ID.nl logo
Zelf mobiele apps bouwen (deel 3)
© Reshift Digital
Huis

Zelf mobiele apps bouwen (deel 3)

In het vorige deel hebben we een nieuw project gemaakt. Hiermee heb je eigenlijk meteen een basis voor je app. We laten nu zien welke bestanden zijn aangemaakt en wat het doel van die bestanden is. Ook gaan we op twee manieren een tekst aanpassen: via de gebruikersinterface en via code.

We gaan in dit deel verder met de app die we in deel 2 hadden opgezet. Herhaal als het nodig is de stappen door in Android Studio een nieuw project te beginnen met als template Empty Activity. Hiermee zijn al enkele mappen en bestanden voor de app gemaakt en ook al grotendeels ingevuld, zodat je in feite al een werkende app hebt. In het projectvenster zie je deze bestanden en mappen terug onder de map app. Het gaat om:

- manifests: deze map bevat het belangrijke bestand AndroidManifest.xml, dat allemaal details over je app bevat. Er staat bijvoorbeeld in welke activity moet worden begonnen bij het starten van de app. Als toegang nodig is tot systeemonderdelen, zoals internet of de camera, vermeld je dat ook in dit bestand. Bij het uitbreiden van je app zul je hier zelf aanpassingen in maken;

- java: deze map bevat alle broncode voor je app (in Kotlin of Java) in verschillende mappen. Hierbij gebruik je doorgaans de bovenste map (met de ‘package name’ als naam). De twee mappen daaronder bevatten testcode. Er is in de map al één bestand met de naam MainActivity.kt gemaakt, waarin al enkele regels code zijn ingevuld. Aan de extensie .kt kun je zien dat het in Kotlin is geschreven.

- res: deze map bevat extra zogeheten resources (bronnen), verdeeld over mappen. In de map drawable vind je grafische bestanden. De map layout bevat alle lay-outs. Daarmee bedoelen we de schermen voor de app, ofwel grafische interfaces, waarop bijvoorbeeld teksten, afbeeldingen en buttons staan. Zo’n lay-out wordt beschreven in een xml-bestand en voor het eerste eenvoudige scherm is al een bestand activity_main.xml gegenereerd. De map values bevat andere resources, zoals variabelen die in de app worden gebruikt. Zo vind je in strings.xml de naam die je aan de app hebt gegeven terug.

©PXimport

Lay-out openen

Open de automatisch gegeneerde lay-out via het projectvenster door onder app/res/layout te dubbelklikken op activity_main.xml. Deze lay-out wordt dan aan de rechterkant geopend, waar het zoals elk geopend bestand een eigen tabblad krijgt. Bij het bewerken van een lay-out kies je rechtsboven uit de drie modi Code, Split en Design.

Onder Code kun je het xml-bestand rechtstreeks bewerken. Via Design kan dit visueel door bijvoorbeeld elementen naar de app te slepen. Bij de modus Split heb je die twee opties naast elkaar. We beginnen met Design.

Links in het venster Palette zie je alle componenten waarmee je de gebruikersinterface voor je app bouwt, zoals teksten, afbeeldingen en knoppen. Dat doe je door zulke componenten naar je scherm te slepen en daarop te positioneren. Er is al één component voor tekst geplaatst, ook wel TextView genoemd. In de gebruikersinterface zie je dat deze component al de tekst Hello World! bevat. Als je op die tekst klikt, is de TextView-component geselecteerd, wat je ook ziet in het venster Component Tree. Dat is een soort boomstructuur voor alle gebruikte componenten.

©PXimport

Tip: bestanden terugvinden

Wil je voor een geopend bestand weten wáár het tussen je projectbestanden staat? Klik dan in het projectvenster op het icoontje Select Opened File.

