ID.nl logo
Wearables: Wat zijn dat precies?
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Wearables: Wat zijn dat precies?

ACHTERGROND - Er komen steeds meer intelligente apparaten op de markt die we op, om of aan ons lichaam kunnen dragen. Wearables, worden apparaten met deze technologie liefkozend genoemd. Maar wat zijn wearables precies, wat kun je ermee en hoe gaan ze de wereld veranderen?

Wearables, wat staat voor wearable computers, is de overkoepelende naam voor alle compacte apparaten die je op je lichaam kunt dragen. Een belangrijke eigenschap daarbij is dat de technologie (al dan niet voortdurend) interactie heeft met de gebruiker. Daarbij moeten we wel vertellen dat de scheidingslijn tot wat wel tot de wearables behoort en wat niet, erg dun is.

Gevoelsmatig is een walkman geen wearable, en een iPhone in principe ook niet. Maar wanneer je die iPhone aan je arm bevestigt zodat hij de afstand die je hardloopt meet terwijl hij registreert hoeveel stappen je zet, dan heb je er ineens wel een wearable van gemaakt.

©PXimport

De Sony Walkman. Draagbaar, maar gevoelsmatig geen wearable.

Verlengstuk van lichaam

Er wordt een aantal eisen gesteld aan een apparaat voordat het onder wearables valt. Ten eerste moet de technologie gebruikt worden als een verlengstuk van je lichaam, je zou het bijna een prothese kunnen noemen. Daarnaast is het belangrijk dat de technologie naadloos geïntegreerd is in de dingen die je doet. Oftewel: je hoeft het apparaatje niet eerst aan te zetten, het is direct beschikbaar op het moment dat je het nodig hebt. Daarbij geldt voor de meeste wearables dat de technologie vooral z'n werk doet op de achtergrond, gevoed door gegevens die je genereert zonder daar zelf actief bewust mee bezig te zijn. Denk bijvoorbeeld aan je hartslag.

In dit artikel doelen we vooral op de draagbare apparaten die de afgelopen twee à drie jaar zijn verschenen. Uiteraard bespreken we ook de spannende toekomst van wearables die ons op korte termijn staat te wachten.

De oudste wearable?

Het woord wearables mag dan heel erg jong zijn, toch is het idee van draagbare functionele techniek al meer dan vier eeuwen oud. Tijdens de Qing-dynastie, rond 1600 na Christus, werd de Abacus-ring uitgevonden. Een volledig functionele Abacus, die men kon gebruiken tijdens het dragen. Direct beschikbaar, verlengstuk van het lijf en interactie met de gebruiker. Een wearable, maar wel eentje zonder batterij.

©PXimport

De Abacus-ring, de oudste wearable ter wereld.

Google Glass (of een toekomstige concurrent)

Alles dat je ziet vastleggen op foto of video, navigatie vlak voor je netvlies, informatie over alles dat je ziet. Bellen zonder een telefoon en een keur aan medische toepassingen.

Biometrisch lens

Meten van bloedsuikerspiegel in traanvocht.

Smartwatch

Een horloge zoals we van twintig jaar geleden kennen, maar met veel meer mogelijkheden. Gekoppeld aan je smartphone, waardoor je berichten, afspraken en relevante informatie kunt lezen en gesprekken kunt voeren.

Smartbracelet

Een variant van de smartwatch, met als enige taak het verzamelen van gegevens. Dit kunnen biometrische gegevens zijn, zoals hartslag, bloeddruk enzovoort, maar ook andere data, zoals het aantal stappen dat je zet, je locatie, je slaapritme enzovoort.

'Bedrade' kleding

Oorspronkelijk was de toekomstvisie dat alle wearables met elkaar in verbinding zouden staan via bedrading in je kleding. Dat is achterhaald, alles communiceert draadloos. Echter, kleding is voortdurend in beweging, de kinetische energie die daarmee wordt opgewekt kan via koolstofvezels worden overgebracht naar de wearables.

