ID.nl logo
Intel Z590-moederborden getest
© PXimport
Huis

Intel Z590-moederborden getest

Onlangs heeft Intel alweer zijn elfde generatie Core-processors uitgebracht. Mocht je de ontwikkelingen op gebied van desktopprocessors nauw gevolgd hebben, dan weet je ook dat Intel eigenlijk al enige tijd onder druk staat. Brengt de elfde generatie (codenaam: Rocket Lake) wel iets nieuws? En is het genoeg? Je hebt in ieder geval een nieuw moederbord nodig. Wij zochten uit wat het platform brengt en hebben zestien verschillende Z590-moederborden in huis gehaald voor een vergelijking.

We hebben het op Computer!Totaal de afgelopen jaren meermaals gehad over de opkomst van AMD en zijn Ryzen-processors. Zo’n tien jaar lang was Intel de enige partij die relevante desktopprocessors kon maken en hoefde het feitelijk niets anders te doen dan zijn producten elk jaar een klein beetje sneller te maken. Maar toen stond er enkele jaren gelegen opeens een concurrent in de vorm van AMD Ryzen.

In de eerste jaren was Intels reactie op Ryzen zowel voorspelbaar als voldoende. Zo voegde de fabrikant simpelweg wat extra rekenkernen toe aan zijn processors. Door optimalisaties door te voeren, wist Intel de prestaties per core net wat hoger te houden dan de concurrent.

Het feit dat de chipmaker op een verouderde architectuur en productieprocedé werkte, had negatieve gevolgen voor de efficiëntie. Maar Intels jarenlange reputatie als degelijke fabrikant en het voordeel dat individuele cores bij Intel nog iets sneller waren, bleken voldoende om een sterke positie te behouden in de markt.

©PXimport

De omslag

Met de komst van AMD’s Zen 3-architectuur eind 2020, in de vorm van de Ryzen 5000-serie, sloeg de situatie echt om. Door AMD’s sterkere vooruitgang had het bedrijf nu krachtigere cpu-cores dan Intel, en de processors in het hogere segment hadden er nog flink meer ook. Intels topmodel moest het met maximaal tien cores doen, terwijl AMD zowel 12- als 16-core-processors aanbood. Deze cores bleken niet alleen krachtiger dan die van Intel, maar ook veel zuiniger.

Nu Intel niet langer op zijn reputatie kon rekenen, zat er nog maar één ding op: na vele jaren waarin een star prijsbeleid werd gevoerd, begon Intel nu te stunten. Was je voorheen dik 500 euro kwijt aan een rappe 8-core-processor van Intel, aan het begin van 2021 zakte dat naar zo’n 300 euro.

Nvidia of AMD-videokaart: Waar moet je op letten?

©PXimport

Oud procedé

Achter de schermen is Intel druk bezig met een compleet nieuw soort processor onder de codenaam Alder Lake, die later in 2021 verwacht wordt. Toch wilde de chipmaker voor die tijd kennelijk toch iets nieuws uitbrengen in de desktopmarkt.

Aan de basis van een nieuwe chip staan twee pijlers: architectuur (het design) en procedé (het productieproces). Daarbij bepaalt vooral het procedé hoe efficiënt een chip kan zijn. Maar de nieuwe desktoparchitectuur was nog niet af en tegelijkertijd had Intel moeite om het kleinere procedé werkbaar te krijgen. Beide pijlers staan dus onder druk.

Intel koos daarom voor een opvallende oplossing: het heeft de architectuur van zijn laptopchips (Ice Lake Sunny Cove-cores) onder de codenaam Rocket Lake omgebouwd naar het verouderde 14nm-procedé waarop Intels desktopchips al vele jaren worden gebouwd. Zo heeft de elfde generatie Core-processor voor het eerst in jaren wel een “nieuwe” architectuur, maar begint hij ook met een forse achterstand ten opzichte van AMD’s veel efficiëntere 7nm-procedé.

©PXimport

Snelle maar (te) hete cores

Door deze achterstand zijn Intels nieuwste speeltjes geenszins concurrerend met de nieuwste AMD-processors als het op energieverbruik aankomt. Intels topmodel, de circa 600 euro kostende i9-11900K, verbruikt makkelijk tweemaal zoveel stroom als een in theorie even dure Ryzen 9 5900X. De gebruikstemperaturen lopen daardoor ook een stuk hoger op.