Eigenschappen aanpassen

Elke component kent talloze eigenschappen die je kunt aanpassen, ook wel attributen genoemd. Zorg daarvoor eerst dat de component is geselecteerd, door erop te klikken in de gebruikersinterface of in de Component Tree. Selecteer als voorbeeld de TextView-component en open rechts (als het nog niet is geopend) het venster Attributes. Hierin vind je alle attributen voor deze component. De tekst voor de TextView is in eerste instantie Hello World! en vind je bij het attribuut met de naam text. De attributen waaraan reeds een waarde is toegekend, vind je altijd snel terug onder Declared Attributes.

Er zijn nog talloze andere attributen. De volledige lijst vind je onder All Attributes. Veel attributen komen in latere delen aan bod, als we dieper ingaan op het bouwen van gebruikersinterfaces. We gaan alvast één belangrijke attribuut met de naam id invullen. Daarmee kunnen we straks in code de component aanwijzen. Dit attribuut vind je al direct bovenaan. Vul de gewenste naam in; als voorbeeld kiezen we text_welkom.

Ga ten slotte rechtsboven naar Code om te zien hoe de lay-out er in het xml-bestand uitziet. Let daarin vooral op de TextView-component en de attributen text en id. Als je het handiger vindt, kun je ook altijd in het xml-bestand aanpassingen maken. Dat gaat in sommige gevallen sneller omdat je wat handiger kunt knippen, kopiëren en plakken.

©PXimport

Code schrijven volgens de richtlijnen

Bij het programmeren is het altijd handig om bepaalde richtlijnen te volgen, zodat code voor iedereen herkenbaar en goed leesbaar is. Dat helpt je niet alleen bij de stijl van je code, maar ook bij de keuze van namen voor bijvoorbeeld ID’s en variabelen. Een voorbeeld van zulke richtlijnen voor Android vind je via www.bit.ly/andrguide. In deze cursus volgen we overwegend de richtlijnen. Zo nemen we voor de ID steeds de naam van de component als uitgangspunt, gevolgd door een underscore, zoals text_ voor een TextView, image_ voor een ImageView, button_ voor een Button en tot slot menu_ voor een Menu. De TextView-component waarop we de welkomsttekst laten zien, noemen we daarom text_welkom. Voor een variabele in de code die verwijst naar deze ID zou je dezelfde naam mogen gebruiken. In deze cursus gebruiken we voor de duidelijkheid een andere afgeleide naam, met een hoofdletter in plaats van het underscore-teken als afscheiding, bijvoorbeeld textWelkom.

Bestaande code

Je hebt gezien hoe je voor de TextView-component in je ontwerp de tekst aan kunt passen. De aanpassing kun je ook via code maken tijdens de uitvoering van je app. We laten zien hoe je dat doet. Open het bestand MainActivity.kt via het projectvenster. Dit bestand bevat een eenvoudige basis voor de (enige) activity van deze app, waaronder de volgende regels:

class MainActivity : AppCompatActivity() {

override fun onCreate(savedInstanceState: Bundle?) {

super.onCreate(savedInstanceState)

setContentView(R.layout.activity_main)

}

}

Belangrijk om te weten is dat er verschillende toestanden bestaan waarin een activity kan verkeren. Dit heet ook wel levenscyclus of lifecycle. Je kunt via zogenoemde ‘callbacks’ inhaken op elke (veranderende) toestand. In een van de komende delen gaan we hier uitgebreider op in door de levenscyclus en callbacks met een werkend voorbeeld te demonstreren. Hier gebruiken we zo’n callback voor de belangrijke onCreate() die optreedt zodra onze activity wordt gemaakt. Door hier zelf met sleutelwoord override een functie voor te maken, overschrijf je als het ware de bestaande code, waarbij je met super.onCreate(savedInstanceState) eerst de bestaande code (alsnog) kunt laten uitvoeren. Hierbij is savedInstanceState de bewaarde eerdere toestand van de app. Daaronder kun je dan je eigen aanvullende code schrijven. Je ziet daarin nu alleen de regel setContentView(R.layout.activity_main). Die regel zorgt ervoor dat de gewenste lay-out (in dit geval het bestand activity_main.xml) wordt geladen en op het scherm wordt getoond.

