ID.nl logo
15 manieren om met Linux aan de slag te gaan
© Reshift Digital
Huis

15 manieren om met Linux aan de slag te gaan

Steeds meer lezers maken de overstap naar Linux. Je hoeft niet meteen je vertrouwde Windows-omgeving overboord te gooien, want Linux laat zich net zo lief virtueel installeren, in een multiboot-omgeving of op een usb-stick. In dit artikel stellen we je vijftien uiteenlopende Linux-distributies voor.

01 Ubuntu

We kunnen er niet omheen: Ubuntu is de populairste Linux-distro. We raden je wel de LTS-versie van Ubuntu aan. Dat staat voor Long Time Support en zo'n versie is stabiel en kan rekenen op vijf jaar veiligheidsupdates. Ubuntu blijkt ook in trek bij (ex-)Windows-gebruikers, de uitstekende hardware-ondersteuning helpt daarbij, evenals de Unity-interface (die ook met multitouch-apparaten overweg kan). Hoewel, het is net deze kleurrijke en erg toegankelijke interface die bij Linux-fanatiekelingen op weinig waardering kan rekenen. Hoe dan ook, voor veel Linux-beginners blijken de uitstekende zoekfunctie en de makkelijke installatie van nieuwe programma's via Ubuntu's ingebouwde softwarecentrum een pluspunt. Spelletjes zijn er natuurlijk ook, maar high-end gamers blijven beter bij Windows.

©PXimport

Nieuwe software ophalen in Ubuntu: nauwelijks lastiger dan een app op je smartphone installeren.

02 Lubuntu

Het zal je weinig verbazen dat Lubuntu op Ubuntu is gebaseerd, zelfs de installatieprocedure is nagenoeg identiek. Een niet onbelangrijk verschil is de werkomgeving. Dat is dus niet Unity, maar de eenvoudige en makkelijk te bedienen LXDE-omgeving. Dat staat voor Lightweight X11 Desktop Environment en vooral dat 'lightweight' is symptomatisch voor deze distributie. Gezien Lubuntu ook nog vlot wil kunnen draaien op wat minder krachtige en oudere computers, trachten de makers je een lichtvoetige omgeving aan te bieden. Dat blijkt ook uit de standaard meegeleverde software: niet LibreOffice dus, zoals bij Ubuntu, maar tools als AbiWord en Gnumeric. En geen VLC media player, maar programma's als Audacious en Gnome-Mplayer.

©PXimport

Een snelle omgeving met lichte software.

03 elementary OS

elementary OS klinkt als een 'elementaire' en dus uitgeklede Linux-variant en gezien de lichtvoetigheid van het systeem valt daar wel iets voor te zeggen. Maar tegelijk is het een van de mooiste en meest harmonieuze distributies die we kennen. elementary OS is op Ubuntu gebaseerd, maar komt wel met een eigen bestandsbeheerder, software- en muziekcentrum en desktopomgeving (Pantheon). Deze laatste heeft behoorlijk wat weg van de OS X-interface, inclusief een dock en een applicatiestarter (Slingshot). Andere applicaties, zoals de browser Midori en de e-mailclient Geary, zijn geen eigen programmatuur, maar zijn wel bewust gekozen met het oog op snelheid. Veel applicaties worden er standaard niet meegeleverd.

©PXimport

Opvallend: een Linux-distributie met (veel) oog voor esthetiek.

04 Edubuntu

Wie dacht dat Edubuntu een samentrekking is van 'education' en 'ubuntu' heeft het helemaal bij het rechte eind. Edubuntu, dat net als Ubuntu ook als een LTS-editie beschikbaar is, richt zich met name op opvoeders en lesgevers en heeft een behoorlijke selectie van educatieve programma's aan boord, wat de stevige download van circa 2,9 GB verklaart. In het softwarecentrum kun je terecht voor diverse educatieve pakketten die elk zijn toegespitst op een andere leeftijdscategorie: 'preschool', 6-12, 13-18, hoger onderwijs. Houd er wel rekening mee dat de meeste educatieve software Engelstalig is, misschien niet zo handig voor jongere kinderen ... of juist wel.

©PXimport

Edubuntu: Ubuntu met een hele reeks educatieve programma's voor alle leeftijden.