Wearables op de markt

Hoewel het echte geweld op het gebied van wearables nog moet losbarsten, zijn er wel degelijk al apparaten op de markt die aan deze omschrijving voldoen. Zo lanceerde Nike in 2012 de FuelBand, een armband die zeer nauwkeurig kan bijhouden hoeveel stappen iemand zet en hoeveel calorieën er zijn verbrand. Kortom, een fitness-armband. Inmiddels heeft Nike aangegeven de FuelBand niet meer door te ontwikkelen, om zich meer te richten op software in plaats van de hardware.

De armband is voorlopig nog wel verkrijgbaar. Geen nood trouwens, want er zijn alternatieven, zoals de Fitbit, die naast het hiervoor genoemde ook nog je slaapritme registreert. Samsung gaat nog een stapje verder met de introductie van de Gear en een halfjaar later de Gear 2. Deze smartwatch vertelt je niet alleen de tijd, maar bevat een accelerometer, een gyroscoop, een ingebouwde camera, én de mogelijkheid om telefoongesprekken te voeren via je gekoppelde smartphone.

Wil je de wereld graag in HD vastleggen, dan is de GoPro camera, die je vrijwel overal aan kunt bevestigen, een aanrader. Of we dat echt een wearable kunnen noemen is de vraag, want ook al voldoet de gadget aan bijna alle criteria, je ziet er nu niet bepaald cool uit met een camera op je hoofd, en dat is toch ook belangrijk bij wearables.

©PXimport

De Samsung Gear 2 is een ultieme wearable. Telefoon, horloge én tracker.

Toekomstige wearables

Wij kunnen natuurlijk niet in de toekomst kijken, maar dat we nog veel kunnen verwachten, is een zekerheid. Zo is er natuurlijk Google Glass, de langverwachte smartbril van Google die enorm tot de verbeelding spreekt. Een beeldscherm vlak voor je ogen waarmee je de wereld kunt vastleggen, maar ook kunt verrijken met extra informatie. Daarnaast is Apple naar verluidt bezig met een smartwatch, al laat het bedrijf daar zelf niets over los.

Interessant wordt ook de Oculus Rift, een virtual-reality-bril die in z'n huidige vorm (een groot apparaat over je ogen) nog niet echt een wearable is. Zodra hij in omvang afneemt, zal dit apparaat wel de wereld kunnen veranderen, vooral voor gamers. Onlangs is de maker Oculus voor miljarden dollars overgenomen door Facebook. Dit leverde veel kritiek op, maar toont wel aan hoeveel potentieel de bril heeft.

©PXimport

Google Glass is de bril die de wereld moet gaan veranderen.

Glassholes

Nieuwe techniek leidt ook tot nieuwe uitdagingen, hetgeen Google aan den lijve heeft ondervonden. Want hoewel het Google Glass eerst niets fout leek te kunnen doen, is de technologie nog voor de lancering al veelvuldig negatief in opspraak. Overheden willen de bril verbieden in de auto omdat dit gevaarlijk zou zijn en de term Glasshole is in het leven geroepen voor mensen die asociaal gedrag vertonen door bijvoorbeeld mensen ongemerkt te filmen met hun Google-bril.

©PXimport

Stiekem filmen met je Google-bril op, dat maakt je een Glasshole.

Voordelen van wearables

Nog meer technologie op en aan ons lijf, is dat nu echt nodig? Nodig is een groot woord, maar handig is het absoluut. Zoals eerder aangegeven is het grote voordeel van wearables dat de functionaliteit ervan direct beschikbaar is, iets dat in dit razendsnelle informatietijdperk bijna een noodzaak is. Of denk eens aan je rondje hardlopen. Je kunt thuis meten hoe hoog je hartslag is, maar dat zegt niets over hoe deze was tijdens het rennen. Een slimme armband houdt die informatie voor je bij, zodat je een gedetailleerd overzicht hebt van je conditie, van begin tot eind.

