ID.nl logo
Huis

20 slimme routertips

Thuisnetwerkjes zijn erg populair. Nagenoeg allemaal zijn ze via een (draadloze) router met internet verbonden. Zo’n router hoeft in principe weinig meer te doen dan datapakketjes van het ene naar het andere netwerk te versturen. Dat neemt niet weg dat heel wat modellen nog extra functies bieden! Je vindt de interessantste mogelijkheden in onze 20 tips.

Er bestaan natuurlijk vele tientallen routermerken en -modellen. Voor dit artikel – en de schermafbeeldingen – hebben we drie (iets oudere) draadloze routers voor thuisgebruik ingezet: D-Link DIR-635, Cisco/Linksys WRT150N en MSI RG300N.

We hebben echter geprobeerd onze tips en trucs zo algemeen mogelijk te formuleren, zodat je snel de besproken functie in je eigen router kunt terugvinden. We gaan er wel vanuit dat je weet hoe je het configuratiescherm van je router bereikt en hoe je gegevens als ip-adres of mac-adres van je router of netwerkclient kunt opvragen. Ten slotte, houd er rekening mee dat sommige aanpassingen een herstart van het toestel vergen.

Tip 1: Dhcp-bereik

De kans is groot dat je router ingesteld is voor het dynamisch toekennen van ip-adressen aan je netwerktoestellen. Het kan echter handig zijn dat je bepaalde apparaten van een statisch ip-adres voorziet. Zorg er dan wel voor dat zo’n vast adres buiten het bereik ligt van de dynamische adrespool, om er zeker van te zijn dat twee apparaten niet hetzelfde adres krijgen toegekend. Stel dat je een toestel het adres 192.168.0.20 hebt gegeven, dan zou je het adresbereik van de dhcp-server van je router bijvoorbeeld kunnen instellen op 192.168.0.50 tot 192.168.0.79 (gesteld dat je aan dertig adressen voldoende hebt).

Tip 2: Dhcp- reservering

Een andere mogelijkheid om een toestel telkens hetzelfde adres toe te kennen, is via statische toewijzing – ook wel Address Reservation of DHCP Reservation genoemd. Het komt erop neer dat je een bepaald ip-adres aan het (unieke) mac-adres van een toestel bindt. De router zorgt er dan voor dat dit toestel altijd datzelfde ip-adres krijgt toegekend. Sommige routers bieden tevens ARP Binding aan, een vergelijkbare functie, die er echter ook op gericht is manipulaties als ARP poisoning te voorkomen (bijvoorbeeld met een hacktool als Cain, www.oxid.it/cain.html).

Tip 3: OpenDNS

Dns (domain name service) zorgt ervoor dat een webadres correct wordt omgezet naar het ip-adres van die webserver. Nu heb je wellicht het internetverbindingstype van je router op automatisch (dhcp) ingesteld. Dat houdt in dat je router een wan-adres van je provider krijgt toegekend én dat het toestel webadressen automatisch zal doorspelen naar de dns-servers van die provider. Heel wat routers laten je ook in dit geval toe andere dns-servers in te stellen. Hier zou je dan de dns-servers van OpenDNS kunnen invullen (208.67.222.222 en 208.67.220.220). Die bieden namelijk verschillende voordelen, in combinatie met een gratis account bij OpenDNS. Zo word je automatisch beveiligd tegen malafide sites, kun je op allerlei webinhoud filteren en zijn er gedetailleerde rapporten beschikbaar. Meer erover lees je op www.opendns.com.

Tip 4: Port forwarding

Stel, je hebt op een pc met lan-ip-adres 192.168.0.20 een server draaien op poort 8080, bijvoorbeeld een webserver. Wil je die vanaf internet kunnen bereiken, dan moet je het wan-ip-adres van je router invoeren, gevolgd door poortnummer 8080 (bijvoorbeeld: http://84.13.22.219:8080). Je router moet natuurlijk weten dat binnenkomend verkeer op poort 8080 moet worden doorgesluisd naar de pc met ip-adres 192.168.0.20. Dat kan via port forwarding (ook wel port mapping of virtual server genoemd). De kans is groot dat je voor jouw routermodel de juiste instructies vindt op www.portforward.com.