En hoewel Intels nieuwe cores per stuk flink sneller zijn geworden en grofweg gelijk presteren aan AMD’s individuele cores, is Intel beperkt tot acht cores, waar AMD er maximaal twaalf heeft. Voor doorsnee gebruikers en gamers maakt dat niet veel uit, beide zijn dan grofweg even capabel, maar voor zwaar gebruik gaat er weinig boven het hebben van meer cores.

Je koopt een high-end processor voor echt intensieve taken. Maar juist in dat soort taken heeft Intels nieuwe topmodel simpelweg te weinig te bieden. De singlecore-prestaties van de chip zijn weliswaar weer concurrerend, maar hij is minder efficiënt en minder krachtig in multicore-taken. Kortom, Intel moet sterk op prijs concurreren. Eigenlijk nog scherper dan het al doet.

©PXimport

Tekorten redden Intel

Wel krijgt Intel onverwachte hulp van buitenaf. Waar het bedrijf zijn chips zelf fabriceert, laat AMD dat bij TSMC doen. Er is momenteel bij chipbakkers als TSMC gigantisch veel vraag naar chipproductie vanuit verschillende partijen, met enorme tekorten als gevolg. Zo is er op het moment van schrijven zelfs geen Ryzen 9 5900X te koop in Nederland, terwijl alle nieuwe Intel-chips wel goed leverbaar zijn. En de beste cpu is er toch echt een die je daadwerkelijk kunt kopen.

In het lagere segment werkt dat voordeel voor Intel ook door. De 6-core Intel Core i5-11600K, een mooie 6-corechip met uitstekende allround en gameprestaties, kost op het moment van schrijven 260 euro. AMD’s tegenhanger met evenveel cores (Ryzen 5 5600X) is voor minder dan 340 euro niet te koop. In de directe strijd zouden we AMD normaliter de betere noemen vanwege een gunstiger stroomverbruik en nog net iets betere allround prestaties, maar dat voordeel is geen 30 procent hogere prijs waard.

©PXimport

Nieuw moederbord?

De nieuwe processors gebruiken Socket LGA 1200 en die is niet nieuw. Dezelfde socket wordt ook gebruikt door de vorige generatie en de Z490-moederborden die daarbij horen. Helaas werken de chips van de elfde generatie niet op alle oudere borden, dus controleer voordat je zo’n combinatie in huis haalt goed of dat wel gaat werken. Daarbij zullen de meeste Z490-borden die in de winkel liggen nog een oudere bios-versie hebben, waardoor de combinatie uit de doos niet werkt.

Andersom werkt alles wat makkelijker. Niets weerhoudt je ervan om een Z590-moederbord te combineren met een processor van de tiende generatie. Houd er wel rekening mee dat je dan niet profiteert van een van de grote nieuwe functies van de Z590-borden: PCI Express 4.0-ondersteuning.

©PXimport

Nieuwe mogelijkheden?

Een nieuwe generatie moederborden brengt normaliter ook wat nieuwe functionaliteit met zich mee. Zo krijg je bij deze generatie ondersteuning voor PCI Express 4.0, zowel voor videokaarten als ssd’s. Ook is de bandbreedte tussen cpu en chipset verdubbeld, waardoor systemen met meerdere snelle ssd’s beter uit de voeten kunnen. Daarnaast wordt nu usb 3.2 gen 2x2 (met een doorvoersnelheid van 20 gigabit per seconde) ondersteund, al passen niet alle fabrikanten dit toe.

Opvallend is ook dat de moederbordfabrikanten zelf meer mogelijkheden hebben toegevoegd. Zo beschikken de meeste Z590-borden nu over meer M.2-ssd-sloten. Ook zien we al borden met de nieuwe wifi 6E-standaard en meer borden met Thunderbolt. Bovendien heeft elk bord in de test een multi-gigabitnetwerkaansluiting aan boord. Over de hele linie zijn de nieuwe moederborden dus wel beter dan voorheen.

©PXimport

Waar moet je op letten?

De stroomvoorziening, soms VRM (voltage regulator module) genoemd, is cruciaal voor een stabiele werking van je systeem. Hoe zwaarder de cpu, hoe zwaarder die moet zijn. Wij maken geen onderscheid tussen een goede of overdreven stroomvoorziening: zolang er geen oververhitting dreigt, is de stroomvoorziening goed genoeg.