Code toevoegen

Voordat je code gaat schrijven, is het handig om een instelling te wijzigen, zodat de benodigde bibliotheken automatisch worden geïmporteerd als je ze gebruikt in je code (zie het kader ‘Importregels voor bibliotheken’). Vervolgens hoeven we maar twee regels toe te voegen om de tekst te veranderen. Zet de regels direct onder de regel setContentView(). Eerst zoeken we via de in de lay-out toegekende id de TextView-component op en maken we deze beschikbaar via de variabele die we textWelkom noemen:

val textWelkom: TextView = findViewById(R.id.text_welkom) as TextView

Hierna kunnen we eenvoudig de tekst veranderen:

textWelkom.text = "Dit is een live aanpassing!"

Als je geen automatische importregels hebt ingesteld, wordt gevraagd om op Alt+Enter te drukken om de bibliotheken te importeren, die nodig zijn voor deze app. Als je de app start, bijvoorbeeld in de emulator, zie je als het goed is de aangepaste tekst. Je merkt nergens dat de tekst via de code wordt aangepast. Dat is niet omdat het te snel zou gaan om op te vallen, maar omdat de bewuste activity binnen de onCreate() nog niet zichtbaar is gemaakt voor de gebruiker.

©PXimport

Importregels voor bibliotheken

We raden je aan om voor de hand liggende bibliotheken automatisch toe te laten voegen. Om dat in te stellen, ga je naar File / Settings en dan Editor / General / Auto Import. Zet onder Kotlin en Java een vinkje bij Add unambigious imports on the fly. Dat zorgt ervoor dat de importregel automatisch wordt toegevoegd als je bijvoorbeeld de Log-opdracht schrijft. Ook de optie Optimize imports on the fly is handig. Deze instelling zal automatisch de importregels verwijderen voor bibliotheken die je niet meer raadpleegt.

©PXimport

Testen in emulator

Fysiek of virtueel Android-toestel

Om je app te testen heb je een Android-toestel nodig. Je kunt hiervoor een fysiek toestel gebruiken (wat in deel 4 aan bod gaat komen), maar ook een virtueel toestel via de emulator te gebruiken. Die werkt tegenwoordig net zo snel of zelfs sneller dan een ‘echt’ toestel. Doorgaans zul je in de eerste fase van je ontwerp vooral de emulator gebruiken en in de laatste fase – voor het perfectioneren van de app – een echt toestel. Om virtuele toestellen voor de emulator te bekijken en te beheren, open je de AVD (Android Virtual Device) Manager via Tools / AVD Manager.

©PXimport

Virtuele toestellen

Bij een standaardinstallatie heb je een toestelconfiguratie gemaakt voor de Pixel 3a. Als voorbeeld voegen we een virtueel toestel toe via de optie Create Virtual Device. Je ziet dan verdeeld over categorieën als TV, Phone, Wear OS en Tablet allerlei profielen voor bekende apparaten die je als basis voor je virtuele toestel kunt gebruiken, al kun je ook zelf een profiel maken (zie het kader ‘Profielen voor apparaten maken’).

Hier kiezen we onder Phone voor Pixel 4. Zoals je aan het icoontje in de kolom Play Store kunt zien, bevat dit virtuele toestel ook de Google Play Store. Je kunt dus (andere) apps op het toestel installeren vanuit de appstore van Android, net als op een echte telefoon. Klik op Next om verder te gaan.

Nu kun je kiezen welke versie van Android moet worden geïnstalleerd. Onder Recommended zie je aanbevolen releases, maar je kunt ook andere systeem-images kiezen. Dit bepaalt de versie van Android. We gebruiken als voorbeeld de release genaamd Q oftewel Android 10. Klik indien nodig eerst op Download om het systeem-image te downloaden en te installeren. Daarna selecteer je het systeem-image en klik je op Next. Als laatste kun je het toestel een naam geven en een standaard schermoriëntatie kiezen (Portret of Landschap).