Constant in contact met informatie over je lijf en je omgeving, dat biedt een hele andere toekomst. In de wereld van de topsport kunnen wearables ook een belangrijke bijdrage leveren. Zo werd onlangs bekend dat het Nederlands elftal Google Glass gebruikt tijdens trainingen voor videoanalyses en statistieken. Ook zou het team van Louis van Gaal de Oculus Rift gebruiken om spelsituaties in virtual reality te kunnen herbeleven.

©PXimport

Altijd in contact met de wereld om je heen, wel zo efficiënt.

Nadelen en gevaren

Het voordeel van de Google-bril, overal en altijd informatie, is natuurlijk direct ook een nadeel. Niet alleen is het asociaal, maar in principe schend je ook iemands privacy en is het alsof je vals speelt. Want laten we eerlijk zijn, draagbare technologie heeft niet alleen maar voordelen. Want als bellen in de auto al gevaarlijk is, hoe zit dat dan met een klein beeldscherm voor je ogen? Veel overheden willen de bril dan ook verbieden in de auto, de Nederlandse overheid vooralsnog niet. Daarnaast is het misschien heel knap dat we tegenwoordig altijd met de online wereld in verbinding staan, hetzij via een bril of bijvoorbeeld via een smartwatch, maar dat maakt ons bestaan ook veel haastiger en veeleisender.

Soms zijn er momenten dat je even niet hoeft te weten hoe hoog je hartslag is of in welke film Matt Damon ook alweer heeft gespeeld. En er zijn ook moment waarop je even geen telefoontjes hoeft te ontvangen. Dat begrijpen we allemaal wel, maar we koersen steeds meer naar een wereld waarin we voortdurend in contact staan met alles en of dat écht wenselijk is, dat is de vraag. Daarbij is een ander nadeel dat deze apparaten moeten worden voorzien van energie en totdat we allemaal kleding dragen met kinetische energie, blijft opladen een lastig euvel.

©PXimport

Het constant dragen van gadgets kan natuurlijk ook gevaarlijk zijn.

Facebook glasses?

Doordat Facebook de in dit artikel genoemde Oculus Rift heeft overgenomen, kan dit weleens een heel belangrijke wearable worden. Vooral omdat het bedrijf miljarden mensen met elkaar verbindt. Het zou natuurlijk interessant zijn (en dodelijk eng qua privacy) als we straks een bril konden dragen die bij elke persoon de Facebook-informatie toont. Of andersom, een bril die ons in een virtuele wereld laat stappen waarin we onze Facebook-vrienden 'face to face' kunnen ontmoeten.

©PXimport

Stappen we straks allemaal écht in de wereld van Facebook?

Nuttige toepassingen

Er zijn duizenden 'handige' toepassingen te bedenken van wearables, zoals eerder in dit artikel genoemd, maar dat is niet waarmee deze technologie de wereld gaat veranderen. De echte kracht zit in hele specifieke toepassingen die daadwerkelijk iets bijdragen aan het leven (of misschien zelfs het verlengen daarvan).

Zo kan een smartbracelet die je hartslag meet in de toekomst wellicht de signalen van een hartaanval herkennen en direct je coördinaten doorgeven aan 112. Google werkt aan een contactlens die je bloedsuikerwaarde kan meten via het traanvocht in je oog. Als je dat koppelt aan de ontwikkeling van een (bio)apparaat dat automatisch insuline en glucagon afgeeft (zoals vorig jaar aangekondigd door het AMC) dan wordt het leven van diabetespatiënten een stuk aangenamer.

Zo kun je nog duizend en één andere echt nuttige toepassingen bedenken. Zoals een automobilist die waarschuwingen krijgt via z'n Google Glass, een smartbracelet die een alarm afgeeft wanneer je te lang blootgesteld dreigt te raken aan UV-straling op het strand enzovoort. Wie weet zijn er over niet al te lange tijd ook wearables die blinden weer laten zien en doven weer laten horen. Het is een kwestie van tijd.

