren, zodat je een veel realistischere blik in het verleden kunt werpen. Moeilijk? Welnee, het gaat helemaal automatisch!

Heb je stapels familiefoto’s of vakantiekiekjes in zwart-wit liggen? Gelukkig hoef je ze niet allemaal met de hand in te kleuren. Dat zou best veel werk zijn en nog een precisieklus ook. Het omzetten van een zwart-witfoto in een kleurenfoto kan dankzij de inzet van kunstmatige intelligentie volledig automatisch, via een online dienst of met software die je lokaal op de computer draait. 

Even een plaatje inscannen met je smartphone of een (flatbed)scanner, en je kunt meteen aan de slag. Het werkt overigens niet alleen met oude foto’s, maar ook met recente beelden.

Goochelen met kleuren

Dat automatisch inkleuren van foto’s gaat trouwens behoorlijk vlot. Het achterliggende algoritme is namelijk intensief getraind door het miljoenen foto’s in zowel kleur als zwart-wit te laten analyseren. Daardoor kunnen zaken als mensen, huisdieren, auto’s, bomen, huizen, bergen en allerlei andere objecten niet alleen herkend worden, maar dus ook van een realistisch kleurtje worden voorzien.

Het lijkt soms net tovenarij en kan behoorlijk natuurgetrouwe resultaten opleveren, al valt de uitkomst soms ook een beetje tegen. Het verschilt echt per foto wat er tevoorschijn getoverd wordt en het blijft daarom altijd afwachten wat je te zien krijgt. Overigens worden de achterliggende modellen zo nu en dan verbeterd en kan het dus best zijn dat een foto die momenteel niet zo goed lukt, op een later moment ineens een stuk beter wordt ingekleurd.

©PXimport

Verder is het goed om te weten dat het voor slimme software doorgaans niet al te ingewikkeld is om de lucht blauw en gras of bladeren groen te maken, of een bakstenen muurtje een bruintint te geven. Wat zo’n algoritme helaas niet kan, is de favoriete kledingkleur van jou, je ouders of die van je (verre) grootouders raden. Het kan daardoor zomaar zijn dat een jas, jurk of een prachtige klassieke auto blauw gekleurd wordt, terwijl die in werkelijkheid rood of geel was.

Je moet een ingekleurd plaatje dan ook vooral zien als een realistische impressie van hoe het tafereeltje geweest kan zijn, in plaats van een exacte weergave. De software kan nu eenmaal niet door de tijd reizen om even te checken hoe het ook alweer echt zat.

Doe een gooi

De praktijk leert dat er niet één dienst of één programma is waarmee je altijd en met elke foto consequent de beste resultaten krijgt. Een foto die voor jou dierbaar is, kun je dan ook het best door meerdere partijen laten verwerken, zodat je zelf kunt bepalen welke kleurenversie jou het meest bevalt. Zeker als ze toch gratis zijn, is dat een kleine moeite.

Kijk verder vooral naar hoe de elementen die voor jou belangrijk zijn, worden ingekleurd. Gaat het bijvoorbeeld puur om de mensen, dan moeten vooral de huid en de kleding goed ogen. Draait het voornamelijk om de fraaie omgeving, dan wil je die er goed herkenbaar op hebben staan.

We bespreken zeker niet alle websites en programma’s, want er bestaan er nogal wat. Partijen waarbij het inkleuren matig lukte of de resolutie bedroevend laag was, hebben we sowieso weggelaten. Ook laten we professionele fotobewerkers die met hun kunstmatige intelligente goed zijn toegerust voor dit klusje, zoals Adobe Photoshop, buiten beschouwing.

DeOldify.NET

©PXimport

Met dit DeOldify kun je via je eigen computer op je gemak zwart-witfoto’s inkleuren, waarbij de originele fotoresolutie netjes behouden blijft. De foto’s zien er realistisch uit, met ingetogen en dus niet overdreven verzadigde kleuren. In sommige van de foto’s waarmee wij getest hebben, worden helaas de gezichten niet ingekleurd. Dat doet zich vooral voor als mensen erg klein zijn afgebeeld. Staan ze prominenter in beeld, dan gaat het meestal wel goed. Ook zijn er soms wat vlekken met valse kleuren te zien.

