ID.nl logo
Zo los je geheugenproblemen op
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Zo los je geheugenproblemen op

Je systeem doet raar, met crashes, bevriezingen of plotseling opnieuw opstarten. Lastig, vooral omdat de oorzaak vaak moeilijk te achterhalen is. Dat kan software zijn, zoals malware of een nukkige driver, maar net zo goed hardware, zoals een defecte schijf of het intern geheugen. In dit artikel focussen we op dit laatste. Welke symptomen, indicaties en geheugenfouten zijn er zoal, maar vooral: hoe spoor je het defecte geheugen op en hoe pak je het verder aan?

Wanneer een geheugenprobleem optreedt, kunnen de symptomen zeer divers zijn.

Naast inconsistente crashes van diverse programma’s kan zo’n defect er ook toe leiden dat Windows zomaar herstart of bevriest. Maar ook bestandscorruptie is mogelijk of het niet meer kunnen installeren van nieuwe programma’s. Of als het geluid niet meer werkt of je systeem plots erg traag reageert, zelfs als er nauwelijks applicaties draaien. Kortom, een veelheid aan mogelijke symptomen, wat het gericht zoeken naar de precieze oorzaak er bepaald niet makkelijker op maakt.

Duidelijke indicaties

Met wat geluk geeft het systeem zelf een aanwijzing dat het wellicht om een geheugenprobleem gaat, zoals wanneer de hoeveelheid ram niet langer correct wordt gerapporteerd in het bios, kort na het opstarten of vanuit het besturingssysteem. In Windows gebruik je het onderdeel Taakbeheer om deze informatie op te zoeken. Druk op Ctrl+Shift+Esc, ga naar Prestaties, open Geheugen en kijk rechtsboven de grafiek.

Check voor alle zekerheid ook het Meldingencentrum van Windows. Het valt niet uit te sluiten dat hier de melding verschijnt om Windows Geheugencontrole uit te voeren.

Bij het opstarten van de pc voert normaal gesproken ook het bios een snelle geheugencheck uit, wat bij problemen een aantal pieptonen geeft. Elke bios gebruikt daarvoor eigen codes. Bij Aware/Phoenix bijvoorbeeld is dat meestal één lange piep, bij AMI kunnen dat naargelang het geheugenprobleem verschillende codes zijn. Hier vind je een beperkt overzicht, maar raadpleeg tevens je systeemhandleiding.

©PXimport

Vage indicaties

Jammer genoeg zal een systeem een (geheugen)fout niet altijd correct diagnosticeren.

Toch zijn er bij ernstige problemen vaak andere indicaties die mogelijk helpen bij de probleemidentificatie. Ze zijn zeldzaam, maar ook in Windows 10 kunnen zogenoemde BSOD’s (Blue Screen of Death) voorkomen. Je krijgt dan de melding “Er is een probleem met deze computer en deze moet opnieuw worden opgestart”, samen met een bugcheck-code (met string en hex-code).

Er is een pagina op de Microsoft-site met een lange lijst van die codes, maar die maakt helaas duidelijk zelfs wanneer het woord memory in de string voorkomt, je geen garantie hebt dat het daadwerkelijk een geheugenprobleem is. Je kunt natuurlijk een zoekmachine raadplegen, maar er is nog een andere Microsoft-pagina die mogelijk enige houvast biedt.

Overigens maakt Windows bij een BSOD normaliter ook een geheugen-minidump. Die kun je eventueel na de herstart laten inlezen door het gratis tooltje BlueScreenView, die ook de bugcheck-code laat zien.

Verder doe je er goed aan de Windows-logboeken te raadplegen. Druk op Windows-toets+R, voer eventvwr.msc uit en open Windows-logboeken, met name het onderdeel Systeem en eventueel ook Toepassing. Sorteer de data volgens Datum en tijd en controleer op fouten rond het tijdstip van de symptomen. Ook hier helpt een gerichte zoektocht op internet je hopelijk verder.

©PXimport

Oorzaken

Stel dat je op basis van de symptomen of eventuele indicaties vermoedt dat het om een geheugenprobleem gaat, dan ben je er nog niet. Immers, je systeem bevat wellicht meerdere geheugenmodules en slechts een van die modules is onbetrouwbaar geworden. Daarbij is het nog de vraag om welk type fout het gaat (zie kader ‘Geheugenfouten’), terwijl dat de optimale testmethode kan bepalen.