©PXimport

Over niet al te lange tijd zijn zelfs onze lenzen slim, en dat kan levens redden.

Entertainment

Maar het hoeft natuurlijk niet allemaal alleen maar nuttig te zijn. Wearables lenen zich ook prima voor een flinke dosis vermaak. Nike heeft dat al goed begrepen, door mensen spelenderwijs uit te dagen en een vriendschappelijke competitie te maken (hoe meer je beweegt, hoe meer NikeFuel-punten je krijgt). Wellicht kijken we straks allemaal filmpjes in de trein met Google Glass, of beter nog, spelen we augmented-reality-spelletjes in de echte wereld met diezelfde bril of lenzen.

Slimme armbanden zouden bijvoorbeeld ook een rol kunnen spelen in de wereld van dating, door een signaal af te geven wanneer er iemand (uiteraard ook met zo'n armband) voorbijloopt die voldoet aan jouw criteria. Of contactloos betalen: langs de bioscoop lopen met je smartglasses op (want er komen er vast meer na Google), snel even de trailer bekijken en vervolgens met je armband of smartwatch tegen de betaalterminal tikken om een kaartje te kopen. Het klinkt allemaal ontzettend sciencefiction, maar daar denken we binnen een jaar of vijf anders over.

©PXimport

Nike heeft al laten zien hoe je met wearables mensen aan het sporten krijgt.

Onafhankelijkheid

Zoals je hebt kunnen lezen, staan ons in de toekomst heel wat interessante wearables te wachten, maar zijn er ook nu al apparaten die ons leven op deze manier verrijken. Ze mogen dan stuk voor stuk wearable zijn, in veel gevallen is de technologie nog niet zo ver dat ze helemaal zelfstandig kunnen werken. Voorbeelden als de Nike FuelBand en de Fitbit zijn prachtig, maar zonder een smartphone of pc die de informatie kan tonen of interpreteren, heb je er vrijwel niets aan.

©PXimport

De Fitbit is 'slim', maar zonder smartphone of pc gaat die intelligentie verloren.

Einde van de smartphone?

Technisch gezien krijgt men het ongetwijfeld voor elkaar om de rekenkracht van een flinke computer in een wearable te stoppen. Maar zodra die rekenkracht nodig is en er ook nog eens een scherm bij komt kijken, schiet het energieverbruik van de wearables omhoog en is het niet praktisch meer om te gebruiken, bijvoorbeeld omdat je elke drie uur zou moeten opladen. Ook dit is allemaal een kwestie van tijd. Zoals je vroeger wel video kon vastleggen met je smartphone, maar een pc nodig had om dit te bewerken, heb je op dit moment vaak nog een smartphone nodig die fungeert als de rekenkracht en het scherm van de wearable. Inmiddels kun je vrijwel alles dat je op je pc kunt doen, ook op je smartphone.

Op diezelfde manier zullen wearables ook steeds krachtiger en veelzijdiger worden en uiteindelijk (wanneer er een efficiëntere manier van energievoorziening is uitgevonden) de hulp van je smartphone niet meer nodig hebben.

Of dat het einde van de smartphone betekent? Wellicht, want waarom zou je met een 'koelkast' op zak lopen als je gewoon kunt bellen met je horloge, en wat moet je met een groot scherm als je het ook vlak voor je ogen kunt afspelen? Sterker nog: hoe interessant en cool al die smartphones, smartbracelets, enzovoort ook zijn, uiteindelijk zal er zoveel mogelijk worden gecombineerd in één wearable (waarbij wij gokken op de bril/lenzen). Simpelweg omdat wij gemaksdieren zijn en geen zin hebben om elke dag een halve kermis aan gadgets aan ons lijf mee te dragen.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.