Het volgende waar je op wilt letten, zijn de mogelijkheden. Daar wegen wij het totaalplaatje, maar uiteindelijk moet je zelf bepalen wat voor jou belangrijk is. Hoeveel usb-poorten heb je nodig? Een usb-c-header is modern, maar heeft je behuizing überhaupt usb-c? En wil je extreme overklokmogelijkheden?

Zo kom je tot het beste moederbord voor jou: de stroomvoorziening moet volstaan voor jouw processor en de overige eigenschappen moeten aan je eisen voldoen. Een duurder moederbord kopen dan een model dat aan jouw eisen voldoet, heeft weinig zin. Tenzij je uiteraard graag iets meer wilt betalen voor een bepaalde uitstraling.

©PXimport

De beste middenklasser (200 tot 300 euro)

Intel-cpu’s mogen dan wel in prijs zakken, de moederborden kosten vooralsnog aardig wat knaken. Geen van de Z590-borden die ons lab bereikten, bleef onder de 200 euro. Een budgetklasse is er dus niet. Maar hoewel er zeker sprake lijkt van de bekende “price creep”, de ontwikkeling dat producten met elke nieuwe generatie wat duurder worden, is er ook een duidelijke verbetering over de hele linie. Zo hebben zelfs de twee goedkoopste borden, de ASRock Z590 Extreme en de MSI Z590-A Pro, drie M.2-sloten, interne usb-c-aansluitingen en flink wat fanheaders aan boord.

In het lagere segment was normaliter de stroomvoorziening een grote zorg. De vraag was vooral of die wel volstond voor een stevige processor. Gezien het forse verbruik van vooral de Intel Core i9-11900K heb je voor die chip een stevige stroomvoorziening nodig. Anders kan het moederbord oververhitten, met een slecht presterende processor of zelfs een defect bord als gevolg. Positief nieuws: zelfs de goedkoopste twee kunnen een i9 aan, zolang er maar een beetje lucht langs je moederbord stroomt. Je moet ze dus niet inbouwen in een dichte behuizing zonder ventilatie, maar dat geldt eigenlijk voor elk moederbord.

De hoge instapprijs, gecombineerd met relatief hoge prijzen voor meerdere computeronderdelen, doet ons afvragen of het wel zinvol is om de instappers te overwegen. Voldoen de mogelijkheden van de goedkoopste borden in de tabel voor jou, dan is er weinig mis mee en kun je ze overwegen. Maar we zien toch ook forse verschillen met de borden die slechts ietsjes duurder zijn. Zo heeft de ASRock Z590 Extreme maar zes usb-poorten achterop en beschikt de MSI Z590-A Pro over een goedkope geluidschip. Dat zijn voor deze klasse stuk voor stuk knullige manieren om in de kosten te snijden.

Rond de 275 euro vinden we de sweetspot van de Z590-generatie. Borden zoals de ASUS TUF Gaming Z590-Plus WiFi, MSI MAG Z590 Tomahawk WiFi, MSI MPG Z590 Gaming Plus en de Gigabyte Z590 Vision G zijn zeer compleet, hebben een stevige stroomvoorziening en zien er aantrekkelijk uit. Heb je een merkvoorkeur? Dat is dan een sterk argument om de knoop mee door te hakken, want ze ontlopen elkaar weinig.

Uiteindelijk geven we (nipt) de winst aan de Tomahawk van MSI voor zijn mooie balans tussen stroomvoorziening, aansluitingen, en de toevoeging van de nieuwste wifi 6E-standaard. De runner-up voor ons is de iets duurdere Gigabyte Z590 Vision G, niet alleen omdat het een van de weinige strakke borden is met witte details, maar ook vanwege de extra usb-poorten en het vierde M.2-slot dat fanatiekere pc-gebruikers net wat meer flexibiliteit geeft, zij het ten koste van een optische uitgang en wifi.

©PXimport

MSI MAG Z590 Tomahawk WiFi

Prijs
€ 274,-
Website
https://nl.msi.com/8Score80

  • Pluspunten

  • Goede stroomvoorziening

  • Wifi 6E

  • Genoeg aansluitingen

  • Minpunten

  • Software kan beter

Het beste high-end bord (300 tot 400 euro) 

Hoewel meer uitgeven niet noodzakelijk is, zien we bij een aantal borden duidelijke argumenten om dat wel te doen. Denk aan een nog stevigere stroomvoorziening om te overklokken, een fraaier uiterlijk, postcodes voor probleemoplossing of extra netwerkaansluitingen. In dit segment voor de liefhebber wegen we zaken zoals het BIOS en de meegeleverde software ook sterk mee. Op dat vlak heeft ASUS vooralsnog een voorsprong. De gebruikservaring is simpelweg beter en het is frustrerend om een mooi moederbord gepaard te zien gaan met een knullig softwarepakket.