De eenvoudigste wijze van inkleuren is door het kant-en-klare programma te downloaden. Dat kan door op de website in de rechterkolom op Releases te klikken en vervolgens DeOldify.NET.win.exe te downloaden. Dit bestand plaats je ergens in een map en vervolgens start je het door erop te dubbelklikken. Je kunt natuurlijk ook een snelkoppeling op je bureaublad plaatsen.

Een alternatief is zelf de programmacode genereren. Dat is wel iets ingewikkelder, maar de stappen die je moet doorlopen, staan netjes op de website vermeld bij How to run. In dat geval klik je bovenaan de hoofdpagina op de knop Code en kies je Download ZIP. Genereer vooral de zogeheten SIMD-variant, want die draait stukken sneller dan de kant-en-klare downloadversie.

DeepAI

©PXimport

Via de website van DeepAI hoef je een plaatje alleen maar even via de knop Image te uploaden om er een kleurenversie van te maken. Gaat het om een foto die al ergens online is te vinden, dan klik je eerst op url upload, waarna je bij Image url het webadres opgeeft. De resultaten lijken aardig op die van het programma DeOldify.NET. Soms zijn de kleuren van de een ietsjes mooier, dan weer die van de ander. Wel worden gezichten van mensen die erg klein op de foto staan net wat vaker ingekleurd en zijn er minder valse kleuren te zien.

Zodra je het resultaat in de webbrowser ziet, klik je met rechts op de kleurenfoto en kies je Afbeelding opslaan als om het resultaat lokaal te bewaren. Het gebruiksgemak is weliswaar groot, want je hoeft geen lokale software te installeren, maar daar staat tegenover dat de kleurenfoto’s verkleind worden. Volgens de website is de maximale grootte 1200 × 1200 pixels, maar de langste zijde is bij ons met consequent 800 pixels nog een stuk kleiner. Je hoeft je foto’s overigens niet zelf te verkleinen voordat je ze uploadt, dat gebeurt helemaal vanzelf.

MyHeritage In Color

©PXimport

Bij de meeste testfoto’s die wij aanbieden, presteert MyHeritage In Coloropvallend goed. De kleuren springen van het scherm af, foto’s ogen lekker scherp, de detaillering is prima en de plaatjes zien er levensecht uit. Vlekken met valse kleuren zijn nauwelijks te bekennen, gezichten worden goed herkend en netjes ingekleurd. Er gaat heus wel eens iets mis, want soms is de kleurverzadiging of het contrast wel heel erg aangedikt.

Al dat moois komt wel met een prijs. Want je mag tien foto’s gratis en op origineel formaat inkleuren, waar overigens wel een watermerk op wordt aangebracht. Om de rest van jouw fotoverzameling onder handen te nemen, is een abonnement nodig. 

MyHeritage is een platform waar je via historische gegevens, familiestambomen en DNA-matchingtechnologieën jouw verleden en dat van familieleden en voorouders kunt uitpluizen. Dat hoef je allemaal niet te gebruiken, maar helaas kun je voor alleen het inkleuren en verbeteren van foto’s geen apart, goedkoper abonnement afsluiten.

Lees ook:Zo maak je een stamboom met Family Tree Builder

Playback.fm

©PXimport

Playback.fm lijkt hetzelfde algoritme te gebruiken als DeepAI. De inkleuring is net als de resolutie van het eindresultaat bij onze tests identiek. Ook is er geen beperking in het aantal foto’s dat je mag aanbieden. Je klikt op Upload Photo, wacht tot de kleurenversie in beeld verschijnt en bewaart deze vervolgens via een klik op de knop Download Color Photo.

Anders dan bij DeepAI krijg je op deze website behoorlijk wat reclame voor je kiezen, waardoor het geheel wat onoverzichtelijker oogt. Of je nu DeepAI of Playback.fm gebruikt, mocht de ene dienst er op termijn mee ophouden, dan kun je altijd nog bij de ander terecht. 

Genealogie Online

©PXimport

Via de website van Genealogie Online kun je gratis zwart-witbeelden in kleur laten omzetten. Hierbij wordt de originele resolutie netjes behouden. De resultaten zien er doorgaans prima uit, al zijn de kleuren een stukje valer en dus minder verzadigd dan bij de concurrentie. Personen die erg klein in beeld staan, blijven op onze testfoto’s wederom kleurloos. En soms lijkt er een sepiatint te worden toegevoegd: grote delen van de foto krijgen dan onterecht een geelbruine tint.

