ID.nl logo
Fietsroutes plannen met de Fietsersbond-app
© Reshift Digital
Mobiliteit

Fietsroutes plannen met de Fietsersbond-app

Met zijn gevarieerde landschappen, leuke stadjes en dorpjes en zijn gezellige horeca is Nederland misschien wel het droomland van de fietser. Met de gratis fietsrouteplanner fiets je binnenkort over de mooiste routes.

Wat gaan we doen? In dit artikel leggen we uit hoe je een fietsroute maakt aan de hand van de site en app van de Fietsersbond. We leggen het volgende uit:

Als er één gevoel is dat fietsers met elkaar delen, dan is dat het gevoel van vrijheid. Vrijheid om te gaan wanneer jij wilt, de route te fietsen die jij wilt, er een blokje bij aan te fietsen wanneer jij dat wilt, en ook te stoppen wanneer jij dat wilt. Op de fiets verdwijnen de beslommeringen van alledag al snel naar de achtergrond. Geen wonder dat er in ons vlakke landje met zijn uitgebreide netwerk van goed onderhouden wegen en fietspaden, heel veel wordt gefietst.

 En zelfs als je elke dag van je huis naar het werk en terug fietst, dan kun je al snel uit vele routes kiezen. De ene langer maar door de natuur, de andere korter en ideaal voor een regenachtige dag. Zoek je eens een andere route of wil je gewoon erop uit, dan is een goede routeplanner onmisbaar. Er zijn er vele maar er is er maar één die echt alles weet wat voor fietsers belangrijk is, en dat is de fietsrouteplanner van de Fietsersbond. En het mooie, hij kost helemaal niets.

De routeplanner van de Fietsersbond is er als website en als app voor iOS en Android.

Voor en door fietsers

De Fietsrouteplanner van de Fietsersbond is beschikbaar online als website en ook als app voor de smartphone. Of je dus liefst vooraf thuis een route bedenkt of pas onderweg, het kan allemaal. En daarbij beschikt deze Fietsrouteplanner over meer en meer gedetailleerde kennis van Nederland en de vele fietspaden dan alle andere routeplanners. Bovendien wordt al die voor het bepalen van een route belangrijke informatie, elke dag gecontroleerd en geüpdatet door een groot aantal vrijwilligers. Als het gaat om de laatste veranderingen in een route, een tijdelijke omlegging of diepe kuilen na een natte periode, dan is deze routeplanner als eerste en als beste geïnformeerd.

Site én apps

De fietsrouteplanner is er als online website en als app voor Android en Apple. De verschillen zijn klein maar niet onbelangrijk. De online versie biedt eigenlijk alle functies voor het maken van een route, niet anders dan de apps. Wel is het met de webversie gemakkelijker een route te exporteren en dan bijvoorbeeld weer in een fietscomputer te laden voor navigatie onderweg. Met de app-versies is dit niet mogelijk maar daarvoor biedt zowel de versie voor Apple als voor Android, zelf navigatie. Beschik je over de mogelijkheid de smartphone op het stuur van de fiets te plaatsen, dan kun je dus onderweg de aanwijzingen van de routeplanner-app gebruiken.

Een ander klein verschil is dat de webversie vaak net even meer en eerder beschikt over een nieuwe functie of een nieuw profiel. Voor een nieuwe mogelijkheid ook in de apps zit, duurt altijd even. Omdat het inmiddels vooral over minder belangrijke extra’s gaat, zijn zowel site als apps meer dan prima om te gebruiken.

Drie keer de app-versie van de routeplanner van de Fietsersbond.

Van A naar B

 Om een route te maken ga je naar de online versie van de Fietsrouteplanner of neem je de app. De app heeft als voordeel dat deze precies weet waar je bent, de webversie weet dat niet. Daar moet je dus eerst het vertrekadres opgeven. Dit kan met de plaatsnaam, straat en huisnummer maar ook met postcode of gewoon grofmaziger, alleen de plaatsnaam. Vul je daarna nog de eindbestemming in (“Naar”) en de app weet genoeg om een route te berekenen. Online zet je de routeplanner aan het werk via Plan route. Bij de webversie is er overigens ook de mogelijkheid de vertreklocatie automatisch te laten invullen, maar of dit werkt hangt af van vele factoren. Met een laptop of tablet gaat het doorgaans prima, met een desktop-pc veelal niet omdat deze niet over locatiegegevens beschikt.