05 Linux Mint

De laatste tijd blijkt Linux Mint zelfs populairder dan Ubuntu. Wie overstapt van Windows zal zich snel thuis voelen in Linux Mint, met name in de Cinnamon-desktop. Immers, de Cinnamon-desktop heeft wel wat weg van een Windows XP-omgeving en maakt van Linux Mint wellicht een van de beste WIMP-desktops (Windows, Icons, Menu, Pointer). Hoewel deze distributie zich niet zo fanatiek focust op 'lichtvoetigheid' zoals bij Lubuntu, blijkt die toch ook vlot te draaien op minder krachtige machines. Het feit dat Linux hoe dan ook veiliger is (wat malware betreft) dan Windows, kan een argument zijn voor de overstap.

©PXimport

Linux Mint: een rijzende ster (met dank aan ex-Windows gebruikers).

06 Fedora

Fedora zweert nog altijd bij de oudere GNOME-desktop en hoewel deze omgeving in diverse andere Linux-distributies wordt aangeboden, is die minder gepolijst dan bijvoorbeeld de Unity-omgeving van Ubuntu. Houd er tevens rekening mee dat Fedora (meer dan Ubuntu) durft te struikelen over (nieuwe) moederborden en grafische kaarten. Ook het software-aanbod is beperkter dan bij Ubuntu. Linux-adepten weten echter vooral de stabiliteit van Fedora te waarderen en vinden de no-nonsense aanpak van een GNOME net een uitdaging. Heb je echter nog geen Linux-ervaring, dan zijn er gebruiksvriendelijkere versies.

©PXimport

Fedora en GNOME: wellicht geen optimale combinatie voor Linux-neofieten.

07 OpenSUSE

OpenSUSE is van Duitse origine en heeft altijd oog voor de gebruiker gehad. Dat houdt bijvoorbeeld in dat er niet om de haverklap vernieuwingen binnensluipen, maar ook dat je tijdens de installatie zelf de werkomgeving kunt kiezen. Je hoeft evenmin veel problemen te verwachten wat betreft hardware-ondersteuning. Ook handig is het bestandssysteem Btrfs, dat in combinatie met het 'rollback'-programma Snapper momentopnames van het systeem kan maken, zodat je vanuit het menu altijd naar zo'n snapshot terugkeert. Houd er wel rekening mee dat de 'levensduur' van OpenSUSE minder is dan een Ubuntu LTS-versie: zo wordt de huidige versie 13.2 van veiligheids- en stabiliteitsupdates voorzien tot medio mei 2016.

©PXimport

OpenSUSE laat je uit verschillende desktopomgevingen kiezen (hier Xfce).

08 DoudouLinux

Edubuntu is eigenlijk weinig meer dan een reguliere Ubuntu-distributie, weliswaar met een stevige collectie educatieve software. DoudouLinux, gebaseerd op Debian, gaat nog een stap verder en wil ook de interface zelf kindvriendelijker maken (doudou is Frans voor knuffeldier). Een veertigtal kindvriendelijke applicaties zijn rechtstreeks vanuit de desktop bereikbaar, opgedeeld in een aantal rubrieken als Leren (14 applicaties), Werken (11), Spelletjes (6) en Multimedia (10), hoewel de indeling niet altijd even logisch blijkt. De hele omgeving is behoorlijk goed afgeschermd tegen onbewuste aanpassingen, wat de distro vooral geschikt maakt voor jonge kinderen.

©PXimport

Met zijn 'foolproof' omgeving en educatieve applicaties richt DoudouLinux zich vooral op jonge kinderen.

09 CloneZilla

Clonezilla is een gevestigde naam als het gaat om het klonen en imagen van computers. De distributie komt in twee grote varianten. Clonezilla SE (Server Edition) is bedoeld voor het terugzetten van een image naar een groep computers tegelijk, maar dat vereist een DRBL-server en een PXE-boot op de client-machines. Clonezilla Live dan weer laat zich eenvoudigweg op een cd/dvd of een usb-stick zetten en is bedoeld voor individuele computers. Heeft je bootmedium onvoldoende ruimte voor het opslaan van het beeldbestand, dan zet je best een netwerkshare op (met sshfs of samba).

©PXimport

CloneZilla laat zich vanuit een tekstueel menu aansturen.

10 GParted Live

GParted staat voor GNOME Partition Editor en is precies bedoeld voor wat de naam suggereert: het bewerken van partities. Het is een volbloed 'live' medium: alles wordt naar het RAM-geheugen gekopieerd, zodat je het bootmedium tijdens het werken met GParted kunt verwijderen. GParted laat zich geheel vanuit een grafische interface bedienen. De beschikbare functies kunnen verschillen naargelang het bestandssysteem van het OS, maar in de meeste gevallen kun je partities creëren, uitbreiden, inkrimpen, kopiëren, verplaatsen, controleren en hernoemen. De makers van GParted raden je wel aan eerst een complete schijfback-up te maken (bijvoorbeeld met Clonezilla Live) voor je partities gaat schalen of verplaatsen.