Voordat je foto’s kunt inkleuren, moet je eerst even kosteloos een account aanmaken. Daarna is het een kwestie van je foto’s een voor een uploaden. De resultaten blijven één maand online staan. Gedurende die tijd kun je ze op elk moment vanuit het overzicht downloaden door te rechtsklikken en dan te kiezen voor Afbeelding opslaan als.

Image Colorizer

©PXimport

Bij Image Colorizer zijn meerdere fotoverbeteringen mogelijk en ze maken allemaal gebruik van kunstmatige intelligentie. Denk aan het repareren van beschadigde foto’s, verscherpen van vervaagde beelden en dus ook het inkleuren van zwart-witbeelden door op de website voor Colorize Photo Now te kiezen.

De foto mag maximaal 5 MB en 3000 bij 3000 pixels groot zijn. Neem je een abonnement, dan wordt dat 6000 bij 6000 pixels. In tegenstelling tot andere diensten wordt de foto niet automatisch op maat gesneden: dit moet je dus vooraf zelf regelen. Die moeite is het overigens wel waard, want het ingekleurd eindresultaat mag je daarna op hoge resolutie downloaden.

De resultaten lijken identiek aan wat je met DeepAI en PlaybackFM krijgt, maar dan op hogere (originele) resolutie. Het eindresultaat verschijnt op een nieuwe webpagina zonder https-verbinding, waardoor je browser een beveiligingswaarschuwing kan tonen.

In het abonnementsoverzicht wordt gesproken over maximaal acht gratis exemplaren per maand, maar zelf zijn we hier ruim overheen gegaan. Mogelijk geldt deze limiet alleen bij de andere fotoverbeteringen. Foto’s kun je ook omzetten met een app of programma (pc en Mac). Daar is wel een abonnement of eenmalige afkoop voor nodig.

Photomyne

©PXimport

Photomyne geeft nogal wisselende resultaten. Sommige foto’s zien er heel aardig uit, terwijl bij andere exemplaren wel heel creatief met kleuren wordt omgesprongen. Vooral met blauw en paars wordt soms kwistig rondgestrooid. Verder zijn er regelmatig kleurvlekken te zien op onze testfoto’s, of een onderwerp wordt alleen gedeeltelijk ingekleurd. Gezichten van personen die klein in beeld zijn, worden soms niet herkend.

Er is ook een app beschikbaar waarmee je foto’s kunt inkleuren via je smartphone. Daar is wel een abonnement of eenmalige afkoop voor nodig. De website die we hier noemen, is dan ook vooral bedoeld om het inkleuren alvast uit te proberen.

Color Surprise AI

©PXimport

Color Surprise AI mag je gratis uitproberen. Bevalt het programma, dan kun je het vervolgens via een eenmalige aankoop in huis halen. Je moet wel een e-mailadres opgeven om de downloadlink te zien te krijgen.

Verwerking vindt lokaal plaats en je kunt er ook voor kiezen om groepjes foto’s automatisch te laten inkleuren (batchverwerking), in plaats van dat je ze stuk voor stuk omzet. Eerst wordt een verkleinde versie getoond, zodat je lekker snel een eerste indruk krijgt. Ook zie je dan allerlei regelaars waarmee je het resultaat nog kunt bijsturen. Daarna laat je het volledige beeld verwerken en wordt dit meteen opgeslagen zonder dat je er nog iets aan kunt veranderen. De resultaten wisselen sterk, van heel aardig tot nogal matig.

Picverse Photo Editor

©PXimport

Via de optie Oude foto’s herstellen van Picverse Photo Editor voeg je niet alleen kleur toe aan oude foto’s, maar worden desgewenst ook zaken als kreukels, vlekken en beschadigingen netjes gerepareerd. Voor de software volstaat een eenmalige betaling en je kunt het programma eerst gratis uitproberen, waarbij je foto’s wel een groot watermerk krijgen.

