ID.nl logo
Dit kun je allemaal doen met Google Presentaties
Huis

Dit kun je allemaal doen met Google Presentaties

Moet je een presentatie maken en heb je geen PowerPoint? Niks aan de hand: dan gebruik je toch gewoon het gratis(!) Google Presentaties? ID.nl legt uit wat je allemaal kunt met deze tool.

In korte tijd online een mooie presentatie in elkaar zetten was nog nooit zo makkelijk. Als je vroeger een presentatie wilde maken kwam je al snel uit op Microsoft powerpoint. Vandaag de dag heb je gelukkig veel meer keuze. In dit artikel laten we jou een aantal functies van Google Presentaties zien. We behandelen het volgende:

  • Het invoegen en bewerken van afbeeldingen
  • Thema's en achtergronden invoegen
  • Het gebruik van grafieken en diagrammen

Wil jij eenvoudig een Powerpoint presentatie omzetten naar een Google Presentatie? Lees dan: PowerPoint-presentatie omzetten naar Google Presentatie

Hoewel Google Presentaties niet alle geavanceerde functies bevat van Microsoft PowerPoint, heeft het toch ontzettend veel te bieden. Het programma heeft een offline-modus, maar het blijft een webgebaseerde toepassing die niet alleen alle slides, maar ook alle lettertypes, video’s, afbeeldingen en animaties back-upt in de cloud. Zo sta je nooit voor de verrassing dat je project op een andere computer er anders uit ziet of cruciale bestanden mist. In dit artikel zullen we het niet hebben over de basisfuncties. Die leer je snel genoeg door met het programma aan de slag te gaan. Hier geven we vooral ideeën om nog meer uit het programma te halen.

Afbeeldingen van het internet

In Google Presentaties is het heel makkelijk om afbeeldingen rechtstreeks van internet in te voegen zonder dat je ze eerst moet downloaden. Bovendien hoef je geen apart tabblad in de browser te openen om de afbeeldingen in de presentatie te plaatsen. Ga naar Invoegen / Afbeelding / Zoeken op het internet. Presentaties opent een paneel aan de rechterkant om de afbeelding te vinden via trefwoorden, zodat je die daarna met één muisklik in de dia kunt plaatsen. Let wel op het auteursrecht: veel afbeeldingen zijn niet zomaar te gebruiken.

Je spreekt de afbeeldingszoeker rechtstreeks aan vanuit Google Presentaties.

 Afbeeldingen maskeren

Een afbeelding is per definitie rechthoekig of vierkant. Wil je de afbeelding uitsnijden in een cirkel, een pijl, een driehoek of in een van de vele andere vormen, dan kun je de afbeelding maskeren. Zorg dat je de afbeelding selecteert, zodat je de acht handvaten om het plaatje ziet. Daarna zoek je in de knoppenbalk het gereedschap Afbeelding bijsnijden. Naast deze knop vind je een pijltje dat naar beneden wijst. Klik erop, dan kom je bij de verschillende maskervormen. Dat het om een masker gaat, merk je wanneer je daarna nog een andere vorm wilt gebruiken. Google Presentaties zal de nieuw gekozen vorm telkens op de oorspronkelijke afbeelding toepassen.

Er zijn heel veel maskeervormen.

Thema-bank Het aanbod sjablonen van Google Presentaties is kleiner dan dat van Microsoft PowerPoint, maar ook daar zijn oplossingen voor. GoogleSlidesThemes heeft bijvoorbeeld een ruime bibliotheek van duizenden templates die georganiseerd zijn in alle denkbare categorieën, zoals Abstract, Bedrijf, Cardiologie, Carnaval … Je kunt de thema’s ook op kleur raadplegen. Als je zo’n sjabloon downloadt, zul je zien dat er watermerk op zit. Bovendien verschijnt het label Alleen bekijken. Klik op dit label en dan opent een pop-up om bewerkingsrechten aan te vragen. Iedere keer dat we dit deden, werd het bestand snel en kosteloos toegestaan. Het ontwerp sla je met de opdracht Bestand / Kopie maken / Hele presentatie op je eigen Google Drive op. Hierdoor is de gekopieerde template niet langer read-only en dan kun je het watermerk weghalen en alle andere elementen aanpassen.