Op het gebeid van hardware zijn MSI, Gigabyte en ASUS redelijk aan elkaar gewaagd. Elk van de drie borden in dit segment heeft zijn eigen sterke punten als het op aansluitingen aankomt, maar onder de streep zijn alle drie prima. Mocht je dus een merkvoorkeur hebben, dan kun je je keuze daar gerust op baseren.

Als we dan toch een winnaar moeten aanwijzen, dan is dat de ASUS ROG Strix Z590-E Gaming. Deze heeft de beste balans tussen stroomvoorziening, aansluitingen (waaronder vier M.2-sloten) en extra’s voor de liefhebber (zoals betere software en een gpu-houder om zware videokaarten te ondersteunen).

De Gigabyte Z590 Pro AX is ook een goede keuze, maar we betreuren de afwezigheid van postcodes en de keuze voor wifi 6 in plaats van 6E. Hij is met dertien usb-poorten wel recordhouder en daarmee ideaal voor de echte randapparatuurfanaat.

©PXimport

ASUS ROG Strix Z590-E Gaming

Prijs
€ 369,-
Website
www.asus.com/nl/9Score90

  • Pluspunten

  • Goede balans

  • Vier M.2-aansluitingen

  • Extra’s

  • Goede software

  • Minpunten

  • Niet de allersterkste stroomvoorziening

Het beste prosumer-bord (400 euro of meer) 

Nog meer uitgeven doe je enkel omdat je dat leuk vindt. Borden in dit segment zijn grotendeels overdreven en voorzien van luxe extraatjes. Net onder de 500 euro zien we twee zeer complete opties, de ASUS ROG Maximus XIII Hero en de MSI MEG Z590 ACE. Beide zijn erg high-end, overcompleet en voorzien van alle toeters en bellen voor een echte pc-liefhebber, inclusief Thunderbolt 4-poorten bijvoorbeeld.

Het MSI-bord heeft op papier een iets betere stroomvoorziening en ziet er met zijn gouden details luxe uit, maar moet het uiteindelijk nét afleggen tegen de iets betere software van ASUS, de gemiddeld wat snellere usb-poorten en de nipte voorsprong als het om headers gaat, zowel voor algemeen gebruik als voor overklokken. Als geld echt geen rol speelt, mag je de ROG Hero als het ultieme Z590-bord beschouwen.

Alles erboven is vooral show met een hele specifieke insteek. Zo is de MSI MPG Z590 Carbon EK voorzien van een groot waterblok van de firma EK. ASUS en Gigabyte zijn volledig los gegaan met een zo krachtig mogelijke stroomvoorziening, die eigenlijk een beetje overdreven is, maar ze kiezen verder wel hun eigen pad. Zo valt Gigabyte op met een prachtige metalen afwerking en ASUS juist dankzij de extreme hoeveelheid toeters en bellen voor de fanatiekste overklokkers en knutselaars. Maar in beide gevallen geldt: 1000 euro voor een moederbord kunnen wij geenszins goedpraten.

©PXimport

ASUS ROG Maximus XIII Hero

Prijs
€ 469,-
Website
www.asus.com/nl/10Score100

  • Pluspunten

  • Relatief veel header-aansluitingen

  • Relatief snelle aansluitingen

  • Goede software

  • Minpunten

  • Niet de allersterkste stroomvoorziening

Het beste compacte bord

Tegenwoordig zijn de zogenaamde small-form-factor- (SFF) of itx-computers populair. Daarvoor is een itx-moederbord vereist. De meerprijs die men bereid is daarvoor te betalen, leidt ertoe dat fabrikanten deze moederborden duidelijk liefde geven. In tegenstelling tot bijvoorbeeld micro-atx, waarvan we er dit jaar welgeteld nul op de testbank konden plaatsen.

