ID.nl logo
Review Sony Bravia Theatre Bar 9 - strak ontwerp met fijne surround
© Sony
Huis

Review Sony Bravia Theatre Bar 9 - strak ontwerp met fijne surround

De Bravia Theatre Bar 9 van Sony is een nieuw alternatief voor toppers als de Sonos Arc en de Samsung HW-Q990D. Zoals altijd gaat Sony de strijd aan met eigen argumenten en veel stijl.

Uitstekend
Conclusie

De Bravia Theatre Bar 9 is een topmodel dat het net anders aanpakt. Hij is eenvoudig in te stellen en te gebruiken, wat helemaal past bij de minimalistische uitstraling. De ingebouwde surroundtechnologie met fantoomspeakers werkt prima. Het mag een van de subtielste vlaggenschip-soundbars op de markt zijn, hij creëert wel een sterk gevoel van immersie en speelt muziek goed af. Wil je een echte surroundbeleving bij actiefilms? Dan zou je moeten overwegen die achterspeakers en subwoofer erbij te nemen, maar die zijn niet goedkoop.

Plus- en minpunten
  • Eenvoudig en intuïtief in gebruik
  • Slank en premium design
  • Gedetailleerd surroundgeluid
  • Klinkt goed met muziek in stereo en Atmos
  • HDMI-ingang klaar voor PS5 en Xbox Series X
  • Kostprijs extra subwoofer
  • Geen spectaculaire bassen
  • Chromecast ontbreekt

De minimalistische Bravia Theatre Bar 9 gebruikt dertien speakers om 7.0.2-kanalen heel breed de woonkamer in te sturen. Dat is een indrukwekkend aantal waarmee deze Sony-soundbar soundtracks in Dolby Atmos-formaat en Dolby Digital Plus 5.1-geluid kan afspelen zoals het hoort. Deze twee formaten kom je vaak tegen bij streamingdiensten zoals Netflix, Disney+ en Amazon Prime Video. Er is ook ondersteuning voor DTS:X en oudere DTS-formaten. Dat is én toekomstgericht én geeft je de mogelijkheid om oudere blu-ray-films correct af te spelen.

©Sony

Er zitten bijzonder veel speakers in deze soundbar.

Met een adviesprijs van 1299 euro is de Bravia Theatre Bar 9 een echt topmodel onder de soundbars. Het is bovendien het nieuwe vlaggenschip in het Sony-assortiment en de opvolger van de HT-A7000. Iets lager gepositioneerd vinden we de goedkopere Bravia Theatre Bar 8 (ook nieuw), een iets compactere soundbar met minder speakers.

Geslaagde premiumuitstraling

 De duurdere Sony-soundbars zien er altijd heel chique uit en dat geldt ook voor de Bravia Theatre Bar 9. Bij de oudere HT-A7000 werd er gewerkt met zwart glas, dat helaas reflecties van het beeld veroorzaakte. Deze nieuwe Sony-soundbar is voor driekwart omhuld met een mooi zwart stofje en heeft hier gelukkig geen last van.

©Jamie Biesemans

De afwerking is echt heel goed.

De afgeronde hoeken en het textiel zorgen voor een wat zachtere uitstraling die de Bravia Theatre Bar 9 een subtiele verschijning geeft. Er is zelfs geen display dat je afleidt tijdens het tv-kijken. Er zijn enkel een paar leds die van achter het luidsprekerdoek oplichten, maar heel veel vertellen ze je niet.

Qua formaat is deze soundbar ontworpen voor een scherm van 65 inch of groter. Al kan hij ook bij een 55inch-scherm geplaatst worden als je het niet erg vindt dat hij iets meer uitsteekt. Hij is niet erg hoog, waardoor je de Bravia Theatre Bar 9 goed kunt combineren met tv’s die op een voet staan.

©Jamie Biesemans

Geschikt voor gamers

Veel aansluitingen zijn er niet op de Bravia Theatre Bar 9. Naast een HDMI-eARC-poort die je best gebruikt voor de verbinding met de tv, is er slechts één extra HDMI-input. Deze is wel HDMI 2.1 en dus in staat om een 4K120- of 8K60-signaal van een PlayStation 5 of Xbox Series X te verwerken. Een goede keuze dus voor next-gen gamers die hun console niet rechtstreeks met de tv kunnen verbinden.

Surround, ook elders in de kamer

Om het verschil te maken met concurrerende soundbars, zet Sony eigen technologieën in. 360 Spatial Sound Mapping en Sound Field Optimization zijn de belangrijkste, en werden onder meer bij de HT-A7000 en het aparte HT-A9-surroundsysteem gebruikt. De eerste techniek belooft door middel van virtuele phantom-speakers een groter surroundveld te creëren waarop geluidseffecten verschijnen.