Op GoogleSlidesThemes vind je duizenden uitgewerkte thema’s.

Door thema’s en achtergronden bladeren

Soms kom je er pas later achter dat het gekozen thema toch niet het gewenste resultaat oplevert. Je kunt makkelijk door de beschikbare thema’s bladeren via het tabblad Thema. Dit tabblad staat in de knoppenbalk en maakt deel uit van een groep van vier tabbladen: Achtergrond, Opmaak, Thema en Overgang. Als je in een tekstvak werkt of een afbeelding vormgeeft, dan zie je deze vier tabbladen niet. Hiervoor moet je echt op de dia klikken of anders de Esc-toets indrukken. Wanneer je Thema kiest, krijg je aan de rechterkant alle beschikbare thema’s te zien. Klik op zo’n thema om deze in de presentatie te gebruiken. Je kunt ook een afbeelding als achtergrond invoegen via het tabblad Achtergrond.

De thema’s verschijnen in de rechterbalk.

Koppelingen

Een presentatie verloopt niet altijd rechtlijnig. Soms wil je vanaf dia 7 terug naar dia 2, waar bijvoorbeeld een overzicht staat. Hiervoor moet je dia’s met een link aan elkaar koppelen. Plaats de muisaanwijzer in het tekstvak waar je deze koppeling wilt toevoegen en klik op de knop met het kettinkje, Link invoegen. Er verschijnt dan een pop-up waarin je aangeeft welke dia er moet volgen wanneer je op de link klinkt.

Selecteer een dia uit de reeks waaraan je je huidige dia wilt koppelen.

Audio invoegen

Audio toevoegen in Google Presentaties is lang een gedoe geweest. Nu gebruik je gewoon de opdracht Invoegen / Audio. Het audiobestand moet wel op je Google Drive staan. Het maakt niet uit of het achtergrondmuziek is of een spraakopname voor een leersessie, zolang de audiobestanden maar in de mp3- of wav-indeling zijn. Heb je het audiobestand nog niet geüpload naar Google Drive, dan open je je account en je klikt op de knop Nieuwe in de linkerbovenhoek van het venster. Vervolgens kies je Bestand uploaden om het geluidsbestand te selecteren.

Zet de audiobestanden eerst in je Google Drive.

Automatisch afspelen

Nadat het geluidsbestand is geüpload, ga je weer naar je presentatie en dan kies je Invoegen / Audio. Er verschijnt dan een grijs luidsprekerpictogram op de dia. De grootte van dit pictogram is aanpasbaar. Je kunt het pictogram ook naar een andere plaats slepen. Onder het luidsprekertje vind je de opties voor afspelen/pauzeren en volume. Als je met rechts op het luidsprekertje klikt, kun je de opdracht Opmaakopties selecteren. Hierdoor zal aan de rechterkant een balk verschijnen met alle opties voor de audioweergave. Je bepaalt of het geluid automatisch moet starten of nadat je erop hebt geklikt. Je regelt het volume en je kiest of de audio moet stoppen bij de diawissel of dat de audio gewoon moet doorlopen. Je kunt het pictogram verbergen tijdens de presentatie. Deze optie is alleen beschikbaar als je hebt gekozen om het geluid automatisch op te starten. En het is zelfs mogelijk om de audio eindeloos te herhalen.

Wil je dat de audio automatisch start of door middel van een muisklik?