Gigabyte en ASUS hebben hun borden uitstekend uitgevoerd. We zien een stevige stroomvoorziening, plek voor twee M.2-ssd’s en interne usb-c-aansluitingen. Ook hebben beide borden acht usb-poorten achterop, waar vorig jaar zes nog de standaard was.

Op papier heeft Gigabyte een iets sterkere stroomvoorziening, maar beide kunnen een i9 prima aan en dus zien we daarin geen beperking. De toevoeging van een vierde fanheader op de Gigabyte wegen we wel mee, want die komt in menig behuizing wel van pas. ASUS scoort weer puntjes vanwege de toevoeging van Thunderbolt 4, de betere software en het feit dat het moederbord in staat is beide M.2-ssd’s te koelen. Gigabyte plaatst de tweede M.2-aansluiting achterop en daar kun je beter geen heethoofd installeren.

Zo lijkt het itx-bord van ASUS nipt de sterkere van de twee, maar het prijsverschil in het voordeel van Gigabyte vinden we wel heel erg fors. Mocht je per se Thunderbolt nodig hebben, dan is de keuze eenvoudig. Maar vanwege de prijs leunen we toch richting de Gigabyte. Een mooie pc bouwen is anno 2021 tenslotte al prijzig genoeg.

©PXimport

Gigabyte Z590I Aorus Ultra

Prijs
€ 279,-
Website
www.gigabyte.com/nl9Score90

  • Pluspunten

  • Vierde fanheader

  • Stevige stroomvoorziening

  • Gunstige prijs

  • Minpunten

  • Geen Thunderbolt 4

  • Software kan beter

Conclusie

In een wereld zonder grootschalige chiptekorten zou Intels elfde generatie een gevalletje “too little, too late” zijn. Maar met het vooruitzicht dat de chiptekorten bij de concurrentie nog minimaal maanden aan zullen houden en de realisatie bij Intel dat het zijn prijzen scherp moet houden, lijkt de chipmaker vooralsnog even door te kunnen modderen totdat later dit jaar de beloofde cpu-revolutie arriveert in de vorm van Alder Lake.

Als je medio 2021 een nieuwe pc nodig hebt, lijkt een Intel-processor eigenlijk je enige optie te worden. Een goed moederbord is de basis van een stabiele pc. Alle moederbordfabrikanten nemen de stroomvoorziening serieus en je hoeft je tegenwoordig geen zorgen meer te maken of een moederbord kwalitatief wel voldoende is. Alleen als je de goedkoopste Z590-borden combineert met de duurste Intel Core i9 mét een overklok, hoef je pas echt aan extra koeling te denken. Daardoor kun je je praktisch volledig richten op de mogelijkheden van een moederbord.

Onze aanbevelingen in dit artikel zijn borden die in bredere zin positief opvallen en we zouden die als eerste overwegen. Elk van de overige borden kan ook een prima koop zijn. Let daarbij dan ook op tijdelijke deals, zoals cash-backs of Steam-tegoeden. Wie weet helpt zo’n voordeeltje de knoop door te hakken.

©PXimport

▼ Volgende artikel
6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer
© luismolinero
Huis

6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer

Als je alles uit je staafmixer wilt halen, moet je wel weten hoe je ermee om moet gaan. Met deze tips krijg je niet alleen de beste (lees: lekkerste) resultaten, maar gaat je staafmixer ook langer mee. Win-win! 

In het kort: Een staafmixer is in principe een heel simpel apparaat. Je zet hem aan en hij pureert de boel voor je. Maar let op: een staafmixer kan overbelast raken en sneller stukgaan als je hem niet op de juiste manier gebruikt. Ook kunnen je gerechten er minder lekker op worden. Wil je weten hoe je je staafmixer optimaal benut? Lees dan de tips in dit artikel.

Lees ook: Dit kun je allemaal (nog meer) met een staafmixer

Tip 1: Ingrediënten voorsnijden

Hoewel staafmixers erg krachtig kunnen zijn, hebben ze ook relatief kleine mesjes. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een blender kan het voor een staafmixer daarom lastig zijn om grote stukken goed en gelijkmatig te verpulveren. Je kunt je staafmixer dus een handje helpen door je ingrediënten van tevoren in kleinere stukken te snijden. Hiermee verklein je de kans op klonten of stukjes in je soep of saus én raken de messen minder snel overbelast. 

