ID.nl logo
EV-profiel BMW iX1 - Kleinste SUV levert grote prestaties
© Igor Stuifzand
Mobiliteit

EV-profiel BMW iX1 - Kleinste SUV levert grote prestaties

Van de meeste nieuwe modellen die BMW de laatste tijd heeft gepresenteerd, verscheen meteen een volledig elektrische versie. De BMW iX1 is de EV-variant van de kleinste SUV uit het programma van het Duitse merk, de X1. We maken kennis met de meest krachtige versie: de iX1 xDrive30.

©Igor Stuifzand | ID.nl

Eerst even een rondje om de BMW iX1

In de zomer van 2022 werd de derde generatie van de BMW X1 gepresenteerd. Vergeleken met het vorige model groeide de nieuwe X1 zowel in de lengte, in de breedte als in de hoogte enkele centimeters. De afstand tussen de voor- en achteras (de wielbasis) werd daarbij ook iets verlengd, en dat is goed nieuws voor de beschikbare binnenruimte.

Ontdek jouw ideale elektrische auto

Vergelijk en vind de beste deals op Kieskeurig.nl!

Ten opzichte van het vorige model is de nieuwe X1 vooral te herkennen aan de hoekigere neus, waarbij de voor BMW kenmerkende ‘nieren’ tussen de koplampen een maatje groter zijn geworden. Bij de elektrisch aangedreven BMW iX1 zijn deze nieren afgesloten met een gedecoreerde plaat, waarin de radar voor de adaptieve cruisecontrol schuilgaat. Los van het iX1-embleem op de achterklep is deze neusplaat het enige detail waaraan je de elektrische iX1 kunt onderscheiden van de versies met benzine- en dieselmotor.

©Igor Stuifzand | ID.nl

Vanbinnen is er bij de nieuwe modelgeneratie veel veranderd. Het dashboard met de klassieke ronde instrumenten ging op de schop. Ervoor in de plaats is een volledig digitaal, licht gebogen breedbeeldscherm gekomen. Bovendien is de door BMW jarenlang toegepaste en tot perfectie verfijnde iDrive-knop op de middentunnel verdwenen. Je bedient tal van functies nu via het centrale aanraakscherm.

Een traditionele keuzehendel voor de rijrichting heeft de iX1 niet; je kiest met een kleine tuimelschakelaar of je vooruit of achteruit wilt. Het interieur is prachtig afgewerkt en BMW past erg mooie materialen in zijn modellen toe. De optieprijslijst van de iX1 is een dik boekwerk: als het budget toereikend is, kan de koper helemaal losgaan op de aankleding van de auto.

©Igor Stuifzand | ID.nl

Wat zijn de batterij- en vermogensopties?

Basisversie is de BMW iX1 eDrive20. Dit model wordt aangedreven door een enkele, voorin geplaatste elektromotor. Deze levert een maximumvermogen van 204 pk bij een hoogste koppel van 250 Nm. De auto beschikt over een batterij met een netto capaciteit van 64,7 kWh. Met een vastgesteld gemiddeld stroomverbruik van 15,4 kWh/100 km (WLTP) zou de iX1 eDrive20 in standaard specificatie een afstand van 475 kilometer halen op een volle batterij. Een warmtepomp met geïntegreerd warmte- en koelsysteem voor het interieur is standaard.

Daarnaast levert BMW de tweemotorige iX1 xDrive30. De elektromotor voor- en achterin verdelen een gecombineerd vermogen van 272 pk en een maximumkoppel van 494 Nm over de voor- en achterwielen. Met een hendeltje links aan het stuur kan een vermogensboost worden opgeroepen en staat er kortstondig 313 pk tot je beschikking. Met zo veel kracht ligt een sprintje vanuit stilstand naar 100 km/u in 5,6 seconden binnen bereik.