Of misschien zijn de modules op zich wel in orde, maar is een geheugenslot defect geraakt. Het kan trouwens ook een ander probleem zijn waardoor het geheugen niet langer betrouwbaar functioneert. Zo kan het vooral bij laptops voorkomen dat de temperaturen te hoog oplopen, wat ook op de geheugenchips een impact kan hebben. En dan gaan we er nog van uit dat je systeem niet te agressief is overgeklokt, dat de geheugenchips in de aangewezen sleuven zijn geplaatst en optimaal op je moederbord zijn afgestemd. Bij singlechannel-geheugen bijvoorbeeld wordt slechts één kanaal tussen de geheugencontroller op de cpu en het geheugen ingezet, wat maakt dat de snelheid wordt gelimiteerd door de traagste geheugenmodule.

Geheugenfouten

Nagaan of geheugen helemaal betrouwbaar is en eventuele onvolkomenheden trefzeker vaststellen is geen eenvoudige opgave, vooral omdat er verschillende soorten fouten kunnen optreden, die in principe elk om een andere testmethode vragen. We sommen enkele van de meest voorkomende fouttypes op.

  • AF (Address decoder Fault): bij een poging om een specifiek bit te schrijven of te lezen wordt een verkeerde bit geadresseerd;
  • SAF (Stuck-At Fault): een bit geeft altijd de waarde 1 (SA1) of 0 (SA0) terug, zelfs als die wordt ingesteld op 0 of 1;
  • RDF (Read Disturb Fault): een geheugenbereik wordt bij een eenvoudige leesinstructie ongewild gewijzigd;
  • RF (Retention Fault): bits verliezen na enige tijd de ingestelde waarde;
  • CF (Coupling Fault): een aanpassing van één bit wijzigt ongewild ook een andere bit in dezelfde zin (of in omgekeerde zin: Inversion Coupling Fault ofwel CFin). Deze fouten zijn mogelijk te wijten aan een kortsluiting tussen twee cellen (Bridging Fault ofwel BF). Het mag duidelijk zijn dat een enkele test nooit alle fouttypes exact kan vaststellen. Eén voorbeeld slechts: een test waarbij alle bits op 1 worden ingesteld kan weliswaar een SA0-fout detecteren, maar geen SA1-fout. Precies daarom voorzien degelijke geheugencheckers in verschillende tests.

©PXimport

Probleemopsporing

Laten we er van uitgaan dat het inderdaad om een geheugenprobleem gaat. Nou kun je wel meteen geheugencheckers inzetten, maar vaak zijn zulke tests erg tijdrovend. Wij zouden eerst nakijken of de geheugenmodules nog wel stevig in de sleuven zitten. Zo hebben we het al bij meerdere systemen meegemaakt dat het bios ons op geheugenfouten attendeerde die werden opgelost na een ‘reseat’ van de geheugenmodules (lees: de modules even uit de sleuf halen en er weer stevig instoppen).

Voor je een arbeidsintensieve geheugenchecker inzet, kun je eventueel ook eerst een (snelle) benchmark uitvoeren, bij voorkeur een tool die de geheugenprestaties van je systeem afzet tegen vergelijkbare systemen (zie ook de database op www.memorybenchmark.net). Zo’n tool is bijvoorbeeld PassMark Performance Test, met onder meer een Advanced Memory Test (dertig dagen gratis proefversie).

Blijkt het geheugen opvallend traag, dan kan dat eventueel op gebrekkig geheugen wijzen. In dit geval is nader onderzoek met een geheugenchecker vereist. Laat je niet verleiden om hiervoor zogenoemde rambooster-software in te zetten, want zulke tools verkopen weinig meer dan gebakken lucht. Blijkt je geheugen daarentegen opvallend snel, dan is je systeem wellicht overgeklokt zonder voldoende rekening te houden met de aangewezen veiligheidsmarges (doorgaans is drie tot zes procent een aanvaardbare marge). Ook dit kan tot geheugenproblemen leiden.