Tip 5: Port triggering

Sommige applicaties die gelijktijdig verschillende connecties vereisen, denk aan internetgames of videoconferentie, ondersteunen port triggering. Dat kun je zien als port forwarding, maar dan met een automatische aan/uitknop (wat het net iets veiliger maakt dan port forwarding, waarbij de binnenkomende poorten altijd open staan). Het komt erop neer dat zo lang zo’n applicatie data via een specifieke poort uitstuurt, een andere poort (voor binnenkomende data) automatisch geforward wordt naar de pc waarop die applicatie draait. In tegenstelling tot port forwarding hoef je bij port triggering dus niet zelf het ip-adres van die pc in je router in te vullen. Iets veiliger en handiger dus, maar er zijn niet zoveel applicaties – of routers – die port triggering ondersteunen.

Tip 6: Upnp

Ondersteunt jouw applicatie upnp (universal plug and play), dan kan het nog anders. Deze functie zorgt er onder meer voor dat (alleen de nodige) poorten automatisch geopend worden, zodat die applicatie ook vanaf internet bereikbaar wordt. Voorwaarde is wel dat ook je router upnp ondersteunt. Is dat zo, dan hoef je die functie normaliter alleen maar op enabled te zetten. Weet wel dat nogal wat gebruikers er niet zo happig op zijn deze functie in te schakelen. Je weet nooit of malware op een of andere pc van deze mogelijkheid gebruik maakt om poorten open te zetten voor de buitenwereld.

Tip 7: Dmz

Naast port forwarding/triggering en upnp heb je nog een uitweg om bijvoorbeeld een server in je netwerk van buitenaf bereikbaar te maken: dmz (demilitarized zone – hoewel de term in deze context niet helemaal correct gebruikt is). Vul je op je router bij dmz het, bij voorkeur vaste!, lan-ip-adres in van een je netwerk-pc’s, dan komt het er eigenlijk op neer dat alle poorten tegelijk naar die pc geforward worden. Dat houdt echter wel in dat die pc blootstaat aan alle gevaren van internet. Probeer dat indien mogelijk te vermijden: immers, die pc is ook met de rest van je netwerk verbonden en dus lopen ook je andere pc’s indirect gevaar. Sommige routers laten je wel toe het ip-adres(bereik) in te stellen van de toestellen die van buitenaf je dmz-host mogen benaderen, wat toch al iets veiliger is.

Tip 8: Dynamisch dns

Wordt het wan-ip-adres van je router dynamisch toegekend door je provider, dan bestaat de kans dat het adres plots wijzigt, bijvoorbeeld na een reset van de router. Vervelend als je de router geregeld via internet wilt bereiken (zie ook bij port forwarding). Dat kun je oplossen door een gratis account te creëren bij een dienst als www.dyndns.com of www.no-ip.com: die koppelt namelijk een subdomeinnaam als mijnrouter.dyndns.info aan het wan-ip-adres van je router. Om te voorkomen dat die koppeling verbroken wordt zodra je router een ander ip-adres krijgt, kun je je router zo instellen dat die automatisch het nieuwe adres doorgeeft aan de dynamisch-dns-server. Deze mogelijkheid vind je terug in een rubriek als Dynamic DNS of DDNS; houd wel je accountgegevens van die service in de aanslag.

Tip 9: Traffic shaping

Als je online aan het gamen bent, vermijd je het liefst vervelende haperingen doordat een gebruiker op een andere pc – of een andere service op dezelfde pc – zwaar netwerkverkeer genereert. Dat kan je mogelijk verhelpen door de qos-functie (quality of service) in je router te activeren. De implementatie van deze functie verschilt wel eens per router, maar in de meeste gevallen komt het erop neer dat je uit een lijst een applicatie of online game kiest en de gewenste prioriteit instelt. Soms kun je ook een ip- of mac-adres selecteren, handig als je je eigen pc voorrang wil geven, of kun je zelf bepalen wat de minimale en maximale doorvoersnelheid moet zijn (binnen de beperken van je bandbreedte).

Tip 10: Logging

Wist je dat een router vaak interessante actuele of historische gegevens bijhoudt? Routerlogs en -statistieken vertellen je bijvoorbeeld welke pakketjes werden geblokkeerd vanaf welk ip-adres, welke (draadloze) clients op dit moment met je router zijn verbonden, inclusief mac-adres (stelende buren?), welke sessies actief zijn (leuk om uit te vissen welke pc’s naar welke adressen surfen), enzovoort. Zorg er wel voor dat je de tijd op je router correct instelt, zodat ook de logs de correcte tijdsaanduidingen weergeven. Afhankelijk van de router is het mogelijk op gezette tijden of onder bepaalde voorwaarden (een deel van) de logs naar een ingesteld adres door te mailen of de gelogde data naar een Syslog-server door te sturen voor verdere analyse – mocht je zo’n server draaien hebben, natuurlijk.