Via Show Advanced Settings kun je extra details zien. Zo kies je bij Boot option voor Cold boot als het toestel steeds schoon moet starten, of Quick boot als het verder moet gaan in de toestand waarin je het de laatste keer hebt gebruikt. Klik ten slotte op Finish om de configuratie af te ronden.

©PXimport

Profielen voor apparaten maken

De AVD Manager bevat profielen voor allerlei soorten apparaten, zoals smart-tv’s met Android TV en wearables met Wear OS. Zo’n profiel geeft bijvoorbeeld aan wat de schermgrootte, resolutie en pixeldichtheid zijn, maar ook hoeveel geheugen het apparaat heeft en wat voor sensoren erop zitten. Klik je op New Hardware Profile, dan kun je zo’n profiel zelf helemaal samenstellen. Je kunt bij het maken van een profiel ook een bestaand profiel uit de lijst als uitgangspunt nemen en deze aanpassen. Daarvoor klik je met rechts op een toestel en kies je Clone.

©PXimport

App starten op toestel

Als je het virtuele toestel hebt gemaakt, start je deze vanuit het overzicht door op het groene speelicoontje te klikken. De eerste keer kan het opstarten wat langer duren. Als het toestel is opgestart, kun je het gebruiken zoals een echte Android-smartphone. Zo kun je bijvoorbeeld instellingen veranderen via het instellingenmenu en dankzij de Play Store na inloggen ook aanvullende apps installeren. De emulator zelf geeft je via een knoppenbalk nog diverse extra opties (zie het kader ‘Emulator aanpassen’).

Ga je naar Android Studio, dan selecteer je het toestel in de werkbalk onder Running Devices. Dat kan ook via Run / Select Device (Alt+Shift+F11). Klik je op het groene icoontje (of Shift+F10), dan wordt de app gecompileerd en vervolgens op het virtuele toestel geïnstalleerd en gestart.

Emulator aanpassen

De emulator geeft je een knoppenbalk waarmee je allerlei opties kunt wijzigen. Denk aan het roteren van het scherm of wijzigen van het volume. Via de drie puntjes is een extra menu beschikbaar, waarin je nog veel meer details kunt veranderen. Dat gaat vooral om externe invloeden. Zo kun je bijvoorbeeld de gps-locatie wijzigen, een inkomend gesprek simuleren, de sensoren voor richting, beweging en versnelling beïnvloeden of het soort netwerkverbinding en signaalsterkte wijzigen.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.

▼ Volgende artikel
Personalisatie: zo zet je Android en iOS naar je hand
© MG | ID.nl
Huis

Personalisatie: zo zet je Android en iOS naar je hand

Met het kiezen van een eigen thema, bedieningspanelen en omgeving zet je je Android- of iOS-toestel pas echt naar je hand. Android 16 en iOS/iPadOS 26 bevatten voldoende mogelijkheden voor een gepersonaliseerde omgeving. Hoe je te werk gaat, lees je hier.

In dit artikel kijken we naar Android 16 en iOS 26. Voor Android maken we gebruik van een Samsung-toestel in combinatie met One UI 8. We beginnen met Android, want de meest recente versie beschikt over interessante opties om de omgeving te personaliseren. Verderop lees je over iOS 26.

Ben je wat uitgekeken op de statische achtergronden van je Android-toestel, dan kun je een dynamische achtergrond gebruiken. Open de instellingen en kies Achtergrond en stijl, Achtergronden wijzigen. Blader naar beneden en tik op Dynamisch vergrendelscherm. Hier kun je verschillende categorieën kiezen. Kies maximaal vijf aansprekende categorieën. Vervolgens wordt elke 2 weken een nieuwe set afbeeldingen geladen. Standaard worden de nieuwe afbeeldingen alleen gedownload met een wifi-verbinding. Wil je dat de plaatjes ook via een mobiele verbinding worden bijgewerkt, dan activeer je Downloaden met mobiele gegevens. Als je geen veranderende foto’s wilt zien, maar in plaats hiervan veranderende kleuren, kies je in de sectie Kleuren voor Dynamisch.