Tip 2: Let op het vermogen

Het is altijd belangrijk om rekening te houden met het vermogen van je staafmixer, want dat bepaalt welke ingrediënten het apparaat kan pureren. Het pureren van harde ingrediënten zoals noten of ongekookte groenten met een staafmixer met een laag vermogen gaat hoogstwaarschijnlijk niet lukken. Of het lukt wel, maar met een overbelaste motor tot gevolg. Voor harde ingrediënten is vaak een vermogen van minstens 600 watt nodig. Wil je vaak en veel gaan pureren, kies dan voor een vermogen van minstens 1000 watt. Maar let ook op het toerental, oftewel het aantal rotaties per minuut (RPM). Een staafmixer kan namelijk een laag vermogen hebben, maar wél een toerental van minstens 10.000 RPM. Dan is hij alsnog krachtig genoeg om harde ingrediënten te pureren. 

©Khaletski Siarhei | goffkein.pro

Tip 3: Niet te lang pureren

Lang achter elkaar pureren is funest voor de messen en de motor van een staafmixer. Beter is om in pulsen te pureren, waarbij je de motor tussen het pureren door steeds een paar seconden laat rusten. Vooral bij dikkere mengsels, zoals notenpasta, smoothies en dikke soepen, is dit belangrijk. Het is afhankelijk van het vermogen van een staafmixer hoe lang hij achter elkaar kan pureren. Vaak staat dit aangegeven bij de specificaties. Heb je geen idee? Pureer zachte ingrediënten dan niet langer dan 1,5 minuut en harde ingrediënten niet langer dan 45 seconden. Maakt je staafmixer een raar geluid of wordt hij erg warm, stop dan meteen met pureren. Dit zijn signalen dat het apparaat overbelast is. 

Tip 4: De juiste snelheid

De meeste staafmixers hebben meerdere snelheidsstanden en dat is niet zonder reden. Zo heb je voor het fijn pureren van dikkere mengsels en harde ingrediënten vaak een hogere snelheid nodig dan voor lichte bereidingen. En de turbostand kan handig zijn om harde ingrediënten kort maar krachtig te verpulveren of om een extra gladde soep te maken. Soms wil je een combi van snelheden gebruiken. Je begint bijvoorbeeld met een lage snelheid om spatten in de keuken te voorkomen en bouwt vervolgens geleidelijk op naar een hogere snelheid voor een glad resultaat. 

Tip 5: Ronddraaiende beweging

Beweeg je je staafmixer tijdens het pureren altijd gewoon op en neer? Op zich niks mis mee, want pureren doet het apparaat toch wel. Maar wil je zeker weten dat je geen plekken overslaat, maak dan tijdens het op en neer gaan óók een cirkelvormige beweging. Want op een mayonaise met klontjes zit natuurlijk niemand te wachten. 

©VI Studio

Tip 6: Schoonmaken

Een staafmixer neemt je veel werk uit handen, maar daar moet je wel iets voor terugdoen. Een staafmixer die niet goed schoongemaakt wordt, zal sneller vastlopen door aangekoekte etensresten. De motor moet dan tijdens het pureren harder werken en zal waarschijnlijk sneller overbelast raken. Daarnaast is een vieze staafmixer natuurlijk niet zo hygiënisch. Wil je geen bacteriën en nare geurtjes in je verse soep, maak je staafmixer dan na elk gebruik goed schoon. Dat kost je nauwelijks moeite: laat het apparaat even draaien in een maatbeker met warm water en wat afwasmiddel of doe hem, als dat kan, in de vaatwasser.

Nog meer doen met je staafmixer?

De beste accessoires, van gardes tot hakmolens

▼ Volgende artikel
Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates
Huis

Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates

Tijdens het persevent van Sony op het Europese hoofdkwartier in Weybrigde in het Verenigd Koninkrijk werden de nieuwe soundbars en tv's van 2025 aangekondigd. Het bedrijf zegt het misschien niet met zoveel woorden, maar de boodschap is duidelijk: minder frequente updates van alle modellen, en miniled blijft de technologie voor het topmodel.