De iX1 xDrive30 beschikt eveneens over de 64,7kWh-batterij. Vanwege het hogere motorvermogen en het extra gewicht dat de tweede elektromotor met zich meebrengt, is het gemiddelde stroomverbruik vastgesteld op 16,9 kWh/100 km (WLTP), goed voor een maximale actieradius van 438 kilometer.

©Igor Stuifzand | ID.nl

Hoe snel laadt de BMW iX1 op?

Het pakket batterijen dat in de vloer en onder de achterbank in de auto is gelegd, werkt met een spanning van 286 volt. Snelladen blijft beperkt tot een vermogen van 130 kW – menig concurrent streeft de BMW iX1 daarin voorbij. Snelladen van 10 naar 80 procent ‘State of Charge’ neemt volgens BMW 29 minuten in beslag.

Standaard is de iX1 uitgerust met een 11kW-boordlader; een 22kW-boordlader is optioneel te verkrijgen. De laadpoort zit boven het rechter achterwiel, wat ons betreft een handige plek. Wanneer je parallel aan de straat moet parkeren om bij te laden, zit de aansluiting aan de stoepzijde.

©Igor Stuifzand | ID.nl

Is het beloofde verbruik in de praktijk haalbaar?

Voor een goede verbruiksindicatie rijden we met elke elektrische testauto dezelfde route van 170 kilometer. Deze route leidt door de stad met veel verkeer en verkeerslichten, via provinciale en secundaire wegen en over enkele snelwegtrajecten, waar we de cruisecontrol op 100 km/u en 130 km/u vastzetten. We leggen onze verbruiksronde na de avondspits af, om bij 130 km/u geen snelheidsovertredingen te riskeren en druk (vracht)verkeer zoveel mogelijk te ontlopen. We maken van de verbruikstest geen race of recordpoging ‘zuinig rijden’, en proberen met elke testauto zoveel mogelijk dezelfde rijstijl aan te houden. We zetten de airco op 21 graden en schakelen (indien aanwezig) het regeneratief remmen of ‘one-pedal driving’ altijd in.

Voor de verbruikstest hadden we de beschikking over de tweemotorige BMW iX1 xDrive30. De testauto staat op 20-inch wielen met 245/40-banden, in plaats van de standaard 17-inch wielen met 225 mm brede banden. Door de extra rolweerstand heeft het brede rubber beslist invloed op het energieverbruik. We verwachten daarom dat het door BMW opgegeven gemiddelde stroomverbruik van 16,9 kWh/100 km moeilijk te benaderen is.

Het weer is de iX1 echter gunstig gezind: het is licht bewolkt en er staat weinig wind. De boordcomputer geeft bovendien een comfortabele buitentemperatuur aan. De iX1 toont zich op de verbruiksronde van zijn beste kant en overtreft al onze verwachtingen: wanneer we auto op het eindpunt van onze route weer aan de laadpaal hangen, geeft de boordcomputer een gemiddeld verbruik aan van 16,7 kWh/100 km. Zuiniger dan BMW belooft! Op een volle accu zou daarmee een range van 388 kilometer haalbaar zijn.

©Igor Stuifzand | ID.nl

Is de BMW iX1 een praktische auto?

BMW heeft bij de ontwikkeling van de nieuwe X1 veel aandacht besteed aan de zogenaamde ‘packaging’, oftewel de verdeling van de batterij, elektromotoren en aanverwante randapparatuur over het platform, waarbij zo min mogelijk leefruimte voor de inzittenden wordt opgeofferd.

Ten opzichte van de X1 met benzinemotor levert de elektrische iX1 maar heel weinig nuttig bruikbare bagageruimte in. De kofferbak van de iX1 heeft een inhoud van 495 liter. Dat is een verwaarloosbare 5 liter minder dan de benzineversie te bieden heeft. Met de achterbank neergeklapt past er een lading van 1495 liter achterin – een verschil van slechts 50 liter ten opzichte van de benzine-X1. Extra laadruimte voorin – een ‘frunk’ – ontbreekt echter.