Dynamische achtergronden zorgen voor afwisseling.

Bediening met één hand

Als je gebruikmaakt van een telefoon met een relatief groot scherm, kun je het systeem hier beter rekening mee laten houden. Tik in de instellingen op Geavanceerde functies en schakel de optie Bediening met één hand in. Je kunt de verschillende elementen op het scherm nu beter met één hand (je duim) bedienen.

Wil je een specifieke app in een andere taal gebruiken, dan hoef je hiervoor niet de volledige gebruikersomgeving om te zetten. Kies in de instellingen voor

Algemeen beheer, Talen van app. Kies de app waarvoor je de taal wilt instellen en kies een taal uit de lijst Alle talen. Je kunt op elk moment terugkeren naar de oorspronkelijke instelling: kies in hetzelfde venster voor Systeemstandaard.

Handig: voor specifieke apps een andere taal hanteren.

Snelle instellingen

Geef het onderdeel Snelle instellingen (Quick Panel) een eigen indeling. Het onderdeel verschijnt wanneer je met de vinger vanuit de rechterbovenhoek naar beneden veegt. Tik op de knop met de pen. Eerst bepaal je de volgorde van de elementen: tik op een component en sleep het vervolgens naar de gewenste locatie. Tik hierna op Bewerken: je vindt deze knop bij de onderdelen die je kunt aanpassen. Je kunt vervolgens de individuele knoppen verplaatsen naar een andere locatie. Ook kun je deze knoppen verwijderen (gebruik het minteken linksboven elk pictogram) en andere knoppen toevoegen via het venster Beschikbare knoppen. Tot slot is het mogelijk om het gedeelte met de knoppen groter te maken, zodat je meer knoppen in één keer ziet. Pak de onderrand van het blok en sleep de rand naar beneden, totdat een extra rij met knoppen verschijnt. Tevreden met de instellingen? Bevestig met een tik op Gereed.

Het venster Snelle instellingen is flink op de schop gegaan.

Niet meer los

Geeft je Android-toestel het onderdeel Snelle instellingen apart weer van het scherm met de meldingen? In het verleden waren beide schermen gecombineerd in één weergave. Wil je terug naar die oude situatie? Open het onderdeel Snelle instellingen in de bewerkingsmodus (via de knop met de pen). Tik hierna op Vensterinstellingen. Kies voor Samen: beide vensters worden weer gecombineerd zoals vanouds. Je kunt ook kiezen om het venster Snelle instellingen links in plaats van rechts te tonen. Kies in hetzelfde scherm voor Quick Panel aan linkerkant.

Je hoeft geen genoegen te nemen met losse vensters.

Aangepaste pictogrammen

Toe aan andere vormen voor de pictogrammen in Android? Dat is mogelijk. Tik op een leeg gedeelte van het thuisscherm. Onderin verschijnt een balk met keuzen. Kies voor Achtergrond en stijl. Kies voor Pictogrammen. Vervolgens kun je kiezen uit verschillende vormen, waaronder een boog, vierkant en rechthoek. Of je deze functie aantreft op je telefoon, is afhankelijk van de fabrikant. Bij Samsung heb je de app Good Lock nodig. Je vindt deze als beschikbare download in de Galaxy Store. Bij Pixel-telefoons is de optie direct toegankelijk via de gebruikersomgeving. 

Verlichtingseffect

Krijg je een melding binnen, dan kun je het als een subtiele lijn rondom het scherm tonen. Via instellingen kies je voor Meldingen, Pop-upstijl melding. Tik op Verlichtingseffect toevoegen. De optie Basis geeft een subtiele lijn, maar je kunt ook uitgebreidere effecten tonen, zoals Spotlight of Echo. Kies de tab Kleur om een aangepaste kleur te kiezen. Normaal gesproken past de kleur zich aan de app aan. In de sectie Geavanceerd kun je details aanpassen, zoals transparantie, breedte en duur van het effect. De kleur kan ook op basis van een trefwoord veranderen. Tik op Kleur van verlichtingseffect op trefwoord. In de sectie Trefwoord tik je op het plusteken (+) om nieuwe trefwoorden (bijvoorbeeld van contactpersonen) op te geven. Kies hierna de kleur die je wilt toepassen op het verlichtingseffect.