©PXimport

GParted kan met heel wat bestandssystemen overweg.

11 Kaspersky Rescue Disk

Sommige malware weet zich zo diep in je systeem te nestelen dat je het met je reguliere antivirustool niet weg krijgt. Start je pc dan met een live antiviruspakket op, zoals Kaspersky Rescue Disk. Belangrijk is dat je over een up-to-date virusdatabase beschikt, maar het programma updatet deze zelf. Vervolgens geef je aan welke schijven, mappen of bestanden je wilt laten scannen. Detecteert de tool inderdaad malware, dan kun je die ongemoeid laten, laten verwijderen of desinfecteren. In dit laatste geval wordt er indien mogelijk een kopie van het origineel in quarantaine geplaatst. We raden je wel aan eerst een image te maken van je systeem voordat je opruimt.

©PXimport

Je kiest zelf welke schijven, mappen of bestanden je wilt scannen.

12 Ultimate Boot CD

Ultimate Boot CD gaat al heel wat jaren mee en bestaat ook in een Windows-variant (UBCD4Win) op basis van BartPE, een uitgeklede Windows XP-omgeving. De term 'ultimate' klinkt hoogdravend, maar is niet helemaal uit de lucht gegrepen. Deze distributie is namelijk specifiek ontworpen om Linux- en Windows-systemen te troubleshooten en bevat een stevig arsenaal aan tools voor diagnose van harde schijven, partitiebeheer, dataherstel, systeeminformatie, virusverwijdering, klonen van schijven, stresstests en het grondig verwijderen van data. De meeste tools zijn gratis opensource-software. Wie geregeld computerproblemen moet oplossen doet er hoe dan ook goed aan deze distributie op zak te hebben.

©PXimport

UBCD: een Zwitsers zakmes voor computer troubleshooting.

13 Tails

Tails staat voor The Amnesic Incognito Live System en dat vat goed de essentie van dit besturingssysteem samen. Tails is gebaseerd op Debian GNU/Linux en is er vooral op gericht de gebruiker zo veilig en anoniem mogelijk het internet op te laten gaan. Eigenlijk is het de bedoeling dat je TAILS opstart van een live medium zoals een cd of usb-stick. Immers, Tails bewaart alle gegevens in het geheugen dat automatisch wordt geleegd zodra het systeem afsluit. Verder gebruikt Tails het Tor-netwerk via de ingebouwde Tor-browser, wat de kans minimaliseert dat men je kan traceren. Verder levert de distributie een reeks cryptografische tools mee waarmee je privacygevoelige bestanden, e-mails en chatberichten kunt versleutelen.

©PXimport

Tails, voor wie zo min mogelijk sporen wil achterlaten.

14 DEFT

DEFT staat voor Digital Evidence & Forensic Toolkit en meteen weet je waar deze gespecialiseerde Linux-distributie voor dient. Die bevat namelijk een indrukwekkende reeks tools die er specifiek is op gericht zo veel mogelijk gegevens van een systeem te vergaren, zonder iets aan dat systeem zelf te wijzigen. Een opsomming van deze tools vind je in de (wat verouderde) online handleiding. Je treft hier tevens de DART 2-suite aan die bedoeld is voor forensisch onderzoek in Windows-omgevingen. Deze suite zit vervat in DEFT 8.1 maar is ook als standalone pakket te downloaden.

©PXimport

Deft heeft heel wat forensische tools aan boord, bedoeld voor gevorderde gebruikers.

15 Kali

Lange tijd was Backtrack de meest beruchte Linux-distributie. Die bevatte namelijk tal van tools die erop waren gericht zogenoemde pen(etratie)tests uit te voeren om de veiligheid van netwerksystemen en authenticatieprotocollen te checken. Of te kraken. De ontwikkeling van Backtrack is stopgezet, maar Kali heeft sinds twee jaar de fakkel overgenomen. Kali is gebaseerd op Debian Linux en bevat circa 300 applicaties, met bekende namen als Wireshark (pakketanalysetool), John the Ripper (wachtwoordkraker), nmap (poortscanner) en Aircrack-ng (wifi-wachtwoordenkraker). De meeste van deze tools vereisen echter veel kennis. Gezien de bedoelingen van Kali is deze distributie vooral bedoeld om 'live' op te starten, in plaats van die effectief te installeren.

©PXimport

Kali, van penetratietester tot hackertool.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.