ID.nl logo
Review iPad Air (2024) - Eindelijk een (iets) goedkopere grote iPad
© Apple
Huis

Review iPad Air (2024) - Eindelijk een (iets) goedkopere grote iPad

Voor het eerst verkoopt Apple naast zijn iPad Pro een ander model met een groter scherm. Heeft de nieuwe iPad Air daarnaast genoeg te bieden om een aanschaf te overwegen? Je leest het in dit artikel!

Uitstekend
Conclusie

Laten we eerlijk zijn, de iPad Air (2024) is eigenlijk gewoon een iPad Pro uit 2022, maar dan met een iets minder mooi scherm en een lager prijskaartje. Dat maakt het de best gepositioneerde iPad in Apples assortiment, met een goede balans tussen krachtige hardware en betaalbaarheid. Deze iPad gaat nog jarenlang mee!

Plus- en minpunten
  • Een grotere iPad zonder de hoofdprijs te betalen
  • Snelle tablet zonder fratsen
  • Pencil Pro indrukwekkend voor tekenaars
  • Geen spannende innovaties die we niet eerder zagen

De iPad Air ontleende zijn naam ooit aan zijn formaat. Het was de dunste iPad die Apple verkocht, net zoals de MacBook Air de dunste laptop van het bedrijf was. Dit jaar is die situatie veranderd: de iPad Pro is nu de dunste in de reeks, waardoor het bestaansrecht van de iPad Air enigszins in het geding komt.

Volgens Apple is de Air inmiddels een soort budgetversie van de Pro-reeks. De nieuwste functies verschijnen eerst in de iPad Pro en druppelen een paar jaar later door naar de Air. Dat is ook deze keer het geval: de Air draait onder andere op de processor die de Pro in 2022 kreeg. Maar het interessantst is de komst van een tweede, groter schermformaat.

Groter is beter: 13-inch iPad Air

Voor het eerst wordt de iPad Air verkocht in maten van 11 én 13 inch – de vorige versie was er alleen in 10,9 inch. Wie vroeger een grotere iPad wilde, moest daarvoor de iPad Pro aanschaffen. Nu kun je voor aanzienlijk minder geld een 13-inch iPad kopen: deze iPad Air kost 969 euro, en dat is 600 euro minder dan de iPad Pro in vergelijkbaar formaat.

Naast de grootte is er aan het scherm verder weinig veranderd. Het is wederom een lcd-paneel met een hoge pixeldichtheid van 264 pixels per inch. De kleurbalans en het contrast zijn prima in orde, al oogt het beeld wat flets naast het kleurrijke oledscherm van de nieuwe iPad Pro. Maar dat is relatief: houd je hem niet naast een oleddisplay, dan is dit nog steeds een uitstekend scherm.

Hoewel de Air forser is dan de Pro, is het nog steeds een handzame tablet. Voor onze test hebben wij het 13-inch model ontvangen, dat met 617 gram prima voor kortere periodes met één hand kan worden vastgehouden. Bij langer gebruik zouden we wel twee handen gebruiken of hem ergens tegenaan leunen.

M2 heeft de voorkeur

De iPad Air gebruikt de M2-chip als processor, een chip die in 2022 eerst aan de iPad Pro en Macs werd toegevoegd. Hoewel de chip inmiddels wat ouder is, is hij ideaal voor een tablet in deze prijsklasse. Zelfs in 2024 is de M2 nog krachtig genoeg voor het gemiddelde tabletgebruik: apps starten nagenoeg meteen, games hebben amper laadtijd en we hebben de iPad Air op geen enkele stotter weten te betrappen.

Voor wie twijfelt tussen een iPad Air en Pro, zouden we wat betreft de processor zelfs de Air aanraden. Hij is op papier ietsje langzamer, maar bij dagelijks gebruik merk je daar echt niets van. Voor dat verschil in rekenkracht hoef je echt geen meerprijs te betalen.

Pencil Pro

Laat je niet foppen door het woordje 'Pro' in de naam van de nieuwe Apple Pencil Pro: de nieuwe stylus werkt ook op het nieuwe model van de iPad Air. Een extra sensor detecteert wanneer je de pen tussen je vingers rolt, zodat je bijvoorbeeld een dikke penseelstreek makkelijk dun kunt maken. Dat voelt natuurlijk en vanzelfsprekend, alsof je een echte kwast vasthoudt.

De Pencil Pro detecteert wanneer je erin knijpt en opent dan een extra contextmenu om bijvoorbeeld van schrijfgerei te wisselen. Een trilmotor geeft je dan de illusie de pen echt in te drukken.

De Pencil Pro ziet er hetzelfde uit als zijn voorganger en is met 150 euro ook even duur, maar beide pennen zijn niet inwisselbaar. Omdat de frontcamera is verplaatst naar het langste eind, zit deze op de plek van de oude magneten en oplader waar je de pen mee verbindt. Hierdoor is het oplaadsysteem veranderd in zowel de iPad als de nieuwe Pencil.

Wel ondersteunt de iPad Air het oude Magic Keyboard, waardoor je de tablet aan Apples eigen toetsenbordhoes kunt bevestigen. Deze heeft ook een trackpad om het scherm mee te bedienen. Het nieuwere Magic Keyboard wordt niet ondersteund; die is alleen voor de nieuwe iPad Pro bestemd.

Camera’s

Op cameragebied is het minst veranderd bij de iPad Air. De frontcamera zit nu in de lange zijde zodat hij bovenaan zit wanneer je de iPad in landschapsmodus gebruikt, wat een logische positie is. De meeste mensen houden hun iPad immers op die manier vast. 

Qua sensoren en megapixels zijn dit verder dezelfde camera’s. Zowel voor als achter vind je 12megapixelcamera's, achterop zit één enkele lens. Voor een iPad is dat ruim voldoende, want het apparaat is niet handzaam genoeg om als camera te worden gebruikt. Je zult de camera’s hooguit gebruiken tijdens een FaceTime-gesprek of als je eens een bonnetje wilt scannen.

Een foto gemaakt met de frontcamera van de iPad Air (2024).

Een foto van de achtercamera van de iPad Air (2024).

Conclusie

Laten we eerlijk zijn, de iPad Air (2024) is eigenlijk gewoon een iPad Pro uit 2022, maar dan met een iets minder mooi scherm en een (veel) lager prijskaartje. Dat maakt het de best gepositioneerde iPad in Apples assortiment, met een goede balans tussen krachtige hardware en betaalbaarheid. Deze iPad gaat nog jarenlang mee.

Tegelijkertijd is het een beetje een saai apparaat: omdat alle nieuwigheden al in de iPad Pro hebben gezeten, is er weinig wat hip of futuristisch aanvoelt. Grote uitzondering is de Apple Pencil Pro, maar daar heb je eigenlijk alleen iets aan als je een fanatieke tekenaar bent.

Aan het eind van de dag is dat op zich allemaal prima. Je koopt een iPad nu eenmaal niet om te kunnen zeggen wat er zo bijzonder aan is, je wilt simpelweg een goede tablet. En dat is bij deze nieuwe iPad Air absoluut het geval.

Lees ook onze review van de iPad Pro (2024)
▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.