Een verlichtingseffect zodra je een melding ontvangt.

iOS

Ook iOS (en iPadOS) kun je goed naar je hand zetten. Recent bracht Apple iOS 26 uit. Mogelijk verwachtte je iOS 19 als logische opvolger van versie 18, maar de makers uit Cupertino hanteren voortaan een ander naamschema. iOS 26 verwijst naar 2026. Opvallend aan deze editie is het nieuwe Liquid Glass Design, waarin transparantie en spiegelingen een grote rol spelen. Er zijn volop aanpassingsmogelijkheden, beginnend bij het vergrendelingsscherm. Tik hierop en kies Pas aan, Pas huidige achtergrond aan.

Tik op de datum bovenin om een widget te kiezen en meer informatie te tonen, bijvoorbeeld het weer. In het venster vind je een overzicht van bruikbare widgets en suggesties. Waar mogelijk gebruikt iOS het ‘glass’-ontwerp, dus ook bij de klok. Gelukkig kun je dit aanpassen als je niet enthousiast bent. Tik erop en schakel onderin het venster tussen Glas en Effen. In hetzelfde venster kun je ook een kleur selecteren, terwijl je met de schuifregelaar de dikte van de klok kiest. Via Voeg widgets toe kun je extra widgets op het vergrendelingsscherm plaatsen. Via het element onderin kun je swipen tussen verschillende achtergronden.

iOS 26 hanteert het Liquid Glass-design.

Zonder achtergrond

iOS bevat de nieuwe app Voorvertoning. Hiermee kun je documenten scannen, invullen en opslaan als pdf-bestand. Wil je een nieuwe achtergrond op het vergrendel- of thuisscherm instellen, maar heeft de afbeelding een achtergrond die je liever niet ziet? Ook dan kun je de app Voorvertoning inzetten. Open de afbeelding en tik op de knop rechtsboven (herkenbaar aan >>). Kies voor Verwijder achtergrond. Sla de afbeelding opnieuw op en gebruik deze vervolgens als achtergrond. 

Thuisscherm

Ook het thuisscherm zetten we naar onze hand. Tik op een leeg gedeelte en kies Wijzig, Pas aan. Je kunt nu kiezen hoe de pictogrammen worden getoond. De standaardmodus ken je al van eerdere versies. Kies voor Donker om de pictogrammen donker te maken. Dit werkt nog niet voor alle pictogrammen: de app-maker moet hiermee rekening houden. Kies Helder als je alle pictogrammen een uniforme, lichte uitstraling wilt geven. Tot slot is er Getint: hiermee kun je de pictogrammen een eigen kleur en contrast geven.

Bepaal hoe de pictogrammen worden getoond.

Uniforme kleuren

Je kunt het kleurenschema van iOS ook overeen laten komen met de kleur van de behuizing van het toestel, bijvoorbeeld oranje. In het vak Getint vind je uiterst links een knop met het pictogram van een telefoon. Klik hierop om de kleuren te laten ‘matchen’. iOS weet op basis van het serienummer welke telefoon en welke kleur je gebruikt.

Minderen

Je kunt de transparante uitstraling van iOS 26 niet volledig uitschakelen. Toch bestaan er een paar trucs om het Liquid Glass-ontwerp iets te verminderen. In de instellingen kies je voor Toegankelijkheid, Beweging en activeer je de optie Verminder beweging. Verder kies je Toegankelijkheid, Weergave en tekstgrootte en kies je Maak minder doorzichtig.