Bij hoge resoluties wordt gevraagd of je de foto wilt verkleinen om sneller resultaat te krijgen. Dit is handig om snel te zien of het wat wordt, maar in alle overige gevallen is het slimmer om op maximale resolutie te werken. Het contrast is wat aan de hoge kant en kleine details worden soms weggepoetst, al kun je dit achteraf nog naar smaak verfijnen, net als de helderheid en de kleurweergave.

Zo nu en dan zijn wazige vlekken en valse keuren te zien. Op zich kun je dit vaak nog wel corrigeren via een selectieve bewerking, maar dan hebben we het wel over de meer geavanceerde technieken.

▼ Volgende artikel
Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp
© Gorodenkoff Productions OU
Huis

Beeldverversing versus pixels: waarom soepel gamen beter is dan scherp

Resolutie is marketing, refreshrate is beleving. Waar 4K zorgt voor een mooi plaatje, zorgt een hoge verversing (Hz) ervoor dat je daadwerkelijk wint. Hieronder lees je waarom snelheid in feite de échte koning is in gaming.

Veel gamers staren zich blind op 4K-resolutie. Ze kopen een duur scherm, zetten de settings op Ultra en vragen zich vervolgens af waarom hun spel stroperig aanvoelt. De misvatting is dat 'mooier' gelijkstaat aan 'beter'. In werkelijkheid is de vloeibaarheid van het beeld – de refreshrate, oftewel verversingssnelheid – veel bepalender voor hoe direct en responsief een game aanvoelt. Aan het eind van dit artikel weet je precies of jij moet kiezen voor pixels of snelheid.

Hoe je ogen bedrogen worden door Hertz

Stel je voor dat je snel met je muis over je bureaublad beweegt. Op een standaard 60Hz-scherm zie je de cursor in schokjes over het beeld springen; je hersenen vullen de gaten in. Op een 144Hz- of 240Hz-gaming-monitor verdwijnen die gaten.

Het technische verschil zit hem in de verversingssnelheid: het aantal keren per seconde dat het beeld wordt vernieuwd. Bij 60 Hz krijg je elke 16,6 milliseconden een nieuw beeld. Bij 144 Hz is dat elke 6,9 milliseconden. Dat klinkt als een klein verschil, maar je voelt het direct. Het gestotter dat je onbewust gewend bent verdwijnt. Bewegingen voelen boterzacht aan, alsof de cursor (of je crosshair) aan je hand vastgeplakt zit in plaats van er achteraan zwemt. Dit effect wordt motion clarity genoemd: objecten blijven scherp, zelfs als ze snel door het beeld bewegen.

©Framestock

De winst in shooters en snelle actie

Wanneer werkt dit in je voordeel? Vooral in competitieve shooters zoals Call of Duty, Counter-Strike of Valorant. In dit soort games telt elke milliseconde. Een hogere refreshrate vermindert de input lag, oftewel de tijd tussen jouw klik en de actie op het scherm.

Stel, je draait je personage snel om. Bij een lage refreshrate wordt de vijand een fractie later getoond en zie je veel bewegingsonscherpte (motion blur). Met een hoge refreshrate zie je de vijand eerder en scherper, waardoor je sneller kunt reageren. Je hebt letterlijk actuelere informatie dan je tegenstander. Om dat te bereiken heb je wel een krachtige videokaart nodig die genoeg beelden per seconde (FPS) kan genereren om je snelle scherm bij te houden.

Wanneer resolutie het toch wint van snelheid

Is snelheid altijd heilig? Nee. Als je vooral tragere, meer verhalende games speelt (zoals Cyberpunk 2077 in de 'sightseeing' modus), Microsoft Flight Simulator of grafische RPG's, dan voegt 240 Hz weinig toe. In deze titels kijk je vaak naar stilstaande of langzaam bewegende omgevingen.

In dat geval wil je juist de texturen van de bomen, de reflecties in het water en de details in gezichten zien. Een 4K-monitor op 60 of 120 Hz is dan een logischer keuze dan een onscherp 1080p-scherm op 360 Hz. De visuele pracht weegt hier zwaarder dan de milliseconden reactietijd. Ook voor console-gamers die op de bank zitten, is een goede televisie met 4K en HDR vaak indrukwekkender dan puur de hoogste framerates.