Tip 11: Afstandsbeheer

Je vindt het misschien verleidelijk ‘remote management’ op je router te activeren. Dat houdt in dat je de router dan ook via internet kunt benaderen om de configuratie aan te passen. Weet echter wel dat je hiermee de deur op een kier zet: wie je wachtwoord uitvist, kan dan allerlei aanpassingen verrichten, zoals eigen dns-servers invullen, zodat je ongemerkt naar foute sites wordt omgeleid. Als je deze functie absoluut toch wilt activeren, zorg dan voor een ijzersterk wachtwoord en – voor zover je router dat toelaat – beperk het remote management tot een specifiek ip-adres of -bereik, zodat niet om het even welke host een verbinding kan opzetten.

Tip 12: Mac-filtering

Wil je de draadloze toegang tot je router beperken tot toestellen met een specifiek mac-adres, dan kun je op je router mac-filtering activeren. Dat is niet meteen de meest geavanceerde beveiliging, maar het voldoet wellicht voor huis-, tuin- en keukenhackers. Afhankelijk van de router kun je mac-filtering ook activeren voor clients op je bekabeld netwerk. Dat kan handig zijn als je bijvoorbeeld wilt vermijden dat een huisgenoot of medewerker zomaar een toestel aan je netwerk wil koppelen.

Tip 13: Ssid broadcast

Specifiek voor draadloze netwerken kun je de router zo instellen dat die al dan niet het ssid – service set identifier, de naam van je draadloze netwerkje, zeg maar – uitzendt (broadcast). Veel gebruikers menen dat het uitschakelen van die broadcast het wlan veiliger maakt tegen inbrekers. Dat is echter een misvatting, aangezien je netwerkje ook zonder die broadcast nog altijd zichtbaar is (bijvoorbeeld in pakketjes als antwoord op verbindingsverzoeken oftewel probe requests). Sommige clients sturen zulke verzoeken zelfs door als dat netwerkje niet langer binnen bereik is – wat hackers de mogelijkheid geeft snel zelf een toegangspunt met die naam op te zetten. Veel beter dan de ssid broadcast uit te schakelen, is te zorgen voor een stevige wpa2-beveiliging met een ijzersterk wachtwoord. Nog beter: voorzie als ssid bijvoorbeeld een e-mailadres waarop buren je kunnen bereiken, mochten ze netwerktechnisch een en ander met jou willen afstemmen.

Tip 14: wan ping

In een eerste stadium trachten hackers vaak snel uit te vissen welke toestellen potentiële doelwitten zijn. In zijn eenvoudigste vorm versturen ze daarvoor pingverzoeken naar willekeurige ip-adressen, zoals het wan-ip-adres van je router. Daarom doe je er goed aan de router zo in te stellen dat die op zulke verzoeken niet reageert – althans niet wanneer het om een verzoek aan wan-zijde gaat. Die mogelijkheid vind je normaliter in de rubriek Security van je router, en meestal volstaat het een vinkje te plaatsen bij een optie als Ignore Ping Packet From WAN Port of het vinkje te verwijderen bij Enable WAN Ping Respond. Ga gerust zelf eens na wat het verschil is, bijvoorbeeld door een online poortscanner als ShieldsUP (www.grc.om) op je router los te laten!

Tip 15: Toegangscontrole

Beveiliging heeft vele gezichten: ervoor zorgen dat (jonge) huisgenoten niet op ongepaste sites botsen, is er een van. Daar bestaan natuurlijk services voor, zoals Norton Online Family of Windows Live Family Safety 2011, maar de kans is groot dat je een en ander ook op je router voor elkaar krijgt. Onze eigen MSI-router biedt op dit vlak nauwelijks voorzieningen, maar de D-Link- en vooral de Linksys- router blijken heel wat flexibeler. We nemen deze laatste als voorbeeld. Hier kun je bijvoorbeeld aangeven welke pc’s op welke tijdstippen internet (niet) op mogen. Verder kun je een (beperkt!) aantal verboden url’s of sleutelwoorden ingeven of aangeven dat verkeer van bepaalde protocollen en poort(bereik)en niet is toegelaten. Behoorlijk rudimentair, maar voor specifieke beperkingen volstaat het wellicht.