Liquid Glass kan niet helemaal uitgeschakeld worden, maar je kunt een eind komen.

Donkere modus

Via de app Instellingen kun je meer onderdelen van de gebruikersomgeving tweaken. Tik in de instellingen op Scherm en helderheid en kies tussen de lichte en donkere modus (Licht en Donker). Bovendien kun je hier de tekstgrootte aanpassen en de tekst op het scherm dikker tonen (via Vette tekst). Dit kan helpen om de tekst beter leesbaar te maken. Om eenvoudig achtergronden aan te passen, kun je via instellingen ook kiezen voor Achtergrond en tikken op Voeg nieuwe achtergrond toe.

Werp ook een blik bij Beginscherm en appbibliotheek. Hier bepaal je onder meer of aanbevolen en recente apps moeten worden getoond in het Dock (het gedeelte onderaan het scherm). Wil je het Dock zo opgeruimd mogelijk houden, dan haal je de vinkjes weg bij Toon appbibliotheek in Dock en Toon aanbevolen en recente apps in Dock.

Kies tussen een lichte en donkere modus.

Volledig scherm

Vooral als je een iPad hebt, kun je meer uit het schermoppervlak halen door te werken met vensters. Je kunt dan meerdere apps naast elkaar plaatsen. Werken met vensters is overigens niet verplicht. Schuif met je vinger vanaf de rechterbovenhoek naar beneden, zodat het bedieningspaneel opent. Tik op de knop Apps in vensters. Je vindt deze op de onderste rij, naast het pictogram van de batterij. Kies vervolgens tussen Apps in vensters of Stage Manager. Die laatste optie zorgt ervoor dat apps schermvullend worden getoond. 

Berichten

Ook voor veel apps hoef je niet genoegen te nemen met de standaardinstellingen en kun je deze personaliseren. Goed voorbeeld is de app Berichten. Geef personen met wie je vaak communiceert een eigen achtergrond. Open de app en tik op de naam van de persoon voor wie je een achtergrond wilt instellen. Tik op Achtergronden. Je kunt kiezen uit foto’s, maar ook uit vaste kleuren. In de sectie Suggesties vind je een combinatie van standaardfoto’s en foto’s die je eerder zelf hebt gemaakt. Sommige foto’s zijn geanimeerd: je kiest eerst de foto en kunt dan vaak ook een kleurenschema selecteren. Heb je na verloop van tijd geen behoefte meer aan een specifieke achtergrond, dan selecteer je de naam van de contactpersoon en kies je Geen. Houd er rekening mee dat de achtergrond ook wordt aangepast bij de contactpersoon.

Je kunt aangepaste achtergronden kiezen in de app Berichten.

Safari

Maak je gebruik van Safari? De gebruikersomgeving is ook onder handen genomen en vooral op dieet gegaan: het aantal knoppen is teruggebracht en het grootste deel van de bediening loopt nu via swipes. Zet ook de browser naar je hand. Via instellingen kies je voor Apps, Safari. In de sectie Tabbladen geef je aan in hoeverre je wél de bedieningselementen wilt zien. Standaard is Compact geactiveerd, maar je kunt hier ook kiezen voor Onder en Boven

Bestanden

De app Bestanden heeft in iOS 26 ook volwassen opties om de omgeving verder te personaliseren. Zo kun je mappen een eigen kleur geven zodat je ze beter kunt onderscheiden. Tik op een map en houd de map vast totdat het menu verschijnt. Kies Pas map en tags aan. Tik op Tags en kies de gewenste kleur. Je kunt via hetzelfde venster ook emoji’s aan de map toevoegen.

Op bestandsgebied kun je ook aangeven welke app voor het bestand moet worden geopend. Tik op een bestandsnaam en houd ingedrukt totdat het menu verschijnt. Kies voor Open met en selecteer de gewenste app. In hetzelfde menu kun je ook de elders besproken app Voorvertoning kiezen. Vooral bij documenten en foto’s (zoals pdf- en jpg-bestanden) werkt deze app goed.