ID.nl logo
Zo verbeter je het geluid van je televisie
© MG | ID.nl
Huis

Zo verbeter je het geluid van je televisie

De geluidskwaliteit van sommige televisies laat nog wat te wensen over. Maar juist het geluid bepaalt voor een groot deel het plezier bij het kijken naar je favoriete tv-programma's, series of films. Is het geluid van jouw tv nog niet optimaal? Hier lees je wat je daar allemaal aan kunt doen.

📺 In dit artikel vertellen we je wat je kunt doen om de audio van je televisie te verberen. Van wat aanpassingen in de instellingen van je tv tot het aanpassen van de inrichting van je huis.

Lees ook: Alles wat je wil weten over beeld en geluid

In de eerste plaats kan de positie van de televisie in de woonkamer bepalen hoe goed het geluid van je televisie is. Tijdens de installatie vragen tv’s bijna altijd of ze op een tv-meubel staan of aan de wand hangen. Maak daar alvast de juiste keuze. Heb je je toch vergist, of wil je het even nakijken, ga dan in het menu naar de geluidsinstellingen, daar vind je die optie terug.

Zijn er nog zaken die invloed hebben? Jazeker, plaats je tv niet in een kast. Die omgeving creëert allerlei geluidsproblemen (reflecties) en kunnen de klank echt slecht maken. Dat geldt helemaal als je televisie beschikt over Dolby Atmos of opwaarts of naar opzij gerichte luidsprekers heeft. Die kunnen in een kast niet goed hun werk doen.

Normaal gesproken worden namelijk de muren van de kamer gebruikt om geluid naar je toe te sturen, maar als de tv in een kast staat, wordt het geluid via de wanden van die kast verspreid en dat komt de geluidskwaliteit niet ten goede. Ook een schap boven de tv kan vaak zorgen voor vervormd geluid. Vermijd ook om je tv in een hoek te plaatsen, want ook dat kan de basweergave en surround negatief beïnvloeden. Als algemene richtlijn geef je de tv best een meter of meer vrije ruimte rondom.

©MG | ID.nl

Zo moet het dus niet: op deze manier wordt de tv-kast de klankkast en dat komt het geluid van de televisie niet ten goede.

Instellingen

De geluidsinstellingen van een tv zijn sterk afhankelijk van het merk. Maar bij ieder merk en model heb je vaak wel verschillende geluids-presets. De ‘standaard’- of ‘origineel’-preset is een goede allround keuze, maar vaak zijn er ook presets speciaal voor muziek of film. Er is geen juiste of foute keuze, ga gewoon af op wat jij het aangenaamste en duidelijkste vindt klinken. Vanzelfsprekend zal een instelling zoals ‘dialoog’, die de stemmen duidelijk(er) laat klinken, geen goede resultaten geven als je surround wilt horen. Veel tv’s bieden ook een equalizer waarmee je hoge, midden en lage tonen apart kunt versterken of verzwakken. Ook hier is jouw voorkeur de beste leidraad.

©MG | ID.nl

Veel televisies hebben de mogelijkheid om de audio aan te passen aan de hand van een aantal presets, zoals op deze LG-televisie.

Televisie kalibreren Ook handig: een aantal fabrikanten biedt de optie om het geluid aan te passen op basis van de kamerakoestiek. Een korte kalibratieprocedure, waarbij de ingebouwde microfoon van de afstandsbediening wordt, laat de tv toe de klank te optimaliseren. Voer die procedure uit in omstandigheden die je typische kijkomstandigheden zo goed mogelijk imiteren. Dus indien je de tv verplaats, voer je de procedure opnieuw uit.

Akoestiek verbeteren in de kamer

Over akoestische behandeling van kamers zijn boeken vol geschreven, maar toch is er een eenvoudige richtlijn. In een kale kamer zul je onvermijdelijk last hebben van echo’s. Heb je het gevoel dat de klank wat hard is, met een beetje echo, overweeg dan een tapijt, gordijnen, of zoek een paar decoratieve akoestische panelen die je op verschillende plaatsen aan de muur hangt.

©Anatoli | stock.adobe.com

Qua akoestiek kun je het zo gek maken als je zelf wilt, maar een vloerkleed of speciale panelen kunnen helpen het geluid wat beter te laten klinken.

Externe apparaten

Geeft je televisie (nog steeds) niet het gewenste geluid, dan kun je overwegen om extra apparatuur aan te schaffen. Sommige televisies hebben een extra audiofunctie waarmee het mogelijk is om een subwoofer aan te sluiten. Een subwoofer helpt bij de lage tonen en zorgt ervoor dat het geluid wat voller zal klinken. of je televisie een aparte subwoofer-uitgang heeft, kun je terugvinden in de handleiding, of je kijkt aan de achterzijde bij het blok met de aansluitpoorten, vaak zie je daar dan een aparte uitgang voor een subwoofer.

©Eric Beeckmans

Veel televisies bieden een aparte subwoofer-uitgang, zoals op deze Panasonic TX55MXW954. In dit geval wordt de aansluiting gedeeld met de hoofdtelefoon-aansluiting.

Natuurlijk zijn er ook andere apparaten waarop je je televisie kunt aansluiten. Op een soundbar bijvoorbeeld: deze wordt vaak later aangeschaft omdat blijkt dat het geluid van de televisie tegenvalt. Je kunt sommige soundbars ook uitbreiden met achterluidsprekers voor nog betere surround. Een soundbar sluit je aan via hdmi, maar kan ook draadloos via Bluetooth.

Verder zijn er ook voldoende mogelijkheden om televisie aan te sluiten op een AV-receiver, meestal kan dat gewoon via hdmi of draadloos, maar ook oudere audioapparatuur moet geen probleem zijn; daar kun je altijd gebruik maken van de bekende rood/witte cinch-kabels en deze met behulp van een verloopstekker aansluiten op de hoofdtelefoonuitgang van de televisie als deze geen aparte stereo-uitgang heeft.

©Timothy Hodgkinson | stock.adobe.com

Bij oudere receivers is er nog altijd de mogelijkheid om de audio van de televisie via cinch-kabels door te sturen.

Tot slot

Er zijn verschillende methodes voor het verbeteren van het geluid van je televisie; van het eenvoudig verplaatsen van je televisie of het aanpassen van wat instellingen tot wat prijzigere oplossingen zoals het aanschaffen van een aparte soundbar of het akoestisch verbeteren van de ruimte waarin de tv zich bevindt. Voor ieder budget is er in ieder geval nog voldoende mogelijk om jouw televisie-audio beter te maken.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.