Geef een begin- en eindpunt en de routeplanner berekent een echte fietsroute.

 Een tussenstop toevoegen

Wil je niet alleen van beginpunt naar eindbestemming fietsen maar ook nog onderweg een of twee plaatsen aandoen, dan kan dat. Online kun je via Meer optiesVoeg extra punten toe een of meer extra plaatsen aan de route toevoegen. Via Sorteer via punten kun je ook nog de volgorde bepalen waarin de route deze plekken moet aandoen. Sorteren doe je door de plekken in de lijst met de muis te verslepen. In de app is het veld om tussenstops toe te voegen altijd aanwezig. Ook hier kun je de volgorde van de tussenstations aanpassen door met de vinger op de drie horizontale streepjes achter elke tussenstop te drukken en even vast te houden, en dan omhoog of omlaag te slepen.

Zowel in de app als op de site kun je tussenstops toevoegen en de volgorde daarvan nog aanpassen.

Minder verkeer en andere wensen

Zowel in de app als online is het mogelijk de route automatisch aan te passen aan eigen voorkeuren en wensen. Via de Meer optie kun je voorkeuren aangeven zoals het vermijden van doorsteekjes (een gang of pad dat de route verkort maar minder geschikt is om te fietsen of minder (sociaal) veilig) en onverharde wegen, maar ook veerponten en wegen die niet altijd toegankelijk zijn.

Behalve voorkeuren kun je ook de hele route laten kiezen op basis van een routetype. Standaard staat de routeplanner op ‘Makkelijk doorfietsen’ wat betekent dat een fietsroute wordt gekozen die zoveel mogelijk over fietspaden gaat langs bekende wegen en verkeerslichten vermijd. Maar je kunt ook routes kiezen specifiek voor de racefiets (een recreatieve router maar met een goed wegdek, bij voorkeur asfalt en zo min mogelijk onverhard) of juist Autoluw (vrijliggende fietspaden langs rustige wegen en weinig verkeerslichten en kruisingen). Het zijn maar enkele voorbeelden, het zijn er veel meer.

Ben je een racefietser of fiets je liever autoluw of door de natuur, de routeplanner van de Fietsersbond past de route er op aan.

Zowel in de app als op de site kun je het type nog aanpassen nadat je een route hebt laten bereken. In de app kan dit door boven de kaart een van de opties te kiezen (met de vinger scroll je links en rechts door de typen) en online kan het door in de linkerkantlijn nog het Routetype aan te passen. Je kunt eindeloos tussen routetypes switchen en zo makkelijk de betekenis voor de fietsroute zien, die is meteen zichtbaar in de gegevens zoals lengte, duur en natuurlijk de route op de kaart.

Watch on YouTube

Wil je meer video's zien?

Abonneer je op het YouTube-kanaal van ID.nl

Gewoon een rondje

Behalve de route van A naar B kan de fietsrouteplanner ook gewoon leuke routes geven om te fietsen, van huis naar huis of camping naar camping. Het is de planner om het even. In de app kies Rondje op de site klik je op Fietsrondje. Je hoeft dan alleen nog locatie op te geven vanaf waar je wilt fietsen en waar je dus ook wilt eindigen, en het aantal kilometers. Optioneel voeg je nog een of meer tussenstops toe, de route wordt meteen berekend. En opnieuw kun je ook hierbij gebruik maken van alle type routes.

Gewoon zin om te fietsen, laat de routeplanner een mooie route voor je uitzetten (Links de site, rechts de app).