Situaties waarin een hoge refreshrate zinloos is

Er zijn momenten dat investeren in een snel scherm weggegooid geld is. Dat gebeurt bijvoorbeeld als je hardware de snelheid niet kan leveren; als je videokaart maar 50 frames per seconde kan leveren, heeft een 144Hz-scherm geen nut omdat het scherm wacht op de computer. Daarnaast beperken oude kabels je bandbreedte, waardoor je monitor soms terugvalt naar 60 Hz zonder dat je het doorhebt. Ook op oudere consoles zoals de Nintendo Switch of de standaard PS4 heb je niets aan snelle schermen, omdat deze hardware fysiek gelimiteerd is op 60 Hz of lager.

Bepaal wat jouw setup aankan

Kijk dus kritisch naar je huidige situatie voordat je naar de winkel rent. Heb je een high-end pc die makkelijk 120+ FPS haalt in jouw favoriete games? Dan is een upgrade naar een 144- of 165Hz-monitor de grootste sprong in spelplezier die je kunt maken. Speel je op een PlayStation 5 of Xbox Series X? Zoek dan specifiek naar een scherm met HDMI 2.1-ondersteuning om 120 Hz op 4K mogelijk te maken. Zit je ver van je scherm af en speel je relaxed? Investeer dan liever in resolutie en kleurdiepte.

©Proxima Studio

Kortom: snelheid is de sleutel tot succes!

Verversingssnelheid is belangrijker dan resolutie voor iedereen die actie- of competitieve games speelt. Het zorgt voor een vloeiender beeld, minder input lag en betere motion clarity, wat je direct een voordeel geeft in het spel. Resolutie is vooral luxe voor het oog, maar refreshrate is pure prestatie voor de speler.

▼ Volgende artikel
Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn
© HBO Max
Huis

Column: A Knight of Seven Kingdoms is wat Game Of Thrones nooit durfde te zijn

Game of Thrones kennen we als een reeks brute, grootschalige verhalen, maar A Knight of Seven Kingdoms is het tegenovergestelde. Wat blijkt? Met een schattig, kleinschalig verhaal voelt Westeros alleen maar groter.

Het regent. Op een heuvel, onder een boom, zien we een kast van een vent in de weer met een schop. Een ridder, lijkt het. Hij graaft een graf. Tegelijkertijd praat de ridder in zichzelf: er is in de buurt een toernooi, en we kijken waarschijnlijk naar de winnaar. De muziek zwelt op, terwijl onze held vastberaden in de verte staart. De iconische Game of Thrones-muziek lijkt ons te gaan overspoelen, klaar om naar een prachtig geanimeerde intro te gaan. In plaats daarvan, knippen we naar een shot waarin onze held achter een boom staat te poepen.

Watch on YouTube

De boodschap is duidelijk: de serie heeft schijt aan de verwachtingen die je van Game of Thrones hebt. De serie stond er ooit immers om bekend dat het brak met de conventies van mainstream fantasy. Nu de reeks daar inmiddels zelf toe behoort, is het aan A Knight on Seven Kingdoms om er weer een flinke draai aan te geven.

Een ridder van de heg

Nog een spin-off? George R. R. Martin is toch die schrijver die nooit schrijft? Tja, dat valt wel mee. Hoewel de beste man zich al tien jaar uit een hoekje probeert te schrijven met het langverwachte Winds of Winter, heeft hij een hoop andere verhalen in Westeros verteld.

Zo komen de verhalen van House of the Dragon uit het boek Fire and Blood, waarin we volgen hoe de Targaryen-familie zichzelf met generaties aan ruzies ten val brengt. Maar George R. R. Martin heeft de schaal ook wel eens flink verkleind: in het korte boek The Hedge Knight, dat nog stamt uit de vorige eeuw, volgen we een ridder en zijn schildknaap.

©HBO Max

Daarin volgen we de ridder Dunk - niet onze eigen Dunke, maar Ser Duncan The Tall. Hij is een ‘hagenridder’: een ridder zonder verwantschap aan een heer. Of, in andere woorden: een freelancer die, als hij niet werkt, in de heg mag slapen. Dunk blijft niet lang een zzp’er: hij ontmoet de kale stadsjongen Egg, die dolgraag zijn schildknaap wil zijn.

Vrede!?

De verhalen van dit geliefde tweetal bieden de basis van A Knight of the Seven Kingdoms. De twist? Er is vrede in Westeros - ja, het kan echt - en we volgen een nobody, dus er is ineens ruimte voor een gezellig, klein verhaal. Dat wordt gereflecteerd in de afleveringen: geen dik uur, maar een comfortabel halfuurtje.

©HBO Max

De ridder Dunk wil dolgraag bewijzen dat hij een eervolle ridder is, maar dat is in het brute Westeros best een uitdaging. Al helemaal als je een lompe lieverd als Dunk bent. Dan komt zo’n slimme, wereldwijze schildknaap als Egg ineens goed van pas.

Het wordt al helemaal lastig als je niet eens kan bewijzen dat je een ridder bent. Dan mag je namelijk niet eens meedoen aan een toernooi - eentje waarbij Dunk overigens zijn paard en zijn spullen kwijtraakt, mocht hij verliezen.

Meneer, mag ik meedoen?

Met dat toernooi wordt een van de Game of Thrones-clichés lekker op zijn kop gezet. In de oorspronkelijke serie zagen we in aflevering vier een heftig toernooi en House of the Dragon opende er zelfs mee: het is vaak een goede manier om zonder grote verhaalconsequenties te laten zien hoe gewelddadig Westeros is.

©HBO Max

In A Knight of the Seven Kingdoms komen we dat toernooi niet eens bínnen. Eerst moet Dunk maar eens bewijzen dat hij een ridder is, uitzoeken hoe zo’n toernooi werkt en een heer overtuigen hem te helpen - maar ook dansen, touwtje trekken en een poppenspel aanschouwen. Het is een fantastische stap terug van al die grootschalige oorlogen.

Doordat het verhaal zo’n piepkleine focus heeft, begin je om iedereen te geven: iemand die z’n paard verkoopt in A Knight of Seven Kingdoms is vele malen pijnlijker dan een draak die wordt doodgeschoten in Game of Thrones. We bevinden ons nog steeds in de brute wereld, maar het komt allemaal wat harder aan omdat we ook zien hoe grappig en gezellig het kan zijn.

©HBO Max

Een fossiele brandstof

Toch loopt ook A Knight of Seven Kingdoms een zeker risico. De kwaliteit van Game of Thrones kelderde toen de makers het bronmateriaal inhaalden. Ook die van House of the Dragon nam wat af, toen showrunner Ryan Condal besloot George R.R. Martin niet langer te raadplegen en de grote climax werd doorgeschoven naar het volgende seizoen.

Er zijn momenteel drie korte boeken rondom Dunk en Egg, waarvan dit eerste seizoen het eerste boek beslaat. George R.R. Martin zegt nog twaalf verhalen in zijn hoofd te hebben, maar volgens HBO-baas Casey Bloys moeten de seizoenen van A Knight of Seven Kingdoms jaarlijks verschijnen: dat klinkt goed, maar dan mag Martin wel even doorschrijven. Zijn verhalen voelen nu als een fossiele brandstof: het is een enorm waardevolle bron, maar die wordt niet echt meer aangevuld.

©HBO Max

Gelukkig lijken showrunner Ira Parker en George R.R. Martin goed bevriend. De schrijver heeft Parker een outline gegeven van de twaalf verhalen, dus in theorie kan de serie daarmee verder - maar laten we niet vergeten dat dit bij de laatste seizoenen van Game of Thrones óók het geval was.

Bombastisch gefluit

Toch verdient Ira Parker ons optimisme, want A Knight of Seven Kingdoms is een fenomenale toevoeging aan de wereld van A Song of Ice and Fire. Verhalen hebben contrast nodig: door het klein te houden, voelt de wereld groot. Door het lief te houden, komen de gemene momenten keihard aan.

©HBO Max

De muziek is hier een spectaculair voorbeeld van. De bombastische muziek wordt ons aan het begin als wortel voorgehouden, maar dat is het ook wel - in plaats daarvan moeten we het doen met een gezellig gitaartje, iemand die fluit en het gezang van de vogeltjes.

Als het balletje dan eenmaal gaat rollen, neemt de muziek toch een bombastischer formaat aan - maar op dat moment voelt het verdiend. En, het allerbelangrijkste: in die epische muziek zit óók gewoon nog dat schattige gefluit.

Afleveringen van A Knight of Seven Kingdoms verschijnen wekelijks op HBO Max.