©PXimport

Configuratie geheugencontrole

Lijkt een grondige geheugencontrole de enige oplossing en werk je met Windows, dan kun je eerst de ingebouwde Geheugencontrole opstarten. Druk Windows-toets+R in en tik mdsched.exe gevolgd door Enter, waarna je de pc meteen of op een later moment laat herstarten. Of je start de Windows-herstelomgeving op of je boot je pc vanaf een Windows-installatiemedium, waarna je bij Geavanceerde opties de Opdrachtprompt opent en het commando mdsched.exe uitvoert.

Na de herstart begint de tool aan een reeks standaardtests (drie basistests en vijf extra tests). Er is een nog uitgebreidere testreeks, maar we raden je aan met de standaardtests te beginnen. Levert dat niks op en ben je vrij zeker dat het aan het geheugen ligt, probeer het dan met de uitgebreidere versie.

Met F1 schakel je tussen de drie modi: Minimaal, Normaal en Extra. Via de tabtoets geef je aan of de geheugencache moet worden ingeschakeld, en zo ja bij welke tests. Met uitgeschakelde cache dwing je de processor alle data van de geheugenmodules zelf op te halen.

Standaard wordt elke test tweemaal uitgevoerd, maar dat kun je eventueel opvoeren tot vijftien keer. Afhankelijk van je systeem en de ingestelde parameters kan zo’n testreeks enkele minuten tot enkele uren duren. Met F10 pas je de ingestelde waarden toe en kan de controle beginnen.

©PXimport

Adrescodering

Wanneer een geheugenchecker fouten signaleert, vermeldt die het problematische geheugenadres zoals de geheugencontroller op de cpu dat doorgeeft. Zo’n adres laat zich helaas niet zonder meer linken aan een specifiek fysiek adres op een geheugenmodule. Immers, om (gelijktijdige) toegang tot het geheugen door de geheugencontroller te versnellen worden allerlei technieken ingezet waaronder ‘interleaving’ (op het niveau van geheugenkanalen, -banken en -rijen). Deze technieken zijn niet alleen zeer complex, bij sommige chipsets worden ze niet eens openbaar gemaakt. Dat maakt het haast onmogelijk een specifieke module aan te wijzen, tenzij de tool grondig kennis heeft van de gebruikte technieken bij de diverse chipsets en moederborden.

Analyse geheugencontrole

Tijdens de testrondes krijg je weliswaar al statusinformatie, maar je blijft natuurlijk niet voor je lol het scherm in de gaten houden. Na de tests herstart het systeem automatisch en krijg je alsnog een statusmelding na je aanmelding. Of je drukt op Windows-toets+R en je voert eventwr.msc uit. Open achtereenvolgens Windows-logboeken / Systeem en sorteer de gebeurtenissen volgens Gebeurtenis-id of Bron, waarbij je filtert op respectievelijk 1201 en MemoryDiagnostic-Results. In het onderste venster, bij het tabblad Algemeen zie je het resultaat.

Wie hier een duidelijke indicatie verwacht over welke geheugenmodule (of sleuf) problemen geeft, moeten we teleurstellen. In het kader ‘Adrescodering’ lees je waarom dat zo lastig te ontdekken is. Er zit dus weinig anders op dan door slimme eliminatie zelf uit te zoeken om welke module of sleuf het precies gaat (zie de paragraaf ‘Eliminatie’).

©PXimport

MemTest86

Kun of wil je Windows Geheugencontrole niet gebruiken of had je graag een tweede mening, dan vind je een uitstekend alternatief in MemTest86. Wij gaan met de gratis editie aan de slag. Zie hier voor een vergelijking met de betaalde versies. Let wel, v8-releases zijn alleen bedoeld voor uefi-machines; voor oudere legacy bios-toestellen heb je een v4-release nodig.

Je zult merken dat het gedownloade en uitgepakte zip-archief een img-bestand bevat. Dat is een schijfkopiebestand dat je eerst moet omzetten naar een opstartbaar medium, zoals een usb-stick. De benodigde tools hiervoor worden meegeleverd, samen met een uitgebreide handleiding in pdf.