 De 2023 A95L qd-oled-tv heeft twee jaar in het aanbod gestaan, ondanks het feit dat er vorig jaar wel degelijk een nieuw paneel beschikbaar was. In 2025 krijgt het model wel een update. De Bravia 8 II - te lezen als Bravia 8 Mark 2 - zal uitgerust zijn met het nieuwste (3e generatie) qd-oled-paneel van Samsung Display. Sony claimt dat dit paneel een 25% hogere piekhelderheid zal leveren ten opzichte van de A95L. Als we kijken naar wat Samsung Display (de panelfabrikant) claimde op CES, dan kan dit paneel tot 4.000 nits piekhelderheid leveren. We vermoeden dat Sony daar onder zal blijven, het merk is over het algemeen wat voorzichtiger en pusht zijn oled-panelen niet tot het uiterste op het gebied van piekhelderheid. Opmerkelijk genoeg vermeldde Sony expliciet dat de Bravia 8 II goedkoper zal zijn dan de A95L, maar concrete prijzen zijn er nog niet. De Bravia 8 II zal beschikbaar zijn in 55 en 65 inch.

©Eric Beeckmans | ID.nl

De Bravia 5 en Bravia 3

Verder naar onder in de line-up worden de Bravia 5 en Bravia 3 aangekondigd, ze vervangen respectievelijk de X90L en de X75WL. De Bravia 5 wordt uitgerust met de XR-processor (ook te vinden op de hogere modellen) en een XR Backlight Master Drive, een miniled-achtergrondverlichting die zes keer meer zones zal gebruiken dan de X90L. Hij zal beschikbaar zijn in 55, 65, 75,85, en 98 inch. De Bravia 3 is een instap 4K-model met direct led-achtergrondverlichting en de X1-processor. Dit model zal beschikbaar zijn in 43, 50, 55, 65, 75, en 85 inch. Beide modellen ondersteunen Dolby Vision en Dolby Atmos.

Demo's van nieuwe modellen

Sony toonde een aantal demonstraties van de nieuwe modellen, in vergelijking met een aantal concurrenten (dat waren uiteraard 2024-modellen). De Bravia 8 II stond opgesteld naast de voorganger de A95L, een Sony referentie studiomonitor, en een LG G4 en Samsung S95D. Zowel in Vivid Mode als de Filmmaker Mode (of vergelijkbaar want Sony gebruikt geen Filmmaker Mode) liet de Bravia 8 II een sterke indruk na. Zijn beelden leunen erg dicht tegen de studioreferentie aan. Kleuren in zeer heldere accenten zijn beter, en donkere gradaties worden nauwkeuriger weergegeven.

De Bravia 5 stond opgesteld naast een X85L (wat overigens een ietwat vreemde vergelijking is, want het toestel vervangt de X90L) en een Samsung QN85D. De XR Backlight Master Drive geeft de Sony flink wat extra helderheid en een duidelijke verbetering in contrast. Sony toonde ook een nieuwe techniek voor ruisonderdrukking bij oude bronnen (SD-content zoals Friends). Dat presteerde in sommige gevallen goed, maar liet in andere gevallen meer ruis zien. Mogelijk verfijnt Sony dit nog voordat het model op de markt komt. Het feit dat de testen in Vivid beeldmode gedaan werden, maakt de vergelijking ook moeilijk, vermits fabrikanten daar vaak veel vrijheid nemen.

Audioverwerking, beeldverwerking en Studio Calibrated

Op het gebied van beeldverwerking liet Sony dit keer geen belangrijke nieuwigheden zien. Ons oordeel over het nieuwe ruisonderdrukkingsalgoritme dat tijdens de Bravia 5 demo getoond werd, laten we nog even achterwege totdat we het zelf kunnen testen. De Bravia 3 heeft een nieuw algoritme voor beeldkwaliteit, maar dat werd alleen in Vivid-mode getoond en dat is een test waaruit weinig op te maken valt.  

©Eric Beeckmans | ID.nl

Sony benadrukte verder nog de aanwezigheid van Voice Zoom 3 op de Bravia 8 II en Bravia 5. Daarmee kan de processor nauwkeurig stem of dialogen isoleren van de rest van de audio. Zo kun je die selectief versterken (voor film kijken ’s avonds) of verzwakken (om de commentator bij sport wat stiller te maken).

De tagline van Sony, ‘Cinema is coming home', wil de fabrikant garanderen met een aantal Studio Calibrated beeldmodes: Netflix Adaptive Calibrated Mode, Prime Video Calibrated Mode en Sony Pictures Core Calibrated Mode. Die modi zijn specifiek in samenwerking met de respectievelijke streamingdienst opgezet. Voor alle andere content is er de ‘Professional’-beeldmode.