©Sony

De Bravia Theatre Bar 9 kan ook aan de muur hangen.

De techniek Sound Field Optimization bouwt hier op verder en past de weergave aan de kamerinrichting aan. Én aan je zitplaats. Als je liever in de hoek van de L-vormige bank wilt zitten in plaats van recht voor het scherm, dan heb je in de app de mogelijkheid om even snel een test uit te voeren zodat de klank aan die hoekpositie wordt aangepast. Het is een slim idee dat rekening houdt met de realiteit van woonkamers die niet ideaal zijn ingericht.

Eén speaker in de doos

In tegenstelling tot bijvorbeeld de Samsung HW-Q990D of JBL Bar 1300, zitten er bij deze Sony geen extra subwoofer of draadloze achterspeakers in de doos. Het is wel mogelijk om de Bravia Theatre Bar 9 achteraf uit te breiden met deze extra’s. Fijn is dat je daarbij meer keuzes krijgt dan gebruikelijk. Zo zijn er twee draadloze subwoofers (de grotere SA-SW5 en de kleinere SA-SW3) en twee pakketten met achterspeakers (SA-RS5 en SA-RS3S).

©Jamie Biesemans

In de app koppel je makkelijk eventuele extra speakers en subwoofer.

De duurdere SA-RS5’s zijn daarbij de interessantere keuze omdat ze ook speakers bezitten die naar boven wijzen. Dat verhoogt het Atmos 3D-effect.

Als je de Bravia Theatre Bar 9 wilt uitbreiden met de grootste subwoofer en beste achterspeakers, dan moet je wel 1000 tot 1100 euro bij de aankoopprijs van de soundbar tellen. Dat is pittig, al is dat nog meer als je een Sonos Arc helemaal wilt uitbreiden met een Sub en een paar Era 300’s.

©Jamie Biesemans

Stof toont niet al te snel op deze soundbar.

Minder keuze voor streaming

Op streamingvlak is de Sony uitgerust met de populairste opties: Spotify Connect, Airplay 2 en bluetooth. Bij dat laatste kun je rekenen op ondersteuning van LDAC, wat een betere audiokwaliteit belooft. Je Android-smartphone moet het wel ook aan boord hebben.

De Bravia Theatre Bar 9 kan 360 Reality Audio afspelen: muziek in een surroundformaat dat vooral Sony wil pushen. Dat klinkt wel goed, maar de belangrijkste streamingdienst die het aanbood was Tidal ... en deze gaf onlangs aan daarmee te stoppen. Hierdoor blijven er enkel een aantal heel kleine diensten over.

Vergeleken met de vorige generatie Sony-soundbars vallen er streamingopties weg. Zo is Chromecast er niet langer bij, wat het toch wel moeilijker maakt voor Android-gebruikers die geen Spotify-gebruiker zijn. Dat is spijtig. Zij moeten bluetooth gaan gebruiken of eventueel een app van de muziekdienst op de tv zelf om muziek af te spelen. Ook Sony’s Music Center-app waarmee je eigen bestanden kon afspelen werkt niet langer.

De app houdt het eenvoudig

Voor de nieuwe Bravia-soundbars introduceert Sony een nieuwe app, Bravia Connect. Met de Bravia Theatre Bar 9 wil Sony duidelijk consumenten aantrekken die complexiteit en vele features beu zijn. Dat zie je ook in deze app, die heel strak en sober presenteert. Er is eigenlijk maar één scherm dat je meteen naar het beperkte aanbod aan functies brengt.

©Jamie Biesemans

De Bravia Connect-app is eenvoudig te gebruiken.

Het is echt een heel verschil met uitgebreide apps zoals je die vindt bij onder meer Samsung en LG. Talloze audiomodi, een equalizer en een volumeregeling per kanaal? Dat vind je hier allemaal niet. Je kunt enkel het volume regelen, het geluidsveld in- en uitschakelen, en de bassen in drie stappen instellen. Een nachtmodus en een modus om stemmen helderder te maken ronden het aanbod af. Diezelfde eenvoud komt ook terug bij de mini-remote die bij de Bravia Theatre Bar 9 wordt geleverd.

Het is geen slechte zet van Sony om de bediening zo eenvoudig mogelijk te maken. Je kunt snel aan de slag met deze soundbar, ook als je minder technisch bent.

Meer instellen kan ook

Slim is dat iemand die wél graag sleutelt via de instellingenknop een uitgebreid aanbod opties vindt. Het blijft nog een bescheiden hoeveelheid, maar bij de geluidsinstellingen zijn er een paar zaken die zeker het uitproberen waard zijn.