LF en knooppunten

Twee opties die vooral bij recreatieve fietsers populair zijn maar wel iets later toegevoegd zowel aan de webversie als de app, zijn het fietsen via knooppunten en LF-routes. LF-routes zijn ‘Langeafstand Fietsroutes’, een bijna 4000 km lang netwerk van bewegwijzerde fietspaden en goede fietswegen . Vaak hebben ze een thema en zijn ideaal om in één of enkele dage fietsend af te leggen. Bekende routes zijn de 610 km lange LF Kustroute en het 440 km lange ‘rondje IJsselmeer’. Deze routes zijn duidelijk met groene bordjes en een nummer gemarkeerd en er zijn ook duidelijke routekaarten van te koop online of in de fietswinkel of boekhandel.

Iets dichter bij huis blijven de knooppuntenroutes. Anders dan met een LF-route waarbij je een vaste route fietst, bepaal je bij een knooppuntenroute zelf de route en fietst die  van knooppunt naar knooppunt. De knooppunten koppelen voornamelijk de mooiere en iets meer autoluwe routes aan elkaar. Om een knooppuntenroute te maken kies je bij het routetype Via knooppunten. In de app volgt de navigatie direct de knooppunten. Gebruik je de site dan is het handig de knooppunten uit te printen. Kies Print met als extra optie Knooppuntnummers in de tekst  of alleen knooppuntnummers, tenzij niet aanwezig

Ook een knooppuntenroute laat zich met de routeplanner eenvoudig uitzetten en eventueel printen.

Koffie met appeltaart

Geen fietstocht zonder koffie (thee mag ook) met appeltaart. Ook hierin voorziet de routeplanner van de Fietsersbond. Via de optie Locaties / POIs kun je in de webversie al direct allerhande nuttige ‘points of interest’ laten aangeven die op of nabij de route liggen. Een belangrijke categorie bij de POI’s betreft natuurlijk de Overnachting-horeca waaronder die van de café en eetgelegenheden. In de app schakel je deze in via het hamburgermenu rechtsboven (de drie horizontale streepjes) en dan Instellingen / Nuttige plaatsen. Door op een POI of locatie te klikken krijg je nuttige informatie zoals adres, telefoonnummer maar ook openingstijden, de website en nog veel meer. Geen fietstocht hoeft zo nog zonder appeltaart of goede kaasplank te blijven!

De optionele POI’s informeren je over nuttige plekken ook om te overnachten of voor een welverdiende koffie met appeltaart.

Oplaadpunten voor e-bikes

Behalve jezelf opladen met koffie en appeltaart heeft de routeplanner ook de mogelijkheid oplaadpunten voor e-bikes te tonen. Ook als ze niet direct op de route liggen, heel ver weg zijn ze nooit. Klik op een oplaadpunt voor aanvullende informatie zoals het exacte adres en eventuele aanvullende informatie. Zo kun je altijd verder, ook met een weer volgeladen e-bike.

Accu van de e-bike leeg? De routeplanner toont alle beschikbare oplaadpunten.

Fietsen maar!

Heb je een (gratis) account bij de Fietsersbond voor gebruik van de Routeplanner, dan kun je elke route die je maakt als Favoriet opslaan door op Bewaar te klikken of het symbool van het hartje aan te klikken in de app. Een functie die nog ontbreekt maar al wel is aangekondigd, is het synchroniseren van een favoriete route tussen site en smartphone. Toch is het prima mogelijk een route tussen verschillende apparaten te synchroniseren. Hiervoor exporteer je deze via de knop GPS als GPX of KLM-bestand.

Een GPX-bestand laat zich eenvoudig importeren in het online platform van Garmin, Polar, Komoot of een andere aanbieder van navigatiediensten, smartwatches of fietscomputers. Gebruik je de app dan is dit niet nodig, de app biedt zelf turn-by-turn navigatie compleet met gesproken aanwijzingen onderweg. Raak je van de route of is een deel onderweg plots toch geblokkeerd, dan berekent de app een alternatief en brengt je zo weer terug op het juiste pad. Laat nu de zomer maar komen!

Gebruik je de smartphone liever niet voor de fietsnavigatie, exporteer de route dan als GPX-bestand en importeer deze in een fietscomputer.
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.