Tweejaarlijkse cyclus en miniled als toptechnologie

Net als vorig jaar heeft Sony alleen een deel van line-up vernieuwd. Dat is een aanpak die we toejuichen, want het maakt de verbeteringen die een nieuw model krijgt veel duidelijker. Sony kan daar eventueel nog wel van afwijken, bijvoorbeeld als een model het slecht doet in de markt. Maar we hopen dat dit voorbeeld navolging krijgt.

De 2024 Bravia 9 - een miniled-model - geldt nog steeds als het topmodel, ondanks de vernieuwde Bravia 8 II QD-OLED. Sterker nog, Sony kondigde voor volgend jaar een RGB-miniled technologie aan die duidelijk voorbestemd is om het nieuwe topmodel te worden.

Wat is een rgb-miniled achtergrondverlichting?

De achtergrondverlichting is het onderdeel van een lcd-tv dat licht produceert. Dat kunnen witte leds zijn, maar een moderne premium lcd-tv gebruikt doorgaans talloze minileds die blauw licht produceren, dat via een quantum dot-folie wordt omgezet naar wit licht. De leds worden onderverdeeld in zones die de processor individueel kan aansturen om het contrast te verbeteren. In donkere zones dimt hij het licht, in heldere zones kan hij de leds sterker aansturen. Om kleur te produceren wordt elke pixel met behulp van een kleurfilter opgedeeld in een rode, groene en blauwe subpixel.

©Sony

RGB-miniled technologie vervangt dit systeem door trio's van rode, groene en blauwe minileds te gebruiken die samen wit licht creëren, waardoor de quantum dot-laag overbodig wordt. Omdat er nog steeds veel minder leds dan pixels zijn, blijft het kleurenfilter nodig om per pixel de juiste kleuren te creëren. Net zoals bij een huidige miniled-tv worden de leds onderverdeeld in zones om het contrast te verbeteren.

©Sony

Maar deze technologie kan nog een stapje verder gaan. Als de processor detecteert dat er in een bepaalde zone enkel groen licht nodig, dan kan hij de rode en blauwe leds uitschakelen. Dat is alvast veel efficiënter dan het overbodige licht weg te filteren.

Wachten tot 2026 voor nog rijkere, helderdere kleuren

Sony claimt dat dit soort achtergrondverlichting een piekhelderheid van 4.000 nits en kleurbereik van 99 % P3 kan bereiken en 90% Rec.2020. Dat is een flinke upgrade ten opzichte van de beste tv’s die momenteel wel 4000 nits halen, maar eerder 95% P3 en 75% Rec.2020 leveren. Concreet kan een rgb-miniled veel helderdere kleuren tonen, die toch erg intens zijn.

©Sony

Daarnaast zijn ook meer nauwkeurige kleurgradaties mogelijk, en dat zowel in heel donkere als heel heldere tinten. Een aangezien meer en meer filmmakers vaak erg donkere scènes gebruiken, zou dat een welkome verbetering zijn. De technologie heeft nog twee extra voordelen. Ze is schaalbaar naar grote tv-maten. En een rgb-miniled tv zou ook een betere kijkhoek hebben, al liet Sony niet weten hoe dat gerealiseerd wordt. Sony zal een eerste model vermoedelijk in 2026 lanceren.

Ook bij audio een beperkt aantal nieuwe modellen

Net als bij de televisies worden ook de audioproducten niet meer elk jaar vernieuwd zo blijkt. Vorig jaar kreeg de top van het aanbod een make-over, dit jaar is de onderste helft aan de beurt. De Bravia Theatre Bar 6 is een 3.1.2 soundbar met subwoofer. De Bravia Theatre System 6 is een 5.1 soundbar met bijgeleverde surroundluidsprekers en subwoofer. Beide ondersteunen Dolby Atmos, DTS:X, Voice Zoom 3. We kregen een korte demo van de vernieuwde Bravia Bar 6, die een duidelijk vollere en stevigere klank produceerde dan de voorganger.

©Eric Beeckmans | ID.nl

Daarnaast zijn er ook twee optionele accessoires. De Bravia Theatre Rear 8 bestaat uit één paar draadloze surroundluidsprekers die je kunt gebruiken om de Bar 6 uit te breiden. De Bravia Theatre Sub 7 is een compacte draadloze subwoofer van 100W.

Bekijk andere Sony-tv's op Kieskeurig.nl: