ID.nl logo
Zekerheid & gemak

Stemwijzer is lek: hoe zit dat precies?

De Stemwijzer is lek. De belangrijke tool waarmee kiezers aan de hand van een aantal stellingen een stemadvies krijgt blijkt last te hebben van privacy- en beveiligingsproblemen. Wat is er de afgelopen 2 dagen nou precies ontdekt?

De ophef over de Stemwijzer is tweeledig. Aan de ene kant ontdekte een beveiligingsonderzoeker dat er meerdere beveiligingslekken in de website zaten, maar er is nog een ander probleem: het is niet erg anoniem. De Stemwijzer maakt namelijk gebruik van een aantal tools van Google, én stuurt ieder antwoord door naar de makers van de wijzer.

De site van de Stemwijzer maakt gebruik van zowel Google Analytics voor het meten van websitebezoek, als van Google AdSense voor het tonen van advertenties.
 

Analytics

Google Analytics draait op een groot aantal websites op internet, en is een gedetailleerde manier om het bezoek van websites te meten. Dat betekent dat Google ook precies weet wie wat aanklikt op de website. Opvallend is daarbij dat de website elke keer een berihtje naar Analytics stuurt als er een keus is gemaakt. Dat betekent dat Google via Analytics precies kan zien welke aparte keuzes stemmers maken.

Google-data is via Analytics grotendeels geanonimiseerd, maar dat wil niet zeggen dat gegevens niet tot de persoon te herleiden zijn. ProDemos zegt zelf ip-adressen door Google te laten anonimiseren, maar dat geldt alleen voor Googles eigen diensten. Dat betekent dat het bedrijf zelf niets met de gegevens mag doen, maar dat kan wel als Google er bijvoorbeeld om gevraagd wordt in een gerechtelijk bevel. Ook zou het kunnen dat berichten onderweg onderschept worden.
 

Google Analytics is nooit écht anoniem

Daar komt bij dat de stemkeuzes nog steeds te koppelen zijn aan een unieke identifier. Als je die van iemand kunt achterhalen, is het in theorie mogelijk zijn keuzes te onderscheppen.
 

Data voor onderzoek gebruikt

Er staat daarnaast een opvallende clausule in het privacybeleid van de StemWijzer: data wordt "geanonimiseerd" gebruikt voor onderzoek. Dat gebeurt dit jaar voor het eerst. Er wordt ruwe data 'met encryptie' opgeslagen, en aangeboden aan de Universiteit van Amsterdam. Volgens de clausule is de data geanonimiseerd is kan niemand achterhalen vanaf welke computer de antwoorden zijn verstuurd.

Dat wordt bevestigd door de vondst van Kloeze, die ook zag dat alle data ná het stemmen wordt teruggestuurd naar de server van ProDemos. "Je kunt je afvragen of dat nodig is", schrijft hij in een post. De hele stemwijzer wordt namelijk al voor je begint ingeladen. "Je kunt dan je computer van het internet ontkoppelen en nog steeds de Stemwijzer gewoon maken".
 

Advertentienetwerken

Er is ook kritiek op de advertentienetwerken die op de site van de Stemwijzer staan. Ook die komen van Google af, en zijn afkomstig van het DoubleClick-netwerk. Volgens de Stemwijzer zijn advertenties nodig om de kosten te betalen, maar sommige critici zijn het daar niet mee eens. Uit een jaarverslag bleek vorig jaar namelijk dat ruim 90% van de kosten van de Stemwijzer door de overheid werd gesubsidieerd. Advertenties beslaan maar een minimaal deel van de inkomsten, en kunnen volgens critici dan ook makkelijk van de site worden gehaald.
 

Resultaten af te lezen

De resultaten zijn makkelijk uit te lezen

Er is echter meer aan de hand met de website. Die is namelijk lek, en de resultaten zijn makkelijk uit te lezen. Er wordt al maanden gewaarschuwd dat de website niet veilig is, al zijn er sinds die tijd ook wel veel maatregelen ingevoerd. Zo ging het verkeer lange tijd niet over SSL, maar is er inmiddels https geïmplementeerd. Toch zijn er nog meer dan genoeg fouten in de website te vinden.