Zo kun je bij een muurgemonteerde tv best eens spelen met de hoogte van het geluidsveld. Op deze manier zorg je voor geluidseffecten die wat hoger in de lucht hangen, wat beter met de beeldpositie kan overeenkomen. Om een surroundveld te krijgen, gebruikt de soundbar standaard Sony’s 360 Spatial Sound Mapping. Via de app kun je die technologie vervangen door eentje van Dolby of DTS. De Sony-oplossing werkt wat ons betreft beter, maar het kan geen kwaad om ook de twee alternatieven te proberen. Misschien bevallen ze jou wel beter.

Instellen via een stappenplan

Het instellen van de Bravia Theatre Bar 9 gaat snel. De meeste tijd ben je kwijt met het doorlopen van het stappenplan om de Geluidsveld-functie af te stemmen op je woonkamer. Daarbij wordt er drie keer dertig seconden lang testtonen afgespeeld terwijl je de smartphone in een bepaalde positie houdt. Volg de heldere instructies in de app en het kan niet fout gaan. Sony doet dat heel goed: met illustraties en korte tekst wordt alles prima uitgelegd. Het stappenplan doorlopen doe je trouwens maar één keer – tenzij je iets verandert aan de inrichting. Verplaats je de bank of komt er een grote kast bij, dan voer je het stappenplan het best opnieuw uit.

©Jamie Biesemans

Het meten wordt helder uitgelegd in de app.

Zoals gezegd hoef je dat niet helemaal te doen als je elders in de kamer gaat zitten. Duik even in de Bravia Connect-app en tik op het hoofdscherm op Kijkpositie om het veel sneller af te handelen. Je moet dan gewoon even een half minuutje de telefoon voor je gezicht houden terwijl er heel kort testgeluiden afspelen. Zowel het langere stappenplan als (eventueel) de korte Kijkpositie-test zijn de moeite waard om uit te voeren. De helderheid en de 3D-ervaring worden er stukken beter door. Dit is een sterk punt van deze Sony-soundbar.

Een fijnere surroundervaring

Kijken we naar een paar afleveringen van het nieuwe seizoen van ‘The Boys’ op Prime Video en ‘Jason Bourne’ via Netflix, dan krijgen we dialogen zeer goed aangeleverd. Bij de Bourne-films wordt continu muziek ingezet om de spanning op te drijven en dat weet de Sony-soundbar meeslepend over te brengen. Muziek klinkt ook prima als we tracks streamen via Apple Music op de LG OLED65C25 in de woonkamer, met name Atmos-versies (bijvoorbeeld van het nieuwe album van Billie Eilish).

Er zit ook bijzonder veel detail in een Egyptisch fragment van ‘Napoleon’ op Apple TV. Dat is heel fijn, want het zorgt voor veel immersie. Terwijl Napoleon door de woestijn reist en even een mummie inspecteert, waait de wind realistisch voor ons gevoel rond het scherm. Later is er ook een hele scène in een regenbui die even natuurlijk overkomt – en dat is een geluidseffect dat vaak kunstmatig uit een soundbar rolt. De geluidsveld-technologie zorgt voor een heel open geluidsbeeld vooraan aan de tv.

©Jamie Biesemans

De Bravia Theatre Bar 9 zet je best tien centimeter voor het scherm.

Wil je echte omhulling? Dan zou je toch voor die extra achterspeakers moeten gaan. Bij de race in ‘Ready Player One’ bijvoorbeeld, scoort de Bravia Theatre Bar 9 op verschillende vlakken. De chaos van auto’s die botsen en crashen wordt goed overgebracht. Niet met wollige bassen of vervorming, maar met een goede definitie waardoor je die geluidseffecten ook echt hoort bewegen. Sommige geluidseffecten werden zelfs indrukwekkend breed in de kamer geprojecteerd, veel grootser dan heel wat concurerrende merken.

Liefhebbers van spectaculaire actiegeluiden zullen echter een gevoel van gemis hebben. De Tyrannosaurus Rex die wagens oppeuzelt of King Kong die een hoge sprong maakt, daar missen we die grote knal wel. Dat was ook bij voorloper HT-A7000 het geval, het is echt een keuze van Sony om voor omhulling en detail te gaan. Een draadloze subwoofer toevoegen zou hier iets aan doen.

Conclusie

De Bravia Theatre Bar 9 is een topmodel dat het net anders aanpakt. Hij is eenvoudig in te stellen en te gebruiken, wat helemaal past bij de minimalistische uitstraling. De ingebouwde surroundtechnologie met fantoomspeakers werkt prima. Het mag een van de subtielste vlaggenschip-soundbars op de markt zijn, hij creëert wel een sterk gevoel van immersie en speelt muziek goed af. Wil je een echte surroundbeleving bij actiefilms? Dan zou je moeten overwegen die achterspeakers en subwoofer erbij te nemen, maar die zijn niet goedkoop.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.