Offline Google Presentaties

Het is mogelijk om de spreadsheets, de documenten en de presentaties van Google offline te gebruiken. Daarvoor moet je de Chrome-extensie Google Offline Documenten installeren. Vervolgens open je de Chrome- of Edge-browser en log je in op je Google-account. Daarna ga je naar de instellingen van Google Drive via drive.google.com/drive/settings. En daar zet je een vinkje naast Offline - (Recente) Google Documenten-, Spreadsheets- en Presentaties-bestanden maken, openen en bewerken op dit apparaat wanneer je offline bent. Als dat is gebeurd, open je Google Drive op de computer. Je klikt met rechts op het bestand dat je offline wilt opslaan en je schakelt de optie Offline beschikbaar in.

Je moet het bestand nog wel expliciet offline beschikbaar maken.

Online publiceren

Als de presentatie in de cloud is opgeslagen, is het niet moeilijk om hem online te delen. Ga naar Bestand / Delen / Publiceren op het web. Hierdoor verschijnt er een pop-up waarin je de keuze hebt tussen twee mogelijkheden. Wil je een link ontvangen die je kunt doorsturen naar de mensen die de presentatie mogen bekijken? Of wil je de presentatie invoegen in een bestaande website? Laten we eerst uitgaan van het tabblad Link. Dan kies je het aantal seconden dat iedere dia in beeld komt. Er is ook een optie om de presentatie in een lus te laten draaien. Als je deze keuze bevestigt, ontvang je een link die je rechtstreeks kunt delen via Gmail, Facebook of Twitter. Wil je de presentatie embedden op een website, dan ontvang je de code die je kunt kopiëren en plakken in de editor waarmee je de website onderhoudt.

Je ontvangt een link om de presentatie met anderen te delen.

Diagrammen: de klassiekers

Vaak heb je diagrammen nodig tijdens een presentatie. In het menu Invoegen / Diagram zie je zelfs tweemaal het onderdeel Diagram. De eerste groep zijn de klassiekers: Staaf, Kolom, Lijn en Cirkel. Bovendien kun je hier ook een diagram selecteren uit Google Spreadsheets. Als je een van de vier hebt geselecteerd, krijg je eerst template te zien met fictieve gegevens. Klik rechtsboven dit diagram op Bron openen en dan kom je terecht bij hetzelfde diagram in Google Spreadsheets waar je de gegevens kunt aanpassen en vorm kunt geven in de diagram-editor.

Google Presentaties zorgt zelf voor de verbinding met Google Spreadsheets.

Grafieken updaten

Vanaf nu kun je de grafiekgegevens of het uiterlijk van de grafiek aanpassen door de gegevens in Google Spreadsheet te openen en daar de bewerking uit te voeren. De snelste weg daarnaartoe is trouwens het pijltje in de rechterbovenhoek van het diagram. Daar klik je op Bron openen. Je kunt eventueel ook rechtstreeks in Google Drive naar de spreadsheet gaan, want de naam van dit bestand komt overeen met die van de presentatie. Als je in Google Presentaties via het pijltje rechtsboven in de grafiek op Link verwijderen klikt, dan converteer je het diagram naar een statische afbeelding.

Als je de link verwijdert, wordt de grafiek een statische afbeelding.

Bijzondere diagrammen

Het tweede menu-item Diagram brengt je bij een andere groep diagrammen: Raster, Structuur, Tijdlijn, Proces, Relatie en Cyclus. Die zijn geschikt om een conceptplan, een organisatie of een bepaald proces weer te geven. Hier pas je de kleuren en het aantal stappen aan via de rechterbalk. Als je bijvoorbeeld Cyclus selecteert, dan kun je het aantal stappen verhogen en verlagen door een selectie te maken in een vervolgkeuzelijst.

Bij iedere diagram kun je de basiskleuren aanpassen.

Video insluiten

Wil je wat flair aan de presentatie toevoegen, dan kun je een video insluiten. Staat de video op YouTube, dan kopieer je de url van de video en daarna gebruik je in Google Presentaties het menu Invoegen / Video. Vervolgens plak je de url in zoekvak van het venster Video invoegen en klik je op het vergrootglas. Er verschijnt een miniatuurtje in het venster. Daarna kun je nog andere video’s zoeken of een van de gevonden video’s selecteren.