Tip 16: Configuratie

Een router volledig naar wens configureren, kan tijdrovend zijn. Staat alles eenmaal op zijn punt, dan doe je er ook goed aan een backup van die configuratie te maken. Die mogelijkheid vind je in nagenoeg elke router, bijvoorbeeld in de rubriek Administration of System Tools. De backup komt terecht in een bestand dat je via de restorefunctie in een noodgeval altijd kunt terugzetten. Beschik je niet over zo’n backup en krijg je de configuratie niet meer goed, dan keer je desnoods terug naar de fabrieksinstellingen, hetzij via een harde reset, hetzij via een optie in het configuratiescherm. Vergeet niet dat ook het aanmeld-ID dan terugvalt op de originele gebruikersnaam en wachtwoord. Op http://portforward.com/default_username_password vind je in ID’s voor vele tientallen modellen terug.

Tip 17: Bridging & roaming

Je hebt een nieuwe router gekocht, maar je zou je oude exemplaar graag nog gebruiken als (tweede) draadloze toegangspunt. Dat kan, zolang je er maar op let dat die oude router je netwerk niet ongewild in tweeën deelt. Je loopt dan immers het risico dat toestellen niet langer internet op kunnen of andere toestellen niet kunnen vinden. Idealiter voorziet je oude router daarvoor in een bridged mode. Wanneer je die activeert, worden automatisch alle routeerfuncties uitgeschakeld. Moet je het zonder deze functie stellen, zorg er dan zeker voor dat dhcp, dns en eventuele access control-, firewall- en port forwardingfuncties zijn uitgeschakeld. Vervolgens geef je de oude router een vast en uniek ip-adres binnen het bereik van je andere netwerktoestellen, die de adressen normaliter via de dhcp-server van je nieuwe router bedeeld krijgen. Zorg voor hetzelfde ssid als dat op je nieuwe router, maar zoek een kanaal dat bij voorkeur minstens vijf nummers verschilt van het kanaal van die router (bijvoorbeeld 1 en 6, of 6 en 11). Dat maakt het makkelijker om met je laptop ‘naadloos’ van het ene naar het andere toegangspunt te kunnen overstappen (roaming). Je oude router verbind je via een lan-poortje met de rest van je netwerk.

Tip 18: Firmware update

Het adagium If it aint’ broke, don’t fix it gaat niet altijd op (voor routers): het is bijvoorbeeld best mogelijk dat een wat oudere router geen wpa2-beveiliging ondersteunt, maar dat nieuwe firmware die mogelijkheid wél toevoegt. Daarom loont het de moeite af en toe bij je routerproducent te polsen of er geen recentere firmware beschikbaar is en wát die precies bijstuurt of toevoegt. Nagenoeg elke router biedt een optie aan om zichzelf van nieuwe firmware te voorzien – in de meeste gevallen volstaat het vanuit de routerinterface naar het gedownloade firmwarebestand te navigeren en de upgrade uit te voeren. Ga wel eerst goed na of de firmware wel specifiek voor jouw routertype en -model geschikt is en onderbreek het upgradeproces in geen geval! Zorg voordat je zo’n upgrade uitvoert, ook eerst voor een backup van je huidige routerconfiguratie (zie boven).

Tip 19: Alternatieve firmware

Schrikken experimenten je niet af, dan kun je eventueel uitkijken naar alternatieve firmware. Die is dus niet afkomstig van de routerproducent, maar biedt in veel gevallen interessante extra’s aan. Op http://tinyurl.com/alternatievefirmware-routers vind je links naar dergelijke firmware. Heel wat van deze projecten vinden hun oorsprong in uitbreidingen op de ooit erg populaire Linksys WRT54G-router, maar verschaffen intussen ook firmware voor diverse andere routermodellen. Een van de populairste projecten is DD-WRT (www.dd-wrt.com), waar je in een online database kunt checken in hoeverre je eigen router voor zo’n alternatieve upgrade in aanmerking komt. Neem in elk geval grondig alle instructies door voor je je aan zo’n experiment waagt! Experimenteren doe je hoe dan ook op eigen risico.

Tip 20: Eigen router

Tot slot, waarom zou je niet proberen je eigen router in elkaar te knutselen? Een wat oudere pc met (minimaal) twee netwerkkaarten en de gratis opensourcesoftware pfSense (www.pfsense.org) volstaan – naast de nodige tijd en kennis om alles naar wens te configureren, uiteraard. De software is gebaseerd op FreeBSD, maar voorziet wel in een uitstekende grafische interface voor de configuratie. Op de site kun je terecht voor uitgebreide documentatie en tutorials. Overigens biedt pfSense veel meer dan eenvoudige routerfuncties. Als we je even mogen laten watertanden: dhcp, dns, firewall, multi-wan, load balancing, vpn, dynamisch dns, captive portal, et cetera. Veel routerplezier!

▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.