Start imageUSB.exe met een dubbelklik. Stop een (lege) usb-stick in je pc en druk op de knop Refresh Drives. Plaats een vinkje bij de stick, kies Write image to USB drive (Step 2, indien nodig voer je eerst nog een herformattering uit) en verwijs bij Step 3 naar het juiste img-bestand. Bevestig met Write, met Yes en Ja. Start je pc van deze usb-stick op. Raadpleeg indien nodig je systeemhandleiding.

©PXimport

Configuratie MemTest86

Als het goed is, verschijnt een MemTest86-splashscreen en begint de tool even later aan de standaard geheugentests. Wil je zelf de configuratie aanpassen, druk dan snel op een toets. Via de Config-knop kun je vervolgens diverse parameters aanpassen. Via (T)est Selection geef je aan welke van de twaalf tests je wilt laten uitvoeren en hoeveel keer (standaard 4). Bij (A)ddress Range stel je het te testen adresbereik in en bij (C)PU Selection geef je aan of je daarbij één cpu of alle beschikbare cpu-kernen wilt aanspreken, en in welke volgorde. Je doet er goed aan het eerst met slechts één cpu te proberen. In hoofdstuk 2.5.4 van de handleiding kun je terecht voor meer informatie.

Selecteer (S)tart Test om de geheugencontrole te beginnen en houd er rekening mee dat die erg veel tijd in beslag kan nemen.

©PXimport

Analyse MemTest86

Tijdens het testen krijg je gelijk de teststatus te zien. Duiken er inderdaad fouten op, dan verschijnen die in de onderste schermhelft. Na afloop krijg je een rapportoverzicht en kun je dat in een html-bestand bewaren (bevestig met y) in de map \EFI\BOOT.

Veruit de meeste fouten hebben met het geheugen te maken, maar houd er rekening mee dat de tests impliciet ook cpu en caches (L1 en L2) checken. De ontwikkelaars van MemTest86 claimen dat zo’n 99,9% van de gerapporteerde fouten legitiem zijn en dus het best snel moeten worden aangepakt. Immers, vroeg of laat kan zo’n fout daadwerkelijk gevolgen hebben voor de werking van je systeem.

We gaan er even van uit dat de geheugentests inderdaad geheugenfouten hebben gevonden. Zoals gezegd komt het er dan vooral op aan via een vorm van eliminatie te onderzoeken of het om een geheugenmodule of -sleuf gaat, en welke precies. Dat lukt helaas niet als de geheugenmodules vast gesoldeerd blijken te zijn, wat steeds vaker voorkomt bij superslanke laptops.

©PXimport

Eliminatie

De eenvoudigste manier is om selectief modules uit je systeem te verwijderen en met slechts één module tegelijk te testen tot je de foute module(s) vindt. Om uit te sluiten dat het om een gebrekkige sleuf gaat, test je modules ook even in een andere sleuf. Bij sommige moederborden en geheugentypes, zoals in dualchannel-modus, kun je helaas niet zomaar modules verwijderen.

Er zit dan weinig anders op dan modules te roteren, waarbij je de rotatie beperkt tot twee modules tegelijk. Je zou bijvoorbeeld de module in sleuf 1 kunnen verplaatsen naar sleuf 3 en die uit sleuf 3 in sleuf 1 stoppen. Als je dezelfde test vervolgens opnieuw uitvoert en de falende bit of het geheugenadres blijkt gewijzigd, dan weet je dat het om een van de verplaatste modules gaat. Door moduleverplaatsingen slim te combineren, kom je uiteindelijk uit tot bij het gebrekkige exemplaar. De meeste moderne moederborden detecteren weliswaar automatisch de modules, maar sommige vereisen dat je eerst de sleuven met lage nummers opvult (zoals sleuf 0 of 1). Het kan ook uitmaken in welke sleuven je de modules met het meeste of minste geheugen plugt. Kortom, raadpleeg de handleiding bij je moederbord voor mogelijke locaties en combinaties.

Is het verwijderen of verplaatsen van modules geen optie, dan rest je alleen nog het vervangen van een module door een ander exemplaar. De gratis, portable tool RAMExpert geeft je de nodige informatie over de ingeplugde ram-modules.

Zorg dat je bij zo’n vervangoperatie niet statisch geladen bent en gebruik bijvoorbeeld een antistatisch polsbandje.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.