Wanneer de video niet op YouTube staat, maar op de lokale harde schijf, dan moet je hem wel eerst naar je Google Drive uploaden en daarna kun je die langs dezelfde weg selecteren. De video verschijnt in Google Presentaties en in de rechterbalk beslis je of het filmpje automatisch moet starten of wanneer je op de video klikt.

Bij lange filmpjes die je niet volledig wilt tonen geef je aan op welke tijdstip de video moet starten en wanneer hij moet stoppen. Je kunt een slagschaduw achter de video plaatsen en de positie aanpassen door de waarden voor de X- en Y-as handmatig in te voeren. Omdat Google Presentaties wijzigingen automatisch opslaat, hoef je niets hoeft te doen om de wijzigingen vast te leggen voor de presentatie.

Je bepaalt op welk moment de video moet starten en stoppen.

Interactief verhaal

Met wat je nu kent, is het zelfs mogelijk een interactief verhaal te maken. Op die manier stel je bijvoorbeeld een spel of een interactief boek samen waarin de bezoeker regelmatig voor keuzes komt te staan. Je vertrekt uiteraard van een scenario dat je vormgeeft in Google Presentaties met afbeeldingen, achtergronden en tekst. Op bepaalde dia’s plaats je de bezoeker telkens voor een keuze die bepalend is voor hoe hij het verhaal verder zal beleven.

Die keuzemogelijkheden typ je in tekstvakken die je van een kleurtje voorziet. Daarna koppel je de tekstvakken naar bepaalde dia’s in het verloop van de presentatie. Selecteer zo’n vak en klik in de knoppenbalk op het kettinkje om de dia te kiezen waarnaar dit keuzevak zal doorschakelen. Op die manier maak je dus interactieve knoppen. Je kunt ook andere elementen als keuzeknoppen gebruiken, zoals grafische objecten die de bezoeker in het verhaal moet ontdekken. Bovendien kun je animaties en dia-overgangen invoegen om de beleving dynamischer te maken.

Met Google Presentaties kun je een verhaal maken met keuzeknoppen.

Presentatorweergave

Op het moment dat je de presentatie via een beamer of externe monitor laat zien aan het publiek, klik je rechtsboven op de knop Diavoorstelling. Nog beter is het pijltje ernaast, waarmee je de Presentatorweergave activeert. In deze weergavemodus lees je informatie die het publiek niet te zien krijgt. Zo zie je in een oogopslag wat de volgende dia zal worden. Een timer geeft aan hoelang je ondertussen bezig bent. Je kunt de presentatie vanuit deze modus onderbreken en voortzetten. En het belangrijkste zijn de Sprekersnotities. Tijdens de voorbereiding noteer je hier de steekwoorden als geheugensteuntje voor je presentatie.

De sprekersnotities helpen je om alles vlot aan elkaar te praten.

Reacties en vragen van het publiek

Terwijl de Presentatorweergave actief is, kun je de Tools voor het publiek openen. Door deze tools kun je toehoorders vragen noteren, zodat ze die niet hoeven te onthouden tot de presentatie afgerond is. En jij wordt niet om de haverklap onderbroken door vragen of reacties. In de modus Presentatorweergave klik je op Nieuwe sessie starten. Hierdoor verschijnt bovenaan de weergave van het publiek een strook met daarop Stel een vraag op xxx. Op die manier kan iedereen met de smartphone, tablet of laptop vragen stellen die bij jou binnenkomen in de presentatorweergave. Anderen kunnen op deze webpagina deze vragen een duimpje omhoog of omlaag geven. Men kan zelfs anoniem vragen stellen. Het publiek zal meer betrokken zijn bij je presentatie en aan het einde van je presentatie heb je dus meteen alle vragen van bij de hand.

Je toehoorders kunnen rechtstreeks online reageren en jij ziet de reacties binnenlopen.
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.