Dat ontdekte beveiligingsonderzoeker Loran Kloeze, die zijn bevindingen op Twitter zette. Dat is niet eens moeiijk, want volgens Kloeze kon dat gewoon met de standaard debugging-tools die in browsers zitten. Een gedetailleerdere beschrijving heeft Kloeze op zijn blog gezet. Waar het op neer komt, is dat het eindresultaat te vinden is in een php-script op de pagina. Met een python-applicatie die Kloeze schreef kon hij onderscheppen welke resultaten uit de Stemwijzer naar voren kwamen. Zo kan hij monitoren welke partijen het vaakst wordt gegeven. Dat is belangrijke informatie, al zegt de organisatie achter de Stemwijzer dat dat geen representatieve weergave is van de uiteindelijke resultaten.
 

-

Manipuleren van resultaten

Belangrijker is het secundaire bewijs dat de website lek is. Waar Kloeze slechts data kan uitlezen, zijn er ook aanwijzingen dat de data actief gemanipuleerd is. In de broncode is namelijk ergens de variabele "SijmenRuwhofIsEenLul" te zijn, een verwijzing naar de beveiligingsonderzoeker die vorige week met RTL aantoonde dat het verkiezingsproces onveilig is.

Het is goed mis bij

-

Het lijkt erop alsof data ook te manipuleren is

Het lijkt erop dat het via een soort injectie mogelijk is eigen velden aan de Stemwijzer toe te voegen. De website 'Meedogenloos.nl' heeft inmiddels geclaimd die wijziging te hebben gedaan, maar geeft daar verder geen bewijs of uitleg over. Volgens een Tweakers-forumlid is het mogelijk om een JSON-injectie op te site uit te voeren. Dat gebeurt door een kwetsbaarheid in het AJAX-script dat ervoor zorgt dat de resultaten uiteindelijk weer worden teruggestuurd naar de server van ProDemos - opnieuw dat punt waar Kloeze zich al zorgen over maakte.

Reactie van ProDemos

ProDemos heeft inmiddels gereageerd op de aantijgingen. Volgens de organisatie heeft het al enkele maanden contact met het Nationaal Cyber Security Centrum om diverse beveiligingsproblemen op te lossen, maar zijn er sinds de onthullingen van Kloeze nog extra maatregelen genomen. De instantie erkent dat het mogelijk was dat de code 'SimonRuwhofiseenlul' op de site kon komen, maar voegt daar direct aan toe dat het nooit mogelijk is geweest om stemmen te beïnvloeden.

Het gevaar van onveilige stemwijzers

Onveilige stem-tools zijn zeker nu een heet hangijzer

Ondanks die uitspraak is de beveiliging van de website juist nu een belangrijk onderwerp. Security-experts waarschuwen er namelijk al maanden voor dat de beveiliging van de aankomende verkiezingen gevaar loopt. Vorige week ontdekte RTL bijvoorbeeld al dat de software waarmee de stemmen worden geteld lek was, waardoor het van een afstandje mogelijk is die te onderscheppen en zelfs te manipuleren.

Daarnaast onthulde de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding Dick Schoof vorige week dat Rusland diverse inbraakpogingen had gedaan bij het Ministerie van Algemene Zaken, al werd er tijdens die hacks geen data buitgemaakt.

Inmiddels is ook al bekend dat Rusland achter de hacks zat op de Democratic National Committee, de Amerikaanse Democratische Partij waarvan vorig jaar tienduizenden emails naar buiten kwamen. Amerikaanse inlichtingen- en opsporingsdiensten hebben inmiddels geconcludeerd dat Rusland dat deed om de verkiezingen actief te beïnvloeden.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.