Het trekvermogen van de iX1 is afhankelijk van de gekozen aandrijflijn. De standaardversie iX1 eDrive20, met zijn enkele elektromotor en voorwielaandrijving, mag maximaal 750 kilo trekken. De krachtiger iX1 xDrive30 heeft ook tussen de achterwielen een elektromotor, waarmee vierwielaandrijving wordt gecreëerd. Voor deze versie staat een geremde aanhangwagen met een maximumgewicht van 2000 kilo voorgeschreven. Dat maakt van de iX1 xDrive30 een uitstekende caravantrekker.

©Igor Stuifzand | ID.nl

En hoe rijdt dat nou, zo’n BMW iX1?

Wanneer je van stevig doorrijden houdt, zul je het verlaagde onderstel in combinatie met de grote 20-inch wielen van de testauto beslist waarderen. Je voelt dat de auto stevig contact met het wegdek onderhoudt, de auto reageert scherp op je stuurbewegingen en de brede banden rollen resoluut over het asfalt. Korte hobbeltjes en bobbeltjes voel je duidelijk. Daarvan moet je een liefhebber zijn.

Gaat je voorkeur uit naar meer veercomfort, dan kun je die 20-inch wielen beter laten zitten en kiezen voor de standaard 17-inch wielen. Daarbij hebben de banden een hogere wang en dus meer absorptievermogen. Standaard beschikt de iX1 xDrive30 over elektronisch gestuurde schokdempers. Tussen de bedrijvigheid van de 20-inch wielen door voelen we dat het onderstel van de testauto ook zijn zachte kant wil laten zien. Met name op de snelweg ontpopt de iX1 zich tot een heerlijk comfortabele reisauto, waarin je met plezier werk uit handen geeft aan de prettig functionerende semi-autonome rijhulpsystemen.

Met een paraat motorvermogen van 294 pk kom je hoogstzelden sprintkracht tekort. Als je wilt, win je vrijwel elk stoplichtduel. Met de Boost-hendel achter het stuur kun je kortstondig gebruikmaken van 313 pk, maar dat bewijst eigenlijk alleen in uiterste noodgevallen zijn nut. Een verkeerd ingeschatte inhaalactie los je eenvoudig op door de Boost-hendel aan te trekken, zodat er geen reden tot paniek is. Met een gewicht van bijna 2.000 kilo roept de iX1 xDrive30 echter weinig sportieve aspiraties op. Afgezien van enkele uit pure nieuwsgierigheid geboren Boost-sprintjes hebben we tijdens de testperiode geen moment de behoefte gevoeld om de stuurhendel veelvuldig ter hand te nemen.

©Igor Stuifzand | ID.nl

Hoe ziet het kostenplaatje eruit?

Voor SEPP-aanschafsubsidie komt de BMW iX1 niet in aanmerking. De basisversie eDrive20 is er voor iets meer dan 48.000 euro (private lease via BMW vanaf 799 euro). Daarmee blijft hij keurig onder de magische grens van de 50.000 euro, en past hij bij veel zakelijke rijders binnen het leasebudget. Concurrenten zijn bijvoorbeeld de Volvo XC40 Recharge Pure Electric Single Motor en Volkswagen ID.4 met 204 pk.

Gaat je voorkeur uit naar de krachtiger iX1 xDrive30 met standaard verlaagd onderstel, adaptieve schokdempers en 2000 kilo trekvermogen, dan betaal je bijna 58.000 euro (private lease vanaf 839 euro). Zit er nog meer geld in de kas? Lees de optieprijslijst dan op je gemak na en leef je uit! Alternatieven voor de iX1 xDrive30 zijn bijvoorbeeld de Mercedes EQB 350 4Matic en Audi Q4 e-tron 45 quattro.\

©Igor Stuifzand | ID.nl

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

Vraag een offerte aan voor laadpalen:

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.